Nieuwe CAO lost problemen niet op

Ondanks het stroeve begin van de CAO-onderhandelingen in augustus, is er toch nog vrij snel een akkoord op tafel gekomen. Dat is op zich goed nieuws. Maar er zitten wel adders onder het gras. Lees verder

Met de stapsgewijze salarisverhoging van 2,4% blijft de CAO in het spoor van de afspraken in andere sectoren. Dat is mooi, maar de bestaande salarisachterstand in de onderwijssector wordt met de nieuwe CAO niet ingelopen. Het is dus zeer de vraag of het leraarschap een substantieel betere positie krijgt op de arbeidsmarkt. Zoals bekend moet de aantrekkelijkheid van het beroep groter worden, gezien de personeelstekorten die met name in het voortgezet onderwijs de komende jaren alleen maar blijven toenemen.

De afspraken die zijn gemaakt in het dossier Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) baren zorgen voor de schoolbesturen. Problemen doen zich voor bij het in dienst houden van personeel dat minder dan 35% arbeidsongeschikt is en bij het uitbreiden van de betrekkingsomvang van werknemers die na herkeuring in een lagere arbeidsongeschiktheidsklasse vallen. Dit kan een doelmatige organisatie van het onderwijs belemmeren.

Een ander kritiekpunt is dat het extra geld voor het woon/werkverkeer nog niet genoeg is om een marktconforme regeling af te spreken in de decentrale CAO’s. Verder is de extra impuls voor het ondersteunend personeel uiteraard zeer welkom in het primair onderwijs. Maar dit extra geld blijft een druppel op de gloeiende plaat, zeker nu veel ID’ers al zijn of nog worden ontslagen. Kortom, met de nieuwe onderwijs-CAO zijn we er nog lang niet!

Delen: Email this to someoneShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn