‘Passend onderwijs is extra werk’

Wat is passend onderwijs? ‘Extra werk’, zo luidt het antwoord van een aantal leraren van het openbare Jan van Egmond Lyceum in Purmerend in de publicatie De bomen en het bos – Leraren en ouders over passend onderwijs.

Journalist Jelle van der Meer sprak voor de publicatie met leraren en ouders over hun ervaringen met passend onderwijs. Zo ging hij in gesprek met leraren van het openbare Jan van Egmond Lyceum, dat deel uitmaakt van de Purmerendse Scholengroep.

Het extra werk waar zij het over hebben, bestaat eruit dat ze rekening moeten houden met verschillende leerlingen. Zo heeft een van de geïnterviewden dertien leerlingen met dyslexie in de klas, een andere leraar heeft er zeven. Ook zijn er volgens hen steeds meer leerlingen met gedragsproblemen en ook nog hoogbegaafde leerlingen.

‘Het is altijd schipperen, zeker als je ook de middengroep wilt bedienen, daar zitten ook kinderen tussen met problemen maar zonder label’, zo citeert Van der Meer een van hen. Ze hebben twijfels over differentiëren: ‘Kan je meerdere heren dienen: de speciale en de gewone en de toplaag?’ De conclusie van de geïnterviewde leraren is dat homogene groepen prettiger zijn.

Lees meer…

De publicatie De bomen en het bos. Leraren en ouders over passend onderwijs maakt deel uit van het Evaluatieprogramma Passend Onderwijs. 

Hoe zit het met btw-vrijstelling bij SWV’s en IKC’s?

De Helpdesk van VOS/ABB krijgt geregeld vragen over btw-vrijstelling voor activiteiten van samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Ook wordt vaak advies gevraagd over hoe het zit met btw-vrijstelling bij uitwisseling van personeel binnen integrale kindcentra (IKC’s).

Bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van btw-vrijstelling voor activiteiten die voortvloeien uit het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband passend onderwijs, moet grote zorgvuldigheid worden betracht.

In zijn Kamerbrief van 15 september 2015 gaf staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën aan dat de tijdelijke vrijstelling tot 1 augustus 2016 ook na die datum van kracht blijft.

Het is daarbij van belang op te merken dat wat betreft activiteiten richting schoolbesturen het samenwerkingsverband wordt aangewezen als sociaal culturele instelling. De activiteiten van schoolbesturen richting het samenwerkingsverband worden ondergebracht onder de onderwijsvrijstelling, zo meldt ook de PO-Raad.

De Helpdesk wijst erop dat aan het gebruik van btw-vrijstellingen strikte voorwaarden zijn verbonden. Er moet altijd worden aangetoond dat aan al die voorwaarden is voldaan!

De technische uitwerking van de regeling vindt u op bladzijden 7 en 8 van de Kamerbrief.

Btw-vrijstelling en IKC

In een Kamerbrief van 8 juli jongstleden gaat Wiebes in op de btw-regeling bij uitwisseling van personeel bij samenwerking tussen een onderwijsinstelling, kinderopvang, voor- en vroegschoolse educatie, sportvereniging en huiswerkbegeleiding. Deze informatie is van belang voor integrale kindcentra (IKC’s).

De staatssecretaris maakt in zijn brief duidelijk dat het niet mogelijk is om alle genoemde vormen van uitwisseling van personeel van btw vrij te stellen. Het moet per geval worden beoordeeld of de werkzaamheden als geheel genomen te kwalificeren zijn als één ondeelbare onderwijsprestatie. Als dit niet het geval is, is het uitlenen van het personeel in beginsel belast met btw.

Een algemene vrijstelling van btw bij samenwerking binnen een IKC is dus niet aan de orde!

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

SP ziet stress en demotivatie in speciaal onderwijs

De SP meldt dat mensen die in het speciaal onderwijs werken, gebukt gaan onder de werkdruk die zij ervaren.

De SP heeft een onderzoek uitgevoerd onder docenten, schoolleiders en begeleiders in het speciaal onderwijs. Bij de invoering van het passend onderwijs is er volgens de socialisten vooralsnog ‘weinig oog geweest voor de gevolgen van de veranderingen voor het speciaal onderwijs’.

Ondanks het feit dat het overgrote deel van de werknemers in het speciaal onderwijs positief of zeer positief is over het werk, heeft volgens de SP meer dan de helft minder plezier gekregen in het werk. Voornaamste redenen hiervoor zijn de werkdruk, administratieve taken en onvoldoende tijd om leerlingen te begeleiden.

Dit leidt volgens de SP tot stress en demotivatie onder mensen die in het speciaal onderwijs werken.

Leraren willen meer met passend onderwijs

Leerkrachten in het primair onderwijs beschikken over het algemeen over voldoende pedagogische en organisatorische competenties om leerlingen met speciale onderwijsbehoeften les te geven in het kader van passend onderwijs. Toch denkt een kwart van hen deze leerlingen niet te kunnen bieden wat ze nodig hebben. Nascholing is vooral gewenst op het gebied van kennis van leerlijnen, differentiatie en omgaan met gedragsproblemen.

In het onderzoeksrapport Passende competenties voor passend onderwijs van het Kohnstamm Instituut, bureau ITS van de Radboud Universiteit en de Hogeschool Leiden staat verder dat leraren complexe vaardigheden nodig hebben om maatwerk te leveren aan zorgleerlingen. ‘Zo moeten leerkrachten op pedagogisch gebied bijvoorbeeld niet alleen leerlingen motiveren, maar ook zorgleerlingen eigen verantwoordelijkheid geven. Of op vakinhoudelijk en didactisch gebied niet alleen uitdagend les kunnen geven, maar ook voldoende kennis hebben van remediërende middelen’, melden de onderzoekers.

