Mensen in onderwijs blijven lang bij zelfde werkgever

Het onderwijs is een van de sectoren waar mensen lang bij dezelfde werkgever blijven, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Bijna 45 procent van de mensen die in het onderwijs werken, zit al tien jaar of langer bij dezelfde werkgever, terwijl bijna 21 procent er vijf tot tien jaar bij zit. Alleen in de industrie en bij de overheid en in het openbaar bestuur is de zogenoemde baanduur langer dan in het onderwijs.

Sectoren waarin mensen maar kort bij dezelfde werknemer blijven, zijn de cultuur, de landbouw en de horeca.

Lees meer…

Zomerpiek in WW-uitkeringen onderwijs vlakt af

Het Centraal Bureau voor de Statistiek signaleert een afvlakking van de zomerse piek in het aantal WW-uitkeringen in het basisonderwijs.

Elk jaar gaat in augustus het aantal werkloosheidsuitkeringen in het basisonderwijs omhoog. Dat heeft te maken met tijdelijke contracten die in juli aflopen.

Ook deze zomer was er een piek. In augustus lag het aantal WW-uitkeringen in het onderwijs 10,9 procent hoger dan in juli. De piek vlakt echter wel steeds verder af, meldt het CBS.

Een oorzaak daarvan noemen de statistici niet, maar het afvlakken van de piek kan erop duiden dat minder mensen in het basisonderwijs een tijdelijk contract hebben dat aan het begin van de zomervakantie afloopt.

Lees meer…

Meeste jeugdcriminaliteit onder leerlingen vso

Leerlingen uit het voortgezet speciaal onderwijs zijn nog steeds sterk oververtegenwoordigd in de criminaliteitsstatistieken. Dat blijkt uit de Monitor Jeugdcriminaliteit van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het CBS heeft voor de monitor onder andere het aantal 12- tot 18-jarigen verdachten naar hoogst gevolgde opleidingsniveau in kaart gebracht. Minderjarigen met voortgezet speciaal onderwijs als hoogste opleiding worden relatief het meest aangehouden. Ook mbo’ers komen vaak voor in de criminaliteitsstatistieken.

Het aantal havo- en vwo-leerlingen dat voor een misdrijf wordt aangehouden, is relatief klein. Dat geldt ook voor 12- en 13-jarige kinderen die nog niet aan het voortgezet onderwijs zijn begonnen.

Sociaal-economisch
Het CBS signaleert ook een hoog aandeel leerlingen uit gezinnen met weinig geld dat voor een misdrijf wordt opgepakt. Dat geldt ook voor jongeren die in een instelling wonen. Ook de gezinssamenstelling heeft invloed: kinderen uit gezinnen waarvan de ouders bij elkaar zijn worden minder vaak aangehouden dan kinderen uit eenoudergezinnen.

Tevens blijkt dat 12- tot 18-jarigen uit de (grote) steden oververtegenwoordigd zijn in de criminaliteitsstatistieken. Rotterdam springt er wat dat betreft uit. In de periode 2007-2011 werden daar 35 op de 1000 jongeren uit deze leeftijdscategorie aangehouden. Daarna volgen Den Haag (26), Amsterdam (22) en Utrecht (20).

Het CBS maakt in de statistieken ook een onderscheid naar afkomst. Vooral jongeren met een Marokkaanse of Antilliaanse/Arubaanse achtergrond worden aangehouden, gevolgd door de categorie ‘overige niet-westerse allochtonen’ en Turkse jongeren. Leerlingen met een westerse allochtone of een autochtone (Nederlandse) achtergrond komen in de criminaliteitsstatistieken relatief het minst voor.

Dalende trend
Uit de Monitor Jeugdcriminaliteit blijkt overigens een duidelijk dalende trend. In 2012 hield de politie 66.000 jongeren van 12 tot 25 jaar aan op verdenking van het plegen van minimaal één misdrijf. Dat was bijna eenderde minder dan in 2007. De daling was het grootst onder minderjarige verdachten.