‘Problemen burgerschap vooral in orthodoxe scholen’

De kans dat zich met de uitvoering van de burgerschapsopdracht spanningen voordoen, is het grootst bij islamitische en streng christelijke scholen. Dat antwoordt staatssecretaris Sharon Dijksma op Kamervragen van de SGP. Lees verder

De SGP had vragen gesteld na de toespraak die Dijksma onlangs hield op de Kwaliteitsconferentie PO in Maarssen. Zij zei daar dat de Inspectie van het Onderwijs strenger moet gaan controleren of islamitische en streng christelijke scholen serieus werk maken van burgerschap en sociale integratie. SGP-fractieleider Bas van der Vlies was er verbolgen over dat de staatssecretaris islamitische en streng christelijke scholen ‘op één hoop gooide’.

Dijksma antwoordt Van der Vlies dat zei islamitische èn streng christelijke scholen noemde, omdat ‘gezien vanuit het geestelijk gedachtegoed dat aan deze scholen ten grondslag ligt, de bevordering van actief burgerschap met de daarmee onlosmakelijk verbonden basiswaarden, in de dagelijkse praktijk spanningen kan oproepen’. Als voorbeeld noemt ze het debat over de positie van homoseksuele leerkrachten en de gelijkwaardigheid tussen man en vrouw.

Dijksma spreekt tegen als zou ze de islamitische en streng christelijke scholen op één hoop willen vegen. Ook ontkent ze dat ze met haar toespraak het bijzonder onderwijs in een kwaad daglicht heeft willen stellen. ‘Wanneer er problemen worden gesignaleerd met de naleving van de wettelijke opdracht voor burgerschap en sociale integratie op een school dan worden man en paard genoemd’. Ze voegt eraan toe dat hierbij geen onderscheid naar denominatie wordt gemaakt. 

De staatssecretaris zei in haar toespraak in Maarssen dat iedereen op school mag zijn wie hij of zij is. ‘In die zin is de school niet alleen de plek die fysieke veiligheid biedt; ook de geestelijke vrijheid dient er te worden beschermd’, aldus Dijksma. Ze sloot met haar uitspraken in feite aan op de kernwaarden van het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs van VOS/ABB.