‘Rijk of arm, voor schooladvies maakt het weinig uit’

Het is niet zo simpel dat de schooladviezen voor leerlingen van ouders met veel geld vaker worden bijgesteld dan de adviezen voor leerlingen van wie de ouders weinig geld hebben. Dat stelt onderwijsminister Arie Slob in reactie op Kamervragen van de PvdA.

De vragen waren afkomstig van Lisa Westerveld van GroenLinks en Kirsten van den Hul van de PvdA. Zij illustreerden hun vragen met cijfers en percentages, maar die zijn volgens Slob door elkaar gehaald. Hij wijst er in zijn antwoorden op dat door onjuist gebruik van de cijfers een verkeerd beeld is geschetst.

De minister stelt vervolgens dat er ‘geen duidelijk (lineair) verband (is) tussen het aandeel bijstellingen en het opleidingsniveau van ouders’. Hij linkt daarbij het opleidingsniveau aan de hoogte van het gezinsinkomen. Over het algemeen geldt dat gezinnen meer te besteden hebben als het opleidingsniveau van de ouders hoog is.

De cijfers laten volgens Slob zien dat de adviezen van leerlingen met ouders met een mbo2-diploma even vaak worden bijgesteld als de adviezen van leerlingen met hbo-opgeleide ouders. Het is volgens hem wel zo dat de adviezen van leerlingen van ouders met een universitaire opleiding vaker worden bijgesteld.

Lees meer…

Meeste leerlingen VMBO Maastricht alsnog geslaagd

Van de 353 leerlingen die vorig schooljaar vanwege het examendebacle bij VMBO Maastricht geen diploma kregen, zijn er nu 319 alsnog geslaagd. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

VMBO Maastricht van Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO) kwam voor de zomervakantie volop in het nieuws. De Inspectie van het Onderwijs had daar alle eindexamens ongeldig verklaard, nadat was gebleken dat geen enkele leerling examen had mogen doen. Onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag van LVO onder leiding van bestuursvoorzitter André Postema was gerommeld met de schoolexamens.

De leerlingen die door het examendebacle werden getroffen, werden in de zomer in de gelegenheid gesteld om hun schoolexamens alsnog volgens de regels te halen. Op 31 augustus meldde Slob aan de Kamer al dat een groot deel van hen was geslaagd.

In zijn nieuwe brief staat dat de resterende leerlingen de afgelopen maanden nog opdrachten of hersteltoetsen hebben gemaakt of centrale examens hebben herkanst. De meesten van hen hebben ‘het mooie nieuws ontvangen dat zij geslaagd zijn’, aldus de minister. Hij heeft hen gefeliciteerd en hun succes gewenst bij hun vervolgopleiding.

Lees de brief

‘Laat leraren voortouw nemen bij professionalisering’

Laat leraren zelf het initiatief nemen om zich verder te professionaliseren. Dat adviseert Alexander Rinnooy Kan. Hij heeft op verzoek van onderwijsminister Arie Slob een verkenning uitgevoerd naar kwaliteitsverbetering van leraren. 

De verkenning van Rinnooy Kan volgt op het verdwijnen van de vooral door leraren fel bekritiseerde Onderwijscoöperatie. Die zou te ver van hen hebben afgestaan, terwijl deze organisatie in beginsel van en voor leraren was.

Hij nam in zijn verkenning ook het lerarenregister mee. Dat ‘werd door veel leraren eerder ervaren als een bedreiging dan als een steun in de rug voor de professie’, zo meldt de oud-SER-voorzitter die tegenwoordig namens D66 in de Eerste Kamer zit.

Ondanks hun verzet tegen de Onderwijscoöperatie en het lerarenregister, zijn de meeste leraren volgens Rinnooy Kan wel bereid ‘om door te groeien in hun vak en zich blijvend verder te ontwikkelen’.

In dit licht adviseert hij ‘om van onderaf een nieuwe structuur te ontwikkelen’, waarbij leraren het voortouw nemen. Rinnooy Kan raadt ‘een blauwdruk vanuit Den Haag’ af.

Lees meer…

Geen paasontbijt, wel Suikerfeest

‘Basisscholen bepalen zelf welke feesten, vieringen of herdenkingen op school plaatsvinden’. Dat zegt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op Kamervragen na een bericht over de openbare Theo Thijssenschool in Amsterdam, die dit schooljaar het paasontbijt overslaat en aandacht besteedt aan het islamitische Suikerfeest. Dit werd in oktober gemeld in deze nieuwsbrief van de school.

De Kamervragen waren van de VVD-Kamerleden Rudmer Heerema en Bente Becker. Zij wilden onder meer van de minister weten of ook hij vindt dat ‘Nederlandse tradities’ op scholen niet mogen plaatsmaken voor ‘tradities uit andere religies en culturen, zoals het Suikerfeest’.

Slob antwoordt daarop dat scholen zelf bepalen hoe ze leerlingen kennis laten maken met ‘geestelijke stromingen die in Nederland een belangrijke rol spelen’. Hij voegt eraan toe dat scholen zich moeten richten ‘op het bevorderen van actief burgerschap en sociale integratie, op het leren over de pluriforme samenleving en op kennis hebben van en kennismaken met verschillende achtergronden en culturen van leeftijdgenoten’.

Het is volgens de minister aan de school om hier in overleg met de ouders en de leerkrachten een passende invulling aan te geven.

Aandacht voor verschillende stromingen

De school legt uit dat het paasontbijt dit jaar wordt overgeslagen, omdat het moeilijk te combineren is met de meivakantie en ‘lopende thema’s’. Tevens benadrukt de school ook aandacht te besteden aan het pesachfeest binnen het jodendom, het lichtjesfeest (Divali) binnen het hindoeïsme en aan het christelijke kerstfeest (met het kerstdiner). De school besteedt bovendien aandacht aan het humanisme.

Lees meer…

Slob wil rekenen afsluiten met apart schoolexamen

Onderwijsminister Arie Slob wil dat rekenen in het voortgezet onderwijs wordt afgesloten met een apart schoolexamen. Dat staat in het informatieblad Rekenen telt mee van het ministerie van OCW.

Het ministerie meldt dat rekenen belangrijk is en blijft. ‘Afgelopen jaren is hard gewerkt aan de verbetering van rekenvaardigheden door leerlingen, docenten en scholen. Om die opgebouwde kennis vast te houden stelt minister Slob voor om rekenen in het voortgezet onderwijs af te sluiten met een apart schoolexamen. Zo telt rekenen mee voor het behalen van een diploma’, aldus OCW.

Het ministerie voegt eraan toe dat scholen zelf verantwoordelijk worden voor het op peil houden van de rekenvaardigheden. Ze worden tevens verantwoordelijk voor de afname van het schoolexamen.

In het regeerakkoord staat dat er in het schooljaar 2019-2020 een alternatief moet zijn voor rekentoets in het voortgezet onderwijs. Die kreeg veel kritiek en is daarom afgeschaft. Het voorstel van de minister moet nog door de Tweede Kamer.

Workshop ‘Verbeteren van onderwijskwaliteit’

Wat kunt u doen om de kwaliteit in het voortgezet onderwijs verder te verbeteren? Bij VOS/ABB in Woerden is over dit thema op 15 januari een gratis workshop.

Directe aanleiding voor deze workshop is het rapport Leren verbeteren werkt. Een onderzoek naar de effectiviteit van de begeleiding van zwakke en zeer zwakke scholen.

In opdracht van het ministerie van OCW heeft het project Leren verbeteren onderzocht welke interventies helpen om de onderwijskwaliteit te verbeteren. Zo blijkt dat een gezamenlijk beeld in de school van wat onder kwaliteit van onderwijs wordt verstaan essentieel is om eraan te kunnen werken. Verder blijkt dat een schoolleiding die de kwaliteitscultuur blijvend voedt, de kans om zwak te worden daarmee enorm verkleint.

Kwaliteit en omvang

Volgens het onderzoek hebben kleine scholen (tot 500 leerlingen) een veel grotere kans om zwak te worden dan grotere scholen(groepen) tot 2500 leerlingen. Daar staat tegenover dat zelfstandige scholen de kwaliteit vaker op orde hebben dan besturen met meer scholen. Directe en gerichte aansturing helpt.

Hans Sandtke, projectleider Leren verbeteren, zal tijdens de workshop ingaan op de uitkomsten van het onderzoek. Er zal ook voldoende tijd en aandacht zijn om met elkaar te bespreken wat u kunt doen om de onderwijskwaliteit verder te verbeteren. Daarbij zal ook zeker de vertaalslag gemaakt worden naar uw eigen school, zodat u handige tips meekrijgt waarmee u in de eigen schoolorganisatie aan de slag kunt.

Wanneer, waar en aanmelden

De workshop ‘Verbeteren van onderwijskwaliteit’ is op dinsdagmiddag 15 januari in het kantoor van VOS/ABB in Woerden. De workshop begint om 14 uur. Deelname is gratis voor leden van VOS/ABB.

U kunt zich aanmelden via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Verbeteren van onderwijskwaliteit’

OCW kraakt UNICEF-rapport over ongelijke kansen

Het ministerie van OCW zegt in het Algemeen Dagblad dat UNICEF ‘de plank misslaat’ in een rapport over ongelijke kansen in het onderwijs. Het kinderfonds van de Verenigde Naties trekt aan de bel over de situatie in Nederland, maar volgens het ministerie valt het hier allemaal wel mee.

UNICEF stelt in het rapport An Unfair Start: Inequality in Children’s Education in Rich Countries dat Nederland een van de rijke landen is waar de schoolprestaties van kinderen lijden onder omstandigheden waar zij geen invloed op hebben, zoals de plaats waar ze geboren zijn en het opleidingsniveau van hun ouders.

Een oorzaak van de kansenongelijkheid in Nederland is volgens UNICEF het op jonge leeftijd uitsplitsen van leerlingen in verschillende onderwijssoorten op basis van hun schoolprestaties. Van de onderzochte landen heeft Nederland met 12 jaar een van de vroegste selectiemomenten voor het voortgezet onderwijs.

Ongelijke kansen, segregatie en subgroepen

Eerdere onderzoeken wijzen ook op het probleem dat Unicef signaleert. Zo stelde de Inspectie van het Onderwijs in De staat van het onderwijs 2016-2017 dat kansenongelijkheid in het Nederlandse onderwijs een groot probleem is. Voormalig hoofddemograaf Jan Latten van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waarschuwde ervoor, in een interview met de Volkskrant, dat kansenongelijkheid  tot gevolg heeft dat er subgroepen ontstaan, onder andere in scholen.

Volgens het ministerie van OCW valt het allemaal wel mee, zo blijkt uit een reactie van een woordvoerder van het ministerie in het AD. ‘Kansengelijkheid gaat over verschillende prestaties van leerlingen gerelateerd aan het inkomen en de opleiding van de ouder. Nederland doet het wat dát betreft internationaal gezien juist goed’, zo citeert de krant de woordvoerder van OCW. UNICEF zou met het rapport ‘de plank misslaan’.

Lees meer…

Op 14 november houdt VOS/ABB een lagerhuisdebat over kansen(on)gelijkheid in het onderwijs. Meer informatie…

Tweede Kamer vindt prestatiebox leegtrekken goed idee

Een meerderheid van de Tweede Kamer gaat mee in het plan van CDA en D66 om de prestatiebox leeg te trekken om zo de leraren in het primair onderwijs een extra salarisverhoging te geven. Als onderwijsminister Arie Slob daar elders geld voor vrijmaakt, mag dat wat de Kamer betreft ook. 

CDA-Kamerlid Michel Rog en zijn collega Paul van Meenen van D66 vinden dat er slechts ‘vage doelen’ aan de prestatiebox zijn verbonden. Het gaat daarbij onder andere om professionalisering, doorgaande leerlijnen en uitdagender onderwijs.

Volgens hen zijn de doelen niet alleen vaag, de scholen zouden ze ook niet halen. Het onderwijs wordt er volgens hen alleen maar slechter van. Daarom zou het beter zijn om het geld uit de prestatiebox (263 miljoen euro of een deel daarvan) te besteden aan een extra salarisverhoging. Rog en Van Meenen denken dat het onderwijs dan vanzelf beter wordt. Een meerderheid in de Tweede Kamer is het met hen eens.

Minister Slob zei eerder dat hij de prestatiebox niet wil leegtrekken, maar hij moet nu van de Tweede Kamer alsnog gaan onderzoeken of dat toch mogelijk is, of dat er wellicht andere mogelijkheden zijn om de lerarensalarissen extra te verhogen.

Het salaris van de leraren in het primair onderwijs is al verhoogd met gemiddeld 8,5 procent. Dat komt neer op een extra maandsalaris. Daarnaast hebben leraren in het primair onderwijs een bonus van 2000 euro gekregen.

Slecht beleid

Ronald Bloemers van VOS/ABB vindt het plan van CDA en D66 om de prestatiebox leeg te trekken voor hogere lerarensalarissen getuigen van slecht beleid. ‘Iedereen die een beetje verstand heeft van onderwijs, weet dat de bekostiging al vele jaren ontoereikend is. Er zijn onderzoeken te over die dat bewijzen. Dan is het geen oplossing om het geld uit de prestatiebox, dat onder andere bedoeld is voor kwaliteitsverbetering en professionalisering, weg te kapen voor een salarisverhoging.’

‘Het is helemaal navrant dat Rog en Van Meenen stellen dat het geld uit de prestatiebox nutteloos over de balk wordt gesmeten en dat volgens hen het onderwijs in Nederland alleen maar slechter wordt. Zij weten natuurlijk ook wel dat dit absoluut niet het geval is, en dat scholen er heel goede dingen mee doen om het onderwijs te verbeteren, met het ontoereikende budget dat ze wel hebben’, aldus Bloemers.

Hij voegt daaraan toe dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) elk jaar weer laat zien dat het onderwijs in Nederland van goede kwaliteit is en dat dit wordt bereikt met relatief weinig geld.

Reactie: Michel Rog van het CDA laat naar aanleiding van bovenstaand bericht weten dat hij het niet eens is met het gebruik van het woord ‘leegtrekken’. Hij formuleert het in politieke termen als volgt: ‘Wij vragen om een tripartiet gesprek gericht op de vraag óf en zo ja hoeveel geld uit prestatiebox anders kan worden aangewend’.

Dyade: Leraren steken 10 minuten in lesvoorbereiding

Leraren besteden nog geen 10 minuten per dag aan lesvoorbereiding. Dat zegt directeur Frank Cannegieter van Dyade Academy op basis van een eigen enquête waaraan ruim 400 leraren hebben meegedaan.

Ruim 80 procent van de leraren die aan de enquête van Dyade Academy hebben meegedaan, geeft aan hooguit 60 minuten per week te besteden aan lesvoorbereiding.

Cannegieter: ‘Als je dit afpelt, is de voorbereidingstijd per dag nog geen 10 minuten. Gezien de hoge werkdruk en verplichtingen die leerkrachten tijdens en na schooltijd hebben is dit niet zo vreemd, maar het zorgt er dus wel voor dat er structureel te weinig tijd genomen wordt om een grandioze les neer te zetten.’

Uit de enquête blijkt volgens Dyade Academy ook dat maar een op de vijf leraren de indruk heeft dat de leerling continu geboeid is in zijn of haar les. Dat verbaast Cannegieter niet: ‘Het onderwijs heeft met steeds veranderende behoeften van leerlingen te maken. Als de lesstof niet aansluit bij de interesses van leerlingen, dan is de kans groot dat de aandacht in de les verslapt. Hier ligt een grote kans voor leraren.’

Lees meer…

Later naar sbo, hoger advies vervolgonderwijs

Veel kinderen gaan tegenwoordig pas op latere leeftijd naar het speciaal basisonderwijs (sbo), maar het is niet zo dat zij kwetsbaardere leerlingen zijn. Dat staat in het onderzoeksrapport Kenmerken van leerlingen in het speciaal basisonderwijs 2008-2018.

Er is voor het onderzoek onder andere gekeken naar de leeftijd waarop kinderen naar het sbo gaan en het advies dat zij krijgen voor vervolgonderwijs.

‘Bij instroom op latere leeftijd krijgen leerlingen geen lagere, maar juist hogere adviezen. Dit wijst niet op zwaardere problematiek specifiek bij leerlingen die later instromen in het sbo’, zo melden de onderzoekers.

Aanleiding voor het onderzoek waren signalen vanuit het sbo dat het steeds moeilijker wordt om kinderen goed voor te bereiden op het vervolgonderwijs naarmate ze later instromen. De resultaten van het onderzoek lijken dus te wijzen op het tegenovergestelde.

Het onderzoek maakt deel uit van de Evaluatie passend onderwijs.

Lees meer…

Juryleden gezocht voor Excellente Scholen

De Inspectie van het Onderwijs zoekt nieuwe leden voor de onafhankelijke jury Excellente Scholen. Deze jury beoordeelt jaarlijks of aangemelde scholen voldoen aan  de eisen voor het predicaat Excellent. 

Gezocht worden mensen met ruimte kennis van en ervaring met het onderwijs, met een achtergrond als leerkracht, onderwijsvernieuwer, bestuurder, toezichthouder of een achtergrond in begeleiding/opleiding of wetenschap. Juryleden ontvangen een vergoeding per bijeenkomst en het gaat om ongeveer acht vergaderingen per jaar, plus een aantal dagen voor de beoordeling van aangemelde scholen. Die beoordeling wordt gedaan aan de hand van een beoordelingskader dat de jury heeft opgesteld, en omvat onder meer dossieronderzoek, scholenbezoek en gesprekken met medewerkers, leerlingen en ouders van de aangemelde scholen. De gezochte juryleden zullen zich gaan bezighouden met de beoordeling van scholen in het primair en (voortgezet) speciaal onderwijs.

Reageren kan tot 19 november. Meer informatie

Trauma’s herkennen bij (vluchtelingen)kinderen

Het vijfde Congres (Psycho)Trauma op 28 maart 2019 staat in het teken van het herkennen van trauma’s bij kinderen en jongeren en de mogelijkheden die professionals hebben om het verschil te maken.

Het programma is bedoeld voor onder anderen docenten. Aan bod komen vragen als:
* hoe ondersteunt u vluchtelingenkinderen op school?
* hoe herkent u een trauma bij vluchtelingenkinderen?
* wat is het juiste moment om naar een eventueel trauma te vragen?
* hoe kunt u die vragen het beste formuleren?
* wat is de effectiviteit van therapie bij getraumatiseerde vluchtelingen?
* hoe zorgt u voor snelle opvang na seksueel misbruik?
* wat zijn de psychische gevolgen van ongevallen bij kinderen en jongeren?
* wat is de invloed op een kind van destructieve conflicten tussen ouders?

Deelname aan dit congres in Aristo in Amsterdam kost 295 euro. Wie vroeg inschrijft ontvangt 10 procent early bird-korting. Meer informatie

 

 

‘Goed gesprek’ tussen RvT en (G)MR

De locatie voor de bijeenkomst ‘Een goed gesprek’ op 27 november is bekend:  basisschool Lindenhage in Zevenaar.  De avond gaat over de vormgeving van het wettelijk verplichte overleg tussen de raad van toezicht (RvT) en (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad ((G)MR). Er is nog ruimte voor nieuwe aanmeldingen.

Sinds januari 2017 geldt de Wet versterking bestuurskracht. Dit betekent dat de RvT en (G)MR belangrijke gesprekspartners van elkaar zijn. Zij moeten twee keer per jaar overleg voeren. Hoe organiseert u een goed gesprek tussen de RvT en de (G)MR? Waar gaat dat gesprek over en welke rollen hebben de gesprekspartners? De bijeenkomst hierover op dinsdagavond 27 november in Zevenaar is georganiseerd door VOS/ABB en de Vereniging Openbaar Onderwijs.

Gezamenlijk belang

De RvT en de (G)MR hebben een gezamenlijk belang: bijdragen aan een goed bestuur van de school. Het overleg is voor de RvT van belang voor onafhankelijke informatievoorziening. De (G)MR kan aansluiten bij thema’s waarop de RvT toezicht houdt. Ook kan de (G)MR aandacht vragen voor het functioneren van de medezeggenschap.

De wet schrijft niet voor wie bij het gesprek aanwezig zijn of wie de agenda vaststelt. Daarover moeten dus onderling goede afspraken worden gemaakt. Afhankelijk van de thema’s die aan bod komen, kan het voor de transparantie en het wederzijdse vertrouwen verstandig zijn als ook de bestuurder aanwezig is.

Kracht van openbaar onderwijs

Een belangrijk inhoudelijk gespreksthema is het vormgeven van de identiteit van het openbaar onderwijs. Er is meestal wel aandacht voor de kernwaarden van het openbaar onderwijs, maar in de praktijk blijkt het vaak een uitdaging om daaraan concreet invulling te geven.

Het gaat hierbij om het pluriforme karakter van de openbare scholen en de aandacht voor de verscheidenheid van maatschappelijke en levensbeschouwelijke waarden. Termen als ‘diversiteit’, ‘gelijkwaardigheid’, ‘respect’ en ‘burgerschap’ zijn nauw verbonden aan de kernwaarden.

De RvT en (G)MR kunnen met gesprekken hierover een belangrijke bijdrage leveren aan de kracht van het openbaar onderwijs. Tijdens de bijeenkomst krijgt u van diverse experts op het gebied van medezeggenschap, governance en identiteit informatie en inspiratie om op school en binnen de stichting hierover door te praten.

Wanneer en waar?

  • 27 november, 19:30-22:00 uur
  • Basisschool Lindenhage, Platanenlaan 3, 6903 DK Zevenaar

De bijeenkomst is bedoeld voor RvT- en (G)MR-leden en schoolbestuurders uit het openbaar en algemeen toegankelijk primair en voortgezet onderwijs. Bij voorkeur zijn van elke stichting deze drie partijen vertegenwoordigd.

U kunt zich voor de bijeenkomst aanmelden door een mailtje te sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst Goed gesprek’. Vermeld ook uw naam, uw functie, de organisatie waarvoor u actief bent en uw telefoonnummer. Wij willen ook graag weten of u alleen komt of met meer deelnemers.

Deelname is gratis voor leden van VOS/ABB en VOO. Niet-leden betalen 50 euro per persoon (btw-vrij).

Arie Slob is André Postema liever kwijt dan rijk

Onderwijsminister Arie Slob had liever gezien dat de omstreden bestuursvoorzitter André Postema was weggestuurd bij de Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO). Dat blijkt uit antwoorden op Kamervragen.

Tweede Kamerlid Michel Rog (CDA) wilde van Slob weten hoe hij denkt over het feit dat de raad van toezicht van LVO, ondanks het examendebacle bij VMBO Maastricht, het contract van André Postema onlangs met twee jaar heeft verlengd.

De minister antwoordt dat hij hier niet over gaat, maar dat hij de raad van toezicht dit had afgeraden als die hem om advies zou hebben gevraagd. Dat laatste is overigens niet gebeurd, meldt Slob.

Onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van André Postema ging het finaal mis bij VMBO Maastricht. Voor de zomervakantie verklaarde de Inspectie van het Onderwijs daar alle eindexamens ongeldig toen bleek dat geen enkele leerling had voldaan aan de eisen om examen te mogen doen.

Lees meer…

Onderzoek naar herverdeeleffecten achterstandsgeld

Onderwijsminister Arie Slob heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) opdracht gegeven te onderzoeken hoe groot de herverdeeleffecten zijn van het nieuwe onderwijsachterstandenbeleid. Dat meldt hij aan de Tweede Kamer.

Deze zomer bleek uit onderzoek dat er grote (negatieve) herverdeeleffecten kunnen optreden als er te weinig gegevens bekend zijn over de leerlingen of over hun ouders, bijvoorbeeld doordat zij niet in de Basisregistratie Personen voorkomen. Met name scholen met veel vluchtelingenkinderen hebben hiermee te maken.

Slob onderkent dit probleem en benadrukt dat hij ‘iedere school met grote achterstandsproblematiek’ in staat wil stellen ‘de onderwijskansen van de leerlingen te vergroten’. Dat is voor hem reden om het CBS opdracht te geven ‘dit knelpunt nader te onderzoeken, om te bezien hoe dit technisch opgelost kan worden’.

Hij belooft de Tweede Kamer te zorgen voor een ‘passende oplossing’ voordat de nieuwe verdeling wordt ingevoerd.

Lees meer…

Tijdelijk vierdaagse schoolweek in Zaanstad

Openbare basisschool De Spiegel in Zaandam voert na de herfstvakantie voor groep 5 de vierdaagse schoolweek in. Stichting Zaan Primair heeft dat besloten vanwege het lerarentekort.

De maatregel past bijna binnen de wettelijke kaders, omdat de kinderen van groep 5 zeven weken lang op vrijdag niet naar school zullen gaan en eenmalig een halve vrijdag missen. Onderwijsminister Arie Slob waarschuwde eerder dat het structureel invoeren van de vierdaagse schoolweek wettelijk verboden is, maar dat er wel ruimte is om de vierdaagse schoolweek tijdelijk in te voeren.

In een brief van Slob aan de Tweede Kamer staat onder meer dit: ‘De wet biedt basisscholen (…) ruimte om vierdaagse schoolweken in te roosteren, maar dit mag voor de groepen drie tot en met acht maximaal zeven keer per jaar. Een school kan ervoor kiezen om (een deel van) die vierdaagse schoolweken in te zetten om in bijzondere gevallen het lerarentekort op te vangen.’

De maatregel die Zaan Primair neemt valt dus net buiten de wettelijke limiet. Bestuurslid Ellen Voskuilen beseft dat, maar ‘aan het onmogelijke kan niemand gehouden worden’, zo citeert de NOS haar.

Zorgen over intern toezicht kleinere schoolbesturen

De Inspectie van het Onderwijs trekt bij de kleinere schoolbesturen aan de bel over de kwaliteit van hun intern toezicht.

De inspectie constateert op basis van onderzoek dat niet alle kleinere schoolbesturen hun intern toezicht goed hebben georganiseerd. Het gaat met name om de functionele scheiding tussen bestuur en toezicht.

Het blijkt, zo meldt de inspectie, dat met name kleinere schoolbesturen bestuurders hebben die ‘minder goed rolvast’ zijn. ‘Juist bij deze bestuursvorm is het van belang dat het bestuur een goed evenwicht tussen uitvoering en toezicht regelt, en ook toepast’, aldus de inspectie.

Download het rapport ‘Functionele scheiding van bestuur en toezicht in de praktijk’

Te laag schooladvies als kind uit arm gezin komt

Het schooladvies van groep 8’ers uit gezinnen met weinig geld wordt vaker naar boven bijgesteld dan dat van leerlingen van wie de ouders een hoog inkomen hebben, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het CBS verdeelde voor het onderzoek naar de verschillen tussen het aantal aangepaste schooladviezen de gezinnen in vijf inkomensgroepen. In de hoogste inkomensgroep werd in het schooljaar 2016-2017 bij 6,2 procent van de groep 8-leerlingen het schooladvies na de eindtoets naar boven bijgesteld, terwijl dat in de laagste inkomensgroep 9,1 procent was.

Het CBS vermeldt dat dit onderzoek slechts aangeeft dat er wat betreft het bijstellen van de schooladviezen verschillen zijn tussen inkomensgroepen, maar dat het niet een verklaring of oorzaak van die verschillen geeft. Er spelen volgens het CBS waarschijnlijk meer factoren een rol dan alleen de hoogte van de gezinsinkomens.

Het schooladvies voor vervolgonderwijs na de basisschool kan naar boven worden bijgesteld op basis van de score op de eindtoets in groep 8. De eindtoets functioneert als een second opinion. Als de score op de eindtoets hoger is dan wat de school adviseert, kan dat advies naar boven worden bijgesteld.

Lees meer…

Vierdaagse schoolweek verboden

Het invoeren van de vierdaagse schoolweek is wettelijk niet toegestaan, benadrukt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer.

Slob reageert op het bericht dat het primair onderwijs in de gemeente Zaanstad overweegt de vierdaagse schoolweek in te voeren als noodmaatregel vanwege het lerarentekort. De minister beseft dat ‘de verleiding wellicht groot (is) noodmaatregelen te nemen die mogelijk ten koste gaan van de kwaliteit van het onderwijs’. Hij voegt daar echter aan toe dat het structureel invoeren van de vierdaagse schoolweek wettelijk niet mag.

‘De wet biedt basisscholen wel ruimte om vierdaagse schoolweken in te roosteren, maar dit mag voor de groepen drie tot en met acht maximaal zeven keer per jaar. Een school kan ervoor kiezen om (een deel van) die vierdaagse schoolweken in te zetten om in bijzondere gevallen het lerarentekort op te vangen’, aldus Slob.

Vierdaagse schoolweek niet ingevoerd

Naar aanleiding van bericht over het mogelijk invoeren van de vierdaagse schoolweek in Zaanstad heeft de Inspectie van het Onderwijs contact opgenomen met de schoolbesturen voor primair onderwijs in Zaanstad. Slob: ‘Hieruit bleek dat de vierdaagse schoolweek niet was ingevoerd. Er zijn ook geen signalen bij de inspectie bekend waaruit blijkt dat scholen zijn overgegaan op een vierdaagse schoolweek vanwege een tekort aan leerkrachten.’

Lees meer…

 

Alle leerlingen naar Tweede Kamer

Het kabinet komt vanaf volgend jaar met geld om alle leerlingen in het voortgezet onderwijs in staat te stellen de Tweede Kamer in Den Haag te bezoeken. In 2019 gaat het om 1,37 miljoen euro en dat bedrag loopt op tot 4,76 miljoen euro per jaar vanaf 2021.

De onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob en minister Kajsa Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties schrijven in een gezamenlijke brief aan de Tweede Kamer dat het belangrijk is voor leerlingen ‘om zelf te kunnen zien, horen en ervaren hoe democratie werkt’.

De leerdoelen van de scholenbezoeken aan het parlement sluiten volgens de ministers aan bij de plannen van het kabinet om burgerschap in het funderend onderwijs te versterken ‘via een verduidelijking van de wettelijke burgerschapsopdracht en een prominentere plaats voor burgerschap in het curriculum’.

Het busvervoer naar Den Haag en terug naar school wordt betaald. De miljoenen komen niet uit het onderwijsbudget, maar uit de pot voor cultuur. De organisatie van de bezoeken aan de Tweede Kamer ligt in handen van ProDemos.

Lees meer…

‘Negatieve beeld van ongelukkige leraren klopt niet’

Het algemene beeld dat maar weinig leraren gelukkig zijn met hun werk, komt niet overeen met wat zij daar zelf over zeggen. Veel van hen zijn juist blij met hun baan, meldt bureau Driessen op basis van onderzoek door Kantar TNS (voorheen TNS NIPO).

Slecht één op de drie mensen denkt dat leraren, verpleegkundigen en ambtenaren gelukkig zijn met hun werk. Mensen die werken in het onderwijs, de zorg of voor de overheid werken, beoordelen hun eigen werkgeluk gemiddeld met een rapportcijfer 7,5 en dat is hoger dan in de private sector, waar het werkgeluk gemiddeld een 7,3 krijgt.

Voor werknemers in onder andere het onderwijs blijken vooral de inhoudelijke aantrekkelijkheid van het werk en contacten met collega’s van belang, alsmede de balans tussen werk en privé en de ervaren werkdruk. De hoogte van het inkomen en baanzekerheid tellen voor hen over het algemeen minder zwaar mee.

Lees meer…

Ontdek ruimte in regels voortgezet onderwijs

De brochure Ontdek de ruimte, ruimte in regels in het voortgezet onderwijs en de website ontdekderuimte.leraar.nl hebben tot doel het gesprek op scholen over de organisatie van tijd te ondersteunen.

De brochure bevat informatie over de regels voor tijdsbesteding in het voortgezet onderwijs. Deze regels bieden ruimte om het onderwijs zo te organiseren dat het aansluit bij de visie van de school.

In de brochure is onder meer te lezen hoeveel uren leerlingen onderwijs moeten krijgen, wat ze in die tijd leren en hoe een school zich verantwoordt over de kwaliteit. ‘Zo wordt duidelijk wat er moet en wat er mag en welke ruimte scholen hebben om onderwijs verder te ontwikkelen’, meldt het ministerie van OCW.

Jeroen Dijsselbloem legt nadruk op kansengelijkheid

Jeroen Dijsselbloem geeft het onderwijs vier nieuwe adviezen, zo vertelt hij in een gesprek met NRC. Hij benadrukt het belang van kansengelijkheid.

Het is ruim tien jaar geleden dat het rapport verscheen van de parlementaire commissie onder leiding van toen nog PvdA-Tweede Kamerlid Jeroen Dijsselbloem. De commissie had onderzoek gedaan naar onderwijsvernieuwingen die in de 20 jaar daarvoor waren ingevoerd, zoals de basisvorming, het studiehuis en het vmbo.

Aanleiding voor het onderzoek was de aanhoudende kritiek op deze vernieuwingen en de wijze waarop ze werden ingevoerd. De conclusie van de parlementaire commissie was dat de vernieuwingen van bovenaf waren ingevoerd, zonder voldoende rekening te houden met draagvlak in het onderwijs zelf.

Vier nieuwe adviezen

Dijsselbloem laat ruim tien jaar na dato zijn licht schijnen over het advies van de commissie die naar hem werd genoemd en kijkt naar hoe het onderwijs er nu voorstaat. Hij geeft in NRC vier vervolgadviezen:

  1. De overheid moet beter letten op de kwaliteit van het onderwijs en het onderwijsstelsel bewaken. Dat moet ‘compleet en samenhangend’ zijn. Kansengelijkheid kan worden bevorderd door brede scholengemeenschappen, brede brugklassen, latere selectie en soepele doorstroom.
  2. Het onderwijs moet leerlingen blijven toetsen. Doordat toetsen worden afgeschaft en de Cito-toets minder bepalend is, gaat de lat omlaag. Bovendien lopen vooral leerlingen met een migratieachtergrond het risico dat zij vanwege vooroordelen van leraren minder kansen krijgen nu objectieve toetsen terrein verliezen.
  3. Pas op voor onderwijsgoeroes, want hun ideeën zijn vaak buitengewoon zwak onderbouwd. Vernieuwingen moeten zijn gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, net zoals dat het geval is buiten het onderwijs.
  4. Verhoog de lat. Dat kan door voortdurend te investeren in leraren en methoden.

Lees meer…

Inspectie publiceert onderzoeksrapport VMBO Maastricht

De Inspectie van het Onderwijs heeft het onderzoeksrapport over het examendebacle bij VMBO Maastricht gepubliceerd. Hierin staat dat de betreffende scholen zich niet hielden aan het programma van toetsing en afsluiting en de regels uit het eigen examenreglement. Ook werden de regels uit het wettelijke Eindexamenbesluit niet allemaal gevolgd.

‘Hierdoor had geen enkele van de 354 examenkandidaten het volledige schoolexamen afgerond voordat het centraal examen begon. Er ontbraken duizenden onderdelen van het schoolexamen’, aldus de inspectie. Dat was de reden om vlak voor de zomervakantie alle examens van VMBO Maastricht ongeldig te verklaren.

De aanleiding van het onderzoek bij VMBO Maastricht was een signaal dat de inspectie ontving. ‘Hierin werd gemeld dat een leerling de uitslag ‘geslaagd’ had ontvangen, maar voor een vak nog niet alle schoolexamens had afgerond. De schoolleiding bevestigde deze onregelmatigheid, nadat ze de melding had onderzocht’, zo staat in het rapport.

De reactie van de schoolleiding, die zei dat deze onregelmatigheid niet was te voorzien, was voor de inspectie reden om nader onderzoek te doen. Daaruit bleek dus dat het mis was bij alle 354 examenkandidaten van VMBO Maastricht.

André Postema

Het examendebacle bij VMBO Maastricht voltrok zich onder verantwoordelijkheid van het college van bestuur van de Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO). Kort nadat het bekend was geworden, stapte bestuurslid Marianne Wegberg en Gerard Bos uit de raad van toezicht van LVO op. Bestuursvoorzitter André Postema bleef echter zitten. Onlangs werd bekend dat zijn contract met twee jaar is verlengd.

In het rapport van de inspectie staat een reactie van het college van bestuur van LVO, waarvan Postema dus nog altijd de voorzitter is. In de reactie staat dat het bestuur de verantwoordelijkheid draagt voor het examendebacle en dat ook zo voelt.

‘De examenkandidaten zijn door het effect van het niet correct verlopen van de toetsing en afsluiting van het examen ernstig benadeeld; dat is verschrikkelijk voor de leerlingen en hun ouders (en voor de andere betrokkenen bij VMBO Maastricht) en dat spijt het CvB ten zeerste’, zo staat in de reactie.

Daarna gaat het college van bestuur in op acties die het heeft ondernomen om de getroffen leerlingen alsnog hun diploma te laten behalen. ‘Het CvB heeft (…) de herstelopdracht maximaal willen oppakken en daarmee het herstel ingezet c.q. de schade voor de leerlingen zoveel mogelijk beperkt.’

Lees meer…

Hoe werkt ‘Je eigen leeromgeving’ in de praktijk?

De afkorting Jeelo staat voor ‘Je eigen leeromgeving’. Dit is een initiatief van het openbaar basisonderwijs in Oost-Brabant, dat zelf aan het roer staat om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren.

Jeelo doorbreekt de versnippering en de aanbodgerichtheid die zo kenmerkend zijn voor veel educatieve uitgeverijen en andere leveranciers. Scholen die meedoen aan Jeelo, vormen met elkaar een community.

Dit schooljaar zijn er weer regiobijeenkomsten waarop u zich kunt oriënteren op dit vernieuwende concept.