Te krap bij kas? Jammer dan!

Schoolbesturen die grote moeite doen om ondanks de bezuinigingen de kwaliteit van het primaire proces op peil te houden, zitten niet te wachten op een minister die zegt dat het onderwijs alle financiële problemen maar zelf moet oplossen. Antwoorden van minister Marja van Bijsterveldt op recente Kamervragen zijn wat dit betreft ronduit ontluisterend. Lees verder

Vorig jaar werd op Prinsjesdag bekend dat er voor ruim 90 miljoen euro zou worden bezuinigd op de lumpsum van het primair onderwijs. De inmiddels vertrokken staatssecretaris Sharon Dijksma van OCW verpakte dit op een slimme manier. Zij zei dat het een korting was op het budget voor bestuur en management, terwijl dat aparte budget in de lumpsum in feite niet meer bestaat. Het was kortom een greep in de kas.

Daarbovenop kwam een aanpassing van de groeiregeling. Niet meer de groei per school, maar per bestuur is nu bepalend. Daarmee is structureel nog eens 46 miljoen euro bij het primair onderwijs weggehaald. In totaal dus voor het lopende jaar ruim 136 miljoen, een bezuiniging waarmee de Tweede Kamer ondanks protesten van VOS/ABB en later ook de PO-Raad akkoord ging.

Iedereen wist al dat behoud van de kwaliteit van het primaire proces een zeer lastige, zo niet onmogelijke opgave zou zijn. Te meer omdat stafbureaus al zeer sober werken. Daar zit al jarenlang geen enkel vet meer op de botten. Het kan dan ook voor de nieuwe minister van OCW geen verrassing zijn dat er verspreid over het land in het primair onderwijs problemen ontstaan.

In antwoorden op recente Kamervragen hierover, neemt Van Bijsterveldt het probleem volledig niet serieus. Dat de Tweede Kamer met de bezuinigingen heeft ingestemd, mag (helaas) duidelijk zijn. Maar dat mag geen reden zijn om de ogen voor de problemen te sluiten, zoals de nieuwe minister doet. Zij durft zelfs te beweren dat de besturen de problemen voor een groot deel zelf veroorzaken, doordat ze te veel personeel zouden aannemen. Kortom: de boodschap van de nieuwe minister is dat de besturen het allemaal zelf maar moeten oplossen. Er is in de lumpsum nog geld genoeg om het primaire proces op peil te houden, denkt ze.

Het is te gek voor woorden dat de nieuwe minister zo kortzichtig en met gebrek aan kennis over de groeiende problemen van het primair onderwijs heenwalst. Haar optreden schept een verontrustend precedent, niet alleen voor het primair onderwijs maar voor de hele sector. De korting van 300 miljoen euro op passend onderwijs en het budgetplafond voor het speciaal onderwijs moeten nog worden ingeboekt en ook het voortgezet onderwijs ligt in de gevarenzone.

Ritske van der Veen

In de rechterkolom kunt u een nieuwsbericht over deze kwestie aanklikken.