Ommezwaai minister positief voor schoolboeken

Er is eindelijk zicht op goedkopere schoolboeken voor het voortgezet onderwijs. CDA-minister Maria van der Hoeven maakt vandaag bij de presentatie van de onderwijsbegroting een ommezwaai: zij wil de hoge kosten van schoolboeken ‘in een volgende ronde’ gaan aanpakken. Dat is goed nieuws, want het betekent dat álle politieke seinen nu op groen staan om echt iets aan het schoolboekenprobleem te gaan doen. Lees verder

De linkse partijen hebben al meermalen in de Tweede Kamer betoogd dat de peperdure schoolboeken goedkoper moeten. Dat is te bereiken als niet de ouders, maar de scholen de boeken kopen. Zij kunnen een vuist maken tegenover de uitgeverijen en kortingen bedingen, wat afzonderlijke ouders niet kunnen. Maar de scholen hebben daar wel extra geld voor nodig.

Tot nu toe was het juist minister Van der Hoeven die daar niets in zag. Als zij nu ook ‘om’ is, kan het niet anders of er gaat de komende jaren iets veranderen. Hoe de verkiezingsuitslag straks ook uitvalt. Zo laat de minister op de drempel van haar ambtstermijn toch nog iets positiefs zien.

Het zijn opmerkelijke uitspraken die Van der Hoeven doet in de OCW-courant bij de presentatie van de onderwijsbegroting voor 2007. ‘Het is deze ronde nog niet gelukt om de boekenkosten aan te pakken. Maar ik ben ervan overtuigd dat het in een nieuwe ronde wel lukt’, zegt zij. Daar voegt ze aan toe dat ze graag door wil gaan als onderwijsminister in een volgend kabinet.

De schoolboekenplannen die PvdA en SP eerder dit jaar hebben gelanceerd, kosten de overheid ongeveer 250 miljoen. Dat bedrag moet worden toegevoegd aan de lumpsumvergoeding van vo-scholen, die daar dan vervolgens boeken van kunnen inkopen.

In de begroting van 2007 is dit bedrag niet vrijgemaakt. Wel trekt de minister een half miljard euro extra uit voor onderwijs, cultuur en wetenschappen, en dat is natuurlijk positief. Daarbij is niet veel nieuws onder de zon: veel bedragen waren al bekend en in de goed-nieuws-show van Balkenende is het niet verrassend dat onderwijs een extraatje krijgt.

Veel extra geld gaat naar leer-werktrajecten in het beroepsonderwijs (115 miljoen) en naar voor- en vroegschoolse educatie (45 miljoen extra plus 18 miljoen voor vve-personeel) en de aandacht voor leraren en lerarentekorten. Dat zijn goede punten, waar het onderwijs wat aan heeft.

Delen: Email this to someoneShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn