Effecten van andere tijdsindelingen niet duidelijk

Er kunnen nauwelijks harde conclusies worden getrokken over de effecten van alternatieve tijdsindelingen in het onderwijs. Dat blijkt uit onderzoek van bureau ITS van de Radboud Universiteit Nijmegen in opdracht van het ministerie van OCW. Lees verder

In de studie is een aantal onderwerpen onder de loep genomen. Het gaat om naschoolse programma’s, brede scholen, het bioritme en de (lange) duur van de zomervakantie. Ook is gekeken naar de invulling van een meer evenwichtige schoolkalender, een mogelijke uitbreiding van het aantal schooldagen, het op jongere leeftijd starten in groep 1 en schakelklassen.

Wanneer het specifiek gaat om het verbeteren van de leerprestaties, kan worden geconcludeerd dat de mate van succes van de uiteenlopende varianten afhankelijk is van verschillende factoren. Niet alleen is substantieel meer tijd nodig, concluderen de onderzoekers, ook moet er voldoende samenhang zijn met het reguliere onderwijsprogramma, dienen de begeleiders hoog gekwalificeerd te zijn en lijkt een individuele benadering effectief.

Het onderzoeksrapport staat in de rechterkolom.

Bijlagen