Leerkrachten zien het tot op zekere hoogte als een uitdaging om zorgleerlingen les te geven, zo staat in het rapport. ‘Toch denkt een kwart deze kinderen niet te kunnen bieden wat ze nodig hebben. Dit komt overeen met eerder onderzoek: leraren leggen voor zichzelf de lat vrij hoog en vinden soms al gauw dat ze tekortschieten. Een derde voelt zich overbelast door het onderwijs aan zorgleerlingen. Maar werkdrukervaring lijkt daarbij eigenlijk een groter probleem te zijn dan onvoldoende competenties.’

In het rapport staat dat tweederde van de leerkrachten zelf bepaalde competenties verder wil ontwikkelen, vooral op het gebied van omgaan met gedragsproblemen. Ze willen zich ook meer bekwamen op vakinhoudelijk en didactisch gebied.

Passend onderwijs loopt goed, maar is nog niet af

Door het jaar heen zijn scholen, ouders en samenwerkingsverbanden beter bekend geraakt met de wet- en regelgeving en beginnen zij de ruimte te gebruiken die hun hiermee wordt geboden. Dat staat in de zevende voortgangsrapportage over passend onderwijs, die staatssecretaris Sander Dekker van OCW naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

In de voortgangsrapportage staat onder andere dat leerlingen die zonder onderwijs thuiszitten steeds beter in beeld komen: ‘Onderwijs en gemeenten registreren beter over welke leerlingen het gaat en maken afspraken over hoe voor alle leerlingen een passende plek gevonden kan worden. Meer dan de helft van de samenwerkingsverbanden organiseert, al dan niet met de gemeenten, een doorzettingsmacht om een plek te realiseren als de partijen er samen niet uit komen. Concreet betekent dit dat één persoon mandaat heeft gekregen om een passend aanbod te doen.’

De rapportage gaat ook in op de maatregelen die zijn genomen om de knelpunten op te lossen die scholen en ouders ervaren in het onderwijs voor leerlingen met een ernstige meervoudige beperking. Dit voorjaar was daar veel discussie over. ‘Naar aanleiding daarvan is een regeling gemaakt voor aanvullende bekostiging, is er één formulier waarmee voor deze groep leerlingen een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal onderwijs kan worden aangevraagd en kunnen ouders en scholen een beroep doen op de onderwijszorgconsulenten om bij onenigheid samen tot een oplossing te komen.’

Hoewel er dus positieve ontwikkelingen zijn, is passend onderwijs nog niet af. ‘Scholen en samenwerkingsverbanden leren van hun ervaringen en kunnen daarmee hun werkwijze verbeteren. De komende periode staat in het teken van het doorontwikkelen van passend onderwijs.’

Ondersteuning VOS/ABB
VOS/ABB kan op het gebied van passend onderwijs ondersteuning bieden aan schoolbesturen en samenwerkingsverbanden. U kunt daarvoor contact opnemen met Anna Schipper (06-30056066, aschipper@vosabb.nl).

U kunt natuurlijk ook bellen of mailen met de Helpdesk van VOS/ABB: 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl.

Zelfevaluatie en quickscan passend onderwijs

VOS/ABB heeft een handreiking gemaakt die samenwerkingsverbanden passend onderwijs kunnen gebruiken voor zelfevaluatie. Bij de handreiking zit een praktische quickscan.

De samenwerkingsverbanden zijn nu bijna een schooljaar bezig om hun weg te vinden in de nieuwe organisatie van passend onderwijs. Het was een schooljaar van overgangen, waarin oude werkwijzen werden vervangen door nieuwe.

Nu het einde van het eerste schooljaar met passend onderwijs nadert, is het tijd de ontwikkelingen van afgelopen jaar te evalueren. Hoe zijn deze verlopen en waar zijn nog verbeteringen denkbaar of nodig?

De beleidsmedewerkers Anna Schipper en Simone Baalhuis van VOS/ABB hebben de handreiking voor zelfevaluatie geschreven. Er worden verschillende domeinen benoemd, zoals governance, management & organisatie, communicatie en resultaten.

Bij de handreiking zit een quickscan om snel een overzicht te krijgen van het reilen en zeilen van het samenwerkingsverband.

De handreiking en quickscan kunnen door samenwerkingsverbanden die bij VOS/ABB zijn aangesloten worden gedownload uit het besloten gedeelte van deze website:

Handreiking en quickscan passend onderwijs 

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Passend onderwijs niet bedoeld om sbo in stand te houden

‘Uitgangspunt is dat er voor elke leerling een passend aanbod is; het doel is niet om bepaalde voorzieningen in stand te houden.’ Daarmee reageert staatssecretaris Sander Dekker van OCW op Kamervragen van de SP over passend onderwijs en het speciaal basisonderwijs (sbo), dat volgens die partij onder druk staat.

SP-Kamerlid Tjitske Siderius had Dekker gevraagd of hij het ‘wenselijk acht’ dat door de invoering van passend onderwijs het sbo ‘onder grote druk is komen te staan’. Volgens Siderius, die zich voor haar vragen baseerde op berichten uit de media, vreest het personeel in het sbo voor het voortbestaan van dit type onderwijs.

De staatssecretaris erkent dat er in het sbo sprake is van een dalende trend, maar hij laat Siderius zien dat die trend al is ingezet voordat passend onderwijs werd ingevoerd. ‘Deze daling kan dus niet aan passend onderwijs worden toegeschreven. Sinds de invoering van Weer Samen Naar School (WSNS) in 1998 wordt sterker gekeken of het sbo wel echt de beste plek is voor de leerling of dat deze ook op een reguliere basisschool terecht kan’, aldus Dekker.

Hij wijst er ook op dat het uitgangspunt van passend onderwijs is dat er voor elke leerling een passend aanbod is. ‘Het doel is niet om bepaalde voorzieningen in stand te houden’, benadrukt hij. ‘In de regio moet worden bezien wat er nodig is om tot een dekkend aanbod voor alle leerlingen te komen. Ik ga dan ook geen extra maatregelen nemen ten aanzien van het sbo.’

Dekker wil minder tijdelijke contracten

Verreweg de meeste werknemers in het onderwijs hebben een vast contract: rond de 90 procent. Toch wil staatssecretaris Dekker het aantal tijdelijke contracten en payrolling nog verder terugdringen. Scholen moeten andere manieren vinden om vervanging bij ziekte te regelen.

Dit blijkt uit een brief die Dekker vandaag aan de Tweee Kamer heeft gestuurd, samen met de resultaten van het onderzoek ‘Flexibele arbeid in primair en voortgezet onderwijs’. Dit rapport is opgesteld door onderzoeksbureau Ecorys en geeft inzicht in het gebruik van flexibele contracten in zowel het primair als het voortgezet onderwijs.

Uit de cijfers blijkt dat de flexibele schil in het onderwijs kleiner is dan in de markt- en publieke sector, waar 85 procent van de werknemers een vast contract heeft. Scholen zetten tijdelijke werknemers in om de continuïteit van het onderwijs te waarborgen, bijvoorbeeld in geval van ziekte van een docent.

Wet werk en zekerheid
Door de nieuwe Wet werk en zekerheid (Wwz), die op 1 juli 2015 in werking treedt, zal er minder ruimte komen voor flexibele arbeidscontracten. Dat is ook het doel van het huidige kabinetsbeleid en eveneens de strekking van een motie van de kamerleden Van Dijk en Ypma. In deze motie verzochten zij flexibele contracten en payrolling op scholen zoveel mogelijk terug te dringen.

Volgens Dekker gaat dat zeker gebeuren na de inwerkingtreding van de Wwz, en daarom zijn geen aanvullende maatregelen nodig. Volgens Dekker blijven er voldoende mogelijkheden voor schoolbesturen om noodzakelijke vervanging te kunnen realiseren. Hij schrijft daarover: ‘Scholen kunnen op ad-hoc basis gaan samenwerken en gebruikmaken van elkaars capaciteit in geval van ziekte. Een andere mogelijkheid is dat een aantal scholen gezamenlijk een arbeidspool in het leven roept. Daar kan dan bij onverwachte omstandigheden een beroep op worden gedaan. Ook denkbaar is dat scholen docenten aanstellen voor iets meer uren dan noodzakelijk voor de functie. Die extra tijd kan ingezet worden voor vervanging’.

In haar rapport meldt bureau Ecorys overigens dat veel schoolbesturen nog niet goed op de hoogte zijn van de gevolgen die de invoering van de Wwz voor hen zal hebben.

De volledige brief van staatssecretaris Dekker aan de Tweede Kamer.

 

 

Uitleg over btw-vrijstelling passend onderwijs

Het ministerie van OCW geeft puntsgewijs antwoord op vragen over de btw-vrijstelling voor passend onderwijs.

De btw-vrijstelling voor passend onderwijs geldt met ingang van 1 augustus jongstleden tot 1 augustus 2016 voor werkzaamheden die samenwerkingsverbanden en scholen verrichten als uitvloeisel van het ondersteuningsplan. De btw-vrijstelling geldt ook voor detachering van personeel voor zover die voortvloeit uit het ondersteuningsplan.

De btw-vrijstelling geldt in principe niet voor instellingen in de clusters 1 en 2 en mbo-instellingen, omdat die geen deel uitmaken van het samenwerkingsverband.

Het is nog niet duidelijk hoe het zit met de btw na 1 augustus 2016.

Download de uitleg van het ministerie van OCW.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Ook swv’s blijven nog gevrijwaard van btw bij detachering

Tot 1 augustus 2016 blijft het onderwijs gevrijwaard van btw bij de detachering van personeel. De huidige regelgeving hiervoor verandert tot die tijd niet, zo heeft staatssecretaris Sander Dekker van OCW donderdag gezegd tijdens een algemeen overleg met de Tweede Kamer over passend onderwijs. De toezegging heeft onder andere betrekking op de nieuwe samenwerkingsverbanden.

Dekker heeft btw-overleg gehad met zijn collega Eric Wiebes van Financiën. Uit dat overleg is naar voren gekomen dat er tot 1 augustus 2016 niets verandert rondom btw en de detachering van onderwijspersoneel. Omdat de huidige regelgeving in strijd is met Europese wetgeving, moet er op termijn wel wat veranderen, zo zei Dekker. Hij kwam tijdens het algemeen overleg over passend onderwijs ook met andere toezeggingen:

  • Over een jaar komt er een bureaucratietoets die wordt uitgevoerd door een zogenoemde Kafkabrigade.
  • De Inspectie van het Onderwijs gaat toezicht houden op de tijdelijke voorzieningen (Orthopedagogische en Didactische Centra of OPDC’s). Die moeten goed onderwijs geven en voor de betreffende leerlingen echt van tijdelijke aard zijn.
  • Er komt een onderzoek naar de onafhankelijkheid van de commissies voor de indicatiestelling in de clusters 1 en 2. Na de zomervakantie zal Dekker de Tweede Kamer informeren over de uitkomst van dit onderzoek.
  • OCW gaat in gesprek met de instellingen in de clusters 1 en 2 over mogelijkheden voor (mede)zeggenschap voor ouders van kinderen die ambulante begeleiding krijgen in het reguliere onderwijs.
  • Na een jaar komt er een themaonderzoek naar hoogbegaafdheid en passend onderwijs. Daarnaast wordt hoogbegaafdheid binnen passend onderwijs in het vervolg standaard opgenomen in de voortgangsrapportage. Er komt een platform voor het uitwisselen van goede voorbeelden omtrent hoogbegaafdheid.
  • OCW neemt contact op met brancheorganisatie Ingrado om in het kader van passend onderwijs tot goede instructies te komen voor leerplichtambtenaren.
  • De registratie van thuiszitters moet worden verbeterd. Daar is nu een onderzoek naar gaande. De uitkomsten hiervan worden in augustus naar de Tweede Kamer gestuurd.
  • OCW gaat om de tafel met de sectororganisaties PO-Raad en VO-raad, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en andere betrokkenen en belanghebbenden om afspraken te maken over gedeelde verantwoordelijkheid bij medische handelingen in de school. De Tweede Kamer wordt hierover in het najaar geïnformeerd. Er komt overleg met het Diabetes Fonds in verband met medische handelingen en leerlingen die worden geweigerd omdat ze suikerziekte hebben.
  • Dekker gaat met minister Lodewijk Asscher en staatssecretaris Jette Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) overleggen voor een goede overgang van leerlingen uit het praktijkonderwijs naar de sociale werkplaats.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Samenwerkingsverbanden klaar voor passend onderwijs

De samenwerkingsverbanden zijn klaar voor de invoering van passend onderwijs, maar het schort nog wel aan de informatie aan ouders en onderwijspersoneel. Dat blijkt uit de Vijfde voortgangsrapportage.

‘Alle mijlpalen zijn gehaald en die prestatie van de samenwerkingsverbanden is een compliment waard’ en er is ‘voldoende vertrouwen in een succesvolle start’, zo staat in de voortgangsrapportage. Passend onderwijs wordt op 1 augustus ingevoerd, als het schooljaar 2014-2015 officieel begint.

Maatwerk
In de voortgangsrapportage staat ook dat de ondersteuningsplannen grote diversiteit laten zien. ‘De verschillen zorgen ervoor dat aangesloten kan worden bij de lokale situatie en maatwerk voor leerlingen mogelijk wordt’.

Per 1 augustus zal er nog weinig veranderen: ‘Samenwerkingsverbanden kiezen voor een geleidelijke overgang, waarbij de komende jaren een doorontwikkeling zal plaatsvinden’. Dit betekent dat het nieuwe schooljaar grotendeels begint zoals het huidige wordt beëindigd: ‘De begeleiding aan leerlingen die nu een rugzakje hebben wordt bijvoorbeeld veelal voortgezet.’

Informatie
Belangrijk aandachtspunt voor de komende periode, zo vervolgt de voortgangsrapportage, is het informeren en betrekken van ouders en onderwijspersoneel. ‘Uit de tweede meting onder ouders blijkt dat zij iets beter weten wat passend onderwijs betekent in vergelijking met de meting uit februari.’

Ouders van leerlingen met een rugzakje die aan hebben gegeven nog niet in contact te zijn met de school, ontvangen binnenkort een brief waarin opgeroepen wordt in gesprek te gaan met school. Ouders kunnen daarbij ondersteuning vragen bij het steunpunt passend onderwijs voor ouders.

Onderwijspersoneel wil graag weten wat er komend schooljaar in hun eigen klas verandert. ‘Zij zijn onzeker over de ambigue boodschappen die zij krijgen: via officiële kanalen horen zij dat er vooralsnog weinig verandert, maar het beeld in de media zorgt voor onrust.’

Rust
Het ministerie van OCW roept scholen en onderwijspersoneel daarom nogmaals op om duidelijkheid te creëren over wat er voor leraren in de klas verandert. ‘Het geeft leraren rust als zij weten dat er op hun school komend schooljaar nog weinig verandert’, zo staat in de voortgangsrapportage.

Tweede meting monitor passend onderwijs

De tweede meting van de monitor over de invoering van passend onderwijs is dinsdag van start gegaan.

In februari was de eerste meting. Daaruit bleek dat ruim 8 op de 10 ouders behoefte hadden aan meer informatie over passend onderwijs. Ook kwam uit de eerste meting dat de meeste leraren vonden dat de school en zijzelf nog niet voldoende waren voorbereid. De nieuwe meting moet uitwijzen of de situatie is verbeterd.

De monitor over de invoering van passend onderwijs is een initiatief van het ministerie van OCW, dat hiervoor samenwerkt met de sectororganisaties PO-Raad, VO-raad, de schoolleidersvakbond AVS en ouder- en vakorganisaties.

Passend onderwijs wordt op 1 augustus aanstaande ingevoerd.

Meerderheid ouders vreest invoering passend onderwijs

Zeventig procent van de ouders vreest dat leraren niet zijn toegerust om een kind met een beperking in een reguliere klas les te geven. Dat blijkt uit onderzoek dat bureau Centron heeft uitgevoerd in opdracht van het NCRV-programma ‘Altijd wat’.

Uit het onderzoek blijkt ook dat 61 procent van de ouders bang is dat hun kind minder aandacht krijgt als er meer kinderen met een beperking in de klas komen. Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek heeft Balans, de oudervereniging van kinderen met een leer- of gedragsstoornis, een brandbrief aan staatssecretaris Sander Dekker van OCW gestuurd.

In ‘Altijd wat’ was dinsdagavond een reportage te zien over drie leerlingen die een keuze moeten maken tussen regulier en speciaal onderwijs.

Besturen gaan over inzet professionaliseringsgeld

‘Zeker voor wat de prestatiebox betreft liggen er bestuurlijke afspraken dat het geld ook echt ingezet wordt voor de doelen die we hebben afgesproken in de bestuursakkoorden uit 2011-2012.’ Dat antwoordt staatssecretaris Sander Dekker van OCW op Kamervragen over de invoering van passend onderwijs.

SP-Kamerlid Jasper van Dijk had Kamervragen gesteld naar aanleiding van een bericht van de Algemene Onderwijsbond (AOb). Daarin stond dat de scholen nog niet klaar zijn voor de invoering van passend onderwijs per 1 augustus 2014.

Een van de vragen had betrekking op de inzet van de professionaliseringsgelden. Hierop antwoordt Dekker dat schoolbesturen verantwoordelijk voor de inzet van dat geld. ‘Dit budget is voor een deel ondergebracht in de lumpsum, en daarbinnen weer voor een deel in de prestatiebox van de schoolbesturen en wordt verantwoord in het jaarverslag en de bijbehorende jaarrekening van de schoolbesturen’, aldus de staatssecretaris.

Hij wijst erop dat de controle zowel op het niveau van de jaarrekening als op dat van het personeel zelf ligt. ‘Het personeel heeft via de medezeggenschapsraad een adviesbevoegdheid op de vaststelling of wijziging van de hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid en kan in die zin ook controleren of het geld wordt uitgegeven waarvoor het bestemd is.’

Klassengrootte
Van Dijk had ook een vraag gesteld over de klassengrootte in het reguliere onderwijs die als gevolg van de invoering van passend onderwijs zou toenemen. Dekker relativeert die angst: ‘Als samenwerkingsverbanden ervoor kiezen op termijn minder naar het speciaal onderwijs te verwijzen, ontstaat er meer ruimte voor extra ondersteuning in het regulier onderwijs. Bijvoorbeeld voor extra handen in de klas, het inrichten van speciale arrangementen of het kleiner maken van klassen.’

Het is volgens de staatssecretaris een misvatting dat er ten gevolge van passend onderwijs per klas drie tot vier extra leerlingen bij komen. ‘Zelfs in het theoretische geval dat alle leerlingen uit het speciaal onderwijs teruggeplaatst zouden worden naar het regulier onderwijs, hetgeen in de praktijk geenszins het geval zal zijn, verandert de klassengrootte hiermee heel beperkt.’

‘Heel beperkt’ wordt door Dekker gekwantificeerd: ‘Wanneer de bestaande 70.000 plekken in het speciaal onderwijs niet meer zouden bestaan, betekent dit dat er in het basisonderwijs per school gemiddeld vier leerlingen bij komen op een gemiddelde van 213 leerlingen per school. In het voortgezet onderwijs gaat het om gemiddeld 28 leerlingen per vestiging op een gemiddelde van 700 leerlingen per vestiging.’

In dit theoretische geval zou de klassengrootte volgens hem zelfs naar beneden kunnen gaan, ‘omdat de middelen van het speciaal onderwijs dan ook in het regulier onderwijs ingezet zouden worden. Die middelen zouden dan kunnen worden ingezet voor kleinere klassen.’

Samenwerkingsverband: mensen in dienst of gedetacheerd?

Wat komt erbij kijken als het samenwerkingsverband passend onderwijs zelf personeel in dienst neemt of als het schoolbestuur besluit om personeel bij het samenwerkingsverband te detacheren?

Mr. Céline Adriaansen en mr. José van Snek van de Helpdesk van VOS/ABB hebben hier een notitie over geschreven. Als lid van VOS/ABB kunt u de notitie downloaden.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Passend onderwijs: instemmingsrecht ouders geregeld

Ouders krijgen instemmingsrecht op het handelingsdeel van het ontwikkelingsperspectief. Dit en andere punten staan in antwoorden van staatssecretaris Sander Dekker op vragen van de Vaste Kamercommissie voor OCW over passend onderwijs.

De staatssecretaris laat weten dat de procedure in gang is gezet om het instemmingsrecht van ouders op het handelingsdeel van het ontwikkelperspectief in de onderwijswetten (WEC, WPO en WVO) te regelen. Voor eventuele geschillen kan de Landelijke Geschillencommissie passend onderwijs worden ingeschakeld. De Inspectie van het Onderwijs krijgt de taak om te controleren of het handelingsdeel door de ouders is ondertekend.

In de antwoorden van de staatssecretaris staat ook dat de inspectie steekproefsgewijs zal checken of de begeleiding van het ontwikkelingsperspectief naar tevredenheid geschiedt. De inspectie kan dit bijvoorbeeld doen aan de hand van klachten van ouders over de school en de begeleiding van leerlingen. Ook kijkt de inspectie naar het aantal klachten per samenwerkingsverband en hoe dat die klachten afhandelt.

