Inspectie ziet vanaf augustus toe op schorsing (v)so

Scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs ((v)so) hebben met ingang van het nieuwe schooljaar de wettelijke mogelijkheid leerlingen te schorsen. De Inspectie van het Onderwijs gaat erop toezien of dat zorgvuldig gebeurt.

Doordat de Wet op de expertisecentra (WEC) nu de mogelijkheid tot schorsing van een (v)so-leerling nog niet kent, is een eventuele schorsing een zaak tussen de school en de ouders. De Inspectie van het Onderwijs is er nog niet officieel bij betrokken. Nu schorsing per 1 augustus 2014 in de wet zal zijn opgenomen, gaat de inspectie hier wel op toezien.

Van scholen wordt verwacht dat zij bij een schorsing zorgvuldig te werk gaan en vaste procedures volgen. Veel scholen en besturen stellen daarom een schorsings- en verwijderingsprotocol op. In voorkomende gevallen toetst de rechter of dit protocol gevolgd is.

In een protocol moet ook staan wie bevoegd is om tot schorsing te besluiten. Dat is in eerste instantie het bestuur, maar het bestuur mag deze bevoegdheid mandateren aan bijvoorbeeld de schooldirecteur. Dit dient te zijn opgenomen in de schoolgids, omdat het ook voor ouders belangrijke informatie is.

De school dient te zorgen voor voortgang van het onderwijs aan de geschorste leerling. Dat betekent bijvoorbeeld dat er huiswerk wordt meegegeven en dat dit ook wordt beoordeeld en besproken met de leerling. De school zorgt er ook voor dat de contacten met de leerling en de ouders in de schorsingsperiode naar behoren worden onderhouden.

Volgens de nieuwe regels zijn scholen verplicht om schorsingen van langer dan één dag bij de inspectie te melden. Met ingang van het nieuwe schooljaar 2014-2015 is er een meldingsformulier beschikbaar in het Internet Schooldossier (ISD). De schorsing moet met behulp van dit formulier bij de inspectie worden gemeld.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl