Sander Dekker: goede bestuurders maken het verschil!

Staatssecretaris Sander Dekker van OCW vindt dat het Nederlandse onderwijs meer zijn best moet doen om internationaal weer aan de top te staan. Bestuurders hebben daarin een cruciale rol. Dat zei hij op de algemene ledenvergadering van de PO-Raad, waar Rinda den Besten werd gekozen tot voorzitter van het dagelijks bestuur van de sectororganisatie van het primair onderwijs. Lees verder

De staatssecretaris benadrukte dat het Nederlandse onderwijs beter moet. ‘We behoren tot de vijf rijkste landen ter wereld, maar ons onderwijs zit daaronder, in de subtop.’ Nederland wordt volgens hem ‘links en rechts ingehaald’, onder andere door Hong Kong en Singapore, maar ook door Noord-Ierland, Denemarken, Finland en – dichter bij huis – Vlaanderen.

Hij complimenteerde de aanwezige bestuurders door erop te wijzen dat Nederland het internationaal heel goed doet als wordt gekeken naar de zorg voor kwetsbare leerlingen. ‘Tegelijkertijd moeten we kritisch voor onszelf blijven en verbeteren waar het kan. Zo moeten we constateren, dat onze bovengemiddelde leerlingen ondermaats presteren. Bij de top laten we talent onbenut. Dat moet en kan anders.’

Bij de stap van goed naar excellent onderwijs wordt het verschil volgens Dekker door de school zelf gemaakt. ‘Want als je scholen met vergelijkbare populaties en vergelijkbare bekostiging naast elkaar zet, dan zie je dat de leerlingen van de ene school beduidend beter presteren dan die van de andere.’

Als Nederland excellent onderwijs wil, zo zei de staatssecretaris, dan moeten niet alleen docenten en schoolleiders daarnaar streven, maar zeer zeker ook bestuurders. ‘U bent per slot van zake de baas. U spreekt ambities uit. U zet de lijnen neer. Goed onderwijs wordt niet in Den Haag gemaakt, maar op school. Op de scholen die u bestuurt.’