Meer uren werken moet aantrekkelijker worden

Met het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Deeltijdwerk worden verschillende maatregelen in kaart gebracht om het voor deeltijders aantrekkelijker te maken meer uren te gaan werken. Dat melden de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob aan de Tweede Kamer.

Rond het kerstreces zal het resultaat van het IBO Deeltijdwerk naar de Kamer worden gestuurd. Dit onderzoek richt zich onder andere op verklaringen waarom Nederland een land is geworden met veel deeltijders.

De ministers merken wat betreft de situatie in het onderwijs op, dat veel deeltijders vrouw zijn. Van hen werkt 70 procent in deeltijd. Van de mannen in het onderwijs doet 20 procent dat. Volgens de ministers is niet duidelijk of er een link is tussen de keuze voor deeltijd en de hoge werkdruk die in het onderwijs wordt ervaren.

Zij vinden het belangrijk is dat werkgevers het mogelijk maken voor hun personeel om meer te gaan werken. ‘Niet alleen om tekorten aan te pakken maar ook als impuls in de kwaliteit’, aldus Van Engelshoven en Slob. Ze benadrukken dat in het IBO Deeltijd wordt gekeken naar maatregelen die meer uren werken aantrekkelijker moeten maken, maar ze noemen wat dit betreft nog geen concrete opties.

Meer werken? Loont niet!

In het onderwijs klinkt vaak het bezwaar dat het nauwelijks loont om meer uren te gaan werken. Dat heeft te maken met het feit dat werknemers die meer gaan werken in een hoger belastingtarief terecht kunnen komen. Ze houden daardoor van hun extra gewerkte uren relatief weinig extra geld over.

Bovendien zeggen deeltijders dat ze niet meer uren willen werken, omdat ze bang zijn veel stress te krijgen als gevolg van de volgens hen hoge werkdruk in het onderwijs. Met name vrouwen geven vaak aan dat ze een (kleine) deeltijdbaan ambiëren om voldoende tijd over te houden voor hun gezin.

Lees meer…