Voortgezet onderwijs wil meer inspectiebezoek

De Inspectie van het Onderwijs moet minder naar cijfers kijken en meer adviserend te werk gaan. Uit een rapport van DUO Onderwijsonderzoek over de tevredenheid in het voortgezet onderwijs over de inspectie blijkt ook dat scholen vaker dan nu het geval is een inspecteur over de vloer willen.

DUO Onderwijsonderzoek werkte voor het tevredenheidsonderzoek samen met het onderwijsmagazine Van Twaalf tot Achttien. Bijna 1000 schoolbestuurders, managers en docenten uit het voortgezet onderwijs reageerden op een oproep om een oordeel te geven over de Inspectie van het Onderwijs.

Opmerkelijk is dat nog niet de helft van de docenten die aan het onderzoek hebben meegewerkt, het helemaal eens zijn met de definitie van kwaliteit zoals de inspectie die hanteert. Scholen moeten volgens de inspectie het onderwijs bieden dat leerlingen nodig hebben om zoveel mogelijk te leren en zichzelf te kunnen ontwikkelen.

Als wordt gevraagd of de inspectie op de goede wijze toeziet op de naleving van wet- en regelgeving, reageert bijna niemand in het voortgezet onderwijs ronduit positief. De docenten zijn hierover het negatiefst. Van de bestuurders en managers is 39 procent in min of meerdere mate positief over de werkwijze van de inspectie.

Bij de verbeterpunten wordt genoemd dat scholen graag een vaste inspecteur willen. Bovendien zouden inspecteurs meer verstand van onderwijs moeten hebben. Ook wordt bij de verbeterpunten op bijna cynische wijze de situatie in Finland genoemd, waar geen onderwijsinspectie bestaat.