Doorstroom vmbo-havo verschilt sterk per school

Bij de ene school stroomt driekwart van de vmbo-leerlingen door naar havo, terwijl bij de andere school die doorstroom nul is. Dat blijkt uit een analyse van de NOS, die zich baseert op informatie van de website Scholen op de kaart. Minister Arie Slob zegt in reactie dat verreweg de meeste scholen zich houden aan de doorstroomcode.

De NOS meldt dat gemiddeld 16 procent van de vmbo’ers die de theoretische of de gemengde leerweg doen, doorstroomt naar havo. Ruim 80 procent gaat mbo doen. De rest volgt na het vmbo al dan niet tijdelijk geen onderwijs.

Recht op doorstroom

Het bericht van de NOS staat in het kader van het doorstroomrecht voor vmbo’ers. Vanaf het schooljaar 2019-2020 mogen scholen geen cijfereisen meer stellen. Wel moeten vmbo’ers dan minstens zeven vakken hebben gevolgd om te mogen doorstromen naar havo.

Minister Arie Slob laat in reactie op vragen van Tweede Kamerlid Michel Rog van het CDA weten dat 84 procent van de scholen zich aan de doorstroomcode houdt. Scholen die aanvullende eisen stellen, worden daar volgens de minister op aangesproken.

In het nummer van het VOS/ABB-magazine Naar School! dat in december 2016 is verschenen, staat een artikel over de doorstroom van mavo naar havo.

Van mavo naar havo: het lukt alleen met extra inzet

 

OESO vindt Nederlandse onderwijs hartstikke goed

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) is zeer positief over het Nederlandse onderwijs. Er zijn wel verbeterpunten, maar het onderwijs in ons land is volgens de OESO veel beter dan in andere landen.

De OESO vindt dan ook dat er in het Nederlandse onderwijs geen fundamentele veranderingen nodig zijn. Verbeterpunten hebben betrekking op de voorschoolse educatie en de doorstroming naar hogere niveaus.

OESO wil betere VVE

De kwaliteit van de voorschoolse educatie laat nu te wensen over, vindt de OESO. Die pleit daarom voor betere professionals in VVE-instellingen, die open moeten zijn voor álle kinderen. Dat sluit aan bij wat het kabinet wil. Dat maakte recentelijk bekend dat er in principe voor elk kind voor- en vroegschoolse educatie moet zijn.

De doorstroming naar een hoger niveau is volgens de OESO in Nederland onvoldoende. Dat vergroot volgens de organisatie de kansenongelijkheid in het Nederlandse onderwijs. De Inspectie van het Onderwijs signaleerde dat onlangs ook al.

Salarissen omhoog

De OESO ziet de vergrijzing van het personeelsbestand en de komende pensioengolf als een risico voor het Nederlandse onderwijs. Een optie die wordt genoemd om meer jonge leraren te trekken, is dat de salarissen omhoog zouden kunnen.

Het onderzoek waarop de bevindingen over het Nederlandse onderwijs zijn gebaseerd, is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van OCW.

U kunt het onderzoeksrapport downloaden.