‘Inspectie moet letten op levensvatbaarheid’

De Inspectie van het Onderwijs moet de levensvatbaarheid van scholen gaan beoordelen. Dat adviseert de Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge (CDA) naar aanleiding van het besluit van staatssecretaris Sander Dekker van OCW om de bekostiging van de evangelische basisschool Timon in Rotterdam stop te zetten.

In een interview met het Nederlands Dagblad (ND) gaat De Jonge in op de vraag hoe het kon gebeuren dat de inspectie kort voor de zomer nog een positief oordeel had over de evangelische basisschool in Rotterdam en dat onlangs is besloten om de bekostiging stop te zetten vanwege een gebrek aan kwaliteit.

‘Door een conflict tussen de directeur en het bestuur is de kwaliteit van de school in korte tijd snel achteruit gegaan’, aldus De Jonge in het ND. De wethouder benadrukt dat voor de zomer al wel duidelijk was dat Timon nooit op tijd de stichtingsnorm zou halen. ‘Ik vind daarom dat de inspectie ook de levensvatbaarheid van een school moet toetsen.’

Dat moet volgens hem niet alleen gebeuren bij scholen die net van start zijn gegaan, maar ook bij al langer bestaande scholen. ‘De inspectie zou dan moeten toetsen of de optelsom van kwaliteit, financiële situatie en ontwikkeling van het aantal leerlingen perspectief biedt op een goede school.’

De ontwikkeling van het aantal leerlingen behoort nu niet tot het toezichtkader van de Inspectie van het Onderwijs. De Rotterdamse wethouder adviseert dus om dat er wel in op te nemen. Ook zou de inspectie wat hem betreft voorafgaand aan de stichting van een school moeten beoordelen of die school voldoende onderwijskwaliteit kan bieden. Ook zou de inspectie moeten toezien op de kwaliteit van het personeel en van het bestuur.

De standpunten van de Rotterdamse wethouder staan niet alleen in het kader van de huidige problemen met de evangelische basisschool Timon, maar ook van twee islamitische scholen in Rotterdam die hun deuren hebben moeten sluiten. Dat waren de islamitische basisschool Dialoog en de veelbesproken scholengemeenschap Ibn-Ghaldoun.

Omdat het hier het bijzonder onderwijs betreft, vraagt het christelijke ND zich af of met de voorstellen van de CDA-wethouder de vrijheid van onderwijs wordt ingeperkt. Dat is volgens hem niet het geval: ‘We moeten de vrijheid van onderwijs weerbaar maken en slechte bestuurders geen kans geven. Een kwalitatieve toets voorafgaand aan de stichting van een school, is juist een bescherming van de vrijheid van onderwijs.’

Wethouder blij met sluiting zwakke basisschool

De Rotterdamse onderwijswethouder Hugo de Jonge (CDA) is blij dat de evangelische basisschool Timon in zijn stad dichtgaat.

De school gaat officieel op 1 januari dicht. Het bestuur heeft dat op aandringen van de gemeente besloten. Het onderwijs op het schooltje met 63 leerlingen is volgens de Inspectie van het Onderwijs structureel zeer zwak. De ouders maakten zich daar al lange tijd zorgen over. Er stonden onbevoegde leerkrachten voor de klas en er was veel agressie onder de leerlingen.

De evangelische basisschool werd in 2010 opgericht. Binnen vijf jaar had de school minimaal 300 leerlingen moeten hebben om voort te kunnen blijven bestaan. Het zag er niet naar uit dat dit aantal zou worden gehaald.

Wethouder De Jonge vindt het ‘goed dat er een punt achter wordt gezet’. Hij noemt dat op Twitter ‘de beste oplossing voor de leerlingen’. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW heeft per brief de Tweede Kamer geïnformeerd over de sluiting.

Doordat de school in Rotterdam dichtgaat, moet ook de evangelische basisschool Talitha de deuren sluiten. De school in Utrecht is namelijk een nevenvestiging van de school in Rotterdam.

De Stichting voor Evangelische Scholen (SVeS) is ook actief in Amsterdam, Den Haag, Tilburg, Hoofddorp en Apeldoorn.