Stille bezuinigingen: Dekker steekt kop in het zand

Schoolbesturen in financiële problemen zijn daar over het algemeen zelf schuldig aan, omdat ze de afgelopen jaren te veel personeel in dienst hadden. Dat antwoordt staatssecretaris Sander Dekker van OCW op Kamervragen van D66. Hij gaat in zijn antwoorden niet in op de voortwoekerende stille bezuinigingen. Lees verder

Kort voor de verkiezingen stelde het inmiddels vertrokken D66-Kamerlid Boris van der Ham vragen naar aanleiding van een benchmarkonderzoek van Deloitte. Daaruit bleek dat schoolbesturen in het primair onderwijs in 2011 vanwege financiële tekorten in totaal ruim 6000 fte (5 procent) minder hadden dan het jaar daarvoor.

Bij de vraag of dit komt door de stille bezuinigingen op onderwijs (bijvoorbeeld doordat er geen indexeringen plaatsvinden), gaat Dekker dit punt uit de weg. Wel stelt hij dat veel besturen zelf verantwoordelijk zijn voor hun financiële tekorten, doordat zij ten opzichte van het aantal leerlingen te veel personeel hebben of hadden. Zeker besturen in regio’s met demografische krimp en als gevolg daarvan dalende leerlingenaantallen, moeten hier in hun beleid op anticiperen.

De staatssecretaris erkent weliswaar dat er de afgelopen jaren is bezuinigd op bijvoorbeeld bestuur en management en op de groeiregeling, maar hij benadrukt dat daar grotere investeringen tegenover stonden. ‘Per saldo is het bedrag per leerling in de vorige kabinetsperiode gestegen en zijn schoolbesturen in de afgelopen jaren gecompenseerd voor loon- en prijsontwikkelingen’, aldus Dekker.

Ook hier noemt hij niet de stille bezuinigingen. Zo weet iedereen die verstand van onderwijs heeft dat bijvoorbeeld de vergoeding voor materiële instandhouding in het onderwijs al jarenlang niet voldoet. Ook worden schoolbesturen niet gecompenseerd voor de stijgende sociale premies. Dit bewuste beleid van de rijksoverheid raakt de schoolbesturen steeds harder. Staatssecretaris Dekker lijkt dit probleem niet te willen zien.

Klik hier voor de antwoorden van de staatssecretaris.