Minister eist vertrek bestuur Cornelius Haga Lyceum

Onderwijsminister Arie Slob eist het vertrek van het bestuur van het islamitische Cornelius Haga Lyceum. Als het bestuur niet opstapt, beëindigt de minister de bekostiging van deze omstreden school in Amsterdam.

Slob maakte zijn besluit bekend via Twitter:

De minister baseert zijn besluit onder meer op informatie van de Inspectie van het Onderwijs en de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD), zo staat in een brief van hem aan de Stichting Islamitisch Onderwijs Nederland. Uit die informatie blijkt volgens de minister dat directeur-bestuurder Söner Atasoy en zijn broer ‘sinds 2000 in een salafistische en radicale omgeving verkeren’. Zij worden in verband gebracht met financiering van een islamitische terreurgroep in de Kaukasus.

Salafistische aanjagers

De minister signaleert voorts dat de directeur-bestuurder van het Cornelius Haga Lyceum en diens broer zich omringen met ‘salafistische aanjagers’ en dat zij het curriculum van de school ‘aan de salafistische geloofsleer’ willen wijden’. De school handelt volgens Slob ‘in strijd met de door de overheid ontwikkelde antiradicaliseringsstrategie’ en zet op die manier mogelijk aan ‘tot antidemocratische opvattingen en een actieve afkeer van de Nederlandse samenleving’.

De inspectie heeft volgens de minister ook ‘een fors aantal tekortkomingen vastgesteld in de naleving van de onderwijswet- en regelgeving’. Dit betreft volgens Slob bekostigingsvoorwaarden, financieel beheer en bestuurlijk handelen.

Bestuur verbaasd

Directeur-bestuurder Atasoy laat via de media weten verbaasd te zijn over de aanwijzing. Hij zegt tevens het ‘uiterst onprofessioneel’ te vinden dat hij geen officiële brief heeft gekregen, hoewel er wel een brief is verstuurd naar de Stichting Islamitisch Onderwijs Nederland. Hij stelt dat er een politieke hetze gaande is tegen zijn school.

Advocaat Wouter Post van de omstreden islamitische school heeft in de media aangegeven bezwaar te zullen aantekenen tegen de aanwijzing van de minister.

Artikel 23 Grondwet

De minister kan het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum niet wegsturen, zelfs niet als het onderwijs botst met de democratische rechtsstaat en fundamentele rechten en vrijheden. Artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs maakt het wegsturen van bestuurders onmogelijk, zo benadrukte Slob onlangs nog toen het in de Tweede Kamer ging over het omstreden wetsvoorstel Meer ruimte voor nieuwe scholen.

Wel kan de minister de bekostiging stopzetten, en daar dreigt hij nu dus mee in het geval van het Cornelius Haga Lyceum. In de regel leidt stopzetting van de bekostiging tot sluiting van een school, maar dat hoeft niet. De mogelijkheid bestaat dat een of meer particuliere geldschieters de overheidsfinanciering overnemen.

Bestuur blijft aan

Paul Zoontjens, emeritus-hoogleraar Onderwijsrecht, zegt in de Volkskrant dat het een illusie is dat Slob het bestuur op deze manier weg krijgt. Hij verwacht dat juridische procedures zeker twee tot twee en een half jaar in beslag zullen nemen. ‘Tot die tijd kan dit bestuur aanblijven’, aldus Zoontjens.

Hij voegt hieraan toe dat het inspectierapport over het Cornelius Haga Lyceum niet sterk is en dat het bestuur van de omstreden school aan het langste eind trekt.