‘Bioritme bepalend voor andere schooltijden’

Bij het aanpassen van schooltijden moet niet alleen naar de behoeften van werkende ouders en werkgevers worden gekeken, maar ook naar het bioritme van kinderen. Dat betoogt Liesbeth Schreuder in het tijdschrift Jeugd en Co. Lees verder

Schreuder is als specialist op het gebied van pedagogische kwaliteit verbonden aan het Nederlands Jeugdinstituut. Ze vindt dat de behoeften van kinderen het belangrijkste uitgangspunt zijn bij het ontwerpen van een andere schooldag. Het bioritme van kinderen speelt daarbij volgens haar een doorslaggevende rol.

Schreuder doet vijf aanbevelingen:

  • Bouw tussen de middag voldoende mogelijkheden in voor rust en persoonlijke aandacht;
  • Houd rekening met optimale leerperiodes bij het plannen van de lessen;
  • Laat de leerperiodes later beginnen voor kinderen vanaf 12 jaar; 
  • Las korte beweegpauzes in voor een betere concentratie, met name voor jonge schoolkinderen;
  • Houd oog voor het belang van voldoende slaap ’s nachts.

Op verschillende plaatsen in het land wordt geëxperimenteerd met nieuwe schooltijden. Er zijn daarbij drie modellen te onderscheiden: het vijfgelijkedagenmodel, het biologisch-ritmerooster en de dagarrangementschool.

VOS/ABB is betrokken bij het project Andere Tijden, dat zich buigt over diverse mogelijkheden om de inrichting van de schooldag aan te passen aan de eisen van de moderne tijd.  

Klik hier voor het artikel in het tijdschrift Jeugd en Co.