Samenwerkingsschool stap dichterbij

Op 14 maart heeft de Eerste Kamer met grote meerderheid ingestemd met het voorstel artikel 23 van de Grondwet aan te passen. Deze wijziging maakt het mogelijk in de onderwijswetten de samenwerkingsschool te regelen. De volgende stap is dat de regering met een concreet voorstel komt tot aanpassing van die onderwijswetten. Lees verder

Een samenwerkingsschool verzorgt binnen één onderwijsinstelling zowel openbaar als bijzonder onderwijs. Daar is nu geen wettelijke regeling voor. Omdat er jarenlang een discussie is gevoerd over de vraag of artikel 23 van de Grondwet het wel toelaat de samenwerkingsschool wettelijk te regelen, heeft in 2001 het toenmalige kabinet het initiatief genomen duidelijkheid te scheppen.

De regering begon destijds het proces om artikel 23 van de Grondwet zodanig aan te passen dat er in ieder geval geen grondwettelijke blokkade is om de samenwerkingsschool wettelijk te regelen. Een grondwetswijziging is een proces van lange adem. Er zijn twee zogenoemde lezingen noodzakelijk. Dat wil zeggen dat twee opeenvolgende parlementen met de wijziging moeten instemmen. Tijdens de tweede lezing is zowel in de Tweede als in de Eerste Kamer een tweederde meerderheid vereist.

Het in 2001 gestarte proces is onlangs afgerond. Op 14 maart stemde de Eerste Kamer, met uitzondering van de fracties van SGP en ChristenUnie, in tweede lezing vóór het voorstel.

Volgende stap

Het feit dat de Grondwet nu is gewijzigd, betekent niet dat op korte termijn de samenwerkingsschool formeel is geregeld. Immers de preciese bestuurlijk-juridische vorm ervan moet nu in de onderwijswetten (WPO, WEC en WVO) worden uitgewerkt. De volgende stap is om in deze wetten een regeling van de samenwerkingsschool op te nemen. Minister Maria van der Hoeven heeft toegezegd een wetsvoorstel op korte termijn bij de Tweede Kamer in te dienen.

Die toekomstige wettelijke regeling van de samenwerkingsschool heeft in sterke mate het debat over de grondwetswijziging beheerst. Het bleek dat slechts een meerderheid voor aanpassing van artikel 23 te vinden zou zijn, als in de toekomst in zeer beperkte mate gebruik gemaakt zou kunnen worden van de mogelijkheid een samenwerkingsschool in stand te houden. 

CDA, ChristenUnie en SGP zijn namelijk beducht voor uitholling van het huidige duale stelsel, dat alleen openbare en bijzondere scholen kent. Op verzoek van het parlement heeft de regering eind 2002 een schets gegeven van hoe de wettelijke regeling eruit zou kunnen zien. In de schets gaf de regering aan, dat naar haar mening de instelling van een samenwerkingsschool alleen aan de orde kan zijn als een bestaande openbare of bijzondere school opgeheven dreigt te worden.

Daarnaast zouden scholen die materieel al een aantal jaren als samenwerkingsschool functioneren via een overgangsbepaling het recht hebben zich formeel om te zetten in een samenwerkingsschool.

Passende oplossing

VOS/ABB heeft zich van het begin af aan uitgesproken voor een ruimere wettelijke mogelijkheid om te kiezen voor een samenwerkingsschool. Indien betrokkenen het in een concrete situatie een passende oplossing vinden om een samenwerkingsschool te stichten, dan moet hun de ruimte worden geboden die keuze te effectueren.

Men kan daarbij denken aan de situatie dat in een nieuwbouwwijk het potentieel aan leerlingen te gering is om afzonderlijke openbare en bijzondere scholen  te stichten. In het komende wetgevingstraject zal VOS/ABB zich blijven inzetten voor een ruimere wettelijke regeling van de samenwerkingsschool.

Informatie: Klaas te Bos, tel. 0348-405227, ntebos@vosabb.nl

Delen: Email this to someoneShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn