‘Publieke managers verdienen eerherstel’

De managers van scholen en andere publieke instellingen liggen vaak ten onrechte onder vuur. Ze verdienen eerherstel, zegt hoogleraar Mirko Noordegraaf van de Universiteit Utrecht. Lees verder

Noordegraaf is hoogleraar Publiek Management aan de Utrechtse faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie. Hij wijst erop dat problemen die bijvoorbeeld leerkrachten ervaren vaak niet worden veroorzaakt door managers, maar door een veranderde samenleving. 

Daarbij verwijst Noordegraaf naar de opkomst van Pim Fortuyn. Sindsdien is het gebruikelijk om managers overal de schuld van te geven, stelt hij. Leidinggevenden zouden zich te veel bezighouden met fusies en daardoor te ver van de praktijk staan. Bovendien wordt hun verweten dat zij werknemers te veel aan regels en richtlijnen onderwerpen. 

Schuldigen en slachtoffers
Ook luidt de kritiek dat veel managers zich alleen maar verrijken ten koste van de mensen op de werkvloer. Hierdoor is volgens Noordegraaf een situatie ontstaan waarbij managers steevast als ‘schuldigen’ en professionals als ‘slachtoffers’ worden neergezet. ‘Niet alleen in de media’, aldus de Utrechtse hoogleraar, ‘maar zelfs onder politici luidt het credo: weg met de manager!’

Met dit laatste verwijst Noordegraaf naar een interview met die titel dat vorig jaar in Vrij Nederland stond. In dat artikel uitte minister Ronald Plasterk van OCW felle kritiek op de managers in het onderwijs. In het kernthema Good Governance van VOS/ABB reageerde bestuurder Henk van der Esch van de Orchidee Scholengroep op die volgens hem onterechte kritiek.

In het decembernummer van Over Onderwijs zei SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan ook dat minister Plasterk met zijn kritiek op de managers zijn boekje te buiten is gegaan. Rinnooy Kan zei letterlijk dat hij daar ‘niet gelukkig’ mee is.

Klik hier voor de reactie van Henk van der Esch

Klik hier voor het interview met Alexander Rinnooy Kan

In de rechterkolom staat een persbericht van de Universiteit Utrecht over de uitspraken van Mirko Noordegraaf.

Bijlagen