Lat gaat omhoog: voldoende is niet goed genoeg

Niet alleen (zeer) zwakke scholen, maar ook scholen die voldoende presteren moeten zich verbeteren. Dat benadrukken minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW in een brief aan de Tweede Kamer over de transitie van het inspectietoezicht.

‘Wij willen in het onderwijs toe naar een kwaliteitscultuur waarbij het voor alle partijen vanzelfsprekend is om te blijven streven naar verbetering, ook al is het basisniveau op orde. Dat komt ten goede aan alle leerlingen (…) zodat zij hier optimaal van kunnen profiteren in alle leer- en vormingsgebieden’, zo staat in de brief.

Bussemaker en Dekker gaan bij hun streven uit van ‘een hoge mate van autonomie voor scholen in combinatie met het afleggen van publieke verantwoording’. Dat is volgens hen ‘het beste recept voor goede resultaten’. Ze willen naar een verbetercultuur toe ‘die door alle betrokkenen intrinsiek wordt beleefd’. Ze vinden dat dit ook zichtbaar moet zijn.

Daarom komen er in het primair, speciaal en voortgezet onderiwjs naast de al bestaande oordelen ‘zeer zwak’, ‘zwak’, ‘basiskwaliteit’ en het predicaat ‘excellent’ de oordelen ‘voldoende’ en ‘goed’. Het inspectie-oordeel ‘goed’ moet van de minister en de staatssecretaris voor alle scholen het streven zijn, en niet slechts de basiskwaliteit.

Elke school krijgt een kwaliteitsprofiel. De inspectie kijkt daarvoor niet alleen aar leerprestaties en de sociale opbrengsten, maar ook naar de wijze en de voorwaarden waaronder deze tot stand komen. Ouders, leerlingen en leraren moeten met het kwaliteitsprofiel ‘een handzaam en informatief beeld over de kwaliteit van de school’ krijgen.

‘Het kwaliteitsprofiel en het daarop gebaseerde oordeel zullen actief en breed openbaar worden gemaakt, onder andere via de website van de inspectie’, aldus Bussemaker en Dekker in hun brief.

Het kwaliteitsprofiel en het daarop gebaseerde oordeel van de inspectie worden gebaseerd op vijf kwaliteitsgebieden:

  • Onderwijsresultaten
  • Onderwijsproces
  • Schoolklimaat en veiligheid
  • Kwaliteitsborging en ambities
  • Financiële en materiële voorzieningen

In de brief benadrukken de minister en de staatssecretaris dat de schoolbesturen eindverantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van hun scholen en dat de besturen de inspectie met informatie moeten voeden. ‘Naarmate besturen zelf over betere informatie beschikken en zich daarover verantwoorden, zal de inspectie minder zélf verzamelen en minder eisen stellen aan de vorm en inhoud van de door besturen geleverde informatie.’

Wat vindt VOS/ABB van de transitie van het inspectietoezicht? Lees het commentaar van adjunct-directeur Anna Schipper, die namens VOS/ABB in de zogenoemde eerste ring van de Inspectie van het Onderwijs zit.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl