Toolbox: Kijkdozen 2017-2018 geactualiseerd

Nu de definitieve bedragen voor de personele bekostiging 2017-2018 zijn gepubliceerd, zijn de bedragen in de Kijkdozen voor samenwerkingsverbanden primair en voortgezet onderwijs en voor (voortgezet) speciaal onderwijs geactualiseerd. Ze zijn in de map Samenwerkingsverbanden van onze online Toolbox geplaatst.

In de Kijkdozen is een stevige verhoging verwerkt, doordat de indexering van de gemiddelde personeelslast (GPL) meer dan 5 procent bedraagt. Omdat het gaat om definitieve bedragen, kan de overdrachtsverplichting nu volledig worden afgerekend.

U kunt de aangepaste Kijkdozen downloaden:

De Tweede Regeling bekostiging personeel 2018-2019 zal zeer binnenkort verschijnen. Ook daarin is sprake van een stevige verhoging van de GPL (zo’n 3 procent). Dit zal worden verwerkt in de Kijkdozen 2018-2019.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Slob tegen maximale reserve samenwerkingsverbanden

Onderwijsminister Arie Slob voelt er niets voor om voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs een maximum in te stellen voor de reserves die zij mogen aanhouden. Dat onderbouwt hij in antwoorden op Kamervragen van GroenLinks.

Kamerlid Lisa Westerveld wilde van Slob weten wat hij ervan vindt ‘dat de 152 samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs in het basis- en voortgezet in 2016 samen bijna vijftig miljoen euro aan hun reserves hebben toegevoegd’. Ook vroeg zij aan de minister hoe hoog volgens hem de ‘maximale risicobuffer voor samenwerkingsverbanden’ zou moeten zijn.

Slob antwoordt dat hij van samenwerkingsverbanden verwacht ‘dat zij een risico-inschatting maken en op basis daarvan sturen op de aan te houden reserve’. Daarbij staat volgens hem voorop ‘dat het geld goed besteed moet worden aan de ondersteuning van leerlingen’. Sparen mag geen doel op zich zijn, benadrukt hij.

Wat betreft de door Westerveld gewenste maximaal aan te houden reserves, merkt Slob op dat de samenwerkingsverbanden allemaal van elkaar verschillen. ‘Zo mag verwacht worden dat een samenwerkingsverband dat eigen personeel in dienst heeft, een hogere reserve aanhoudt dan een samenwerkingsverband dat dat niet heeft’, aldus de minister. Hij acht het daarom onwenselijk een maximale reserve in te stellen.

Lees meer…

Scholen móeten voldoen aan Wet passend onderwijs

Alle scholen die rijksbekostiging krijgen, moeten voldoen aan de Wet passend onderwijs. Dit betekent dat ze voor elke leerling een passende onderwijsplek moeten vinden. Dat heeft minister Arie Slob voor primair en voortgezet onderwijs dinsdag in het vragenuurtje in de Tweede Kamer benadrukt.

De minister reageerde op vragen van VVD-Tweede Kamerlid Bente Becker. Zij ging in op de uitzending van het tv-programma De Monitor, waarin werd gesteld dat reguliere scholen hun rijksbekostiging soms gebruiken om zorgleerlingen te plaatsen op dure particuliere scholen. Becker wijst erop dat dat verboden is en wilde van de minister weten wat de Inspectie van het Onderwijs hiertegen doet.

De minister reageerde door te stellen dat volgens de Wet passend onderwijs ieder kind recht heeft op een passende onderwijsplek in zijn of haar regio. ‘De publieke scholen moeten zo’n plek dus aanbieden, dat is hun zorgplicht’, aldus Slob. Hij vindt het zorgelijk dat sommige scholen daar kennelijk niet in slagen. De minister is het met Becker eens dat de inspectie de scholen hierop moet aanspreken.

Hij roept de scholen die zorgleerlingen verwijzen naar particuliere scholen op zich te melden, zodat het probleem bespreekbaar kan worden gemaakt.

Particuliere scholen laten zich betalen voor zorgleerlingen

Reguliere scholen overtreden de wet door particuliere scholen te betalen om zorgleerlingen op te vangen, meldt tv-programma De Monitor.

Maupertuus en Winford zijn volgens De Monitor particuliere scholen die door het samenwerkingsverband voor passend onderwijs worden betaald om zorgleerlingen op te vangen.

