‘Ouders verantwoordelijk voor zwemvaardigheid’

De zwemvaardigheid van kinderen is in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van ouders. Scholen en gemeenten kunnen hierin wel ondersteunen. Dat heeft demissionair minister André Rouvoet van OCW geantwoord op Kamervragen van de SP. Lees verder

De SP-Kamerleden Nine Kooiman en Manja Smits stelden de vragen aan minister Rouvoet  naar aanleiding van een bericht van de Reddingsbrigade Nederland. Die constateert dat kinderen steeds slechter zwemmen en dat hun conditie achteruitgaat.

Rouvoet antwoordt dat hij de zorg van de Reddingsbrigade Nederland deelt, maar dat de verantwoordelijkheid voor de zwemvaardigheid in eerste instantie bij de ouders ligt en niet bij de scholen en de gemeenten. Die kunnen wel ondersteuning bieden, meldt de minister.

Hij laat in zijn antwoorden ook weten dat het schoolzwemmen slechts een beperkte invloed heeft op de zwemvaardigheid van leerlingen. Ongeveer 10 procent van de kinderen haalt het zwemdiploma via het schoolzwemmen.

De SP maakt zich vooral zorgen om de zwemvaardigheid van kinderen met een allochtone achtergrond. Uit gegevens van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat 88 procent van de autochtone kinderen tot 16 jaar een zwemdiploma heeft, terwijl dat onder allochtone kinderen 76 procent is.

Klik hier voor de antwoorden van demissionair minister Rouvoet.