Achterstandspositie openbaar onderwijs blijft onbenoemd

Binnen de huidige wet- en regelgeving zijn voldoende mogelijkheden om kinderopvang en onderwijs op elkaar af te stemmen, schrijven staatssecretaris Sander Dekker van OCW en minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken in een brief aan de Tweede Kamer. Wat ze in hun brief al of niet bewust onbenoemd laten, is de achtergestelde positie van het openbaar onderwijs.  

Het schrappen van regels om kinderopvang en onderwijs beter op elkaar af te stemmen, bijvoorbeeld in integrale kindcentra (IKC’s), is volgens Dekker en Asscher niet nodig, zo schrijven ze in hun brief die een reactie is op het actieplan Geef kinderen de ruimte. Daarbij gaan ze al of niet bewust voorbij aan de positie die het openbaar onderwijs in het huidige stelsel heeft ten opzichte van het bijzonder onderwijs.

Uit de aanvankelijke interpretatie van de wet bleek dat besturen van openbare basisscholen in tegenstelling tot schoolbesturen voor bijzonder onderwijs geen kinderopvang mochten aanbieden, omdat ze strikt genomen alleen onderwijs zouden mogen verzorgen.

Artikel 48 WPO
Eerder verklaarden het ministerie van OCW en de PO-Raad in het Bestuursakkoord voor het primair onderwijs dat de wet, in het bijzonder artikel 48 van de Wet op het primair onderwijs (WPO), voor het openbaar onderwijs geen belemmering meer is om IKC’s in stand te houden, waarin onderwijs en kinderopvang samenkomen.

VOS/ABB vraagt zich af waarom Dekker en Asscher dit belangrijke punt onbenoemd laten in hun recente brief aan de Tweede Kamer.

Samenwerkingsscholen
Een ander punt is dat het samenvoegen van verschillende scholen tot een samenwerkingsschool evenmin door een openbaar schoolbestuur kan worden gerealiseerd. Dit vormt vooral in gebieden afnemende leerlingenaantallen als gevolg van demografische krimp een belemmering bij samenwerking en zet het openbaar onderwijs daar op een achterstand ten opzichte van het bijzonder onderwijs.

Hierover is onlangs een buitengewoon conservatief advies van de Onderwijsraad verschenen. De raad vindt dat samenwerkingsscholen een grondwettelijke uitzondering moeten blijven. Voor dat advies baseert de Onderwijsraad zich op een vermeende onwrikbare handhaving en rigide interpretatie van grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl