Verwijdering van leerling uit groep 8, advies Geschillencommissie passend onderwijs

Het gedrag van een leerling wordt in twee jaar tijd steeds problematischer. Hij is onvoorspelbaar en agressief. Na twee ernstige incidenten gaat de school over tot verwijdering. Zij verwijst de leerling naar speciaal onderwijs. Ouders vinden dat type onderwijs niet passend. Volgens een jeugdarts is het gedrag van de leerling ontstaan door een trauma. De ouders vinden professionele begeleiding echter niet nodig. Er is de nodige begeleiding gegeven maar de school kan de veiligheid niet langer waarborgen.

De leerling is op dit moment gebaat bij een veilige schoolomgeving met kleine klassen en gespecialiseerde begeleiding. Bovendien kan de leerling op het speciaal onderwijs gebruik maken van verlenging van onderwijstijd. Verwijdering van een leerling uit groep 8 vereist een bijzondere motivering. Volgens de Geschillencommissie passend onderwijs was hieraan voldaan.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: GPO, 29 januari 2018, 107983

Verwijdering van leerling uit groep 8, uitspraak bestuursrechter

Een reguliere basisschool heeft een leerling uit groep 8 verwijderd, omdat deze leerling medeleerlingen en leerkrachten in gevaar brengt door verbaal en fysiek geweld op school, waardoor de veiligheid van de leerlingen en de leerkrachten niet meer gewaarborgd kan worden. Daarnaast kan de school niet meer voldoen aan de ondersteuningsbehoefte van de leerling.

De rechtbank stelt vast dat uit het incidentenregister blijkt dat de leerling herhaaldelijk gewelddadig is geweest, opstandig gedrag heeft getoond en zich heeft onttrokken uit het toezicht van de school. De school heeft diverse maatregelen ingezet om het gedrag van de leerling te begeleiden. Zo is er door het samenwerkingsverband een gedragstolk ingezet, is er een agressietraining aangeboden, is er gewerkt met een gevoelsthermometer in de klas, was er voor de leerling een aparte ontladingsruimte en had de leerling de mogelijkheid om tijdens schooltijd te kickboksen. De inzet van deze maatregelen alsmede diverse schorsingen/time outs hebben niet tot verbetering geleid. De rechtbank is van oordeel dat het schoolbestuur meer dan voldoende minder vergaande maatregelen heeft genomen om de leerling in zijn gedrag te begeleiden zonder dat dit tot het gewenste resultaat heeft geleid. De rechtbank concludeert dat het schoolbestuur in redelijkheid tot verwijdering van de leerling over heeft kunnen gaan.

Verwijdering van een leerling, ouders geven geen toestemming voor het doen van nader onderzoek, advies Geschillencommissie passend onderwijs

Ondanks langdurige en intensieve begeleiding werd het gedrag van de leerling steeds extremer. Haar ouders gaven geen toestemming voor het door de school en deskundigen gewenst onderzoek. De ouders leggen het verwijderingsbesluit voor aan de Geschillencommissie passend onderwijs.

Mede door het uitblijven van toestemming voor onderzoek kan de school niet langer voldoen aan de ondersteuningsbehoefte van de leerling. De commissie is van oordeel dat het schoolbestuur de vereiste procedure voor verwijdering heeft gevolgd, beschikt over een toelaatbaarheidsverklaring en door het vinden van andere scholen die de leerling willen toelaten aan haar zorgplicht voldaan.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: GPO, 23 maart 2018, 108077

Verwijdering van een leerling, ouders geven geen toestemming voor het doen van nader onderzoek, uitspraak bestuursrechter

Ondanks langdurige en intensieve begeleiding werd het gedrag van de leerling steeds extremer. Haar ouders gaven geen toestemming voor het door de school en deskundigen gewenst onderzoek. De ouders leggen het verwijderingsbesluit voor aan de bestuursrechter.

De rechtbank concludeert dat voldoende is bewezen dat de leerling regelmatig problematisch en agressief gedrag vertoont waardoor zij niet meer te handhaven was in de groep. Er zijn diverse ondersteuningsmaatregelen ingezet om de leerling te begeleiden, maar die hebben niet tot gedragsverandering geleid. Om de leerling verder te kunnen begeleiden was een groot psychodiagnostisch onderzoek nodig. Ouders hebben tot driemaal toe geweigerd hier toestemming voor te geven. De weigering van ouders om medewerking te verlenen aan dit onderzoek heeft ertoe geleid dat de school geen inzicht heeft kunnen krijgen in de ondersteuningsbehoefte van de leerling. Het was de school dan ook toegestaan om tot verwijdering van de leerling over te gaan.

Bron en volledige uitspraak op www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:RBMNE:2018:5025

Geschil over toelaatbaarheidsverklaring speciaal onderwijs, uitspraak bestuursrechter

Een samenwerkingsverband heeft voor een leerling een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal onderwijs afgegeven. De leerling is volgens het samenwerkingsverband gebaat bij een veilige leeromgeving met kleine klassen en gespecialiseerde begeleiding. De ouders van de leerlingen vinden dat hij het meest gebaat is bij regulier basisonderwijs dan wel voortgezet onderwijs. Zij stellen dat er sprake is geweest van een onzorgvuldige procedure die tot afgifte van de toelaatbaarheidsverklaring heeft geleid.

De rechtbank ziet geen aanknopingspunten voor de conclusie dat de opgestelde deskundigenadviezen niet objectief zijn. Het enkele feit dat een eerdere deskundigenverklaring en de beide adviezen eenzelfde inhoud of strekking heeft, betekent niet dat de verklaring niet objectief is. Voorts zijn ouders ook niet onvoldoende betrokken bij de procedure. Er hebben meerdere gesprekken plaatsgevonden tussen ouders en het samenwerkingsverband. Ouders hebben samen met het samenwerkingsverband een school voor speciaal onderwijs bezocht en het samenwerkingsverband heeft een tijdelijke observatieplek op het speciaal (basis)onderwijs aangeboden welke door ouders is afgewezen. De rechtbank concludeert dat de toelaatbaarheidsverklaring in stand blijft.

Geschil over ontwikkelingsperspectief van 3 hoogbegaafden broertjes, advies Geschillencommissie passend onderwijs

Ouders vinden dat het ontwikkelingsperspectief van hun drie kinderen door de school te laat is opgesteld. Zij verlangen dat de adviezen van de door hen geraadpleegde deskundigen opgenomen worden in het ontwikkelingsperspectief.

De commissie heeft geconcludeerd dat het verzoek van ouders gegrond is, omdat de ontwikkelingsperspectieven te laat zijn opgesteld. De school moet, naar gelang de behoefte van de leerling, doeltreffende aanpassingen verrichten, tenzij deze voor de school een onevenredige belasting vormen. In het ontwikkelingsperspectief moet daarom staan of en hoe de school in de ondersteuningsbehoefte van de leerling kan voorzien. Daarbij behoort tot uitdrukking te komen welke afwegingen de school maakt ten aanzien van de toepasbaarheid van externe onderzoeken en de daarin opgenomen handelingsadviezen. De verantwoordelijkheid van de school voor het bieden van passend onderwijs is begrensd. Wat het handelingsdeel van het ontwikkelingsperspectief betreft wordt die grens bepaald door de kaders van het schoolondersteuningsprofiel.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: GPO: 26 juni 2018, 108203

Geschil over een toelaatbaarheidsverklaring, advies Landelijke Bezwaaradviescommissie Toelaatbaarheidsverklaring

Een leerling is door de school geschorst wegens gedragsproblematiek, gerelateerd aan een vorm van ADHD. Twee proefplaatsingen op andere reguliere scholen hebben niet geleid tot een definitieve plaatsing. Daarna is door de reguliere basisschool een tlv aangevraagd en door het samenwerkingsverband afgegeven.

De leerling liet op de school spanningsgevoeligheid, frustratie en externaliserende gedragsproblematiek zien, waarbij hij fysiek grensoverschrijdend kon worden jegens medeleerlingen en leerkrachten. De in kaart gebrachte ondersteuningsbehoefte overstijgt volgens de deskundigen de mogelijkheden van regulier basisonderwijs. De tlv kan gehandhaafd blijven mits het samenwerkingsverband in de beslissing op bezwaar de gronden waarop de tlv is afgegeven toelicht Inmiddels is de leerling, anders dan bij het nemen van het tlv-besluit, ingesteld op medicatie. Daarom adviseert de Commissie de duur van tlv te bekorten zodat eerder een evaluatie kan plaatsvinden welke vorm van onderwijs passend is voor de leerling.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschilen.nl: LBT: 1 mei 2019, 108653

Verwijdering leerling wegens wangedrag ouders, advies Geschillencommissie passend onderwijs

Ouders zoeken veelvuldig contact met de school via telefoon, e-mail en gesprekken met medewerkers. Het gaat om een groot aantal contacten waarbij ouders zich soms dwingend, en beschuldigend uitlaten over de leerkrachten. Afspraken die de school met de ouders maakt over het indammen van de communicatie hebben niet het gewenste resultaat. Na een brief, een schorsing van de leerling en een stevig gesprek met de ouders, verandert het gedrag van ouders onvoldoende. De school besluit daarna de leerling te verwijderen.

De wens van de school om het gedrag van de ouders te stoppen en het contact met hen te reguleren is gerechtvaardigd. De school heeft onvoldoende gedaan om met de ouders tot een werkbare situatie te komen. De school had alternatieve maatregelen, bijvoorbeeld een derde laten fungeren als aanspreekpunt, of een school- en pleinverbod voor ouders, kunnen inzetten voordat tot verwijdering van de leerling werd besloten. Ook heeft de school onvoldoende invulling gegeven aan zijn plicht een andere school te vinden. De Commissie adviseert het schoolbestuur om met ouders in gesprek te gaan over wat gezien de omstandigheden de meest passende onderwijsplek is voor de leerling.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: GPO: 2 februari 2017, 107484

Geschil over toelaatbaarheidsverklaring speciaal onderwijs, uitspraak Raad van State

Een samenwerkingsverband heeft voor een leerling een toelaatbaarheidsverklaring afgegeven voor het speciaal onderwijs met specialisatie op het gebied van gedrag en/of sociaal-emotionele ontwikkeling. Appellant heeft in hoger beroep gesteld dat beide deskundigenadviezen inhoudelijk hetzelfde zijn en daarom gelden als één advies. Het swv heeft aan het besluit op bezwaar van 30 mei 2018 de deskundigenadviezen van Visser van 30 november 2017 en van Van der Bom van 11 mei 2018 ten grondslag gelegd. Daarmee heeft het swv in overeenstemming met artikel 18a, elfde lid, van de Wpo in samenhang gelezen met artikel 34.8 van het Besluit bekostiging Wpo twee adviezen aan het besluit ten grondslag gelegd. Weliswaar was aan het primaire besluit van 30 november 2017 slechts één deskundigenadvies ten grondslag gelegd, maar dat heeft het swv hersteld door aan het besluit op bezwaar nog een tweede deskundigenadvies ten grondslag te leggen. Anders dan appellant heeft aangevoerd, is alleen daarmee nog niet de schijn gewekt dat het swv naar een uitkomst heeft toegewerkt. Het swv mag immers op grond van artikel 7:11 van de Awb het geconstateerde gebrek dat aan het primaire besluit kleefde, herstellen.

De Afdeling is van oordeel dat de redeneringen in de deskundigenadviezen begrijpelijk zijn en dat de conclusies in de adviezen aansluiten op die redeneringen. Dat beide adviezen inhoudelijk op hetzelfde neerkomen en dezelfde strekking hebben, betekent niet, anders dan appellant betoogt, dat deze adviezen als één advies moeten worden beschouwd.

Voor het aanvragen van een toelaatbaarheidsverklaring door het bevoegd gezag van een school is geen toestemming van ouders vereist.

Bron en volledige uitspraak op www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:RVS:2020:1153

Geschil over toelaatbaarheidsverklaring speciaal basisonderwijs, advies Landelijke Bezwaaradviescommissie Toelaatbaarheidsverklaring

Een school voor regulier basisonderwijs verwijdert een leerling, omdat de school handelingsverlegen is. Het samenwerkingsverband kent voor de leerling een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal basisonderwijs (tlv-sbo) toe voor de duur van zeven jaar. Het samenwerkingsverband geeft ook een onderwijszorgarrangement af, waarbij onderwijs en onderzoek kan worden gecombineerd. Het beleid van het samenwerkingsverband is dat een kortdurende tlv wordt afgegeven als sprake is van een onderzoeksvraag.

Met een nadere motivering van de geldigheidsduur kan het tlv-besluit in stand blijven.

De tlv is mede bedoeld om via observaties het ontwikkelingsperspectief van de leerling duidelijk te krijgen. Het beleid van het samenwerkingsverband is om voor een dergelijk onderzoeksarrangement een kortlopende tlv af te geven. Van dit beleid is ongemotiveerd afgeweken. Dat is niet toegestaan. Het samenwerkingsverband moet daarom het besluit voorzien van een nadere motivering.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: LBT: 4 december 2019, 108955

Klacht over schorsing van een leerling, advies Landelijke Klachtencommissie Onderwijs

Een moeder klaagt onder meer over de schorsing van haar dochter. De moeder meent dat de schorsing onterecht is en dat het gedrag van de moeder niet aan de schorsing ten grondslag mag worden gelegd. Daarnaast klaagt de moeder over aan aantal andere onderwerpen. Zo klaagt zij onder meer over het schooladvies praktijkonderwijs voor haar dochter, het toegangsverbod dat aan de moeder is opgelegd en een melding bij Veilig Thuis.

De klacht over de schorsing is gegrond. De overige klachten zijn ongegrond.

De school heeft de leerling de schorsing opgelegd vanwege in de eerste plaats het gedrag van de moeder en in de tweede plaats het gedrag van de leerling zelf. Een leerling mag in beginsel niet worden gestraft voor het gedrag van zijn of haar ouders. Daarvoor zijn andere maatregelen mogelijk. De school en het schoolbestuur hebben aan de moeder een toegangsverbod opgelegd vanwege haar dreigende gedrag. De school mocht het gedrag van de moeder dan ook niet meer ten grondslag leggen aan de schorsing van de leerling.

Het gedrag van de leerling geeft wel aanleiding tot het treffen van maatregelen, maar niet is gebleken dat de school een kortere schorsing of een andere maatregel heeft overwogen. Het is de Commissie niet gebleken dat de school kenbaar de belangen van de leerling en die van de school heeft afgewogen. Omdat de school onvoldoende blijk heeft gegeven van een proportionaliteitsafweging die zo’n forse maatregel als een vijfdaagse schorsing rechtvaardigt, oordeelt de Commissie de klacht gegrond.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: LKC, 14 oktober 2020, 109270

Te late aanvraag aanvullende bekostiging voor meervoudig beperkte leerlingen, uitspraak rechtbank Oost-Brabant

Een school heeft een aanvraag ingediend als bedoeld in artikel 37, tweede lid, van de Tweede Regeling bekostiging personeel PO 2018-2019 en vaststelling bedragen voor ondersteuning van leerlingen in het PO en VO 2018-2019. Artikel 37, vierde lid, van de regeling bepaalt dat een dergelijke aanvraag uiterlijk op 15 september 2018 ontvangen dient te zijn en dat aanvragen die na die datum worden ontvangen, worden afgewezen. De school heeft de aanvraag op 22 november 2018 ingediend. Omdat deze te laat was ingediend heeft de minister de aanvraag afgewezen.

De rechtbank overweegt dat gelet op het dwingende karakter van de bepaling, bij de toepassing daarvan geen plaats voor een belangenafweging is waarin de nadelige gevolgen worden meegenomen. De aangevoerde nadelige gevolgen had de minister niet mee hoeven te wegen. Evenmin is er om die reden strijd met het evenredigheidsbeginsel waardoor de minister de aanvraag terecht heeft afgewezen.

Bron en volledige uitspraak op www.rechtspraak.nl, ECLI:NL:RBOBR:2020:1597

Klacht over onveilige schoolomgeving, advies Landelijke Klachtencommissie Onderwijs

De interim-directeur stuurt een leerling de klas uit. De ouders klagen erover dat er door diens handelen een onveilige schoolomgeving is ontstaan voor hun zoon. En dat de interim-directeur onvoldoende heeft gedaan om de ontstane situatie op te heffen. Daarnaast klagen de ouders over de wijze waarop het bestuur hun klacht over de interim-directeur heeft afgehandeld.

 De klacht dat er door het handelen van de interim-directeur een onveilige schoolomgeving voor de leerling is ontstaan, is ongegrond. De klacht over het opheffen van de ontstane situatie is in zoverre gegrond, dat de interim-directeur niet proactief en de-escalerend heeft gehandeld. De klacht over de klachtafhandeling is gegrond voor zover het de motivering betreft.

 Niet is vast te stellen dat de interim-directeur disproportioneel heeft gehandeld tegenover de leerling. Een en ander heeft wel geleid tot een uit de hand gelopen situatie tussen klagers en de interim-directeur. Daarop heeft de interim-directeur niet adequaat gereageerd. Het bestuur heeft de klacht procedureel op de juiste manier behandeld, maar is tekort geschoten in de motivering van zijn oordeel over de klacht. Die is onvoldoende en ook onvoldoende zorgvuldig geweest.

Bron en volledig advies op www.onderwijsgeschillen.nl: LKC, 25 januari 2018, 107928.

Verzoek tot schorsing van schorsing van strafontslag wegens grensoverschrijdend contract op sociale media met een minderjarige leerling afgewezen, uitspraak rechtbank

Een gymdocent in het voortgezet onderwijs had grensoverschrijdend seksueel getint contact met een minderjarige leerling. De docent in kwestie had compromitterende foto`s van zichzelf gedeeld met een leerlinge. De foto`s zijn uitgelekt en de docent werd – onder bedreiging van een pistool – gechanteerd met deze foto`s. Door deze chantage en de betrokkenheid van de politie was werknemer ertoe genoodzaakt de feiten kenbaar te maken aan zijn werkgever. De werkgever heeft onderzoek verricht en de werknemer na een uitgebreid onderzoek ontslagen wegens plichtsverzuim.

De werknemer gaat in bezwaar en beroep en vraagt een voorlopige voorziening aan waarin hij verzoekt tot schorsing van het bestreden besluit. De voorzieningenrechter stelt allereerst vast dat er inderdaad seksueel geladen contact op sociale media is geweest tussen de leerling en de docent. De voorzieningenrechter stelt vervolgens vast dat de beoordeling of het ontslagbesluit zorgvuldig en juist tot stand is gekomen zich niet leent voor een kort geding procedure.

De voorzieningenrechter overweegt vervolgens dat zij niet op voorhand kan inschatten of het beroep van de werknemer in de bodemprocedure gegrond zal worden verklaard. De voorzieningenrechter maakt derhalve een belangenafweging en stelt dat de belangen van de school in dit geval zwaarder wegen dan de belangen van de werknemer. De voorzieningenrechter benadrukt daarbij dat het belang van de school in belangrijke mate gelegen ligt in het feit dat ouders en leerlingen er op moeten kunnen vertrouwen dat de school een veilige omgeving is.

Datum uitspraak: 29 november 2017.  Niet gepubliceerd.

Voorlopige voorziening en beroep tegen disciplinair ontslag van werknemer wiens handelen heeft geleid tot het ongeldig verklaren van eindexamens afgewezen, uitspraak rechtbank

Werknemer is als LC docent sectieleider op een school voor voortgezet onderwijs. In zijn hoedanigheid als sectieleider is hij verantwoordelijk voor het afnemen van de centrale examens. Het betreft hier praktijkexamens Transport en mobiliteit. Tijdens de examens worden er door de schoolleiding onregelmatigheden geconstateerd. Zo heeft de werknemer niet de benodigde materialen besteld, kunnen niet alle reparaties aan de auto`s worden uitgevoerd, wordt niet het verplichte correctiemodel gehanteerd én heeft de docent leerlingen geholpen bij het maken van zijn examens. De onderwijsinspectie heeft de examens van de leerlingen vervolgens ongeldig verklaard.

Na een uitgebreid onderzoek naar de gang van zaken en een herstelopdracht van de onderwijsinspectie heeft de school de docent ontslag verleend wegens plichtsverzuim. De werknemer is in bezwaar en beroep gegaan en heeft om voorlopige voorzieningen verzocht. De docent stelt dat hij niets verkeerd heeft gedaan en spreekt van een heksenjacht.

De voorzieningenrechter overweegt dat voldoende is gebleken dat de docent verwijtbaar heeft gehandeld en dat hem dat ook aangerekend kan worden. Met het oog op de gevolgen van zijn handelen voor leerlingen, ouders, collega`s en het imago van de school acht de voorzieningenrechter strafontslag een passende maatregel. De voorzieningenrechter wijst de gevraagde voorzieningen af. De voorzieningenrechter beslist direct in de hoofdzaak en verklaart het beroep ongegrond.

Datum uitspraak: 7 november 2019 – niet gepubliceerd.