Tweede Fase: bewaar positieve elementen

De negatieve berichtgeving over de Tweede Fase overheerst, terwijl er juist ook veel positieve punten zijn te noemen. Minister Maria van der Hoeven mag met haar vernieuwingsplannen positieve elementen niet overboord gooien. Bovendien moet ze oppassen dat de scholen niet wéér te maken krijgen met een grondige koerswijziging. Lees verder

De recente berichtgeving in de media over het evaluatierapport ‘Zeven jaar Tweede Fase, een balans’ was veel te negatief. Uit het rapport dat de minister in oktober naar de Tweede Kamer heeft gestuurd, blijkt onder meer dat de algemene vaardigheden van de studenten zijn verbeterd. Zij vinden zelf dat ze veel beter functioneren dan de laatste lichting vwo’ers oude stijl. Veel opleiders zijn het met hen eens. Een ander positief punt is dat na de invoering van de Tweede Fase meer leerlingen kiezen voor de ‘koninklijke weg’. Dit leidt tot minder uitval.

Het is jammer dat deze belangrijke positieve punten in de media nauwelijks aan bod zijn gekomen. Er werd vooral bericht over het vermeende gebrek aan vakkennis van studenten, terwijl het rapport dit beeld nauwelijks bevestigt. Uit de evaluatie komt naar voren dat slechts een deel van de opleiders in het hoger onderwijs vindt dat de vakkennis minder is geworden. Een aanzienlijk deel vindt dit helemaal niet.

De vrees bestaat dat de negatieve aspecten uit het evaluatierapport ten onrechte de boventoon voeren, ook bij de wens van de minister om de Tweede Fase op de schop te nemen. Ik hoop dat Van der Hoeven inziet dat haar drang tot verbetering er niet toe mag leiden dat positieve ontwikkelingen tot staan worden gebracht. Dat zou zonde zijn.

Ten slotte wijs ik er op dat de scholen al zelf massaal de gelegenheid benutten om de inrichting van de Tweede Fase te evalueren en waar nodig aan te passen. Dit mag men verwachten van een sector die te maken heeft met een groeiende autonomie. Ik hoop dan ook dat de vernieuwingsdrang van OCW eigen initiatieven van scholen niet zal dwarsbomen.