Het ministerie van OCW laat in een reactie aan De Monitor weten dat particulier onderwijs ‘in heel specifieke zaken een uitkomst kan bieden’, maar dat er geen ‘parallel systeem’ mag ontstaan.

‘Daarom gaan we het in zeer specifieke gevallen mogelijk maken om tijdelijk particulier onderwijs te volgen, mits de scholen er samen voor zorgen dat er ook een definitieve oplossing komt in het bekostigde onderwijs’, aldus een woordvoerder van OCW.

Lees meer…

Landelijke criteria praktijkonderwijs en lwoo loslaten?

Wij willen graag van u weten hoe u denkt over het loslaten van de landelijke criteria voor praktijkonderwijs en leerwegondersteunend onderwijs (lwoo).

Sinds ruim een jaar vallen lwoo en praktijkonderwijs onder de verantwoordelijkheid van de samenwerkingsverbanden voortgezet onderwijs. Sindsdien zijn de samenwerkingsverbanden verantwoordelijk voor alle vormen van onderwijsondersteuning die leerlingen in de klas nodig hebben.

Op dit moment gelden nog de landelijke criteria en duur van de toewijzing van lwoo en praktijkonderwijs en de lwoo-licenties. Middels een wetswijziging zal dit in de nabije toekomst worden losgelaten. De scholen in het samenwerkingsverband zijn dan vrij om – net als bij de zware ondersteuning – zelf te bepalen welke leerlingen lwoo-ondersteuning nodig hebben in het vmbo en welke leerlingen naar het praktijkonderwijs gaan.

Praktijkonderwijs gaat verloren?

Van leden horen wij dat gevreesd wordt dat door het loslaten van de criteria de identiteit van het praktijkonderwijs verloren gaat. Het zou een zelfstandige richting moeten blijven die net zoals vmbo, havo en vwo volwaardige bekostiging moet behouden.

Daarnaast vindt het praktijkonderwijs dat de leerlingen ervan verzekerd moeten zijn dat ze in een veilige leeromgeving komen waarin ze worden herkend en erkend. Door het loslaten van de landelijke criteria ontstaat de angst dat deze veilige omgeving niet meer kan worden gegarandeerd.

Wat vindt u?

Wij zijn benieuwd hoe u denkt over het loslaten van de criteria. Bent u daar voorstander van of juist niet (en waarom)? U kunt uw reactie mailen naar onze beleidsmedewerker Rozemarijn Boer: rboer@vosabb.nl.

Wij nemen de input mee in onze lobby-activiteiten bij de landelijke politiek.

School betaalt aanbod hoogbegaafdheid

Hoogbegaafdheid valt onder passend onderwijs. Daarom hebben scholen ook op dit gebied zorgplicht om een passende ondersteuning aan te bieden.

In de praktijk blijkt hoogbegaafdheid nog niet overal te worden gezien als een gebied waarop extra ondersteunings- of zorgbehoefte kan zijn. ‘Passend onderwijs omvat echter alle vormen van ondersteuning, dus ook die op het gebied van hoogbegaafdheid’, zegt onze beleidsmedewerker Rozemarijn Boer, die gespecialiseerd is in passend onderwijs.

‘De school dient aan te bieden wat het kind nodig heeft, ook als een leerling de diagnose ‘hoogbegaafd’ heeft. Dit behoort tot de zorgplicht, dus de school moet dit betalen, dan wel in overleg gaan met het samenwerkingsverband over de inzet van de middelen hiervoor’, aldus Boer in reactie op een oproep van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) om geen vrijwillige ouderbijdrage te vragen voor passend onderwijs aan hoogbegaafde leerlingen.

Hoogbegaafdheid en kansen(on)gelijkheid

Boer benadrukt dat er natuurlijk wel voldoende bekostiging moet zijn om passend onderwijs ook op dit gebied gestalte te geven. ‘Scholen vragen ouders om een bijdrage voor passend onderwijs te leveren, omdat de huidige budgetten blijkbaar niet toereikend zijn. Belangrijk is dat onderwijs aan hoogbegaafde kinderen nadrukkelijker onderwerp van gesprek wordt tussen school en samenwerkingsverband.’

‘Het mag niet zo zijn dat ondersteuning bij hoogbegaafdheid slechts is weggelegd voor kinderen met ouders die een hoger inkomen hebben en bereid zijn een eigen financiële bijdrage te leveren. Dit werkt kansenongelijkheid in de hand. Ook het risico van thuiszitten wordt hierdoor vergroot. Extra ondersteuning bij hoogbegaafdheid dient voor álle kinderen toegankelijk te zijn’, zo sluit Boer af.

Ouderbijdrage mag niet

Plaatsvervangend inspecteur-generaal Arnold Jonk van de Inspectie van het Onderwijs laat in reactie op het bericht van VOO via Twitter weten dat een ouderbijdrage voor aanbod op het gebied van hoogbegaafdheid niet mag:

Rekenkamer zeer kritisch over passend onderwijs

Het is onduidelijk waaraan het geld voor passend onderwijs wordt besteed, meldt de Algemene Rekenkamer.

In 2016 gaf het ministerie van OCW 2,4 miljard euro uit aan passend onderwijs in het primair en voortgezet onderwijs. ‘Hoewel een van de doelen van passend onderwijs was dat transparanter zou worden waaraan de gelden voor leerlingenondersteuning worden besteed, is het zicht op de besteding (…) niet verbeterd’, aldus de Algemene Rekenkamer.

Weinig informatie

Er valt volgens de rekenkamer uit de verantwoordingsstukken van de samenwerkingsverbanden passend onderwijs en schoolbesturen weinig informatie te halen over de besteding. Bovendien zijn er ‘indicaties dat de wel beschikbare informatie van onvoldoende kwaliteit is’.

Vooral horizontale verantwoording had voor meer transparantie moeten zorgen, maar dat is niet gebeurd. ‘Het intern toezicht in de meeste samenwerkingsverbanden is niet onafhankelijk: zowel in het bestuur als in het interne toezicht zijn vooral schoolbesturen vertegenwoordigd. Ook is het de vraag of de ondersteuningsplanraden (…) voldoende tegenwicht kunnen bieden.’

Zwak ontwikkeld

Ook over de interne checks and balances in de samenwerkingsverbanden is de Algemene Rekenkamer zeer kritisch: ‘al met al zwak ontwik­keld’. Dat leidt er volgens de rekenkamer toe dat schoolbesturen het instellingsbelang zwaarder kunnen laten wegen dan het belang van de leerling.

De Tweede Kamer had gevraagd om inzicht in het aantal leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte, maar dat inzicht kan volgens de Algemene Rekenkamer niet worden geboden: ‘Het zogenoemde zorgvinkje – de registratie in het Basisregister Onderwijs (BRON) van ontwikkelingsperspectieven voor leerlingen die extra ondersteuning krijgen – biedt dit inzicht onvoldoende en is onbetrouwbaar.’

Meer inzicht

De Algemene Rekenkamer vindt het belangrijk dat er op het niveau van afzonderlijke samenwerkingsverbanden meer inzicht komt in waar zij hun geld aan besteden en welke resultaten zij daarmee bereiken. ‘Er zijn namelijk signalen dat de leerlingenondersteuning nog niet overal goed loopt.’

Lees meer…

‘Verevening passend onderwijs vergroot problemen’

Doordat de instroomleeftijd van leerlingen in het speciaal onderwijs hoger wordt, kunnen de problemen in de klas complexer worden. Dat stelt de PO-Raad in reactie op een item van de actualiteitenrubriek Nieuwsuur over passend onderwijs.

Het item van Nieuwsuur gaat over de gevolgen van de verevening: sommige regio’s hebben met de invoering van passend onderwijs extra geld gekregen, andere regio’s hebben geld moeten inleveren.

Tilburg is een regio die geld heeft moeten inleveren. Daar zijn volgens Nieuwsuur problemen ontstaan doordat het reguliere onderwijs leerlingen te laat doorverwijst naar het speciaal onderwijs. De PO-Raad zegt dit te herkennen.

Het ministerie van OCW laat in reactie op het item van Nieuwsuur weten nog steeds achter de verevening te staan. ‘Scholen die voorheen veel kinderen naar het speciaal onderwijs verwezen, zullen wat vaker kinderen naar het reguliere onderwijs laten gaan. Dat is ook de precies de bedoeling’, aldus een woordvoerder van OCW.

Lees meer…

Geen extra geld voor hoogbegaafden

Er komt geen extra geld voor onderwijs aan hoogbegaafden, staat in een brief van staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

Dekker reageert op een verzoek vanuit Den Haag voor extra geld boven op de reguliere rijksbegroting van schoolbesturen en samenwerkingsverbanden voor een aparte school voor hoogbegaafden.

