Jaap Balkema: ‘Ik heb veel geleerd van IKEA’

”We moeten trots zijn op onze toko”, zegt algemeen directeur Jaap Balkema van Openbaar Primair Onderwijs Smallingerland. Het gaat volgens hem om de concerngedachte, net zoals bij een groot bedrijf als IKEA. Lees verder

Het openbaar primair onderwijs in de Friese gemeente Smallingerland, waarvan Drachten de kern vormt, zag het aantal leerlingen in de afgelopen jaren met ongeveer 400 dalen. “Dat had verschillende oorzaken”, legt Balkema uit. “De huisvesting van de openbare basisscholen was in die tijd verouderd en ook onderwijskundig liepen het openbaar primair onderwijs niet in de pas met de ‘bijzondere’ concurrentie. Een ander aspect dat een deel van ouders afschrok, was het groeiend aantal leerlingen van allochtone afkomst. Dat laatste was voornamelijk het geval in de sociaal zwakkere wijken van Drachten. De daling die in 1998 werd ingezet, is in dit schooljaar echter tot staan gebracht. Dat is gerealiseerd door nieuwe huisvesting, betere onderwijsmethoden en vooral ook een structurele cultuurverandering binnen de scholen die onder het openbare bestuur vallen. Er is bij ons weer sprake van een bescheiden groei, en daar zijn wij trots op.”

‘Nieuwe huisvesting, betere onderwijsmethoden en een structurele cultuurverandering’

Hiermee komt hij op een kernpunt van zijn beleid: “We moeten trots zijn op onze toko. Als
je dat niet bent, werkt dat in je nadeel”. Deze manier van denken, de concerngedachte, leerde Balkema kennen toen hij voor zijn mastersopleiding aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle een werkbezoek bracht aan IKEA in Stockholm. “Van de mensen op de werkvloer tot en met het hoogste management, iedereen is daar trots op wat ze voor IKEA doen. Ze hebben op die manier een ijzersterk imago opgebouwd.” Scholen en besturen kunnen dit goed gebruiken, vooral nu steeds meer openbare onderwijsbesturen zelfstandig worden. “Het openbaar onderwijs is van oudsher niet gewend om zelfstandig te zijn. Daar is echt een cultuurverandering voor nodig. We moeten eraan wennen dat we met elkaar een
product neerzetten. Het is niet meer van deze tijd om alleen maar aan de eigen school te denken. Het gaat om het grote geheel.”

‘We moeten er aan wennen dat we met elkaar een product neerzetten’

Belangrijk voor het product dat OPO Smallingerland neerzet, is variatie. Ook hier komt de bedrijfskundige om de hoek: de klanten kopen pas wat, als ze iets te kiezen hebben. “We moeten onze oogkleppen afdoen, van buiten naar binnen denken, klantgericht worden zonder onze idealen te verliezen. Ons vak zit vooral in waardering.” Balkema vertelt dat elke school die onder zijn bestuur valt, zich daarom profileert met een eigen karakter.
Zo zijn er een Dalton- en een sportschool, een basisschool die werkt met het BAS-concept (Bouwen aan Adaptieve Scholen) en een die zich profileert als TOM-school (Team Onderwijs op Maat). In het plaatsje De Veenhoop, in de Friese middle of nowhere, staat de kleinste school van OPO Smallingerland, die zich met 24 leerlingen profileert als natuurschool. “Wij hebben dus een meerkeuzemenu!”