Toelatingsbeleid

Stappenplan bij aanmelding gehandicapt kind Lees verder

Wanneer kan een gehandicapt kind wel of niet worden toegelaten tot de reguliere basisschool? Het is voor scholen van belang om dit goed af te wegen en een duidelijk toelatingsbeleid te formuleren. Hiervoor is een stappenplan gemaakt, dat is te downloaden door hier te klikken.

Alhoewel de Leerlinggebonden financiering (oftewel Rugzak-beleid) voorlopig niet doorgaat, kunnen ouders van gehandicapte kinderen ook nu toelating tot de basisschool verzoeken. Dat kan op grond van het aanvullend formatiebeleid. Hierin wordt bepaald dat basisscholen voor gehandicapte leerlingen extra formatie en middelen kunnen aanvragen. Dit beleid heeft ertoe bijgedragen dat in de afgelopen tien jaar het aantal gehandicapte leerlingen in het basisonderwijs is gestegen tot ca. 8000.

Als de Eerste Kamer had ingestemd met het wetsvoorstel tot wijziging van diverse onderwijswetten zou het aanvullend formatiebeleid zijn omgezet in de wet Leerlinggebonden Financiering. Volgens deze regeling zouden ouders van gehandicapte kinderen met een positieve beschikking van een commissie voor de indicatiestelling om toelating tot een basisschool kunnen verzoeken, waarbij er recht is op extra formatie, middelen en externe ondersteuning. Dit is echter niet doorgegaan: de Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel controversieel verklaard, waardoor het is uitgesteld tot er een nieuw kabinet is. Naar verwachting komt het voorstel nu pas in het najaar aan de orde, zodat de regeling niet per 1 augustus in kan gaan.

Toch zijn veel scholen juist naar aanleiding van dit ‘Rugzak beleid’ opnieuw gaan nadenken over het toelatingsbeleid. Ook al omdat de wetgever aangeeft dat in schoolgids en schoolplan expliciet aandacht moet worden besteed aan dit beleid.

Omdat er geen sprake is van een plaatsingsplicht zal elke school voor elk verzoek opnieuw een afweging moeten maken. Kern van deze afweging is de vraag of de combinatie van handicap en de extra onderwijsondersteuning die noodzakelijk is, spoort met de mogelijkheden van de school. Letterlijk staat in het wetsvoorstel: ‘De keuzevrijheid van ouders kan worden beperkt door de aard en de zwaarte van de handicap en de feitelijke (on)mogelijkheden van de reguliere scholen om gehandicapte kinderen op te nemen’.

Bij het formuleren van het toelatingsbeleid is het zinvol uit te gaan van een procesbeschrijving: welke stappen zet de school en welke overwegingen spelen een rol bij het besluit een leerling met een handicap wel of niet toe te laten. Op deze manier wordt duidelijk welke hulpvragen het kind stelt, zodat na het maken van een analyse van de (on)mogelijkheden van de school, er een onderbouwd antwoord kan worden gegeven op het verzoek om toelating.

In dit zoekproces kan men om ondersteuning vragen van het speciaal onderwijs of bijvoorbeeld de Permanente Commissie Leerlingenzorg van het samenwerkingsverband. Uiteraard kunnen ervaringen van andere scholen met gehandicapte leerlingen (in sommige regio’s kent men aparte netwerken) hierbij zeer zinvol zijn.

Op deze manier ontstaat tegelijkertijd de aanzet voor het handelingsplan voor de wellicht toekomstige leerling.

Voor meer informatie over de juridische aspecten van toelating kunt u ook het VOS/ABB katern ‘Toelating en verwijdering’ raadplegen. Het katern is eerder toegezonden, maar staat ook – net als het stappenplan – op deze website.

Bijlagen