Door: drs. Martin van den Bogaerdt
- Bijlage(n):
Masterscriptie_Lizzy_Wijnen.pdf1.2 M
Zuilaire stelsel verkrampt discussie over neutraliteit
Het openbaar onderwijs in het nog steeds verzuilde Nederland moet de zwart-witredeneringen rondom de neutraliteit van de staat en actieve pluriformiteit loslaten. Hiermee kan de impasse in de discussie over levensbeschouwelijke educatie in het openbaar onderwijs worden doorbroken. Deze aanbeveling staat in de masterscriptie van beleidsmedewerker Lizzy Wijnen van VOS/ABB. Zij is onlangs cum laude afgestudeerd.
Wijnen deed voor haar masterstudie in het vakgebied levenbeschouwelijke vorming onderzoek naar de verschillen tussen politieke visies en praktijken in Frankrijk en Nederland ten aanzien van levensbeschouwelijke educatie in het openbaar voortgezet onderwijs. Zij voerde dit onderzoek uit aan de Faculteit der Godgeleerdheid van de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Uit de masterscriptie komt duidelijk naar voren dat Frankrijk en Nederland verschillende uitgangspunten hebben. Daardoor interpreteren openbare scholen in de twee landen het begrip neutraliteit op verschillende manieren. De verschillen kunnen onder de noemers exclusief (Frankrijk) en inclusief (Nederland) worden gevat.
Laïcité
De Franse exclusieve neutraliteit laat zich traditioneel karakteriseren door de afwezigheid van godsdienst in het openbaar onderwijs. Deze vorm van neutraliteit komt voort uit de strikte scheiding van kerk en staat die voortvloeide uit de Franse Revolutie. Frankrijk hecht sterk aan laïcité oftewel totale seculariteit.
In Nederland gaat het openbaar onderwijs uit van inclusieve neutraliteit. Dit wil zeggen dat er aandacht is voor religies op een dusdanige wijze dat alle stromingen op basis van gelijkwaardigheid aandacht krijgen. Hier laat de actief pluriforme opdracht van het Nederlandse openbaar onderwijs zich gelden.
Laïcité positive
De totale seculariteit van het Franse openbaar onderwijs heeft zich recentelijk onder president Nicolas Sarkozy op basis van de huidige culturele diversiteit in de samenleving ontwikkeld tot laïcité positive. Dit houdt in dat met behoud van neutraliteit religie geen taboe meer is in de openbare school in die zin dat kennis en begrip over het religieuze domein worden ontwikkeld.
Met de laïcité positive wil Frankrijk meer begrip voor elkaar kweken, religieuze ongeletterdheid tegengaan en de immigratieproblematiek verzachten.
Zuilen
Nederland vult zijn inclusieve neutraliteit nog altijd in door ruimte te bieden aan het traditionele verzuilde systeem. Dit betekent dat het openbaar onderwijs gelegenheid biedt aan de zogenoemde zendende instanties om elk hun stroming te onderwijzen. Het levenbeschouwelijke landschap is echter niet meer als zuilair te herkennen. Bovendien wijst de praktijk uit dat er behoefte is aan educatie over verschillende levensbeschouwingen.
Wijnen constateert dat in het zuilaire Nederland de discussie over de neutraliteit van de staat en levensbeschouwelijke vorming in het openbaar onderwijs vaak strandt in oneigenlijke interpretaties van rechtsbeginselen (godsdienstvrijheid, scheiding kerk en staat en neutraliteit) en foutieve zwart-witbeelden.
Impasse doorbreken
Zij adviseert de zwart-witredenering van neutraliteit en actieve pluriformiteit los te laten. Op basis van de historische context zou er een nieuwe interpretatie moeten worden gegeven aan de neutraliteit van het openbaar onderwijs. Hiermee kan volgens Wijnen de impasse in de discussie over levensbeschouwelijke educatie in het openbaar onderwijs worden doorbroken.
De masterscriptie van Lizzy Wijnen kunt u downloaden uit de rechterkolom van dit bericht.



