Harde klappen bij herverdeling achterstandsgeld

Er vallen harde klappen bij de definitieve herverdeling van het achterstandsgeld. Dat blijkt uit de bekendmaking van de definitieve bedragen per school. Met name scholen met veel asielzoekerskinderen worden hard geraakt, wat zal leiden tot gedwongen ontslagen.

Er zijn basisscholen die er geld bij krijgen, maar veel andere ontvangen tienduizenden euro’s tot tonnen minder. Er is wel een overgangsregeling van drie jaar, die de klap verzacht voor scholen die moeten inleveren. De bedragen worden in die periode afgebouwd. In het overzicht van herverdeeleffecten is te zien hoeveel elke school volgend schooljaar ontvangt.

Asielscholen hard geraakt

De scholen die het hardst geraakt worden, zijn – zoals eerder werd gevreesd –  scholen met veel asielzoekerskinderen. Dat komt doordat een nieuwe indicator die door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is ontwikkeld, rekening houdt met het opleidingsniveau van de ouders en niet met de afkomst van leerlingen.

Van veel ouders die als asielzoekers in Nederland zijn, is het opleidingsniveau niet bekend, waardoor de kinderen minder zwaar meetellen. Dit probleem is al eerder aangekaart bij onderwijsminister Arie Slob, die toen besloot dat asielzoekerskinderen altijd meetellen voor het onderwijsachterstandenbudget.

Zij krijgen echter geen ‘zwaar gewicht’ meer, maar een gemiddelde achterstandsscore. Dat scheelt veel geld. Diverse schoolbesturen zien hun budget teruglopen met enorme bedragen, die zelfs kunnen oplopen tot ruim vier ton. De gevolgen daarvan zijn groot: gedwongen ontslagen, minder ondersteuning voor de leerlingen en grotere groepen, terwijl de problematiek van de kinderen niet veranderd is.

Dagblad NRC gaat in op de situatie bij enkele schoolbesturen, waaronder Stichting Archipel voor openbaar primair onderwijs in Zutphen en omgeving, die ruim 200.000 euro verliest. Archipel heeft een basisschool met een taalschakelklas, veel kinderen met een migratieachtergrond en sinds 2016 een dependance in het asielzoekerscentrum in Zutphen.

‘Herstel budget voor asielscholen’

De PO-Raad roept de minister met klem op het budget te herstellen, met name voor de scholen met veel nieuwkomersleerlingen. Dat zijn niet alleen asielzoekersscholen, maar ook andere scholen met veel nieuwkomers. De sectororganisatie spreekt ook de staatssecretaris voor vreemdelingenzaken aan, omdat het onderwijs aan asielzoekerskinderen onderdeel is van het asielbeleid.

VOS/ABB steunt de oproep van de PO-Raad en heeft de minister ook persoonlijk aangesproken op het negatieve effect van de herverdeling van het budget.

 

‘Maak werk van recht op inclusief onderwijs’

Defence for Children roept onderwijsminister Arie Slob op werk te maken van inclusief onderwijs.

De organisatie vindt dat het huidige onderwijssysteem niet strookt met het recht op inclusief onderwijs, zoals afgeleid uit het Europees Sociaal Handvest.

In de publicatie Passend onderwijs langs de lat van het Europees Sociaal Handvest voert Defence for Children aan dat het recht op op inclusief onderwijs ook in Nederland onvoldoende gewaarborgd wordt, omdat het systeem op punten tekortschiet.

Het belangrijkste punt is het tweesporensysteem in Nederland, waardoor kinderen worden verdeeld over reguliere en speciale scholen. Daardoor blijven leerlingen met een verstandelijke beperking grotendeels buiten het reguliere onderwijs. Ook wijst Defence for Children op de financieringssystematiek, die inclusie in de weg staat.

Meer informatie

 

‘Stop met sorteren van leerlingen’

Onderwijswetenschapper Louise Elffers pleit er in de Volkskrant voor te stoppen met het vroege sorteren van kinderen over verschillende niveaus voortgezet onderwijs. Het schooladvies moet volgens haar minder gewicht krijgen en er moeten meer overstapmomenten komen.

Elffers schrijft haar opiniestuk naar aanleiding van de recente oproep uit de politiek om de eindtoets weer te laten meetellen voor het schooladvies. Volgens haar leidt het schooladvies altijd tot ongelijke kansen voor leerlingen met hetzelfde prestatieniveau. Dat komt volgens haar doordat het advies verschilt per regio, per school en per leraar, terwijl ook het opleidingsniveau van ouders en etniciteit invloed hebben.

‘Dat is problematisch als het niveau-advies een bepalende rol speelt in het verdere verloop van de schoolloopbaan’, aldus Elffers. Daarom adviseert ze: ‘Breng het niveau-advies terug tot de essentie: een tussentijds advies in de schoolloopbaan.’

Meer overstapmomenten

Er kan volgens haar een eind komen aan de ‘vroege en rigide selectie’ als leerroutes meer met elkaar verbonden worden en daartussen meerdere overstapmomenten komen. Dan kunnen leerlingen gaandeweg gemakkelijker van route wisselen en hoeft de basisschool niet langer dwingende voorspellingen te doen die de leerkansen van kinderen bepalen.

‘Laten we nu doorzetten en het lef hebben om die hele roestige sorteermachine voor eens en altijd naar de schroot te brengen’, zo besluit ze haar bijdrage in de Volkskrant.

 

Extra maatregelen voor thuiszitters

Er komen versneld extra maatregelen om het aantal kinderen en jongeren dat thuis zonder onderwijs zit, terug te dringen. Dit heeft onderwijsminister Arie Slob aangekondigd. Hij is er ontevreden over dat het aantal thuiszitters niet daalt.

Weliswaar is het in het afgelopen schooljaar gelukt veel thuiszitters weer onderwijs te geven, maar er komen ook nieuwe thuiszitters bij. Daardoor zijn de aantallen per saldo niet verminderd. Elk schooljaar krijgen ruim 4000 leerplichtigen geen onderwijs.

Versterking samenwerking bij thuiszitters

De nu aangekondigde maatregelen moeten de samenwerking tussen de betrokken partijen versterken. Het gaat om de school, het samenwerkingsverband, de leerplichtambtenaar, jeugdhulp en in sommige gevallen justitie.

Slob wil nu per regio een regisseur aanstellen die een doorbraak moet forceren als een leerling na een bepaalde termijn nog steeds thuis zonder onderwijs zit. Hiermee neemt hij een advies over van Marc Dullaert, die in opdracht van de betrokken partijen oplossingen zocht om het aantal thuiszitters terug te dringen.

Dullaert publiceerde recent het rapport De kracht om door te zetten.

Meer informatie

Sbo en speciaal onderwijs groeien met 2000 leerlingen

Het aantal leerlingen in het speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs is vorig jaar met in totaal circa 2000 gestegen. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

In beide sectoren gaat het om een toename met ongeveer 1000 leerlingen. Het AD meldde eerder dat alleen al in het speciaal basisonderwijs het aantal leerlingen met 2000 was gegroeid, maar dat komt dus niet overeen met wat Slob meldt.

Binnen het speciaal onderwijs doet de stijging zich het sterkste voor bij de leerlingen uit cluster 3/4 (ruim 700 leerlingen), gevolgd door cluster 2 (ruim 260 leerlingen).

In het voortgezet speciaal onderwijs en praktijkonderwijs was vorig jaar sprake van lichte afname van het aantal leerlingen. Het reguliere onderwijs had vorig jaar te maken met behoorlijke krimp als gevolg van negatieve demografische ontwikkelingen.

Lees meer…

Duizenden ervaringen op ‘vertelpunt’ passend onderwijs

Er zijn tot nu toe 3100 ervaringen verzameld op het online ‘vertelpunt’ waar iedereen zijn verhaal kwijt kan over passend onderwijs. Dat staat in een brief van onderwijsminister Arie Slob aan de Tweede Kamer.

Het digitale ‘vertelpunt’ is er om zo veel mogelijk betrokkenen bij passend onderwijs te bereiken. Leerlingen, ouders en professionals in en rondom de school kunnen hun ervaringen delen over situaties die te maken hebben met (passend) onderwijs.

Slob benadrukt dat ‘verschillende belevingen, meningen en emoties (…) meer vertellen dan cijfers’. De (anonieme) ervaringen kunnen volgens hem laten zien op welke punten passend onderwijs goed gaat en waar verbetering nodig is.

Het online vertelpunt is nog open tot en met 31 maart. Zie www.vertelpunt.nl/ocw.

Handreiking onafhankelijk voorzitter passend onderwijs

De PO-Raad en VO-raad hebben de Handreiking onafhankelijk voorzitter samenwerkingsverband passend onderwijs gepubliceerd.

Een onafhankelijk voorzitter moet een gebalanceerd besluitvormingsproces inrichten en zorgen voor een zorgvuldig governance-proces. Hij of zij stimuleert ook verschillende meningen en standpunten.

De handreiking biedt aanknopingspunten voor samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs die een onafhankelijke voorzitter willen aanstellen.

Download handreiking

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

In april 2018 verscheen in magazine Naar School! van VOS/ABB een artikel over het belang van good governance voor het welslagen van passend onderwijs.

Lees het artikel ‘Governance passend onderwijs: een hele klus’

Slob gaat niet over positie onderwijsondersteuners

De sociale partners gaan over de positie van onderwijsondersteuners en niet de minister. Dat benadrukt Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

De Kamer had onderwijsminister Slob om een reactie gevraagd naar aanleiding van een brief die was binnengekomen over de positie van onderwijsondersteuners in met name het (voortgezet) speciaal onderwijs.

