Door: drs. Martin van den Bogaerdt
Economisch denken verdringt aandacht voor burgerschap
De ontwikkeling dat het onderwijs steeds meer in dienst komt te staan van de economie, is slecht voor het democratisch denken en goed burgerschap. Dat stelt de Amerikaanse filosofe Martha Nussbaum.
In de Groene Amsterdammer van 30 juni staat een vertaald essay van Nussbaum. Het is de ingekorte versie van het slothoofdstuk van Nussbaums boek 'Het belang van alfa-onderwijs voor de democratie', dat in de Nederlandse vertaling van Rogier van Kappel is gepubliceerd door uitgeverij Ambo.
In het essay stelt Nussbaum dat het Amerikaanse hoger onderwijs zich meer dan vijftig jaar geleden richt op 'goed burgerschap in een wereld vol diversiteit'. Zij signaleert echter ook dat 'de gezondheid van de humaniora' als gevolg van de economische crisis in de Verenigde Staten en daaruit voortvloeiende bezuinigingen onder druk staat.
Nussbaum citeert in dit kader Drew Faust, bestuursvoorzitter van de Harvard University. Faust vraagt zich af of de Amerikaanse universiteiten 'te zeer in de ban zijn geraakt van hun wereldlijke kortetermijndoelen'. Zij benadrukt dat mensen niet alleen banen nodig hebben, maar ook zin en betekenis. Zeker in economisch moeilijke tijden kan de maatschappij het zich volgens Faust niet veroorloven om die laatstgenoemde elementen te verwaarlozen.
De trend die Nussbaum in haar essay signaleert, is ook herkenbaar in de Nederlandse situatie. Het huidige kabinet legt in het onderwijs steeds meer de nadruk op excellentie in de vakken taal en rekenen/wiskunde. VOSABB-directeur Ritske van der Veen sprak in een eerder op deze website verschenen commentaar de vrees uit 'dat we taalwoners en rekenrobots opleiden, zonder aandacht voor de samenleving'.
Het Nederlandse onderwijs moet een brede ambitie hebben, stelt Van der Veen, met voldoende aandacht voor wederzijds respect, waarden en normen en levenbeschouwing en godsdienst.
Foto: Law School, University of Chicago



