Het schooljaar is alweer volop bezig. Ook bij VOS/ABB komen de eerste vragen binnen bij ons team Identiteit. In die vragen ziet adviseur identiteit en public affairs Margriet van Toledo goed terug welke maatschappelijke vraagstukken momenteel spelen bij openbare scholen en schoolbesturen. We vroegen haar wat deze vraagstukken volgens haar zeggen over de identiteit van openbare scholen.

Welke trend zien jullie nu bij leden?
“De meeste vragen die nu bij mij op mijn bureau belanden, gaan over hoe de openbare school omgaat met vraagstukken rond uitingen van levensovertuiging. Dat kan op allerlei manieren. Bij het ene bestuur is dit nog geen groot issue, maar willen ze alvast weten: ‘Wat is hierin onze opdracht als openbare school? Hoe doen we het goede?’ Een ander bestuur krijgt er in de dagelijkse praktijk regelmatig mee te maken. Bijvoorbeeld met leerlingen of ouders die klagen en met soms heftige discussies op school. Daar is de vraag vooral: ‘Hoe zorg ik voor meer rust rondom dit thema?’
Soms krijgen we ook een concrete casus voorgelegd. Dan is de vraag hoe het bestuur of de school vanuit de openbare identiteit het beste met deze casus kan omgaan.”
En wat is dan jouw antwoord?
“Enerzijds zijn deze vragen natuurlijk onderling heel verschillend, maar anderzijds delen ze een onderliggende vraag: wat is onze rol als publieke instelling in een seculiere samenleving? Hoe bieden we daarbij ruimte aan de eigen identiteit van ouders en leerlingen?
Daarbij valt mij altijd op dat een heel groot deel van het antwoord niet per se ligt in de vraag: ‘Wat doen we met religie?’ Heel veel besturen en scholen zijn zich überhaupt nog niet bewust van wat het voor hen betekent om openbaar te zijn en op welke terreinen dat allemaal kan doorwerken.
Daarom hebben we in juni dit jaar een handreiking over dit thema beschikbaar gemaakt voor onze leden. Daarin gaan we in op wat identiteit is, hoe denominatie hierin zit en wat het betekent om een openbare stichting of school te zijn.”

Waar zie je die vraag naar de openbare identiteit nog meer terug?
“Ook buiten het thema religie en levensovertuiging zie ik dat er soms geworsteld wordt met de uitvoering van de actief-pluriforme opdracht. Bijvoorbeeld met de relatie tussen de kernwaarden en de eigen waarden van de mensen die op de scholen rondlopen.
Als we met leden praten over de openbare identiteit, horen we vaak ook vragen als: ‘Maar wat doe ik als ik eigenlijk ruimte moet bieden voor een opvatting, terwijl die opvatting wezenlijk botst met mijn eigen waarden?’
We merken vaak dat het feit dat het schuurt, gevoelsmatig ook een beetje als een manco van het openbaar onderwijs wordt ervaren. De waarde dat op het openbaar onderwijs iedereen welkom is, heeft ook een negatieve formulering: de openbare school mag niemand weigeren. Als gevolg daarvan krijg je scholen met superdiverse leerling- en leraarpopulaties, waar het vanzelf gaat schuren en botsen bij de naleving van de kernwaarden.”

Is dat dan het probleem van het openbaar onderwijs?
“Nee! Daar ligt de kracht. Dat klinkt natuurlijk mooi en makkelijk gezegd, vanaf het verenigingsbureau in Woerden. Maar we zien het echt in de praktijk: wanneer leden het ontmoetingsaspect omarmen en als uitgangspunt nemen, verandert er iets in de manier waarop er met botsing wordt omgegaan. En dat geldt natuurlijk ook voor onze algemeen toegankelijke leden die de kernwaarden omarmen. Wanneer de school haar taak als pedagogische tussenruimte – de ruimte tussen thuis en de echte samenleving, waar leerlingen oefenen voor later – omarmt, dan hoort schuring daarbij.
Het openbaar onderwijs heeft niet één eeuwenoude traditie waarop het gefundeerd is. Elke vorm van openbaar onderwijs is anders. Elke keer dat er ontmoeting plaatsvindt en elke keer dat het schuurt, bepaal je dus samen wie je als organisatie bent.
Ik denk dat het openbaar onderwijs daarom niet per se een imagoprobleem heeft, maar eerder een gemis aan eigenwaarde. Wat nou als je die unieke eigenschap als kracht gaat zien? Als je, ongeacht je populatie, met elkaar bepaalt wat jullie waarde en opdracht is? Dat is inmiddels echt wat ik predik.”
“Ik denk dat het openbaar onderwijs daarom niet per se een imagoprobleem heeft, maar eerder een gemis aan eigenwaarde.
Hoe doe je dat?
“Als team Identiteit hebben we voor dit schooljaar gezegd: die waarde van ontmoeting op de openbare school, als school van iedereen, vinden we zo belangrijk in het licht van de maatschappelijke ontwikkelingen van nu, dat we die centraal willen zetten. Daarom zoeken we op verschillende manieren die schuring op. Het thema van de Week van Openbare Scholen 2027 is dan ook ‘Wrijving maakt glans!’. Deze week is van 15 tot en met 19 maart 2027. Daarnaast hebben we dit schooljaar de handen ineengeslagen met bureau Common Ground, experts in burgerschapsonderwijs. Zij gaan in hun trajecten en scholingssessies eigenlijk verder waar VOS/ABB stopt. Dat is een hele mooie aanvulling voor onze leden.
Ook gaan we nog dieper in op de wrijving die wordt gevoeld tussen de openbare school als neutrale, publieke instelling en de levensbeschouwing van leerlingen, ouders en leraren. En, maar dat is stiekem al volgend schooljaar: we gaan de waarde(n) van het openbaar onderwijs extra voor het voetlicht brengen in een campagne die direct na de zomer van 2027 start. Daarover later meer.”
Hoe weet je of jullie adviseurs het juiste doen?
“Dat is voor identiteit altijd een mooie, maar ingewikkelde vraag. Want wanneer doe je het juiste als iedereen anders is en dus andere wensen heeft?
We hebben, naast de leden bij wie we opdrachten uitvoerden, rondom de nieuwe Koers van VOS/ABB in 2024 hierover met leden gesproken. Daarnaast is er een klankbordgroep Karakter openbaar onderwijs in het leven geroepen. Daar hebben we begin deze maand onze visie en plannen neergelegd om te horen of die aansloten bij de ervaringen in het veld.”
Wat gaf de klankbordgroep jullie mee?
“Er wordt door de leden op het gebied van identiteit een complex spanningsveld ervaren. Enerzijds staat het openbaar onderwijs voor toegankelijkheid – ‘goed onderwijs voor alle kinderen’ – en wil men af van onnodige scheidingen in het stelsel. Anderzijds is er de missie om het openbaar onderwijs zo stevig mogelijk neer te zetten, gekoppeld aan die scheiding.
Zij zien voor VOS/ABB zeker een rol in de versteviging van de positionering en profilering van het openbaar onderwijs, maar óók een belangrijke taak in het opzoeken van gezamenlijkheid met andere partijen.
Als adviseur herken ik die spagaat en ik denk dat we dat als VOS/ABB nu ook al zo goed mogelijk doen: zolang er een scheiding is, zorgen we voor goed openbaar onderwijs. Maar uiteindelijk is het hoofddoel: goed onderwijs voor iedereen.”