Overtollig personeel
Een ander opmerkelijk punt dat Dekker noemt, betreft deskundigen op het gebied van passend onderwijs in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). Omdat het mbo diensten Europees moet aanbesteden, komt het nogal eens voor dat ze liever zelf deskundigen in dienst nemen. Zo werft het mbo ambulant begeleiders uit scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs. Dit kan worden gezien als een positieve ontwikkeling voor samenwerkingsverbanden in het primair en voortgezet onderwijs met overtollig personeel.

Wat de bekostiging merkt de staatssecretaris op dat de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) de groeiregeling van structureel 35 miljoen euro nog één keer uitvoert. De kosten van de groei tussen 1 oktober 2013 en 16 januari 2014 bedroegen 17,5 miljoen euro (ongeveer 1100 leerlingen). DUO zal de kosten kosten van de groeiregeling eenmalig in mindering brengen op de lumpsumfinanciering van de samenwerkingsverbanden. Vanaf augustus 2015 wordt het volledige groeibudget aan lumpsum van de swv’s toegevoegd.

Geen compensatie
Er is sprake van een overgangsbekostiging om de overgang van de oude naar de nieuwe swv’s soepel te doen verlopen. Financiële compensatie is niet aan de orde, omdat de administratieve lasten volgens de staatssecretaris eerder afnemen (met 0,5 procent) dan toenemen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Leraren willen beter omgaan met verschillen

Driekwart van de leraren in het primair onderwijs wil zich verder professionaliseren in het omgaan met verschillen in de klas. Dat blijkt uit onderzoek Omgaan met verschillen van het Arbeidsmarktplatform PO.

Leraren in het primair onderwijs voelen zich over het algemeen goed toegerust en competent om met verschillen in de klas om te gaan, behalve als het gaat om het onderwijs aan specifieke groepen kinderen, zoals zorgleerlingen en hoogbegaafden. Daarnaast blijken leraren behoefte te hebben aan meer ondersteuning en faciliteiten in de school.

Uit het onderzoek komt ook naar voren dat leraren de meerwaarde zien van opbrengstgericht werken als middel om, via het meten van prestaties en het leveren van maatwerk, het maximale uit kinderen te halen.

Passend onderwijs
Zij staan ook vaak positief tegenover het idee van passend onderwijs, maar hebben hun bedenkingen bij de invoering ervan. Veel leraren ervaren grenzen bij het aansluiten op specifieke onderwijsbehoeften van individuele leerlingen in een groep. Daar komt bij dat eerdere bezuinigingen, leerlingenkrimp en grotere klassen met meer zorgleerlingen erin, het realiseren van passend onderwijs moeilijker maakt.

De meeste leraren geven aan behoefte te hebben aan meer ondersteuning bij het onderwijs. Zij noemen dan: tijd om te leren van en te overleggen met collega’s, extra ondersteuning van leerlingen (bijvoorbeeld door remedial teaching of therapie), ondersteuning door een interne begeleider en extra assistentie in de klas van een onderwijsassistent of een extra collega.

Faciliteiten
Zij willen ook graag faciliteiten hebben als voldoende tijd, het kunnen afstemmen van de klassengrootte op het aantal leerlingen dat extra begeleiding nodig heeft en een geschikte fysieke omgeving (zoals met verschillende ruimtes). Uit het onderzoek blijkt dat deze vormen van ondersteuning en faciliteiten niet altijd in voldoende mate aanwezig zijn op school.

‘NRC bericht onjuist over passend onderwijs’

NRC heeft een advies van de Evaluatie- en adviescommissie Passend Onderwijs (ECPO) verkeerd begrepen: de ECPO adviseert niet om met de invoering van passend onderwijs te stoppen, zoals de krant ten onrechte suggereert, maar om er versneld mee door te gaan.

De ECPO vindt het onjuist dat NRC de boodschap Passend onderwijs in gevaar. Staatssecretaris, grijp nu in! aan het advies Passend Onderwijs: Code Oranje van de commissie linkt. ‘De citaten in het artikel zijn op zich correct’, maar de teneur komt volgens de ECPO ‘niet echt overeen met het uitgebrachte advies’.

De ECPO heeft de weg van passend onderwijs vergeleken met het naderen van een kruispunt terwijl het verkeerslicht op oranje staat. ‘Dat betekent: direct remmen of direct gas geven. Het advies van de ECPO is: gas geven’, aldus de commissie.

Van staatssecretaris Sander Dekker van OCW worden initiatieven richting de Tweede Kamer en actoren in het onderwijsveld verwacht omdat de complexe invoering van passend onderwijs volgens de ECPO geen vanzelfsprekende zaak is. ‘Er was en is veel aandacht voor de formele vormgeving, het wordt nu echt tijd de inhoud voorop te stellen en ouders en leraren duidelijkheid te geven’, zo adviseert de commissie.

Dat de tijd dringt, heeft te maken met het feit dat de open dagen in het voortgezet onderwijs al in januari gepland staan. De invoering van passend onderwijs moet voor het primair en voortgezet onderwijs op 1 augustus 2014 een feit zijn. Schoolbesturen zullen vanaf die datum zorgplicht hebben. Dit betekent dat er voor elke leerling een passende plaats in het onderwijs moet worden gevonden, binnen of buiten de eigen organisatie, zodat er geen leerlingen meer buiten de boot kunnen vallen.

Foto: ECPO

Gratis praktijktoets voor samenwerkingsverbanden

Samenwerkingsverbanden kunnen zich aanmelden voor de gratis praktijktoets. Daarmee kunt u erachter komen in hoeverre uw samenwerkingsverband klaar is voor de invoering van passend onderwijs.

Uitgangspunt voor de praktijktoets zijn casussen van leerlingen. Een zogenoemd spiegelteam neemt deze casussen met het samenwerkingsverband door. Het spiegelteam bestaat uit vier personen:

  • Een deskundige vanuit het ouderperspectief.
  • Een deskundige op het gebied van passend onderwijs.
  • Een collega uit een ander samenwerkingsverband.
  • Een onafhankelijk gespreksleider.

De praktijktoets duurt één dag en is gratis

Op de website van het Informatiepunt Passend Onderwijs staat meer informatie. Daar staat ook hoe u zich kunt aanmelden.

Wilt u graag van VOS/ABB meer informatie over de praktijktoets? Neemt u dan contact op met Anna Schipper: 06-30056066, aschipper@vosabb.nl.

Werkloosheid verder gestegen, vooral in onderwijs

De werkloosheid is in juli verder gestegen. In alle sectoren nam het aantal WW-uitkeringen toe, en het meest in het onderwijs. Dit blijkt uit de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Het aantal WW-uitkeringen is in juli met 13.000 gestegen tot 395.000, wat betekent dat 8,7 procent van de beroepsbevolking werkloos is. In het onderwijs steeg het aantal uitkeringen ten opzichte van juni 2013 met 20 procent. In vergelijking met juli 2012 gaat het om een stijging van 33,4 procent.

Op jaarbasis is het onderwijs nog niet de slechtste sector: in de bouw steeg het aantal WW-uitkeringen in een jaar tijd met 56 procent en in het vervoer met bijna 43 procent.

De werkloosheid is overigens het hoogst in de sector financiële en zakelijke dienstverlening.

Lees het volledige persbericht van CBS

Rekenkamer twijfelt aan haalbaarheid passend onderwijs

De Algemene Rekenkamer zet grote vraagtekens bij de haalbaarheid van passend onderwijs. Het evenwicht tussen wat basisscholen aan kunnen en wat van ze gevraagd wordt, is wankel. ‘Zeker leraren moeten balanceren tussen enerzijds de eisen die aan hen worden gesteld en anderzijds de tijd die ze daarvoor hebben en de mate waarin ze voor hun taken toegerust zijn.’

Schoolbesturen merken dat ze via de lumpsumfinanciering minder geld krijgen, onder vanwege demografische krimp en de afname van het aantal leerlingen die daarvan het gevolg is. Ze merken ook dat de kosten niet in dezelfde verhouding dalen als de inkomsten. Als de financiële fitheid van de schoolbesturen blijft afnemen, kan dit er volgens de Algemene Rekenkamer toe leiden dat het voor de schoolbesturen moeilijker wordt om de prestaties te leveren die van ze worden verwacht.

Tot nu toe laten algemene onderzoeken nog geen verontrustend beeld zien, maar op individueel niveau van de schoolbesturen blijkt dat de financiële ontwikkelingen wel verontrustend zijn. Als de buffer sectorbreed in het huidige tempo blijft afnemen, zo stelt de Algemene Rekenkamer, dan komen naar alle waarschijnlijkheid veel besturen al binnen enkele jaren in de problemen. Dit betekent dat ze proactief moeten handelen. De Algemene Rekenkamer adviseert de bewindslieden van OCW te onderzoeken of de ambities voor het basisonderwijs nog wel in balans zijn met de beschikbare mensen, middelen en tijd.

Er is ook naar de inkomsten van de schoolbesturen vanuit de gemeenten gekeken. Ook deze inkomsten zullen voor de schoolbesturen de komende jaren afnemen, doordat de gemeenten bezuinigen. De Algemene Rekenkamer adviseert de gemeenten om de verstrekking van financiële middelen aan het basisonderwijs niet plotseling stop te zetten.

De Algemene Rekenkamer constateert dat de situatie van basisscholen op het terrein van financiën en personeel geen ideale uitgangspositie is voor een succesvolle invoering van passend onderwijs. Er zijn drie belangrijke punten die op korte termijn aandacht vragen van de schoolbesturen en de samenwerkingsverbanden:

  1. Ruimte voor onderwijsinhoudelijke afwegingen
    Ondanks de financiële positie van schoolbesturen kan de nieuwe bekostigingssystematiek van passend onderwijs ook ruimte bieden om het probleem van de personele bezetting te verlichten. Dit kan door de ondersteuningsmiddelen gerichter in te zetten.
  2. Toerusting van leraren
    Leraren geven aan dat zij vaardigheden moeten ontwikkelen voor het omgaan met leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, maar dat daar in de praktijk vaak geen geld of tijd voor is. Met de terugloop in personeel lijkt het niet waarschijnlijk dat hier verandering in gaat komen. De Algemene Rekenkamer ziet dit dan ook als een risico voor de invoering van passend onderwijs.
  3. Draagvlak op scholen voor passend onderwijs
    De lange periode van onzekerheid over de middelen die een school vanuit het samenwerkingsverband krijgt voor het uitvoeren van passend onderwijs, draagt niet bij aan het draagvlak onder de mensen die passend onderwijs straks in de praktijk moeten brengen.

Het advies van de Algemene Rekenkamer aan de bewindslieden van OCW, de schoolbesturen en de scholen luidt dan ook om de komende tijd te investeren in het vergroten van de draagkracht van scholen in het algemeen en van het onderwijspersoneel in het bijzonder.

Daarnaast ziet de Algemene Rekenkamer een belangrijk punt voor het beleid van OCW, namelijk de dominante rol van de opbrengsten op het gebied van taal en rekenen en het toezicht dat daarop wordt gehouden. Het spanningsveld rond de opbrengsten neemt met de komst van passend onderwijs toe. Dit kan ertoe leiden dat de kwaliteit van de scholen, gemeten volgens de huidige methodiek, omlaag gaat. Het kan er bovendien toe leiden dat scholen geen leerlingen aannemen als blijkt dat die extra ondersteuning nodig hebben, uit angst voor een negatieve beïnvloeding van de leeropbrengsten.

De conclusie van de Algemene Rekenkamer is dat de financiële positie van het basisonderwijs kwetsbaar is geworden en naar alle waarschijnlijkheid de komende jaren niet zal verbeteren. De wankele verhouding tussen mensen, middelen, taken en tijd in het basisonderwijs vormt een risico voor een succesvolle invoering van passend onderwijs.

Reacties
De PO-Raad laat in een reactie weten veel elementen uit het rapport van de Algemene Rekenkamer te herkennen. De sectororganisatie benadrukt echter dat van de schoolbesturen niet mag worden verwacht dat zij nog meer dan al het geval is de financiële tering naar de nering zetten. Het probleem van de hoge werkdruk die onder het onderwijspersoneel wordt ervaren, waarover de Algemene Rekenkamer schrijft, kan volgens de PO-Raad worden ondervangen met een op maat gesneden flexibele cao.

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW ziet in het rapport van de Algemene Rekenkamer een bevestiging van het kabinetsbeleid om het onderwijs bij de bezuinigingen te ontzien. Het primair onderwijs heeft volgens hem een streepje voor, omdat in deze sector de jaarlijkse prijsbijstelling wettelijk verplicht is. Dekker wijst in zijn reactie ook op het geld dat het ministerie van OCW investeert in de professionalisering van leraren, onder meer om hen voor te bereiden op passend onderwijs.

Tijdens het overleg woensdag in de Tweede Kamer over passend onderwijs zei Dekker dat het niet nodig is om aan de noodrem te trekken. Hij kwam met die opmerking nadat de invoering van passend onderwijs was vergeleken met de krakkemikkige en stilgevallen hogesnelheidstrein Fyra. Wel erkende de staatssecretaris dat het rapport van de Algemene Rekenkamer pijnpunten laat zien.

Reactietermijn monitor passend onderwijs verlengd

Werkgevers in het primair en voortgezet onderwijs kunnen nog tot 1 juli 2013 reageren op de Monitor passend onderwijs.

De reactietermijn is met een maand is verlengd. De reden hiervoor ligt in het feit dat er nog maar weinig reacties binnen zijn. De monitor is bedoeld om inzicht te krijgen in de gevolgen van de invoering van passend onderwijs voor het onderwijspersoneel.

De monitor is opgezet door het Participatiefonds.

Checklist ontbinding REC’s clusters 3 en 4

VOS/ABB heeft samen met de PO-Raad een checklist opgesteld met aandachtspunten die van belang zijn voor de ontbinding van Regionale Expertisecentra voor de clusters 3 en 4.

De checklist gaat in op bestuurlijk-juridische, personele en financiële aandachtspunten. Het bestuurlijk-juridische gedeelte is verzorgd door Klaas te Bos van VOS/ABB. Silvia Schouten van VOS/ABB schreef het gedeelte over de personele gevolgen. Het financiële aspect wordt belicht door oud-VOS/ABB’er Bé Keizer, die lid is van het expertteam passend onderwijs van de PO-Raad.

U kunt de checklist downloaden.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Met 300 leerkrachten werken aan een sterk merk

Driehonderd leerkrachten van de 18 openbare basisscholen in Leeuwarden deden mee aan een grote studiedag die het bestuur Proloog heeft georganiseerd. In 60 teams speelden de personeelsleden het trainingsspel ID!ee, dat is ontwikkeld door VOS/ABB. DSCN1708

Aan de hand van dit spel komen de personeelsleden erachter wat precies de kernwaarden van openbaar onderwijs zijn, en op welke manier een school deze kan inzetten om haar identiteit te versterken. Wie dat goed doet, scoort al meteen in het spel. Al spelend komt bovendien al snel een discussie op gang, én het besef hoe onderwijspersoneel concreet kan omgaan met de kernwaarden.

In de middag ging het Proloog-personeel, nog steeds in Grand Hotel Post Plaza in Leeuwarden, met trainers van VOS/ABB aan de slag om de in het spel opgedane inzichten verder te verdiepen. Per school werd bekeken hoe de versterking van het merk verder vorm kan krijgen.

Steven Pont over het pedagogische verschil
Tussendoor kreeg het personeel van Proloog ook nog een lezing van Steven Pont, ontwikkelingspsycholoog, die zijn publiek voorhield dat de leerkracht het pedagogische verschil kan maken voor kinderen. Hij ging onder meer in op de benadering van kinderen met adhd: 'Een kind dat steeds hoort dat het adhd heeft, gaat gedrag vertonen dat dit bevestigt'. Ook liet Pont zien dat jongens baat hebben bij een andere aanpak. Jongens experimenteren en leren van ervaringen, meisjes leren van instructie. Het huidige onderwijs geeft vaak vooral instructie.

DSCN1705Werken aan een sterk merk
Het trainingsspel ID!ee is speciaal ontwikkeld om te spelen met schoolteams in het openbaar onderwijs, om zo de bewustwording van de kernwaarden te versterken. Scholen en besturen die willen werken aan een sterk merk, kunnen het bestellen voor 25 euro per stuk (ledenprijs) of 75 euro voor een set van vier spellen. Meer over trainingsspel ID!ee en bestelwijze.

 

Foto's: VOS/ABB.