Minister miskent meerwaarde openbaar onderwijs

Minister Marja van Bijsterveldt van Onderwijs vindt de vorming van kinderen bij uitstek een taak van scholen op religieuze grondslag, zo blijkt uit een ingezonden artikel van haar in de Volkskrant. VOS/ABB is verbaasd over de stellingname van de minister. Zij moet weten dat juist ook het openbaar onderwijs aandacht heeft voor de levensbeschouwelijke vorming van kinderen.
Lees verder

De minister gaat in de Volkskrant van woensdag in op de discussie over de noodzakelijke aandacht voor cognitieve basisvaardigheden, waarbij zij taal en rekenen centraal stelt. ‘Zij heeft gelijk door te stellen dat de basis op orde moet zijn, niet alleen om leerlingen voldoende kennis over te kunnen brengen, maar ook voor hun autonome vorming. Taal en rekenen zijn echter niet voldoende voor een kritische en reflexieve houding van leerlingen, zodat ze later als volwaardige burgers kunnen deelnemen aan onze samenleving’, aldus VOS/ABB-directeur Ritske van der Veen.

Hij vervolgt: ‘Hier ligt niet alleen een taak voor het bijzonder onderwijs, zoals de minister met haar opmerking over vorming suggereert, maar juist ook voor de openbare scholen. Doordat het openbaar onderwijs volgens de grondwet open staat voor elke leerling, ongeacht zijn of haar sociaal-maatschappelijke, culturele of levensbeschouwelijke achtergrond, hebben de openbare scholen bij uitstek een brede verantwoordelijkheid om kinderen te vormen.’

‘Dat gebeurt met aandacht voor maatschappelijke en levensbeschouwelijke aspecten in de volle breedte van de diversiteit die zo kenmerkend is voor Nederland. Het openbaar onderwijs doet dat uit de volle overtuiging dat het onderwijs er niet alleen is voor taal en rekenen, maar zeer zeker ook voor een gezonde samenleving op basis van wederzijds respect’, aldus Van der Veen.

Hij vindt het ‘erg makkelijk’ van de minister dat zij de verantwoordelijkheid voor de vorming van kinderen volledig neerlegt bij de bijzondere scholen en de besturenraden waarin zij verenigd zijn. ‘Natuurlijk, deze scholen vinden maatschappelijke vorming belangrijk. Maar het mag duidelijk zijn dat de openbare scholen daar zeker net zoveel of misschien wel méér in investeren dan bijvoorbeeld katholieke en protestantse.’

‘Uit het artikel van Van Bijsterveldt blijkt helaas op geen enkel punt dat zij als minister en dus als grondwettelijke vertegenwoordiger van de rijksoverheid de plicht voelt om zeker de openbare scholen voldoende toe te rusten voor hun maatschappelijke opdracht. Het is ronduit schokkend om te lezen dat zij als verantwoordelijke partij voor het karakter van het openbaar onderwijs de vorming van leerlingen aan het bijzonder onderwijs overlaat’, zo sluit Van der Veen zijn kritiek op de minister af.

Het ingezonden artikel van minister Van Bijsterveldt in de Volkskrant staat in de rechterkolom.

Bijlagen