Plasterk blijft bij prestatiebeloning

Minister Plasterk blijft van mening dat een hoger loon voor hoger opgeleide leraren geen automatisme moet zijn. Dat had de commissie Rinnooy Kan, die hem adviseerde, wel aanbevolen. De minister geeft echter de voorkeur aan prestatiebeloning. Lees verder

Dit zei hij gisteren tijdens de behandeling van de onderwijsbegroting en het actieplan LeerKracht in de Tweede Kamer. ‘Een hoger opgeleide leraar is niet per definitie ook een betere leraar is”, aldus Plasterk. Hij wil dat schoolbesturen beslissen over loonsverhoging in relatie tot prestatie. Wel moet een schoolbestuur het duidelijk kunnen verantwoorden als een leraar die een hogere bevoegdheid haalt, geen promotie krijgt naar een hogere beloningsschaal.

Naast de prestatiebeloning komt er een verbetering van arbeidsvoorwaarden, waardoor lerarensalarissen sneller gaan stijgen. Dit zullen de leraren volgens Plasterk snel gaan merken, met salarisstijgingen van gemiddeld 6,5 procent in het basisonderwijs en 10 procent in het voortgezet onderwijs. 

In de Tweede Kamer benadrukte Plasterk ook dat de beloning van nieuwe bestuurders in het onderwijs moet voldoen aan de zogenoemde ‘Balkenende-norm’. Dat betekent dat deze bestuurders niet meer mogen verdienen dan 185.000 euro per jaar.

Een meerderheid van de Tweede Kamer steunt de minister.  Alleen de SP blijft zich verzetten; deze partij wil een vaste koppeling tussen opleidingsniveau en salaris. De SP maakte ook bezwaar tegen het voorstel om te bezuinigen op de ouderenregeling (de Bapo) om de loonsverhoging voor de leraren te kunnen financieren. Plasterk vindt dat oudere leraren langer door moeten werken, ook met het oog op het lerarentekort. De Algemene Onderwijs Bond heeft kritiek op het plan; de VO-Raad steunt Plasterk, zo blijkt uit een artikel vandaag in Trouw. De minister denkt in open overleg met de bonden tot overeenstemming te kunnen komen.

Plasterk gaf in zijn betoog verder aan dat hij deze kabinetsperiode niet wil morrelen aan het vmbo. “Er komen geen grote stelselwijzigingen, we gaan het vmbo niet opheffen en we gaan ook geen scholen splitsen”, aldus de minister. Net als zijn voorgangster Maria van der Hoeven kiest hij voor rust in het onderwijsveld.

Delen: Email this to someoneShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn