Leerwinst + toegevoegde waarde ≠ kwaliteit

Leerwinst en toegevoegde waarde zijn niet geschikt om een algemeen oordeel te geven over de kwaliteit van de school. Dat stelt de Onderwijsraad.

De Onderwijsraad stelt in het advies Toegevoegde waarde: een instrument voor onderwijsverbetering – niet voor beoordeling dat leerwinst en toegevoegde waarde te beperkt zijn voor de beoordeling van de opbrengsten van een school. Deze factoren geven volgens de raad weliswaar waardevolle informatie over de goed meetbare onderdelen van het onderwijs, maar geen zicht op andere vaardigheden of specifieke omstandigheden.

Bovendien signaleert de Onderwijsraad dat internationale ervaring laat zien dat scholen ongewenst strategisch gedrag gaan vertonen wanneer zij op hun toegevoegde waarde worden ‘afgerekend’, bijvoorbeeld door vooral aandacht te schenken aan onderdelen die in toetsen aan bod komen of door bewust toetsscores te beïnvloeden.

De Onderwijsraad komt met twee aanbevelingen. Ten eerste adviseert de Onderwijsraad om de school eigenaarschap te geven over de instrumenten leerwinst en toegevoegde waarde. Daarvoor hebben schoolleiders en leraren meer kennis nodig van statistiek en praktijkgericht onderzoek. Er zouden zogenoemde datateams van schoolleiders, docenten en onderzoekers moeten komen om kwaliteitsproblemen aan te pakken.

Het andere advies is om het toezicht van de Inspectie van het Onderwijs te richten op méér dan wat opbrengstindicatoren meten. Het gaat volgens de Onderwijsraad om de brede kwaliteit van het onderwijs. ‘Daarvoor is een betere balans nodig tussen opbrengst- en procesindicatoren – nu ligt de nadruk te veel op de eerste’, zo constateert de Onderwijsraad.

Het advies is maandag aangeboden aan minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW.

Lees meer…