Kamer deelt kritiek op wetsvoorstel diagnostische toets

Vrijwel alle oppositiepartijen in de Tweede Kamer zijn kritisch over het wetsvoorstel Leerlingvolgsysteem en diagnostische tussentijdse toets voortgezet onderwijs.

Uit hun schriftelijke inbreng blijkt dat zij de kritiek en zorgen delen die VOS/ABB samen met 12 andere organisaties van ouders, leraren, schoolleiders en bestuurders in een brief verwoordde. De coalitiegenoten VVD en PvdA zijn echter positief, maar ook die hebben kritische vragen.

Het wetsvoorstel Leerlingvolgsysteem en diagnostische tussentijdse toets voortgezet onderwijs regelt dat scholen in het voortgezet onderwijs verplicht worden

  • een leerlingvolgsysteem naar keuze te gebruiken voor Nederlands, Engels en wiskunde/rekenen;
  • halverwege de schoolloopbaan van leerlingen bij hen een diagnostische tussentijdse toets af te nemen op de genoemde vakken;
  • op basis van een steekproef deel te nemen aan internationaal vergelijkend onderzoek.

In vragen van de Vaste Kamercommissie voor OCW worden kritiekpunten geuit dit ook naar voren zijn gebracht in de gezamenlijke brief van VOS/ABB en andere afzenders. Zo is er kritiek op de ingreep in de professionele ruimte van docenten, terwijl juist vergroting van die ruimte gewenst is.

De meeste kritiek komt van oppositiepartijen en richt zich vooral op diagnostische tussentijdse toets en de verplichte deelname aan internationale onderzoeken. De voorgestelde wettelijke verplichting zou leiden tot overbodige regelgeving, het risico van teaching to the test en verschraling van het onderwijsaanbod.