De staatssecretaris schrijft in zijn brief dat er al voldoende mogelijkheden zijn om onderwijs aan hoogbegaafden te organiseren. Hij wijst onder andere op de taak die samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs op dit vlak hebben.

Over één ding is hij heel duidelijk: extra geld komt er niet.

Lees meer…

Onderwijs staat er financieel beter voor

‘We zien dat de onderwijsinstellingen er in 2015 financieel weer beter voor staan dan het jaar daarvoor. Dat betekent dat ze voorzichtig met hun (extra) geld zijn omgegaan. ‘Dat meldt de Inspectie van het Onderwijs in De financiële staat van het onderwijs 2015.

Bij het positieve beeld past volgens de inspectie wel een kanttekening. ‘Tussen sectoren zitten soms belangrijke verschillen, net als tussen de scholen binnen een sector. Zo zijn er instellingen die een forse spaarpot hebben aangelegd omdat ze teruglopende inkomsten verwachten vanwege de daling van het aantal leerlingen in hun regio. Ook zien we instellingen die spaarden voor verbouwingen of voor andere noodzakelijke verbeteringen.’

Financiële marges

Bij de liquiditeitspositie valt op dat kleine besturen ruimere (procentuele) marges aanhouden dan grote besturen. Dat komt doordat een klein bestuur minder mogelijkheden heeft om potentiële tegenvallers op te vangen dan een groot bestuur.

Uit het rapport blijkt verder dat de schoolbesturen in het funderend onderwijs in 2015 meer geld hebben uitgegeven aan personeel dan in 2014. In het voortgezet onderwijs komt dat door een absolute stijging van het aantal docenten in verband met de stijging van het aantal leerlingen.

In het primair onderwijs is al enige jaren sprake van leerlingendaling, maar waar er tussen 2011 en 2012 sprake was van een forsere personeelsreductie dan op basis van de leerlingenontwikkeling mocht worden verwacht, zijn er in 2014 en 2015 weer meer leraren aangenomen.

Passend onderwijs

Voor het eerst heeft de inspectie ook cijfers opgenomen over de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. ‘Zij bleken in 2015 zeer voorzichtig. We zagen betrekkelijk weinig financiële beleidskeuzes en als ze er al zijn ontbreekt de onderbouwing ervan.’

De inspectie merkt verder op dat het verstandig als scholen een reserve aanhouden, ‘maar de appeltjes voor de dorst moeten wel in verhouding blijven staan tot de reële risico’s die scholen lopen’. Sparen mag geen doel in zichzelf worden, benadrukt de inspectie, ‘en het mag zeker nooit ten koste gaan van noodzakelijke en gewenste investeringen in de kwaliteit van het onderwijs’.

Lees het rapport

Geld passend onderwijs blijft deels op plank liggen

Een deel van de samenwerkingsverbanden zet het beschikbare budget voor passend onderwijs nog niet of nog niet in zijn geheel in. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW vindt dat geen goed teken.

Dekker baseert zich een analyse van de jaarverslagen over 2015 van alle samenwerkingsverbanden. Hij is onaangenaam verrast, zo blijkt uit een brief aan de Tweede Kamer, omdat hij ook hoort dat kinderen geen passende plek in het onderwijs krijgen wegens geldgebrek.

In totaal is circa 9 procent van het budget in het primair onderwijs en ruim 10 procent in het voortgezet onderwijs (nog) niet ingezet. Er zijn daarbij volgens Dekker grote verschillen tussen samenwerkingsverbanden. ‘Er zijn verbanden met een kleine min en verbanden waar meer dan 20 procent van het budget nog niet is besteed’, zo schrijft hij.

Goed onderbouwen in jaarverslag

Het aanhouden van enige reserve is nodig als borging van de continuïteit, maar de reden en de omvang van de reserves moeten volgens Dekker goed worden onderbouwd in het jaarverslag en aansluiten bij de reële onzekerheden en risico’s. ‘Dat gebeurt vaak nog niet’, aldus de staatssecretaris.

De komende periode worden acties in gang gezet om te stimuleren dat het beschikbare geld wordt uitgegeven en de jaarverslaglegging wordt verbeterd:

  • De inspectie bespreekt als onderdeel van het financieel toezicht de inzet van het geld voor extra ondersteuning met zowel de schoolbesturen als de samenwerkingsverbanden.
  • In de eerste maanden van 2017 worden regiobijeenkomsten georganiseerd voor samenwerkingsverbanden om hen te informeren over de noodzakelijke onderdelen van de jaarrekening en het jaarverslag en te bespreken hoe zij hun jaarverslagen inhoudelijk kunnen verbeteren. Ook wordt een brochure gemaakt.
  • Passend onderwijs wordt meegenomen in een brief aan besturen en samenwerkingsverbanden als een van de beleidsprioriteiten om over te rapporteren in het jaarverslag.

Lees meer…

Passend onderwijs draait soms te veel om de centen

In passend onderwijs staat het belang van de leerling niet altijd voorop, stelt directeur Nathalie Schotanus van de Herman Broerenschool in Roermond op de website van de christelijke profielorganisatie Verus.

Schotanus merkt dat binnen sommige samenwerkingsverbanden met een negatieve verevening het financiële plaatje zwaarder weegt dan de inhoud.

Passend onderwijs is volgens haar niet ontstaan vanuit inhoud, maar vanuit bezuinigingen. ‘Natuurlijk moeten we heel kritisch blijven kijken of een leerling naar het speciaal onderwijs moet of dat hij met extra ondersteuning op een reguliere school kan blijven. We doen het goed wanneer een leerling op de meest passende onderwijsplek zit’, aldus Schotanus.

Lees meer…

Nieuwe rekeninstrumenten samenwerkingsverbanden

In de map Samenwerkingsverbanden in onze online Toolbox zijn twee geactualiseerde rekeninstrumenten geplaatst.

Het betreft instrumenten die betrekking op het voortgezet onderwijs:

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

 

Thuiszitters nog onvoldoende geholpen

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW zegt helaas het beeld te herkennen dat een deel van de scholen en gemeenten nog onvoldoende werk maakt van de thuiszittersproblematiek. Dat blijkt uit antwoorden op Kamervragen van Loes Ypma van de PvdA en het zelfstandige lid Norbert Klein.

De vragen van Ypma en Klein volgden op het Volkskrant-artikel Duizenden kinderen zitten ‘volstrekt onnodig’ thuis. Dekker zegt in zijn antwoorden dat er al veel wordt gedaan om het aantal thuiszitters te verminderen, maar hij ziet dus ook dat een deel van de scholen en gemeenten daar nog onvoldoende werk van maakt.

‘De samenwerking komt soms moeilijk van de grond en het vinden van passend aanbod gaat niet snel genoeg’, aldus de staatssecretaris.

Thuiszitters de dupe van gesteggel over geld

Als schrijnend voorbeeld noemt hij ‘gesteggel over geld’ waarvan leerlingen die ondersteuning nodig hebben de dupe worden. Er zijn volgens hem echter ook genoeg voorbeelden van goede oplossingen. ‘Bijvoorbeeld door het gezamenlijk dragen van de kosten’, schrijft Dekker.

Het ministerie van OCW gaat samen met Marc Dullaert van het Thuiszitterspact goede voorbeelden van samenwerking bundelen en uitdragen in het onderwijsveld.

Lees meer…

 

 

Tips voor begroting samenwerkingsverband

Kunt u wel wat tips en tricks gebruiken voor het opstellen van de begroting van uw samenwerkingsverband? Kom dan dinsdag 1 november naar Woerden voor de VOS/aBB-bijeenkomst Passend onderwijs en financiën.

Vanwege een aantal afzeggingen zijn er plaatsen vrijgekomen, dus aanmelden kan nog! Op de agenda staan naast de tips en aandachtspunten voor de begroting 2017 ook actuele ontwikkelingen die van belang zijn voor de bedrijfsvoering van samenwerkingsverbanden. Ook is er ruimte voor thema’s die door de deelnemers zelf worden aangedragen. Onze financiële experts zullen daar op in gaan. Dat zijn Ron van der Raaij van VOS/ABB en Rick de Wit van Infinite Financieel.

Praktische gegevens
De bijeenkomst begint dinsdag om 10 uur en wordt rond 12.30 uur afgesloten met een lunch. U bent welkom in het kantoor van VOS/ABB aan de Houttuinlaan 8 in Woerden. Aanmelden kan nog tot en met 31 oktober door een mailtje te sturen aan welkom@vosabb.nl met daarin uw naam, de naam van uw organisatie en de vermelding Passend onderwijs en financiën. Ook kunt u daar nog aangeven welk onderwerp u graag aan de orde zou willen stellen. Voor leden van VOS/ABB is de bijeenkomst gratis. Niet-leden zijn ook welkom, maar dan betaalt u 100 euro.

Geactualiseerde rekeninstrumenten in Toolbox

In onze online Toolbox is een reeks geactualiseerde rekeninstrumenten geplaatst.

Het betreft instrumenten in onderstaande mappen van de Toolbox:

Samenwerkingsverbanden

MJB SWV Passend Onderwijs PO 2017 vs 10 okt2016
Overdrachten SBO en grensverkeer 15-16 tm 17-18 vs 5okt2016
MJB SWV Passend Onderwijs VO 2017 vs 10okt2016

Basisschool

Groeiregeling basisscholen 2016-2017 vs 1okt2016
MJB FPE BAS 2017 vs 1okt2016
MJB Geld BAS 2017 vs 1okt2016
MJB Geld BAS totaalmodel 2017 vs 1okt2016
Sommatiemodel FPE 2017 vs 1okt2016
Sommatiemodel Geld 2017 vs 1okt2016

Speciaal basisonderwijs

MJB Geld SBO 2017 vs 1okt2016
MJB FPE SBO 2017 vs 1okt2016
Sommatiemodel Geld 2017 vs 1okt2016
Sommatiemodel FPE 2017 vs 1okt2016

(Voortgezet) speciaal onderwijs

MJB Geld (V)SO 2017 vs 10okt2016

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Toolbox: rekeninstrumenten SWV’s geactualiseerd

In onze online Toolbox zijn geactualiseerde rekeninstrumenten voor samenwerkingsverbanden passend onderwijs geplaatst. Dat geldt ook voor diverse toelichtingen. U kunt de nieuwe rekeninstrumenten en toelichtingen downloaden.

Rekeninstrumenten:

MJB SWV Passend Onderwijs VO 2017 vs 18aug2016

MJB SWV Passend Onderwijs PO 2017 vs 15aug2016

Overdrachten SBO en grensverkeer 15-16 tm 17-18 vs 12april2016

Toelichtingen:

Passend onderwijs en de spelregels SBO aug2016

Bekostiging samenwerkingsverband passend onderwijs PO 21aug2016

Bekostiging samenwerkingsverband passend onderwijs VO 17aug2016

Bekostiging vso en de invoering van passend onderwijs vs 20aug2016

Toelichting Groeiregeling vs 15augustus2016

Vereenvoudigde wijze van bekostiging SBO onder passend onderwijs aug2016

Verevening bij lwoo en pro niet verstandig

Bij de verdeling van het geld voor leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs (pro) zou niet moeten worden overgegaan tot verevening. Dat is de conclusie van het rapport Naar een nieuwe bekostigingssystematiek voor lwoo en praktijkonderwijs.

Op dit moment is er sprake van een ongelijke verdeling van de middelen voor lwoo en pro: de ene regio heeft een hoger percentage lwoo- en pro-leerlingen dan de andere regio.

Verevening onverstandig

Onderzoek naar de mogelijkheid om de middelen voor lwoo en pro te verevenen wijst uit dat de verwachte behoefte aan lwoo en pro niet gelijk is verdeeld over het land en dat er daarom niet verevend zou moeten worden.

De bekostigingssystematiek zou rekening moeten houden met sociaaleconomische aspecten in de verschillende regio’s, zoals het opleidingsniveau van de ouders.

Het onderzoek hoort bij de Negende voortgangsrapportage passend onderwijs.

Nieuwe rekeninstrumenten in online Toolbox

In onze online Toolbox zijn voor het primair onderwijs twee nieuwe rekeninstrumenten opgenomen.

Het gaat om de volgende instrumenten in de mappen Primair onderwijs respectievelijk Samenwerkingsverbanden:

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Factsheet verantwoording samenwerkingsverbanden

VOS/ABB heeft voor leden een factsheet gepubliceerd over (door)betalingen van samenwerkingsverbanden passend onderwijs aan schoolbesturen.

De factsheet geeft algemene informatie over de vraag aan wie samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs zich moeten verantwoorden en waarover.

Ook gaat deze publicatie in op de vraag hoe generieke doorbetalingen aan schoolbesturen goed kunnen worden verantwoord. In het verlengde hiervan wordt er ingegaan op de manier waarop schoolbesturen zich verantwoorden aan de samenwerkingsverbanden.

De factsheet is samengesteld in samenwerking met Infinite Financieel. U kunt de factsheet downloaden uit het besloten ledengedeelte van deze website.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Achterstandsgeld niet via samenwerkingsverbanden

Het is op dit moment niet verstandig om om de uitvoering van de gewichtenregeling over te hevelen naar de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Dat staat in een brief van staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de Tweede Kamer.

VVD-Kamerlid Karin Straus kwam met het idee om de gewichtenregeling te laten uitvoeren door de samenwerkingsverbanden. Dekker heeft laten onderzoek of dit een verstandige keuze zou zijn. Zijn conclusie is dat (nog) niet het geval is.

Een van zijn argumenten om het idee van Straus niet uit te voeren, is dat de samenwerkingsverbanden nog maar relatief korte tijd operationeel zijn en de uitvoering van de gewichtenregeling nu nog niet op zich zouden kunnen nemen.

Daarbij komt dat een overheveling van de achterstandsgelden naar de samenwerkingsverbanden zou samenlopen met de verevening van de bekostiging passend onderwijs. Dit zou het ongewenste effect met zich mee kunnen brengen dat samenwerkingsverbanden achterstandsmiddelen inzetten voor het opvangen van de verevening.

Op termijn, na afronding van de verevening in 2020, zou het idee van Straus nogmaals verkend kunnen worden, schrijft Dekker. ‘Ik ben namelijk van mening dat de samenwerkingsverbanden hierin een belangrijke bijdrage zouden kunnen leveren.’

Vervolgonderzoek naar bureaucratie passend onderwijs

Het Kohnstamm Instituut voert in opdracht van het ministerie van OCW een vervolgonderzoek uit naar bureaucratie in het kader van passend onderwijs.

Het verminderen van bureaucratie is een van de doelstellingen van passend onderwijs. Het vervolgonderzoek van het Kohnstamm Instituut moet uitwijzen of die doelstelling in het primair en voortgezet onderwijs wordt bereikt. Het onderzoek richt zich onder anderen op intern begeleiders, zorgcoördinatoren, leraren en mentoren.

Doe mee aan het vervolgonderzoek

Toolbox: nieuwe rekeninstrumenten passend onderwijs

In de map Samenwerkingsverbanden (passend onderwijs) van de online Toolbox van VOS/ABB staan geactualiseerde rekeninstrumenten met toelichtingen:

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

 

 

Geen extra geld voor passend onderwijs

Het kabinet trekt geen extra geld uit voor passend onderwijs. Dat schrijft staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer.

Tijdens de algemene politieke beschouwingen in de Tweede Kamer dienden Diederik Samsom van de PvdA en Alexander Pechtold van D66 een motie in, waarin ze het kabinet vroegen om extra geld voor passend onderwijs. Hun motie had specifiek betrekking op het primair onderwijs. Ze vroegen om 100 miljoen euro extra.

In hun motie wezen Samsom en Pechtold op het feit dat er ondanks de invoering van passend onderwijs nog steeds duizenden kinderen zonder onderwijs thuiszitten.

Betere samenwerking
Dekker schrijft in zijn brief dat niet extra geld, maar betere samenwerking en verbetering van de uitvoering van passend onderwijs de oplossing zijn.

‘Het kost tijd voordat passend onderwijs overal volledig vorm heeft gekregen. De voorheen beschikbare middelen voor extra ondersteuning zijn bovendien nog steeds beschikbaar. Daarmee is er voldoende financiële ruimte voor scholen en samenwerkingsverbanden om passend onderwijs te realiseren’, aldus Dekker.

In zijn brief gaat Dekker ook in op recente onderzoeken naar passend onderwijs, waaruit naar voren kwam dat er in de praktijk nog knelpunten zijn.

Brochure voor samenwerkingsverbanden over lwoo en pro

Samenwerkingsverbanden in het voortgezet onderwijs moeten zich dit najaar voorbereiden op de toewijzing van leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs door hun ondersteuningsplan aan te passen. Het Informatiepunt Passend Onderwijs heeft hierover een online brochure gepubliceerd. 

Per 1 januari 2016 worden samenwerkingsverbanden in het voortgezet onderwijs verantwoordelijk voor het toewijzen van de ondersteuning voor lwoo en praktijkonderwijs en de bijbehorende budgetten.

Dit volgt op de goedkeuring eerder dit jaar door de Eerste Kamer van het wetsvoorstel Integratie van leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs in passend onderwijs. De Tweede Kamer ging hier eerder al mee akkoord.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl