Advies: urennorm omlaag en zomervakantie korter

De 1040 urennorm in het voortgezet onderwijs moet worden omgezet in een 1000 urennorm. Bovendien moet de zomervakantie terug van zeven naar zes weken. Dat zijn de belangrijkste adviezen van de commissie-Cornielje, die onderzoek deed naar de onderwijstijd in het vo. Lees verder

De commissie pleit ervoor om de zevende week van de huidige zomervakantie in het voortgezet onderwijs om te zetten in vijf roostervrije dagen voor de leerlingen. In overleg met de medezeggenschapsraad kunnen die roostervrije dagen verspreid over het jaar worden ingezet. De leraren moeten op deze dagen beschikbaar zijn, bijvoorbeeld voor vergaderingen. De commissie verwacht dat op deze manier de hoge werkdruk die in het voortgezet onderwijs wordt ervaren, omlaag kan.

De commissie-Cornielje stelt nadrukkelijk dat voldoende onderwijstijd een van de voorwaarden is voor kwalitatief goed onderwijs. Maar de urennorm is niet de enige voorwaarde. Een goed onderwijskundig en didactisch programma en bekwaam personeel zijn minstens zo belangrijk. De school dient zich volgens de commissie tegenover ouders en leerlingen te verantwoorden voor het gevoerde kwaliteitsbeleid.

Staatssecretaris Marja van Bijsterveldt van OCW heeft het rapport van de commissie-Cornielje naar de Tweede Kamer gestuurd. Ze komt waarschijnlijk in februari met haar beleidsreactie.

U kunt het rapport downloaden uit de rechterkolom van dit bericht.

Bijlagen