Slob waarschuwt voor risico’s kleine scholen

Net als in Amsterdam, zijn er ook in Rotterdam, Den Haag en Utrecht relatief veel basisscholen die kwetsbaar zijn vanwege hun geringe omvang. Daarvoor waarschuwt onderwijsminister Arie Slob naar aanleiding van het besluit de openbare 16e Montessorischool in Amsterdam-Zuidoost te sluiten.

Onlangs werd bekend dat de Stichting Sirius voor openbaar primair onderwijs in Amsterdam-Zuidoost de 16e Montessorischool gaat sluiten. Volgens interimbestuurder Hubert de Waard van Sirius is dat besluit een direct gevolg van het lerarentekort.

Slob stelt echter dat de school al drie jaar onder de opheffingsnorm zit. ‘Daarnaast is de school door de Inspectie van het Onderwijs als onvoldoende beoordeeld. Deze combinatie van klein en kwalitatief onvoldoende is kwetsbaar gebleken’, aldus Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Kleine scholen kwetsbaar

In die brief wijst er ook op dat het probleem van kleine scholen, dat zij kwetsbaar zijn, in alle vier de grote steden speelt: ‘Voor Amsterdam en Rotterdam geldt dit voor 27 procent van de vestigingen, in Den Haag voor 25 procent en in Utrecht voor 32 procent van de vestigingen. In overleggen met de G4 is dit onderwerp ook al eerder besproken.’

De minister dringt in dit kader aan op schaalvergroting. ‘In Amsterdam Zuidoost is afgelopen jaren intensief overleg geweest tussen de gemeente en de twee grootste schoolbesturen om tot een robuuster onderwijsaanbod te komen. Dit heeft geresulteerd in het besluit om de twee besturen op korte termijn te fuseren. De verwachting is dat dit op de langere termijn ook bijdraagt aan het efficiënter inzetten van personeel en dat de kwaliteit van het onderwijs geborgd kan worden’, zo staat in de brief.

Hij roept de schoolbesturen in de grote steden op om nu proactief aan de slag te gaan om problemen zoals in Amsterdam-Zuidoost voor te zijn. ‘Het is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid om ook in tijden van tekorten, te zorgen voor goede, toekomstbestendige scholen’, zo benadrukt Slob.

Lees meer…

Basisschool dicht ‘vanwege lerarentekort’

Het bestuur van de openbare 16e Montessorischool in Amsterdam-Zuidoost heeft besloten deze school te sluiten. Dat besluit is volgens het bestuur een rechtstreeks gevolg van het lerarentekort. Onderwijsminister Arie Slob bestrijdt dat. Hij benadrukt dat de school al drie jaar onder de opheffingsnorm zat.

De lokale Amsterdamse krant Het Parool citeert interimbestuurder Hubert de Waard van de Stichting Sirius voor openbaar primair onderwijs in Amsterdam-Zuidoost: ‘We zijn er niet in geslaagd een volledig team te vormen voor de leerlingen.’

‘We hebben lang geprobeerd de problemen op te lossen met ingehuurde leerkrachten en zzp’ers. En klassen verdelen is op een kleine school als deze lastig. We hebben vijf groepen en missen structureel leerkrachten. Als je twee klassen moet verdelen, betekent dat veertig leerlingen over drie klassen’, aldus De Waard.

Geen cent extra

Hij zegt niet te kunnen uitsluiten dat meer scholen dicht moeten vanwege het lerarentekort. In dit kader zegt hij teleurgesteld te zijn in wat er op Prinsjesdag bekend werd gemaakt, namelijk dat het kabinet geen cent extra uittrekt voor het onderwijs (uit een grondige analyse door VOS/ABB blijkt dat het kabinet zelfs gaat bezuinigen).

De Amsterdamse onderwijswethouder Marjolein Moorman zegt in de Telegraaf dat de 16e Montessorischool al in zwaar weer zat. Dat heeft volgens haar te maken met het grote aandeel startende en extern ingehuurde leraren. De Inspectie van het Onderwijs had de school vorig jaar als ‘zwak’ beoordeeld. Dat betrof onder andere het zicht op de ontwikkeling van de leerlingen en het didactisch handelen van de leraren.

Geld op tafel

PvdA’er Lodewijk Asscher, die voordat hij Tweede Kamerlid werd onderwijswethouder was in Amsterdam, noemt het besluit van het bestuur dramatisch. ‘In dit rijke land moet een school dicht omdat er geen leraren te vinden zijn. Het kabinet moet geen dag langer wachten en geld op tafel leggen’, aldus Asscher in de Telegraaf.

De PO-Raad noemt de situatie verschrikkelijk voor ouders en leerlingen. ‘Het gaat nu om één school, maar de situatie staat niet op zichzelf. Op veel meer plekken in het land is de nood hoog’. De sectororganisatie zegt te vrezen dat het sluiten van een school door personeelstekorten overal kan gebeuren. ‘Het toont de ernst aan van de tekorten en de noodzaak dat dit probleem topprioriteit wordt bij het kabinet.’

Voorzitter Liesbeth Verheggen van de Algemene Onderwijsbond noemt dat de sluiting van de openbare 16e Montessorischool in Amsterdam-Zuidoost ‘een zwaar signaal aan de politiek’ dat er geld bij moet.

De sluiting van de Amsterdamse 16e Montessorischool was mogelijk onafwendbaar. Volgens minister Arie Slob voor Basis- en Voortgezet Onderwijs waren de problemen op de school groter dan het lerarentekort dat de bestuurder aanwijst als reden. ,,De conclusie dat dit één op één verbonden zou zijn aan het lerarentekort is iets te snel gemaakt.”

Onder opheffingsnorm

Volgens onderwijsminister Arie Slob houdt de sluiting van de school geen rechtstreeks verband met het lerarentekort. Hij wijst er in het Algemeen Dagblad op dat de school al voor het derde jaar op rij onder de opheffingsnorm zat.

‘Die ligt in Amsterdam op 195 leerlingen en deze school heeft er nu nog maar 111. Dat maakt kwetsbaar. Als een school zo ver onder de opheffingsnorm zit, heeft een school feitelijk geen bestaansrecht meer’, aldus Slob.

Hij zet in het AD ook vraagtekens bij het bestuurlijk handelen. ‘Hoe kan een school nu, aan het begin van een schooljaar, door deze situatie zijn overvallen? Dit speelt al langer. Dan is het logischer om aan het eind van een cursusjaar te stoppen.’

‘Geef brede scholengemeenschappen meer geld’

‘Er moet meer lef komen om te kiezen voor extra geld voor brede scholen, en andere scholen minder te geven’, zegt directeur-bestuurder Maryse Knook van de Open Schoolgemeenschap Bijlmer in interview met Trouw.

Deze school voor voortgezet onderwijs in Amsterdam-Zuidoost heeft tweejarige brede brugklassen met leerlingen van vmbo tot en met vwo. ‘Door iedereen bij elkaar te zetten en samen te laten werken, zien kinderen dat vwo’ers ook niet overal een antwoord op hebben en dat vmbo’ers in bepaalde dingen heel handig zijn’, aldus Knook.

Volgens haar draagt de tweejarige brugklas bij aan het zelfvertrouwen van de leerlingen. Bovendien stijgen volgens haar in brede brugklassen veel leerlingen uit boven het schooladvies dat ze in groep 8 hebben gekregen.

Triest en schrijnend

Ze noemt het triest dat in Amsterdam veel ouders niet kiezen voor brede scholengemeenschappen, maar voor een havo-vwo of gymnasium. ‘Het Ingenieur Lely Lyceum heeft zijn vmbo-kader afgestoten en meer ingezet op het gymnasium. Nu krijgt het veel meer aanmeldingen. Dat is schrijnend.’

Knook pleit ervoor om brede scholengemeenschappen meer geld te geven en andere scholen voor voortgezet onderwijs minder. ‘Dan kan er echt iets veranderen.’

Lees het hele interview