Onderhandelaarsakkoord Actieplan LeerKracht

Het ministerie van OCW, de werkgeversorganisaties en de vakbonden hebben een onderhandelaars- akkoord bereikt over het Actieplan LeerKracht. Lees verder

Het pakket maatregelen moet ervoor zorgen dat meer mensen kiezen voor een baan in het onderwijs en dat leraren behouden blijven voor deze sector. Met de uitvoering van het Convenant Leerkracht van Nederland is uiteindelijk een bedrag van ruim 1 miljard euro per jaar gemoeid.

Het grootste deel daarvan gaat naar het vergroten van de loopbaanmogelijkheden binnen het lerarenberoep en het verminderen van het aantal stappen in de salarisschalen voor leraren. Dit betekent een forse salarisverhoging, die bovenop de algemene cao-ontwikkeling komt. Daarnaast komt er een scholingsfonds en zijn er afspraken gemaakt over de positie van leraren.

Partijen gaan het onderhandelaarsakkoord voorleggen aan hun achterban. De WvPO en PO-Raad zijn blij dat de arbeidsmarktpositie van het basis- en speciaal onderwijs wordt versterkt. De hogere salarissen en de betere loopbaanperspectieven maken het veel aantrekkelijker om als leraar in het basisonderwijs te gaan werken.

Algemeen deel convenant
Het convenant Actieplan LeerKracht van Nederland bevat een algemeen deel en afspraken per sector. In het algemene deel zijn onder andere sectoroverstijgende afspraken gemaakt over de positie van de leraar, het aanpakken van de werkdruk en de optimale inzetbaarheid.

De positie van de leraar
Een leraar moet de ruimte hebben om zijn werk te kunnen doen – uiteraard in samenspraak met zijn collega’s en managers. Die ruimte wordt verankerd in de wetten, die voor de verschillende sectoren gelden. In de wet komt te staan dat iedere school een professioneel statuut moet hebben. Dat moet de positie van de leraar in de school versterken en de zeggenschap over de vormgeving van het onderwijs vergroten.

Werkdruk
In het convenant zijn ook afspraken gemaakt over de gezamenlijke aanpak van werkdruk. Leraren moeten zich vooral kunnen richten op het uitvoeren van hun primaire taak: het verzorgen van onderwijs.

Optimale inzetbaarheid
Afgesproken is verder om niet te tornen aan het budget voor de bestaande seniorenregeling (bapo). Dit op verzoek van de onderwijsbonden. Wel zullen de sociale partners ernaar blijven streven om ouderen langer in het onderwijs te houden. Een goede seniorenregeling moet ervoor zorgen dat de kennis en ervaring van oudere leraren langer voor het onderwijs behouden blijven. Hoe deze regeling eruit komt te zien, zal in de cao-besprekingen van de verschillende sectoren verder uitgewerkt worden

Primair onderwijs
De sectorspecifieke afspraken in het primair onderwijs gaan over de invoering van een functiemix, het verkorten van de salarisschalen voor leraren, de positie van de directeuren en een maatregel voor ondersteunend personeel.

Om het beroep van leraar aantrekkelijker te maken, is het belangrijk te zorgen voor een goede beloning. Daarom is afgesproken om de beloning te verbeteren. De extra middelen (oplopend tot ruim 300 miljoen euro in het primair onderwijs) worden ingezet voor het vergroten van de loopbaanmogelijkheden via de realisatie van een functiemix en het inkorten van de salarisschalen.

Vergroten loopbaanmogelijkheden
Op dit moment zit 1 procent van de leraren basisonderwijs in een LB-functie, in 2014 moet 40 procent van de leraren benoemd zijn in een LB-functie en 2 procent in een LC-functie. Ook in het speciaal onderwijs kunnen meer leraren doorstromen naar een LC-functie. 

In de komende CAO PO zullen nadere afspraken gemaakt worden over de wijze waarop de hogere functies ingevoerd moeten worden. Deze afspraken zullen in ieder geval de volgende componenten bevatten:

  1. De LB-functie in het basisonderwijs zal qua niveau en complexiteit van de werkzaamheden en het daarbij behorend niveau van de kennis en vaardigheden onderscheidend zijn van de LA-functie. Hetzelfde geldt voor het speciaal (basis)onderwijs.
  2. De te realiseren percentages LB-functies in het basisonderwijs en LC-functies in het speciaal (basis)onderwijs zullen op bestuursniveau vastgelegd worden. Daarnaast wordt via een verdeelsleutel vastgesteld hoeveel functies LB respectievelijk LC er op schoolniveau minimaal dienen te zijn. Dit minimumaantal op schoolniveau zal aanzienlijk lager zijn dan het te realiseren aantal functies op bestuursniveau, zodat er op bestuursniveau ruimte is om keuzes te maken over de inzet van de hogere functies. De werkgever voert met de P(G)MR overleg over de invoering van de functies in relatie tot het bestuursformatieplan.
  3. De invoering van deze maatregelen vindt plaats tussen 2010 en 2014. Leraren die in schaal LA en LB op hun maximum zitten en dus niet profiteren van de maatregelen krijgen een toelage.

Inkorting salarisschalen
De zogenoemde salarisschalen worden ingekort – binnen een salarisschaal komen minder periodieken, zodat leraren sneller meer gaan verdienen. De meeste leraren in het primair onderwijs, die aan het eind van hun schaal zitten gaan er 850 euro op jaarbasis op vooruit. In totaal zit zo’n 40 procent van de leraren in de sector primair onderwijs aan het eind van hun schaal. In 2008 krijgen alle leraren eenmalig 200 euro extra op de Dag van de Leraar (5 oktober).

Daarnaast kunnen schoolleiders in het primair onderwijs vanaf 1 januari 2009 rekenen op een extra toelage van 275 euro per maand.  De schaal AA voor adjunct-directeuren wordt afgeschaft. Adjunct-directeuren die benoemd zijn in deze schaal zullen overgaan naar schaal AB.

Ondersteuners
In het basisonderwijs komt er een regeling voor loonkostensubsidie voor het aanstellen van ondersteuners in het basisonderwijs. Op basis van die regeling kunnen minimaal 1550 ondersteuners worden aangesteld. De WvPO en PO-Raad hebben in het overleg met de minister telkens aangedrongen op een afspraak waarbij het via de lumpsumfinanciering voor iedere school mogelijk zou moeten zijn om voor de volledige arbeidsduur een conciërge of administratieve ondersteuner aan te stellen. De WvPO en PO-Raad zullen blijven aandringen op een uitbreiding van deze maatregel.

Overige onderdelen van het akkoord:

* Er komt een scholingsfonds. Elke leraar kan daar eens in zijn loopbaan een beroep op doen om een hoger kwalificatieniveau te bereiken. Vanaf de zomer van 2008 is er subsidie beschikbaar om de opleidings- en vervangingskosten te vergoeden.

* Er komt een Stichting van het Onderwijs, een platform van werkgevers en werknemers voor alle onderwijssectoren.

* De minister van OCW rapporteert twee keer per jaar aan de Tweede Kamer hoe het gaat met de uitvoering van de gemaakte afspraken en de behaalde resultaten.

* De sociale partners zullen bevorderen dat instellingen en docenten optimaal gebruik maken van de mogelijkheden die de CAO biedt om langer te werken. Daarbij wordt vooral geprobeerd om mogelijk te maken dat deeltijdleraren langere werkweken kunnen hebben.

Voorlichting en ledenraadpleging
Op 21, 22 en 23 april vinden voorlichtingsbijeenkomsten plaats over de resultaten van het overleg en de consequenties daarvan voor de CAO Primair Onderwijs. De bijeenkomsten vinden verspreid over het land plaats. U kunt zich via het aanmeldingsformulier op de website van de WvPO voor een van de bijeenkomsten aanmelden.

Voorlichtingsbijeenkomsten Actieplan LeerKracht:

21 april 14.00 – 16.00 uur: Zwolle, Nieuwe Buitensociëteit (Stationsplein 1)

22 april 14.00 – 16.00 uur: Utrecht, Aristo Utrecht (Brennerbaan 150)

23 april 14.00 – 16.00 uur: Eindhoven, Gele Kegels (Kennedylaan 1-5)

Het onderhandelaarsakkoord vindt u in de rechterkolom van dit bericht. Daar vindt u ook het gezamenlijke persbericht van de WvPO en de PO-Raad.

Informatie: Hans van Willegen, 0348-405277, jvanwillegen@vosabb.nl

Bijlagen