Extra geld voor onderwijs (maar niet heus)

Het kabinet investeert in 2020 extra in onderwijs, beweert minister Wopke Hoekstra. Dat is echter geenszins het geval als wordt gekeken naar het primair en voortgezet onderwijs. Daar is zelfs sprake van een (kleine) bezuiniging. Toch lijkt het kabinet van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie ermee weg te komen, dankzij steun van oppositiepartij GroenLinks.

Hoekstra (CDA) zei tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen dat er onder andere in de onderwijsbegroting investeringen zitten, maar dat is helemaal niet het geval. Wel wordt er door middel van kasschuiven voor het primair en voortgezet onderwijs geld naar voren gehaald. Dat is dus geld dat voor latere jaren bestemd was, en dus geen extra geld.

Uit een grondige analyse van de onderwijsbegroting die VOS/ABB heeft gemaakt, blijkt dat er in 2020 geen cent voor onderwijs bijkomt. Sterker nog: er zal volgend jaar sprake zijn van een (kleine) bezuiniging op de loon- en prijsbijstelling. Het kabinet houdt een deel hiervan in om daarmee onderhoud en vervanging van ICT-systemen bij DUO te betalen.

Kabinet hoeft niets te vrezen

De onderwijsbegroting voor volgend jaar kan ongestoord door de Tweede en Eerste Kamer. Oppositiepartij GroenLinks heeft te kennen gegeven het kabinet geen strobreed in de weg te leggen. Fractieleider Jesse Klaver zegt dat dit een nieuwe vorm van politiek bedrijven is. Door mee te stemmen met het kabinet, denkt GroenLinks meer te bereiken dan met tegenstemmen.

Klaver legt in de Volkskrant uit hoe het volgens hem werkt: ‘Het kabinet moet sowieso iets doen aan de onderwijsbegroting. Niet omdat welke partij dan ook voor of tegen stemt, maar omdat er een groot probleem is. Maar alleen iets doen omdat de oppositie dreigt tegen te stemmen, dat vind ik niet de manier.’

Klaver zegt ervan overtuigd te zijn dat er extra geld voor onderwijs gaat komen. Die ruimte is volgens hem geboden in de Algemene Beschouwingen. Premier Mark Rutte liet toen doorschemeren dat het kabinet in 2020 wellicht eenmalig extra geld voor het onderwijs uittrekt. Op 16 oktober heeft Rutte daarover een gesprek met de sociale partners.

De sectororganisaties PO-Raad en VO-raad en de vakbonden eisen structureel 423,5 miljoen euro extra voor het onderwijs.

Laatste school in dorp moet openbare school zijn!

Kleine dorpsscholen moeten open blijven, maar wanneer er twee kleine scholen in het dorp zijn, is fusie of samenwerking een goed idee. Dat schrijven Tweede Kamerlid Jesse Klaver van GroenLinks en de Waterlandse GL-fractievoorzitter Laura Bromet in de Volkskrant. VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs benadrukken op basis van de Grondwet dat de laatste school in een dorp een openbare school moet zijn.

In hun opiniestuk wijzen Klaver en Bromet erop dat er in veel dorpen stevige concurrentie is tussen openbare en protestants-christelijke of katholieke scholen. Die energie kan volgens hen beter worden gebruikt om één gezamenlijke school in stand te houden. Dat komt ten goede aan de onderwijskwaliteit en levert kostenbesparingen op.

Klaver en Bromet zetten in hun stuk vraagtekens bij het recente advies Grenzen aan kleine scholen, waarin de Onderwijsraad ervoor pleit om scholen met minder dan 100 leerlingen te sluiten. Als voorbeeld noemen zij openbare basisschool De Overhaal in het dorp Zuiderwoude bij Monickendam. Deze school met 70 leerlingen heeft een goede beoordeling van de Inspectie van het Onderwijs. De school wordt gezien als een voorwaarde voor sociale samenhang in het dorp. Sluiting zou de kwaliteit van de leefomgeving aantasten.

Als een voorbeeld van kansen op samenwerking wordt het dorp Ilpendam genoemd, vlak bij Amsterdam-Noord. Daar telt de openbare Van Randwijkschool 120 leerlingen en de katholieke Sint-Sebastianusschool 60 leerlingen. Hoewel ze al wel in hetzelfde gebouw zitten, hebben de scholen hun eigen klassen, elk een eigen directeur en vieren ze apart Kerstmis en Pasen. Beide scholen hebben combinatieklassen, wat volgens Klaver en Bromet vanwege leeftijdsverschillen sociaal ongewenst is.

Samenvattend vinden de politici dat de laatste basisschool in het dorp open moet blijven zolang de kwaliteit voldoende is. Maar als er meer kleine basisscholen van verschillende denominaties zijn, moet samenwerking door schoolbesturen financieel worden gestimuleerd. Dat gebeurt volgens Klaver en Bromet te weinig.

Openbaar onderwijs grondwettelijk gegarandeerd!
VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs kunnen zich vinden in het pleidooi van de GroenLinksers, maar wijzen er nadrukkelijk op dat de laatste school van het dorp principeel een openbare school moet zijn. De Grondwet zegt immers: er ís openbaar onderwijs en er kán bijzonder onderwijs zijn. Zo garandeert de overheid dat de openbare school van de gemeenschap is: iedereen moet er terecht kunnen.

Dit principe komt terug in het concept 'school', waarin openbaar onderwijs op basis van gelijkwaardigheid samenkomt met alle denominaties. Het ideaal 'school', dat VOS/ABB en VOO nastreven, wil voor alle kinderen goed onderwijs, met eerbiediging van en aandacht voor ieders religieuze of levensbeschouwelijke overtuiging. De kernwaarden van het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs verwoorden het ideaal 'school'.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl