Participatiefonds streeft naar vereenvoudigd systeem

Het Participatiefonds (Pf) gaat moderniseren. Althans, dat is het streven van het bestuur van het Pf, zo blijkt uit een brief aan de aangesloten schoolbesturen.

Het streven van het Pf om te moderniseren sluit aan bij de wens van het vorige kabinet. Dat liet in 2016 aan de Tweede Kamer weten dat er ‘een vereenvoudigd en administratief minder belastend systeem voor de verevening van risico’s van werkloosheidsuitgaven’ moest komen met prikkels ‘om werkloosheid te voorkomen c.q. te bekorten’. Verder zouden in het nieuwe systeem de risico’s evenwichtig verdeeld moeten worden ‘tussen het collectief van schoolbesturen en de individuele besturen waar de uitkeringen zich voordoen’.

Het bestuur van het Pf heeft in het verlengde hiervan een advies van de PO-Raad en de onderwijsvakbonden overgenomen, waarin onder andere staat dat schoolbesturen niet in financiële problemen mogen komen door hoge kosten van werkloosheidsuitkeringen. Het nieuwe systeem moet bovendien ‘anonieme afwenteling’ voorkomen van kosten door individuele schoolbesturen op het collectief.

Bekostigingsexpert Ronald Bloemers van VOS/ABB noemt de aangekondigde modernisering ‘vrij fors’. Hij wijst op de volgende punten:

  • Schoolbesturen betalen direct 50 procent van de werkloosheidskosten zelf.
  • Indien het ontslag in specifieke situaties als onvermijdbaar wordt beoordeeld en de werkgever voldoende inspanning heeft geleverd, is dat slechts 10 procent.
  • De sector draagt minimaal 50 procent van de werkloosheidskosten en in bepaalde gevallen dus 90 procent.
  • De facturatie van werkloosheidskosten zal rechtstreeks aan besturen worden gedaan. Er zal dus geen sprake meer zijn van verrekening via de lumpsum.

Het is de bedoeling, zo meldt het bestuur van het Pf, dat de vereenvoudigde systematiek aansluit bij de nieuwe ontslagsystematiek per 1 januari 2020. Op die datum zal de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) in werking treden. Met die nieuwe wet worden de ontslagregels voor mensen in het openbaar onderwijs gelijkgetrokken met die voor werknemers in het bijzonder onderwijs.

Lees meer…

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Zomerpiek in WW-uitkeringen onderwijs vlakt af

Het Centraal Bureau voor de Statistiek signaleert een afvlakking van de zomerse piek in het aantal WW-uitkeringen in het basisonderwijs.

Elk jaar gaat in augustus het aantal werkloosheidsuitkeringen in het basisonderwijs omhoog. Dat heeft te maken met tijdelijke contracten die in juli aflopen.

Ook deze zomer was er een piek. In augustus lag het aantal WW-uitkeringen in het onderwijs 10,9 procent hoger dan in juli. De piek vlakt echter wel steeds verder af, meldt het CBS.

Een oorzaak daarvan noemen de statistici niet, maar het afvlakken van de piek kan erop duiden dat minder mensen in het basisonderwijs een tijdelijk contract hebben dat aan het begin van de zomervakantie afloopt.

Lees meer…

In onderwijs sterkste daling WW-uitkeringen

Het onderwijs was in november de sector waarin het aantal werkloosheidsuitkeringen het sterkst daalde, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het aantal WW-uitkeringen in het onderwijs nam met 7,6 procent af ten opzichte van oktober. Daarmee deed het onderwijs het een stuk beter dan de bouwsector, die in november met een afname van 6,7 procent op de tweede plaats uitkwam.

Het CBS meldt verder dat het totale aantal werklozen voor het eerst sinds begin 2012 onder het half miljoen is uitgekomen. Het aantal werklozen bedroeg in november 499.000 oftewel 5,6 procent van de beroepsbevolking.

Het UWV telde eind november 410.000 WW-uitkeringen.

Lees meer…

Meer WW-uitkeringen in onderwijs

Het aantal WW-uitkeringen in het onderwijs is met 3 procent gestegen. Daarmee is het onderwijs een uitzondering, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het CBS meldt dat in juni voor de derde maand op rij het aantal lopende WW-uitkeringen afnam. Uitkeringsinstantie UWV telde er eind juni ruim 438.000. Dat was ten opzichte van mei een afname met 9000 duizend (-2 procent).

Het aantal uitkeringen nam relatief het sterkst af in seizoengevoelige sectoren, zoals de bouwnijverheid (-10 procent), de landbouw (-9 procent) en bij uitzendbedrijven (-9 procent).

In het onderwijs echter was sprake van een toename met 3 procent. Het is opmerkelijk dat er al in juni een toename te zien was. Meestal neemt het aantal WW-uitkeringen in het onderwijs pas in de zomervakantie toe. Het is uit de informatie van het CBS niet op te maken of de toename mogelijk verband houdt met de Wet werk en zekerheid (WWZ) die op 1 juli van kracht werd.

Lees meer…