Alle scholen algemeen toegankelijk

Ons duale systeem met openbaar en bijzonder onderwijs is volgens Ruard Ganzevoort en Eline van Nistelrooij van GroenLinks het behouden waard. Dat stellen zij in een ingezonden artikel in de Volkskrant. Maar zij missen in hun betoog een toekomstvisie. Bovendien hebben ze geen oog voor de realiteit. Lees verder

Ganzevoort en Van Nistelrooij stellen dat islamitische scholen als onderdeel van het bijzonder onderwijs goed zijn voor de emancipatie van kleine culturele groepen. Afgezien van de vraag of de moslims in Nederland een kleine culturele groep vormen, is het vreemd dat het emancipatieargument wordt gebruikt voor het behoud van het bijzonder onderwijs. Het overgrote deel daarvan bestaat uit protestants-christelijke en rooms-katholieke scholen, en het mag duidelijk zijn dat de protestantse en katholieke culturen al voldoende geëmancipeerd zijn.

Drogreden
Verder constateren zij dat de onderwijskwaliteit van bijzondere scholen over het algemeen beter is. Het is daarom zonde, zo stellen zij, om bijzondere scholen op te heffen. Dat lijkt een logische conclusie, maar er ligt een drogreden aan ten grondslag. Het zou veel beter zijn om alle bijzondere scholen openbaar of ten minste algemeen toegankelijk te maken. Veel openbare scholen hebben het in de huidige situatie zwaar om goede onderwijskwaliteit te leveren, doordat daar de meeste kinderen uit kansarme gezinnen op zitten.

Ouders met een betere sociale positie kiezen over het algemeen voor een ‘witte’ bijzondere school. Die mag kinderen weigeren op basis van hun levensbeschouwelijke achtergrond. Lang niet overal, maar nog steeds op veel te veel plaatsen wordt deze mogelijkheid misbruikt om kinderen uit zwakke milieus buiten de deur te houden. Wanneer de verantwoordelijkheid voor deze leerlingen door middel van algemene toegankelijkheid bij het gehele onderwijsbestel wordt gelegd, krijgt het openbaar onderwijs een eerlijke kans op kwaliteitsverbetering.

Eigen levensbeschouwing
Een ander argument dat Ganzevoort en Van Nistelrooij ten onrechte aanvoeren, is het recht van ouders om hun kind te socialiseren in de eigen levensbeschouwing. Hiermee bewijzen zij dat ze niet weten hoe het openbaar onderwijs functioneert. Socialiseren in de eigen levensbeschouwing is namelijk ook mogelijk op openbare scholen. Als ouders dat willen, kan een leerkracht van een levensbeschouwelijk organisatie worden uitgenodigd om een aantal uren per week godsdienstig of humanistisch vormingsonderwijs te geven.

De trend is dat mensen hun levensbeschouwing steeds meer individueel invullen. Daarom is het openbaar onderwijs bezig om levensbeschouwelijke educatie te ontwikkelen. Deze vorm van onderwijs stelt elk kind in staat om op basis van de eigen levensbeschouwing autonoom te leren denken en kiezen. De meerwaarde van het openbaar onderwijs is dat verschillende leerlingen elkaar ontmoeten en begrip en respect voor elkaar ontwikkelen.  

Eenheidsworst
De redenering dat de afschaffing van het bijzonder onderwijs een eenheidsworst van openbare scholen zou opleveren, is ook pertinent onjuist. De identiteit van het openbaar onderwijs wordt mede ontwikkeld in samenspraak met ouders en de gemeenschap waar de school onderdeel van is. Het argument dat de openbare school geen moreel kader zou kunnen doorgeven, is daarmee ontkracht. Het zijn immers de ouders die dit kader kunnen vaststellen. 

Laten we ten slotte niet vergeten dat ook het openbaar onderwijs is geënt op de Nederlandse morele waarden, die voorvloeien uit de rechten van de mens, de gelijkheid van iedereen, onderling respect en het recht van eenieder op zijn eigen levensbeschouwelijke vorming.

Lizzy Wijnen, beleidsmedewerker VOS/ABB

Klik hier voor het ingezonden artikel van Ganzevoort en Van Nistelrooij in de Volkskrant.

Klik hier voor een gezamenlijke reactie van VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs op de bijdrage van de twee GroenLinks-leden.