Vervolgonderzoek naar vermogensposities nodig

Het is nog onvoldoende duidelijk welke vermogenspositie de besturen voor openbaar onderwijs hebben. Dat stelt beleidsmedewerker Reinier Goedhart van VOS/ABB in een reactie op een onderzoek naar de vermogen van po-besturen, dat het bureau PricewaterhouseCoopers (PwC) in opdracht van het ministerie van OCW heeft uitgevoerd. Lees verder

Goedhart benadrukt dat er een vervolgonderzoek nodig is. ‘Hierbij zal met name ook extra aandacht gegeven moeten worden aan het openbaar onderwijs. Door ontbrekende cijfers bij een integraal bestuur en recente ontwikkelingen als gevolg van verzelfstandiging, zijn veel jaarrekeningen van openbare schoolbesturen niet meegenomen in het onderzoek van PwC. Daardoor is het beeld van de vermogenspositie van het openbaar onderwijs, maar daarmee ook het beeld van PO als totaal, nog onvoldoende.’

Hij noemt het ‘interessant dat het rapport een modelmatige benadering geeft voor de bepaling van het benodigde vermogen van ieder afzonderlijk bestuur.’ VOS/ABB is een kritische gesprekspartner geweest voor PwC. ‘Daarom zijn we nu ook in staat om een model te maken waarmee een bestuur de benodigde financieringsfunctie kan bepalen plus ook de risicobuffer kan kwantificeren. Daarmee is de benodigde omvang van het totale eigen vermogen inzichtelijk te maken en te onderbouwen’, aldus Goedhart.

Het nieuwe VOS/ABB-model is binnenkort gereed. Zodra dat het geval is, wordt dat op deze website en in de digitale VOS/ABB-nieuwsbrief bekendgemaakt.

Het PwC-rapport, de reactie van VOS/ABB en de aanbiedingsbrief van staatssecretaris Sharon Dijksma van OCW staan in de rechterkolom.

Informatie: Reinier Goedhart, 0348-404804, rgoedhart@vosabb.nl of Bé Keizer, 0348-405251, bkeizer@vosabb.nl

Bijlagen