Buitenschoolse opvang en huisvesting

Buitenschoolse opvang (bso) kan plaatsvinden op een locatie van een (bestaande) kinderopvangorganisatie. De financiering van de opvanglocatie is berekend in de uurprijs die ouders betalen voor buitenschoolse opvang. Als een school zelf bso wil bieden, moet zij daarvoor een kinderopvangorganisatie oprichten. Lees verder

Zo’n nieuw op te richten organisatie valt onder de Wet kinderopvang. De ruimte die de school (meer precies: de kinderopvangorganisatie die de school heeft opgericht) wil benutten voor bso, moet zij huren van de gemeente – óók als het een eigen klaslokaal betreft. De kosten van de huur worden doorberekend in de uurprijs van de opvang en worden dus betaald door de ouders.

Ook als de huisvesting (binnen of buiten de school) ná 1 augustus 2007  aangepast moet worden om er bso mogelijk te maken, berekent de organisatie de kosten daarvan door in de uurprijs. De ouders betalen dus.

Kinderopvangorganisaties kunnen de mogelijkheden voor noodzakelijke (voor-)investeringen bespreken met de gemeente. Die kan voor de huisvesting leningen verstrekken aan kinderopvangorganisaties, dus ook aan scholen die een kinderopvangorganisatie hebben opgericht. 

Daarnaast bestaat voor onderwijsinstellingen, die eigenaar zijn van het schoolgebouw of waarvoor de gemeente garant wil staan, de mogelijkheid om onder bepaalde voorwaarden geld van het Rijk te lenen. Dit is het zogenoemde schatkistbankieren.

Informatie: Sabine Peterink, 0348-405221, speterink@vosabb.nl

Delen: Email this to someoneShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn