Onderwijs baalt van organisatorische rompslomp

Organisatorische rompslomp wordt gezien als het grootste probleem in het onderwijs. Dat blijkt uit de Onderwijsagenda. Deze peiling van de Volkskrant leverde ongeveer 30.000 reacties op, vooral van leraren. Lees verder

De organisatorische rompslomp in het onderwijs staat met stip bovenaan op de lijst met problemen die in het onderwijs worden ervaren. Het algemene beeld is dat leraren te veel tijd kwijt zijn aan andere taken dan direct contact met leerlingen.

Een van de oorzaaken van dit probleem ligt bij de docenten, zegt directievoorzitter Kars Veling van de openbare Johan de Witt Scholengroep in Den Haag. Hij zat in het Panel van Wijzen dat de reacties op de Onderwijsagenda analyseerde. ‘Docenten hebben in de cao’s afgedwongen dat zij maximaal 25 uur per week 50 minuten lesgeven. De rest van de tijd moeten ze ook wat’, aldus Veling op de website van Volkskrant Banen.

VOS/ABB ziet in de klacht over de rompslomp een argument om de kwaliteit van de stafbureaus op peil te houden. Het kabinet bezuinigt ruim 90 miljoen euro op bestuur en management in het primair onderwijs. Dat zal ertoe leiden dat de administratieve taken die de stafbureaus nu voor de scholen uitvoeren, elders in de organisatie zullen moeten worden belegd. Dat zal leiden tot een verergering van het probleem.

Meer knelpunten
Het Panel van Wijzen destilleerde uit de reacties op de Onderwijsagenda naast de organisatorische rompslomp vijf andere knelpunten. Op nummer 2 staat de interactie tussen ouders en school. De conclusie is dat zij onvoldoende partners in de opvoeding van kinderen zijn.

Op de derde plaats staan de arbeidsvoorwaarden van docenten. Het gaat hierbij niet alleen over het salaris dat te laag zou zijn, maar ook over de vakanties en ontslagbescherming die als te rigide worden beschouwd.

Te weinig maatwerk
Het vierde knelpunt in het lijstje dat het Panel van Wijzen heeft opgesteld, betreft het tekort aan maatwerk dat wordt ervaren om recht te kunnen doen aan diversiteit in het onderwijs. Hier wordt niet alleen gedacht aan de verschillen tussen autochtone en allochtone leerlingen, maar ook aan diversiteit in het onderwijs die nodig voor hoogbegaafde en zorgleerlingen.

Onvoldoende talentontwikkeling wordt over het algemeen ook gezien als een belangrijk probleem in het huidige onderwijs. De kritiek luidt dat het over méér zou moeten gaan dan alleen taal en rekenen. De eindtermen zouden nu te beperkt zijn. In het verlengde hiervan stelt het Panel van Wijzen op basis van de reacties dat er voor docenten meer opleidingsmogelijkheden moeten zijn.

Klik hier voor meer informatie.