De minister wijst erop dat niet hij, maar de sociale partners (PO-Raad en vakbonden) hierover gaan. Hij geeft ook aan dat onderwijsondersteuners die ontevreden zijn over hun positie, hierover kunnen aankloppen bij hun schoolbestuur.

Lees meer…

Slob hekelt kale ranglijstjes met eindtoetsscores

Ranglijsten op basis van alleen de eindtoetsscores zijn zeer onwenselijk. Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob in reactie op Kamervragen over de verplichte eindtoets in het speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs.

Afgelopen september maakte Slob in deze brief aan de Tweede Kamer bekend dat vanaf het schooljaar 2019-2020 ook het speciaal basisonderwijs (sbo) en het speciaal onderwijs (so) verplicht zullen zijn een eindtoets af te nemen.

Met invoering van de Wet Eindtoetsing PO is de eindtoets vanaf schooljaar 2014-2015 verplicht in het reguliere basisonderwijs. Er was echter vanuit de overheid nog geen toets beschikbaar voor het sbo en so. Nu die er wel is (adaptieve Centrale Eindtoets), is besloten dat ook het sbo en so vanaf 2019-2020 een eindtoets moeten afnemen.

Ontheffing

De verplichting om een eindtoets af te nemen betekent echter niet, zo laat Slob in deze reactie op Kamervragen weten, dat alle leerlingen in het sbo en so de toets gaan maken. ‘Het bevoegd gezag behoudt de mogelijkheid om te bepalen dat bepaalde leerlingen geen eindtoets hoeven af te leggen’, aldus de minister.

Hij wijst daarbij op Beleidsregel ontheffingsgronden eindtoetsing PO. Daarin staat dat zeer moeilijk lerende kinderen en meervoudig gehandicapte leerlingen de toets niet hoeven te maken.

Ranglijstjes

De minister laat in zijn reactie op vragen uit de Tweede Kamer verder weten het zeer onwenselijk te vinden als op basis van eindtoetsresultaten ‘ranglijstjes worden gemaakt van scholen (…) zonder daarbij de context van de scholen mee te nemen’.

Ongewenst gebruik van eindtoetsgegevens voor lijstjes kan volgens hem het beste worden tegengegaan als scholen zich helder over het eigen beleid en bereikte resultaten verantwoorden. Slob vindt Scholen op de Kaart daarvoor heel geschikt.

Toestroom kennismigranten vraagt om internationalisering

Trouw signaleert dat basisscholen worstelen met de toestroom van kinderen van kennismigranten. In het VOS/ABB-magazine Naar School! trok directeur-bestuurder Frans Cornet van Stichting Amstelwijs er vorig jaar al over aan de bel. 

Nederlandse scholen verwachten de komende jaren een forse groei van het aantal kinderen van kennismigranten. ‘Terwijl bedrijven in hoog tempo buitenlandse technici en ICT’ers aannemen, moeten scholen een antwoord vinden op de toestroom van deze leerlingen’, zo meldt Trouw.

Dat kan volgens de krant een hele opgave zijn, omdat deze kinderen geen Nederlands en soms ook geen Engels spreken. Bovendien komen ze gedurende het schooljaar binnen en is het vaak onduidelijk hoelang ze blijven. Het probleem speelt met name voor scholen in Eindhoven, Den Haag en rond Amsterdam.

Groep die buiten alle regelingen valt

Directeur-bestuurder Frans Cornet van Stichting Amstelwijs voor openbaar primair onderwijs vertelde vorig jaar in het VOS/ABB-magazine Naar School! dat kinderen van kennismigranten niet in de huidige onderwijswetgeving passen en nog helemaal niet in beeld zijn bij de politiek. Omdat kennismigranten vaak hoogopgeleid zijn, vallen hun kinderen niet in de gewichtenregeling.

Ze kunnen volgens hem niet naar nieuwkomersklassen, omdat die gericht zijn op vluchtelingenkinderen van wie er velen traumatische ervaringen hebben. ‘Daar passen kinderen van kennismigranten niet tussen. Dit is een groep die buiten alle regelingen valt’, aldus Cornet.

Internationalisering voor passend onderwijs

Hij pleitte er in magazine Naar School! voor om in regio’s met veel kennismigranten het onderwijs te internationaliseren. ‘Daar hebben we steun van de overheid voor nodig. Niet alleen financieel, maar vooral ook door aanpassing van de wetgeving. Er is niet alleen behoefte aan internationaal onderwijs, maar ook aan tussenvormen om al die nieuwe bevolkingsgroepen passend onderwijs te kunnen bieden.’

‘Ik pleit voor toestemming van de Inspectie om in zo’n geval de helft van de lessen in het Engels te mogen geven. Het zou ook mooi zijn als de eindtoets basisonderwijs in het Engels beschikbaar komt. Dan kunnen we deze kinderen het onderwijs bieden dat ze nodig hebben’, zo vertelde de directeur-bestuurder van Stichting Amstelwijs aan magazine Naar School!.

Lees het artikel Toeloop kennismigranten vraagt om aanpassing onderwijs.

 

Speciaal basisonderwijs groeit met 2000 leerlingen

Het aantal leerlingen in het speciaal basisonderwijs is vorig jaar fors gestegen, meldt het AD. Volgens de krant groeide het aantal leerlingen in het sbo met 2000.

Voorzitter Wim Ludeke van het Landelijke Expertisecentrum Speciaal Onderwijs (Lesco) zegt in de krant dat bij de reguliere basisscholen de rek eruit is: ‘Leerkrachten hebben met alle goede wil geprobeerd kinderen binnenboord te houden, maar dat lukt niet meer.’

Hij zegt ook dat leerlingen niet altijd de hulp krijgen die ze nodig hebben. ‘Je ziet dat samenwerkingsverbanden steeds meer hun eigen regels maken. In paniek halen ze rare fratsen uit. Zo krijgen kinderen veel te laat de hulp die ze nodig hebben. We zijn schadelijk bezig’, aldus de voorzitter van het Lesco in het AD.

Lees meer…

 

 

Openbare Nieuweschool in Panningen wint onderwijsprijs

De openbare Nieuweschool in Panningen heeft in de categorie ‘basisonderwijs’ de Onderwijsprijs Limburg 2017-2019 gewonnen. De school kreeg deze prijs voor het bieden van passend en betekenisvol onderwijs voor alle leerlingen.

Elk kind krijgt er les op maat. De school wil geen etiketten op leerlingen plakken. Volgens de provincie Limburg heeft de Nieuweschool laten zien dat deze aanpak succesvol is.

In het oktobernummer van magazine Naar School! van VOS/ABB staat een artikel over de Nieuweschool in Panningen. Lees het artikel Nieuweschool bewijst: passend onderwijs kan slagen.

In het decembernummer van Naar School! staat een vervolgartikel over diagnosedrift.

Genius hours

In de categorie voortgezet onderwijs ging de Onderwijsprijs Limburg 2017-2019 naar Scholengemeenschap Sint Ursula in Horn. Deze school organiseert ‘genius hours’ die aansluiten bij de interesse op passie van leerlingen.

Per 1 januari subsidie voor aanbod begaafde leerlingen

Voor de periode 2019-2022 is 56 miljoen euro beschikbaar voor begaafde leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs. Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs kunnen subsidie aanvragen.

De subsidie is voor extra ondersteuning van begaafde leerlingen die niet voldoende hebben aan regulier onderwijs. Voorwaarde is dat de extra ondersteuning niet onder de basisondersteuningsvoorzieningen valt. Het gaat bijvoorbeeld om de inzet van begeleiders met expertise op het gebied van begaafdheid en het aanbieden van arrangementen voor complexe ondersteuningsbehoeften.

Het is een subsidie op basis van 50 procent cofinanciering door het samenwerkingsverband. Er mag geen geld van ouders worden gevraagd.

De subsidieregeling gaat in op 1 januari 2019.

Lees meer…

Schoolbesturen over het algemeen financieel gezond

De Inspectie van het Onderwijs meldt dat schoolbesturen over het algemeen financieel gezond zijn. Ze boekten in 2017 gezamenlijk een positief resultaat van 0,7 procent.

In De Financiële Staat van het Onderwijs 2017 staat dat er sprake lijkt ‘van een brede tendens van nogal voorzichtig begroten’. De inspectie signaleert dat het vaak moeilijk is de relatie te leggen tussen de begroting en behaalde resultaten.

‘Het is daarom noodzakelijk dat besturen en scholen beter beleidsrijk, meerjarig gaan begroten en dat de transparantie in de verslaglegging toeneemt. Wat weer moet leiden tot een betere planning van de inzet van de beschikbare middelen’, aldus de inspectie.

De onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob voegen er in een brief aan de Tweede Kamer aan toe dat schoolbesturen best een negatief resultaat kunnen begroten als zij ‘grote reserves’ hebben. ‘Gespaarde middelen moeten op enig moment worden geïnvesteerd (…), zodat goed, duurzaam onderwijsaanbod in stand blijft’, zo staat in de brief. Wat ‘grote reserves’ precies zijn, staat er niet in vermeld.

Samenwerkingsverbanden passend onderwijs

Bij de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs is volgens de inspectie sprake van ‘een groot verschil (…) tussen begroting en realisatie’. Na een begroot resultaat van ruim 4 miljoen euro volgde in 2017 een feitelijk resultaat van bijna 32 miljoen euro. Dit roept de vraag op ‘in hoeverre de samenwerkingsverbanden hun financiële processen weten te beheersen’.

De inspectie heeft naast De Financiële Staat van het Onderwijs het rapport Zicht op de besteding van de middelen voor passend onderwijs gepubliceerd.

Vrijwillige ouderbijdrage

In het rapport staat ook dat in het primair en voortgezet onderwijs de vrijwillige ouderbijdrage hoger wordt. In het primair onderwijs steeg deze bijdrage van gemiddelde 41 euro in 2013 tot 50 euro per leerling in 2017. In het voortgezet onderwijs ging het gemiddelde bedrag omhoog van 160 naar 204 euro.

Lees meer…

 

 

Kabinet wil combinatie onderwijs en zorg beter regelen

Met een vereenvoudiging van de financiering wil het kabinet de combinatie van onderwijs en zorg beter regelen. In een brief aan de Tweede Kamer staat hoe het kabinet dit wil doen.

Onderwijsminister Arie Slob en zijn collega Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport doen in de brief onder andere de volgende voorstellen:

  • Eén of twee zorgaanbieders per school. Dit is goed voor de continuïteit en kwaliteit van de zorg en kan de administratie verminderen.
  • Duidelijkheid over inzet van zorg in onderwijstijd. Dit moet het gesprek scholen, zorgaanbieders en ouders versoepelen over de zorg voor leerlingen met bijvoorbeeld een meervoudige beperking.

Kern van de maatregelen is het borgen van de kwaliteit van de zorg, het creëren van een zo rustig mogelijke leeromgeving en meer duidelijkheid in regie en verantwoording.

Er staat ook in de brief dat het kabinet de Leerplichtwet wil aanpassen. Kinderen zouden niet langer een vrijstelling kunnen krijgen als niet is gekeken of met maatwerk onderwijs mogelijk is. Verder staat erin dat er meer subsidie komt voor onderwijszorgconsulenten.

In het voorjaar van 2019 verwacht het kabinet te kunnen melden hoe de betere financiering van zorg in onderwijstijd het beste kan worden uitgevoerd. De uitwerking van de overige maatregelen komt aan de orde in rapportages over de Jeugdwet en passend onderwijs.

Naar inclusief onderwijs

De maatregelen die het kabinet wil nemen, kunnen worden gezien als een stap naar inclusief onderwijs. Dit past bij het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs, dat immers openstaat voor alle leerlingen, dus ook voor kinderen met een beperking.

Onafhankelijk toezicht op samenwerkingsverbanden

In de raad van toezicht van elk samenwerkingsverband voor passend onderwijs moet één onafhankelijk lid zitten.

Dat heeft de PO-Raad afgesproken. De leden van de VO-raad stemmen er binnenkort over. Het idee is dat een onafhankelijk lid in de raad van toezicht kritische vragen kan stellen. Dat is goed om discussies los te maken over belangrijke kwesties.

Benchmark reserves

De PO-Raad meldt verder dat er een benchmark komt waarmee samenwerkingsverbanden de hoogte van hun reserves kunnen beoordelen. Als de reserves te groot zijn, worden samenwerkingsverbanden daarop aangesproken.

Ook is afgesproken dat de PO-Raad en VO-raad een publieksversie gaan maken van het dasboard passend onderwijs met gegevens over samenwerkingsverbanden. ‘Op die manier kunnen zij zich beter verantwoorden en krijgt de samenleving beter inzicht in wat ze doen en welke keuzes ze maken, aldus de PO-Raad.

Lees meer…

Later naar sbo, hoger advies vervolgonderwijs

Veel kinderen gaan tegenwoordig pas op latere leeftijd naar het speciaal basisonderwijs (sbo), maar het is niet zo dat zij kwetsbaardere leerlingen zijn. Dat staat in het onderzoeksrapport Kenmerken van leerlingen in het speciaal basisonderwijs 2008-2018.

Er is voor het onderzoek onder andere gekeken naar de leeftijd waarop kinderen naar het sbo gaan en het advies dat zij krijgen voor vervolgonderwijs.

‘Bij instroom op latere leeftijd krijgen leerlingen geen lagere, maar juist hogere adviezen. Dit wijst niet op zwaardere problematiek specifiek bij leerlingen die later instromen in het sbo’, zo melden de onderzoekers.

Aanleiding voor het onderzoek waren signalen vanuit het sbo dat het steeds moeilijker wordt om kinderen goed voor te bereiden op het vervolgonderwijs naarmate ze later instromen. De resultaten van het onderzoek lijken dus te wijzen op het tegenovergestelde.

Het onderzoek maakt deel uit van de Evaluatie passend onderwijs.

Lees meer…

Hoe goed sluit onderwijs aan op jeugdhulp?

Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs zijn over het algemeen negatiever over de aansluiting van onderwijs en jeugdhulp dan gemeenten. Dat blijkt uit een landelijke inventarisatie, die is uitgevoerd in het kader van de evaluatie passend onderwijs.

Uit de landelijk inventarisatie komt naar voren dat het merendeel van de gemeenten en samenwerkingsverbanden op weg is om de aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp tot stand te brengen. Ongeveer de helft zit in de opbouwfase en ongeveer een kwart is bezig met verankering van de samenwerking. Ruim een kwart verkeert echter nog in de start- of oriëntatiefase.

Samenwerkingsverbanden zijn naar eigen zeggen met kerngemeenten wat verder dan met de overige gemeenten in de regio. De aansluiting van jeugdhulp met speciaal onderwijs loopt volgens beide partijen achter op die met het reguliere onderwijs.

De helft van de samenwerkingsverbanden en tweederde tot driekwart van de gemeenten heeft de indruk dat de aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp op dit moment al meerwaarde genereert. Dan gaat het bijvoorbeeld om meer hulp en ondersteuning in de eigen omgeving, minder kinderen die zonder onderwijs thuiszitten en meer maatwerk.

Ruim de helft van de gemeenten ziet nog meer opbrengsten, zoals tevreden ouders, preventie van problematiek bij leerlingen en tijdige inzet van hulp en ondersteuning. De meeste samenwerkingsverbanden zien die opbrengsten echter (nog) niet.

Download de Landelijke inventarisatie aansluiting onderwijs en jeugdhulp 2018.

Samenwerkingsverbanden afschaffen goed idee?

In de Tweede Kamer klinkt de roep om voor schoolbesturen de wettelijke verplichting te schrappen om aangesloten te zijn bij één of meer samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. Wat vindt u? Is dat een goed idee?

Schoolbesturen zijn volgens de Wet passend onderwijs verplicht om met elkaar in een samenwerkingsverband te zitten. Dat heeft tot taak om tot een dekkend aanbod van te komen, zodat er voor elke leerling in de regio een passend onderwijsaanbod kan worden gerealiseerd. Als het zo is dat een schoolbestuur scholen heeft in meer dan één regio, moet het bestuur deelnemen in meer dan één samenwerkingsverband.

In de Tweede Kamer wordt deze manier van werken gezien als een bureaucratische belasting. Kamerlid Lisa Westerveld van GroenLinks wil dat de samenwerkingsverbanden worden afgeschaft. Dat zou volgens haar de scholen meer vrijheid geven om zonder wat zij als een bureaucratische tussenlaag ziet te komen tot een passend onderwijsaanbod in de regio.

D66 profileert zich in de Tweede Kamer als de grootste tegenstander van de samenwerkingsverbanden. Paul van Meenen wees er in de Tweede Kamer op dat zijn partij altijd al tegen het idee is geweest om samenwerkingsverbanden in te richten. Volgens hem loopt het helemaal niet goed met passend onderwijs en ligt dat aan de samenwerkingsverbanden.

Wat vindt u?

VOS/ABB wil graag weten hoe u denkt over het idee om voor scholen de wettelijke verplichting te schrappen om bij één of meer samenwerkingsverbanden aangesloten te zijn. Is dat een goed idee? En waarom vindt u dat (niet)?

U kunt uw reactie mailen aan senior beleidsmedewerker Rozemarijn Boer van VOS/ABB: rboer@vosabb.nl.

Debat over ‘Diagnosedrift’ en labelcultuur

Ter gelegenheid van de presentatie van het nieuwe boek ‘Diagnosedrift’ is er op woensdagavond 31 oktober in Amsterdam een debatavond over labelcultuur in het onderwijs.

Journalist Sanne Bloemink is voor haar boek op zoek gegaan naar de oorzaken en gevolgen van het toenemende aantal diagnoses in het onderwijs. Ze sprak met ouders, leraren, psychiaters en andere experts en ontdekte dat het versmallen van de grenzen van ‘wat normaal is’ grote gevolgen heeft.

Steeds meer psychiatrische diagnoses

Enkele deskundigen die in het boek aan het woord komen, nemen deel aan het debat op 31 oktober. Zij spreken over het stijgende aantal psychiatrische diagnoses en de vele toegekende labels als dyslexie en hoogbegaafdheid en vragen zich af: waar komt deze explosie vandaan?’ De sprekers zijn Floor Scheepers, hoogleraar innovatie in de GGZ en hoofd van de afdeling psychiatrie in het UMC Utrecht, Trudy Dehue, emeritus hoogleraar Theorie en geschiedenis van de psychologie aan de Universiteit Groningen en Bert Wienen, psycholoog en onderwijskundige, die promotieonderzoek doet naar de rol van diagnoses in het onderwijs.
De boekpresentatie met debat in Spui25 duurt van 20 tot 21.30 uur en is gratis toegankelijk, maar aanmelden is wel noodzakelijk. Meer informatie en aanmelden

Passend onderwijs zonder diagnoses

VOS/ABB heeft in het oktobernummer van magazine Naar School! aandacht besteed aan een openbare basisschool die weigert diagnoses te stellen. Het is de Nieuweschool in Panningen, waar elk kind passend onderwijs volgt zonder een label opgeplakt te krijgen. Bovendien scoort deze school een extreem laag ziekteverzuim onder het personeel. Lees het artikel ‘Passend onderwijs kan slagen’ uit Naar School! nr 15.

Trauma’s herkennen bij (vluchtelingen)kinderen

Het vijfde Congres (Psycho)Trauma op 28 maart 2019 staat in het teken van het herkennen van trauma’s bij kinderen en jongeren en de mogelijkheden die professionals hebben om het verschil te maken.

Het programma is bedoeld voor onder anderen docenten. Aan bod komen vragen als:
* hoe ondersteunt u vluchtelingenkinderen op school?
* hoe herkent u een trauma bij vluchtelingenkinderen?
* wat is het juiste moment om naar een eventueel trauma te vragen?
* hoe kunt u die vragen het beste formuleren?
* wat is de effectiviteit van therapie bij getraumatiseerde vluchtelingen?
* hoe zorgt u voor snelle opvang na seksueel misbruik?
* wat zijn de psychische gevolgen van ongevallen bij kinderen en jongeren?
* wat is de invloed op een kind van destructieve conflicten tussen ouders?

Deelname aan dit congres in Aristo in Amsterdam kost 295 euro. Wie vroeg inschrijft ontvangt 10 procent early bird-korting. Meer informatie

 

 

Ieder kind welkom: stop met stickeren!

Passend onderwijs kan wel degelijk slagen. Dat bewijst de Nieuweschool in het Limburgse Panningen. In het oktobernummer van ons magazine Naar School! staat een artikel over deze openbare school waar werkelijk ieder kind welkom is, ongeacht afkomst of special needs.

De Nieuweschool doet niet mee aan het diagnosticeren van leerlingen. Alle kinderen zijn gelijk en ze doen allemaal mee. Opmerkelijk: op deze openbare school zijn geen klachten over hoge werkdruk en het ziekteverzuim is er extreem laag.

Kinderen bloeien op

Directeur Johan van den Beucken van de Nieuweschool vertelt in het VOS/ABB-magazine dat hij niet wil stickeren met ADHD, autisme, PDD-NOS of wat dan ook. ‘Wél krijgt elk kind de aanpak die bij hem of haar past, waardoor elk kind zich ontwikkelt. Onze leerkrachten werken daarvoor nauw samen met de IB’er. Ons onderwijs is sterk gedifferentieerd. En dat werkt. We zien goede resultaten en ik zie sommige kinderen hier echt opbloeien’, zo legt Van den Beucken uit.

De Nieuweschool heeft er heel bewust voor gekozen om leerlingen niet te diagnosticeren, hoewel de school daardoor geld misloopt. ‘We hebben hier heel wat kinderen die op andere scholen wél een etiket zouden krijgen. Als ik al die diagnoses wél officieel zou laten stellen, dan levert dat veel geld op. Dat is volgens mij ook de reden waarom zoveel kinderen tegenwoordig een of andere diagnose krijgen. Aanbod creëert vraag.’

Kwestie van cultuur

Van den Beucken vindt eigenlijk dat de geldstroom de andere kant op moet lopen: leerkrachten die geen diagnoses laten stellen en er toch voor zorgen dat hun leerlingen een goede ontwikkeling laten zien, zouden beloond moeten worden. ‘Dat zou ik mijn leerkrachten ook enorm gunnen. Want natuurlijk is het hier ook wel eens heavy. Maar hé, het leven is nu eenmaal soms wat makkelijker en soms wat moeilijker. Zo staan wij er hier allemaal in, het is een kwestie van cultuur.’

Download het artikel Nieuweschool bewijst: passend onderwijs kan slagen.

Kabinet zet in op goed onderwijs voor iedereen

Het kabinet investeert in ‘goed toegankelijk onderwijs voor iedereen’, omdat dat ‘cruciaal is voor de toekomst van de Nederlandse kennissamenleving’. Dat staat in de begrotingsstukken van het ministerie van OCW, die op Prinsjesdag zijn gepubliceerd.

Het kabinet schrijft in de begrotingsstukken dat de samenleving veel verwacht van het onderwijs, maar ook dat het beseft dat scholen niet alle maatschappelijke problemen kunnen oplossen. De primaire taak van het onderwijs is, aldus het kabinet, ‘kinderen en jongeren tot bloei te laten komen en voor te bereiden op de verantwoordelijkheden die ze in de toekomst zullen dragen’.

Daarbij hoort nadrukkelijk ‘goed toegankelijk onderwijs (…) waarin ieder kind tot zijn recht komt en zijn gaven en talenten kan ontwikkelen’. Daarom zegt het kabinet in te zetten ‘op gelijke onderwijskansen’, waarbij het vijf punten noemt:

  • Vroeg- en voorschoolse educatie: het aantal uren voorschoolse educatie aan kinderen die risico lopen op onderwijsachterstanden kan worden uitgebreid van 10 naar 16 uur per week en de kwaliteit kan worden verhoogd door inzet van hbo’ers.
  • Onderwijsachterstandenbeleid: het budget voor onderwijsachterstanden wordt ‘beter over het land’ verdeeld. Er gaat minder onderwijsachterstandengeld naar de grote gemeenten en meer naar kleine gemeenten.
  • Talentontwikkeling: in 2019 komt er in het kader van passend onderwijs subsidie voor onderwijs aan hoogbegaafde kinderen.
  • Kansengelijkheid: het aantal lokale allianties om kansengelijkheid te bevorderen wordt uitgebreid. Hierin zitten onder andere schoolbesturen.
  • Curriculumherziening primair en voortgezet onderwijs: in 2019 wordt de ontwikkelfase afgerond, gevolgd door politieke besluitvorming.

Het kabinet meldt verder dat het extra investeert in de versoepeling van de overgang van het primair naar het voortgezet onderwijs. Daarbij worden de doorgaande leerlijn en de zogenoemde 10-14-scholen genoemd, voor kinderen van 10 tot en met 14 jaar.

Over passend onderwijs merkt het kabinet op, dat het eigenaarschap daarvan moet worden ‘gevoeld door leraren en scholen’ en dat het geld hiervoor ‘echt in de klas’ terecht moet komen. Ouders krijgen ondersteuning in het gesprek met scholen, er komt onafhankelijk toezicht op de samenwerkingsverbanden en de combinatie van onderwijs en (zware) zorg wordt gemakkelijker.

Leraren

Goede en sterke leraren zijn onmisbaar voor goed onderwijs en dat is ‘de reden dat dit kabinet zoveel in hen investeert’, zo staat in de begroting. Het kabinet noemt in dit kader ook ‘het harde werk van dienstbare bestuurders, schoolleiders,  onderwijsondersteuners en conciërges’.

Het lerarentekort is, zo staat in de stukken, ‘een grote uitdaging’ die al tot veel actie heeft geleid om het tegen te gaan. ‘Dat doen we samen met werkgevers, vakbonden, lerarenopleidingen, gemeenten, transfercentra en vele anderen.’ Als voorbeelden van acties die al worden ondernomen, noemt het kabinet het verhogen van de in-, door- en uitstroom van de lerarenopleidingen, het bevorderen van zij-instroom, het behouden van leraren en het activeren van stille reserve.

Ook worden ‘het verbeteren van de beloning en het carrièreperspectief’ genoemd, waarbij het kabinet ingaat op de salarisverhoging in het primair onderwijs en het geld voor de verlaging van de werkdruk in het onderwijs. ‘Daardoor wordt het beroep van leraar aantrekkelijker’, aldus het kabinet.

Ga naar de OCW-begroting 2019

Later deze week komt VOS/ABB met een grondige analyse van de cijfers in het OCW-begroting 2019. Deze analyse wordt gemaakt door onze financieel experts Ronald Bloemers en Ron van der Raaij.

Toolbox: Kijkdozen 2017-2018 geactualiseerd

Nu de definitieve bedragen voor de personele bekostiging 2017-2018 zijn gepubliceerd, zijn de bedragen in de Kijkdozen voor samenwerkingsverbanden primair en voortgezet onderwijs en voor (voortgezet) speciaal onderwijs geactualiseerd. Ze zijn in de map Samenwerkingsverbanden van onze online Toolbox geplaatst.

In de Kijkdozen is een stevige verhoging verwerkt, doordat de indexering van de gemiddelde personeelslast (GPL) meer dan 5 procent bedraagt. Omdat het gaat om definitieve bedragen, kan de overdrachtsverplichting nu volledig worden afgerekend.

U kunt de aangepaste Kijkdozen downloaden:

De Tweede Regeling bekostiging personeel 2018-2019 zal zeer binnenkort verschijnen. Ook daarin is sprake van een stevige verhoging van de GPL (zo’n 3 procent). Dit zal worden verwerkt in de Kijkdozen 2018-2019.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Focus op Geschillencommissie Passend Onderwijs

Het verdient aanbeveling naar exclusiviteit van de Geschillencommissie Passend Onderwijs (GPO) te streven, door de weg naar het College voor de Rechten van de Mens en de klachtencommissies af te snijden. Dit advies staat in het rapport De zorgplicht in passend onderwijs en de juridische handhaving daarvan.

Met exclusiviteit van de GPO wordt volgens de opstellers van het rapport een maximaal rendement bereikt van de oordelen van deze geschillencommissie. Zo zal op termijn ook duidelijk worden waar ouders terecht kunnen als zij op het gebied van passend onderwijs problemen hebben met het bevoegd gezag.

In het rapport staat ook het advies om de status van de GPO te wijzigen van tijdelijk naar permanent.

Lees meer…