Zwakke school zaak voor rijksoverheid

Het toezicht op de kwaliteit van het onderwijs moet een taak blijven van de centrale overheid. Er is geen enkele reden om de gemeenten op dit vlak meer bevoegdheden te geven. Dat stellen directeur Theo Hooghiemstra van VOS/ABB en zijn collega Wim Kuiper van de Besturenraad. Ze reageren in een artikel in het Nederlands Dagblad op een oproep van de vier grote steden aan het Rijk om sneller en harder te kunnen ingrijpen bij (zeer) zwakke scholen.
Lees verder

De onderwijswethouders van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht willen onder meer de bevoegdheid krijgen om ouders af te raden hun kind naar een slecht presterende school te sturen. De Rotterdamse wethouder Leonard Geluk (CDA) deed dat eerder dit jaar naar aanleiding van de aantoonbaar slechte prestaties van de islamitische Ibn Ghaldounschool in zijn stad. Het bestuur van deze school stapte naar de rechter, die Geluk terugfloot.

Bovendien hebben de G4 aan het kabinet aangegeven dat schoolbesturen moeten kunnen worden verplicht met gemeenten afspraken te maken om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren.

Veel te ver
Hooghiemstra en Kuiper schrijven in hun reactie dat dit veel te ver gaat. Ze schrijven dat er geen enkele reden is om de bevoegdheden van de gemeenten uit te breiden. Het toezicht op de onderwijskwaliteit moet volgens VOS/ABB en de Besturenraad een taak blijven van de centrale overheid. Dat garandeert uniforme kwaliteitsmaatstaven en eenduidig overheidsoptreden.

De reactie van Hooghiemstra en Kuiper in het Nederlands Dagblad staat in de rechterkolom van dit bericht.

Bijlagen