VVD’er Dijkhoff pleit voor algemene acceptatieplicht

VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff heeft opnieuw gepleit voor algemene acceptatieplicht in het primair en voortgezet onderwijs. Hij deed dat maandagavond in het interconfessionele Edith Stein College in Den Haag. Daar ging hij met zijn ChristenUnie-collega Gert-Jan Segers in debat over artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs.

Aanpassing van artikel 23 hoeft van Dijkhoff niet per se, zolang alle scholen maar worden verplicht om elke leerling toe te laten. Dat kan wat hem betreft in een wet worden geregeld, zodat er geen tijdrovende grondwetswijziging nodig is.

Nu is het nog zo dat scholen voor bijzonder onderwijs (bijvoorbeeld christelijke en islamitische scholen) met de grondwet in de hand op grond van religieuze uitgangspunten leerlingen mogen weigeren of wegsturen. Openbare scholen doen dat nadrukkelijk niet. Het openbaar onderwijs is immers van en voor iedereen. Diversiteit en wederzijds respect zijn in het openbaar onderwijs kernbegrippen.

Valt wel mee?

Segers zei in het debat dat het wel meevalt met het weigeren en wegsturen van leerlingen door bijvoorbeeld christelijke scholen. Volgens hem doet ‘3, 4 of 5 procent’ van de bijzondere scholen dat tegenwoordig nog.

Dat klinkt wellicht weinig, maar het komt erop neer dat er volgens Segers nog altijd tot circa 300 bijzondere scholen in Nederland zijn die religieus gemotiveerd en met het oog op uniformiteit hun deuren gesloten houden voor leerlingen als die in de ogen van die scholen niet passen bij bepaalde religieuze normen.

Van en voor iedereen

VOS/ABB benadrukt dat het niet meer past bij de huidige samenleving dat scholen leerlingen kunnen weigeren op grond van religieuze argumenten. Algemene acceptatieplicht móet dan ook (eindelijk) bij wet worden geregeld, vinden wij.

Dat geldt tevens voor algemene benoembaarheid, omdat ook het weigeren van personeelsleden op basis van hun levensbeschouwing en/of levenswijze in onze ogen maatschappelijk niet meer acceptabel is.

ChristenUnie poogt discriminatie van homo’s te handhaven

Tweede Kamerlid Gert-Jan Segers van de ChristenUnie heeft een amendement ingediend waarmee hij voor het bijzonder onderwijs de mogelijkheid wil behouden om werknemers op grond van godsdienstige uitgangspunten te discrimineren. 

Het amendement van Segers houdt verband met het voorstel tot het schrappen van de enkele-feitconstructie uit de Algemene wet gelijke behandeling. Dat voorstel is ingediend door D66-Kamerlid Vera Bergkamp en haar collega’s Tamara van Ark van de VVD, Keklik Yücel van de PvdA, Jasper van Dijk van de SP en Jesse Klaver van GroenLinks. Woensdag heeft de Kamer hierover gedebatteerd. Op 27 mei wordt erover gestemd.

Segers wil dat bijzondere scholen (en andere instellingen) ten aanzien van personen op grond van godsdienst, levensovertuiging of politieke gezindheid onderscheid mogen maken ‘voor zover deze kenmerken vanwege de aard van de betrokken specifieke beroepsactiviteit of de context waarin deze wordt uitgeoefend een wezenlijk, legitiem en gerechtvaardigd beroepsvereiste vormen, gezien de grondslag van de instelling en de houding van goede trouw en loyaliteit die nodig zijn voor de verwezenlijking daarvan.’

Met de wet in de hand
Het bovenstaande komt er in feite op neer dat de ChristenUnie met dit amendement vast wil houden aan de mogelijkheid voor het bijzondere onderwijs om met de wet in de hand werknemers te weigeren of te ontslaan als hun levenswijze niet zou passen bij de godsdienstige uitgangspunten van de school.

Het amendement gaat nog verder dan de bestaande enkele-feitconstructie, omdat die verbiedt een werknemer te weigeren of te ontslaan op basis van het enkele feit dat hij of zij bijvoorbeeld homoseksueel is. In het amendement wordt gesproken over ‘kenmerken’ die zouden kunnen botsen met de grondslag van de school.

Het lijkt erop dat Segers geen onderscheid wil maken tussen ‘kenmerken’ van een persoon en het leven dat die persoon onder meer op grond van die kenmerken leidt. Alleen de ‘kenmerken’ zouden dus al grond voor weigering of ontslag kunnen zijn.

Reformatorische scholen
De discriminatie van onder anderen homoseksuele personeelsleden en leerlingen speelt vooral op orthodoxe scholen, waaronder reformatorische. In deze scholen wordt een levenswijze die afwijkt van wat volgens orthodoxe christenen door de Bijbel is toegestaan gezien als een overtreding van wat God van de mens eist.

Homoseksuelen of transgenders worden volgens deze leer op zich geaccepteerd, maar het wordt niet geaccepteerd als zij uiting geven aan hun geaardheid. Dit kan op basis van de huidige wetgeving reden tot weigering of ontslag zijn.

Openbare scholen
In de kernwaarden van het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs staat expliciet vermeld dat alle leerlingen en alle bekwame personeelsleden welkom zijn, ‘ongeacht hun levensovertuiging, godsdienst, politieke gezindheid, afkomst, geslacht of seksuele geaardheid. Dit geldt nadrukkelijk ook als mensen hieraan uiting geven.

Reactie Segers
Gert-Jan Segers spreekt tegen als zou hij met het amendement laten blijken voorstander te zijn van discriminatie. In een discussie op Twitter tussen hem en VOS/ABB benadrukt hij dat discriminatie bij wet verboden is en dat dat zo moet blijven. Hij verdedigt de inhoud van zijn amendement door erop te wijzen dat er in Nederland vrijheid van godsdienst en vrijheid van onderwijs is.

VOS/ABB is van mening dat de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van onderwijs niet in stelling mogen worden gebracht om bepaalde mensen uit te sluiten op grond van hun persoonlijke kenmerken, hetgeen Segers met zijn amendement voorstaat. Uitsluiting van personen op grond van hun persoonlijke kenmerken is immers discriminatie.