prof. mr. Paul Zoontjens: ‘Stop met denken in denominaties’

Een splinternieuw, torenhoog gebouw van de Universiteit van Tilburg: de faculteit rechtsgeleerdheid. Op de begane grond een royale studiezaal, waar groepjes studenten rustig werken
achter moderne flatscreens. Op de derde verdieping zetelt bijzonder hoogleraar onderwijsrecht prof. mr. Paul Zoontjens. Hij heeft zich, getuige enkele artikelen van zijn hand, al vaker verdiept in het imago-probleem van het openbaar onderwijs. Zijn advies: “Stop met denken in denominaties.
Die bestaan allang niet meer.” Lees verder

In zijn optiek is het onderscheid tussen openbaar en bijzonder onderwijs verdwenen. “Alle scholen zijn in wezen algemeen toegankelijk. Het is niks speciaals meer dat op de openbare scholen elk kind, van welke afkomst of religie dan ook, welkom is. Dat is op katholieke en protestants-christelijke scholen ook zo, dus het maakt geen indruk meer. Ouders kijken naar het specifieke aanbod van de school en daarmee moet de school zich dus profileren.” Het voorstel van een aantal Tweede Kamerfracties om algemene acceptatieplicht voor alle scholen in te voeren, laat Zoontjens dan ook volledig koud. “Het is zoeken naar een oplossing voor een probleem dat allang niet meer bestaat.”

“Bouw meer openbare scholen in nieuwe wijken en het imago zal verbeteren.”

Daarbij nuanceert Zoontjens: “Het imagoprobleem is erg regionaal gebonden. In het katholieke zuiden van ons land zijn de openbare scholen juist vaak de elitescholen. Dat komt omdat het vooral de scholen in oude binnensteden zijn, die net als die wijken verzwarten. Hier in het zuiden zijn dat de katholieke scholen, in de Randstad zijn het de openbare scholen. Een school wordt altijd een afspiegeling van de woonwijk. Bouw meer openbare scholen in nieuwe wijken en het imago zal verbeteren.”

Innovatief en neutraal
Het huisvestingsbeleid is dus voor een belangrijk deel debet aan de imagoproblemen van het openbaar onderwijs, maar dat is het niet alleen. Zoontjens vindt ook dat landelijk onvoldoende doorklinkt dat het openbaar onderwijs een innoverende sector is. “Mensen denken dat het katholiek onderwijs voorop loopt, maar dat is flauwekul, puur een kwestie van beeldvorming. Daar is dus wel wat aan te doen. Zorg dat alle scholen excellent zijn, dat is het belangrijkste, en misschien moeten de scholen het verouderde etiket ‘openbaar’ er vanaf halen. In plaats daarvan moeten ze uitstralen dat ze positief neutraal onderwijs  bieden. Want daar is zeker een markt voor. Dat is het product dat ze moeten verkopen: innovatief en positief neutraal onderwijs.”

“Vertaal het concept naar markttermen”

Wat ook helpt, volgens Zoontjens, is de verzelfstandiging van het openbaar onderwijs. “Ouders zien de openbare school als een school van de overheid, terwijl bijzondere scholen van de ouders zijn. De kerk heeft geen grote vinger in de pap meer sinds de staat het bijzonder onderwijs bekostigt. Wie betaalt, bepaalt. Alleen zijn het bij de bijzondere scholen de ouders die de scholen besturen. Verzelfstandiging van het openbaar onderwijs trekt dit gelijk en geeft de ouders daar ook meer invloed. Een gunstige ontwikkeling, waar de scholen gebruik van moeten maken.” Dat kan bijvoorbeeld door de scholen na de verzelfstandiging een andere naam te geven. “Niet meer openbare basisschool, maar ‘neutrale school’ of misschien zelfs ontmoetingsschool”, zegt Zoontjens. “Geen humanistische school of zo, daar kunnen ouders zich niets bij voorstellen, terwijl ze zich bij de bijbel van alles kunnen voorstellen. Die bijbel brengt in hun ogen ook normen en waarden mee, terwijl het openbaar onderwijs nog een beetje het jaren-zeventig imago heeft: links, geitewollensokken en Kees zeggen tegen de meester. Zorg voor een andere aankleding en maak meer werk van ethiekachtige vakken. Kies een naam die ouders aanspreekt. Kortom, vertaal het concept naar markttermen.”

Delen: Email this to someoneShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn