Slob positief over voortgang sectorakkoorden

Leraren in het primair en voortgezet onderwijs maken meer gebruik van ICT en digitaal lesmateriaal. Dat is een positieve ontwikkeling voor de kwaliteit van het onderwijs. Dit meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer over de voortgangsrapportage over de sectorakkoorden voor het primair en voortgezet onderwijs.

‘In het primair onderwijs zien we positieve ontwikkelingen op het vlak van uitdagend onderwijs. Zo wordt er veel gebruikgemaakt van digitaal leermateriaal in de les en is er voldoende aandacht voor het onderzoekend leren van leerlingen’, aldus Slob. Over het voortgezet onderwijs meldt hij dat ook daar ‘leraren bij het voorbereiden of geven van lessen meerdere ICT-toepassingen gebruiken’.

Professionalisering

Op het vlak van professionalisering signaleert Slob dat nagenoeg alle schoolleiders in het primair onderwijs zijn geregistreerd in het Schoolleidersregister PO. Het opleidingsaanbod voor schoolleiders wordt volgens hem goed afgestemd op de vraag van scholen en schoolbesturen.

Wat de professionalisering binnen het voortgezet onderwijs betreft, ziet Slob dat het aantal plekken op opleidingsscholen zeer sterk is gegroeid. ‘Ook het aandeel vmbo-docenten dat beschikt over kennis van de actuele beroepspraktijk en de opleidingsmogelijkheden hiervoor in het vervolgonderwijs is flink toegenomen’, zo staat in zijn brief.

(Zeer) zwakke scholen

Een ander punt dat hierin aan bod komt, is dat in het primair onderwijs het aandeel (zeer) zwakke scholen dat zich binnen een jaar verbetert, zeer sterk is toegenomen. ‘Het is echter belangrijk om er naar te blijven streven dat alle (zeer) zwakke scholen zich binnen een jaar verbeteren’, zo benadrukt de minister.

In het voortgezet onderwijs is volgens de minister ook voortgang geboekt met onvoldoende en zeer zwakke afdelingen die zich verbeteren. Het blijft volgens hem belangrijk om hieraan te blijven werken. ‘Doelstelling is immers dat in 2020 alle onvoldoende en zeer zwakke afdelingen zich binnen één jaar respectievelijk twee jaar verbeteren’, aldus Slob.

Zie ook:

Vernietigend oordeel over bestuur Cornelius Haga

De Inspectie van het Onderwijs meldt ernstige gebreken te hebben vastgesteld bij het bestuur van het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Onderwijsminister Arie Slob zegt op basis van de bevindingen van de inspectie dat het huidige bestuur weg moet.

Volgens de inspectie neemt het bestuur geen afstand van ‘personen met een omstreden reputatie’. Ook is er sprake van financieel wanbeheer. Bovendien is volgens de inspectie het burgerschapsonderwijs van onvoldoende kwaliteit. De inspectie noemt het handelen van het schoolbestuur ‘schadelijk voor de school en de leerlingen’.

Zeer tegen de zin van het zwaar bekritiseerde bestuur is een rapport over het Cornelius Haga Lyceum gepubliceerd. De rechter oordeelde dat de inspectie dit mocht doen. Het rapport staat online, zodat iedereen het kan lezen.

‘Bestuur moet weg’

Minister Slob meldde direct nadat het inspectierapport openbaar was gemaakt, dat het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum weg moet:

In de brief die Slob op Twitter aankondigde, staat dat als het huidige bestuur niet opstapt, de bekostiging van de school wordt stopgezet. Het bestuur heeft direct laten weten niet te zullen opstappen.

De Amsterdamse onderwijswethouder Marjolein Moorman heeft in Nieuwsuur gezegd dat het Cornelius Haga Lyceum geen gebruik meer mag maken van het gebouw in Sloterdijk als Slob de geldkraan dichtdraait.

Zie ook de gerelateerde berichten in de rechterkolom.

Hersteloperatie examens Calvijn College afgerond

Van de 76 vmbo-leerlingen van het christelijke Calvijn College in Amsterdam die toetsen voor het schoolexamen moesten inhalen, zijn er 63 geslaagd. Dat staat in een brief van  onderwijsminister Arie Slob aan de Tweede Kamer. De herstelopdracht die de school moest uitvoeren, is nu afgerond.

De Amsterdamse school had bij de leerlingen één of meer toetsen van het schoolexamen niet afgenomen. Zij moesten daarom een deel van hun schoolexamen inhalen. Slob meldde eerder dat 50 leerlingen waren geslaagd en dat 26 leerlingen moesten herkansen. De helft van hen heeft dat met goed resultaat afgerond. De overige dertien leerlingen zijn uiteindelijk gezakt.

Onderzoek inspectie

‘Zodra duidelijk werd dat het schoolexamen op het Calvijn College niet goed afgerond was, is alle aandacht uitgegaan naar het zo spoedig mogelijk oplossen van de ontstane situatie voor de getroffen leerlingen. Nu dit herstel heeft plaatsgevonden, moet de vraag beantwoord worden hoe deze situatie heeft kunnen ontstaan. De Inspectie van het Onderwijs heeft een specifiek onderzoek bij het Calvijn College ingesteld om dit te achterhalen’, aldus Slob in zijn brief.

De inspectie verwacht medio oktober met de onderzoeksresultaten te komen. De minister zal dan de Tweede Kamer daarover informeren.

Zelfevaluatie

Ook de Amsterdamse Stichting ZAAM voor interconfessioneel voortgezet onderwijs, waaronder het Calvijn College valt, laat onderzoeken hoe het examendebacle heeft kunnen gebeuren. ‘Dat het bestuur dit onderzoek start, past wat mij betreft bij wat je van een lerende organisatie mag verwachten’, aldus Slob.

Lees meer…

 

Vijftig vmbo’ers Calvijn College alsnog geslaagd

Van de vmbo’ers van het christelijke Calvijn College in Amsterdam die één of meer toetsen van het schoolexamen niet hadden gemaakt, zijn er nu 50 alsnog geslaagd. Dat meldt onderwijsminister Arie Slob in een brief aan de Tweede Kamer over de herstelopdracht die de school moet uitvoeren.

De Amsterdamse school had één of meer toetsen van het schoolexamen niet afgenomen. De leerlingen moesten daarom een deel van hun schoolexamen inhalen.

Minister Slob meldt nu dat 50 leerlingen zijn geslaagd en dat 26 leerlingen moeten herkansen. Eén leerlingen heeft zich teruggetrokken van het eindexamen in dit jaar.

‘De prioriteit is om het herstelproces goed af te maken, zodat er conform de verwachting van het bevoegd gezag voor de zomervakantie diploma’s kunnen worden uitgereikt’, zo staat in de brief van de minister.

VMBO Maastricht

De situatie bij het Calvijn College in Amsterdam volgt op het examendebacle bij VMBO Maastricht. Daar keurde de Inspectie van het Onderwijs vorig jaar de eindexamens van 354 leerlingen af, omdat zij niet alle toetsen voor het schoolexamen hadden gemaakt.

Ook VMBO Maastricht moest een herstelprogramma uitvoeren.

Educatieve keuzedagen niet bedoeld als extra vakantie

Educatieve keuzedagen zijn geen verkapte vakantiedagen. Dat benadrukt onderwijsminister Arie Slob in antwoord op kritische vragen hierover van GroenLinks in de Tweede Kamer.

Scholen die experimenteren met educatieve keuzedagen, zijn hier volgens Slob positief over. Deze mogelijkheid maakt volgens hem meer maatwerk mogelijk. ‘De keuzedagen bieden ruimte voor differentiatie, spelen in op persoonlijke interesses van leerlingen en stimuleren een bredere blik op de wereld en de samenleving’, aldus de minister.

Hij vervolgt: ‘Door de mogelijkheid van het opnemen van een educatieve keuzedag te beperken tot enkele schooldagen per jaar gekoppeld aan de beoordeling door de school of een keuzedag een educatief doel dient, wordt duidelijk dat het niet de bedoeling is om mogelijkheden voor verkapte vakantiedagen te creëren.’

De vragen van GroenLinks en de reactie van de minister staan in het kader van het experiment Regelluwe scholen.

Lees meer…

Calvijn College Amsterdam moet blunder herstellen

Het christelijke Calvijn College Amsterdam heeft bij 68 vmbo-leerlingen één of meer toetsen van het schoolexamen niet afgenomen. Zij moeten daarom een deel van hun schoolexamen inhalen. Dat meldt de Inspectie van het Onderwijs.

‘Het herstelprogramma is erop gericht om de leerlingen zo goed en zo spoedig mogelijk de ontbrekende toetsen te laten maken en zo alsnog het examenresultaat te kunnen vaststellen’, aldus de inspectie.

Verder bevat het herstelprogramma een planning wanneer er extra lessen zijn voor de toetsen, wanneer de toets gemaakt moet worden en eventueel kan worden herkanst.

VMBO Maastricht

De situatie bij het Calvijn College in Amsterdam volgt op het examendebacle bij VMBO Maastricht. Daar keurde de Inspectie van het Onderwijs vorig jaar de eindexamens van 354 leerlingen af, omdat zij niet alle toetsen voor het schoolexamen hadden gemaakt. Ook VMBO Maastricht moest een herstelprogramma uitvoeren.

Tweede Kamer voor flexibele schooltijden

Een meerderheid in de Tweede Kamer wil een wettelijke basis voor flexibele schooltijden. Een motie daartoe van VVD, CDA en D66 is aangenomen.

In april werd bekend dat Slob had besloten een punt te zetten achter het experiment met flexibele schooltijden. Dit betekent dat alle scholen die aan het experiment begonnen, zich met ingang van het nieuwe schooljaar weer moeten houden aan de centraal vastgestelde vakanties en de vijfdaagse schoolweek.

De minister motiveerde zijn besluit door te wijzen op een onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs. Daaruit blijkt dat flexibele schooltijden te veel risico’s met zich meebrengen voor de kwaliteit van het onderwijs. ‘Een school blijft een onderwijsinstelling en de onderwijskwaliteit staat voorop’, aldus de minister.

Wettelijke basis flexibele schooltijden

Het besluit van Slob leidde tot gefronste wenkbrauwen, vooral ook in de Tweede Kamer. Daarom kwamen VVD, CDA en D66 met een motie voor een wettelijke basis voor flexibele schooltijden. In de motie benadrukken zij dat het experiment op een aantal scholen goed is verlopen en dat ouders, leerlingen, docenten zeer tevreden waren.

Scholen zouden daarom moeten kunnen afwijken van de centraal vastgestelde vakanties en de schoolweek van vijf dagen, zo staat in de aangenomen motie.

Vmbo Amsterdam vergat mogelijk meer schoolexamens

Het is nog niet duidelijk of 77 vmbo-examenleerlingen van het christelijke Calvijn College in Amsterdam zijn geslaagd. De Inspectie van het Onderwijs onderzoekt of de school wel alle schoolexamens heeft afgenomen die noodzakelijk zijn voor het eindexamen.

De school meldde eerder dat één toets van het schoolexamen niet is gemaakt. Dat was volgens het Calvijn College een opdracht uit het werkboek voor het vak Engels die voor 2,5 procent meetelt voor het eindcijfer. ‘De school heeft naar de Inspectie betoogd dat de eindtermen van deze opdracht door andere schoolexamens voldoende zijn getoetst’, zo stond op de website van de school vermeld.

De inspectie ging echter over tot ‘aanvullend onderzoek om vast te stellen of het Calvijn College in Amsterdam alle toetsen heeft afgenomen die noodzakelijk zijn voor het eindexamen’. De school kreeg opdracht om van alle betrokken leerlingen een overzicht te maken van de gemaakte schoolexamens. De inspectie gaat die informatie analyseren.

Het streven is om begin deze week duidelijk te hebben of er een examenuitslag vastgesteld kan worden. ‘De inspectie begrijpt dat de situatie zeer vervelend is voor betrokken leerlingen en ouders en probeert zo snel mogelijk uitsluitsel te bieden. Tegelijkertijd is van groot belang dat alle informatie zorgvuldig wordt geanalyseerd’.

Lees meer…

Problemen VMBO Maastricht nog niet voorbij

Het gaat de goede kant op met VMBO Maastricht, maar de school is er nog niet bovenop. Onderwijsminister Arie Slob geeft in een brief aan de Tweede Kamer aan wat de stand van zaken is.

Bij VMBO Maastricht ging het vorig jaar helemaal mis met de examens. De Inspectie van het Onderwijs verklaarde daar alle eindexamens ongeldig. Dat deed inspectie, omdat geen enkele leerling had voldaan aan de eisen om examen te mogen doen.

De inspectie concludeerde na onderzoek dat het vorige college van bestuur van Limburgs Voortgezet Onderwijs onder leiding van André Postema het examendebacle mogelijk had gemaakt. Ook de raad van toezicht onder leiding van Jan Schrijen faalde.

Postema en Schrijen traden naar aanleiding van het examendebacle met grote tegenzin af. Dat deden ze pas onder grote druk van buiten en maanden na dato.

Schoolexamens

Minister Slob meldt nu dat het met VMBO Maastricht de goede kant op gaat. Volgens de inspectie is de kwaliteit van de schoolexamens weer op orde. Slob meldt verder dat de uitvoering van andere herstelopdrachten op schema ligt.

In de brief van de minister staat echter ook dat er nog aandachtspunten zijn. Zo vallen er bij VMBO Maastricht nog steeds te veel lessen uit. Bovendien benoemt Slob problemen met de kwaliteitscultuur en met de continuïteit van het bestuur.

Ondertussen is bekend geworden dat de Fransman Eugène Bernard voor vijf jaar is benoemd tot bestuursvoorzitter van LVO. Hij is nu nog bestuursvoorzitter van de Brabantse vereniging Ons Middelbaar Onderwijs (OMO).

Lees meer…

Slob relativeert probleem zoekgeraakte examens

‘In de regel is verzending van het examenwerk per aangetekende post betrouwbaar. Het kan in uitzonderlijke gevallen voorkomen dat hierbij iets misgaat en ieder jaar zijn er enkele van deze gevallen.’ Dat antwoordt onderwijsminister Arie Slob in reactie op Kamervragen.

De vragen kwamen van de Kamerleden Kirsten van den Hul (PvdA), Peter Kwint (SP) en Lisa Westerveld (GroenLinks). Zij wilden van Slob weten hoe het toch kan dat er in één week vier keer examens zijn zoekgeraakt. Onder andere in de Telegraaf stond hierover een bericht.

Slob relativeert de problemen door erop te wijzen dat het bijna altijd goed gaat en dat er elk jaar wel gevallen zijn van verdwenen examens. Hij wijst er ook op dat de scholen in elk geval niets kan worden verweten, omdat zij de examens volgens de regels aangetekend hebben verzonden. ‘Scholen mogen er op vertrouwen dat na het afgeven van de examens (…) er zorgvuldig met de post wordt omgegaan’, aldus Slob.

Lees meer…

 

 

Ministers willen slechte school sneller aanpakken

De overheid moet sneller en in meer gevallen kunnen ingrijpen wanneer een school ernstig onder de maat presteert. Ook moet de bekostiging in meer gevallen beëindigd kunnen worden. Dat melden de onderwijsministers Ingrid van Engelshoven en Arie Slob.

Ze hebben willen maatregelen nemen die ervoor moeten zorgen dat de overheid sneller kan ingrijpen. Bijvoorbeeld als een school de regels rond de examinering niet goed naleeft, zoals in 2018 gebeurde in Maastricht. Daar verklaarde de Inspectie van het Onderwijs de eindexamens van het VMBO Maastricht ongeldig, nadat was gebleken dat daar geen enkele leerling had voldaan aan de eisen om eindexamen te mogen doen.

De ministers willen ook sneller kunnen ingrijpen als blijkt dat een school er met de pet naar gooit op het gebied van bijvoorbeeld burgerschap of sociale veiligheid. Ze willen in het uiterste geval schoolbestuurders kunnen ontslaan en/of de bekostiging van een slecht presterende school kunnen beëindigen. Ook willen ze hogere sancties.

Verantwoordelijkheid

Minister Slob zegt dat scholen een grote mate van zelfstandigheid hebben en dat daarbij verantwoordelijkheid hoort. ‘Als een school of bestuurder die verantwoordelijkheid niet pakt, moeten we kunnen ingrijpen. Want leerlingen en studenten moeten erop kunnen vertrouwen dat zij goed onderwijs krijgen.’

Volgens minister Van Engelshoven zullen goede scholen niets van de strengere maatregelen merken, maar scholen die ‘ernstig onder de maat zijn’ wel.

Lees meer…

‘Onderwijs moet meer laten zien waar het mee bezig is’

‘Ik vind transparantie ontzettend belangrijk. Volgens mij moeten we als sector meer en beter laten zien waar we mee bezig zijn.’ Dat zegt  Jeroen Goes, voorzitter van het het college van bestuur van Stichting Fluvium, in een interview met de PO-Raad.

Volgens hem moeten schoolbestuurder altijd voor ogen houden waar het in het onderwijs allemaal om gaat, namelijk de leerlingen. ‘Zo zat ik laatst aan tafel met het samenwerkingsverband en de gesprekken worden soms zo abstract. Terwijl het eigenlijk gaat om kinderen met een extra ondersteuningsbehoefte die we zo goed mogelijk onderwijs willen bieden. Dat vergeten bestuurders soms wel eens.’

Hij gaat ook in op de financiële verantwoording. ‘Ik merk dat het voor ouders, leraren en directeuren, die zitting hebben in de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, best een hele kluif is om je door pagina’s van tabellen en cijfers te worstelen. Dit jaar heb ik de begroting voor het eerst visueel laten vormgeven. Dat hielp voor ons heel goed bij het voeren van een open gesprek over de verschillende bedragen.’

Lees het hele interview

Aanmelden Excellente Scholen kan t/m 22 mei

Scholen kunnen zich tot en met 22 mei aanmelden voor het nieuwe trajectjaar Excellente Scholen 2019.

Deelname staat open voor scholen voor primair onderwijs (inclusief speciaal basisonderwijs), speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en praktijkonderwijs. Voorwaarde is dat de school de waardering ‘Goed’ van de Inspectie van het Onderwijs heeft.

Ga naar de aanmeldprocedure.

Scholen moeten schoolexamens versterken

Middelbare scholen moeten hun schoolexamens versterken om de balans tussen schoolexamen (SE) en Centraal Examen (CE) te verbeteren. Ook moeten de ‘oneigenlijke onderdelen’ eruit, schrijft onderwijsminister Arie Slob aan de Tweede Kamer.

De examenpraktijk is uit balans, schrijft de minister, omdat scholen zich steeds meer zijn gaan richten op de CE’s. De SE’s bevatten relatief vaak elementen die al in het CE aan de orde komen, maar ook ‘met wisselende regelmaat’ oneigenlijke onderdelen, zoals een tussentijdse schriftelijke overhoring of een beoordeling van huiswerkattitude. De minister vindt daarom dat zowel de positie als de kwaliteit van het SE moet worden versterkt.

Scholen verantwoordelijk voor SE

De verantwoordelijkheid voor het SE ligt bij de scholen zelf en Slob heeft daarom recent alle schoolbesturen in het voortgezet onderwijs per brief opgeroepen om nu allereerst voldoende aandacht aan de afronding van het SE te besteden. Hij wijst daarbij op de checklists van de VO-raad en van het Platform Examensecretarissen (PLEXS).

Vorig jaar ging het bij de afronding van de SE’s mis op een vmbo-school in Maastricht. Daar bleek achteraf dat ruim 300 leerlingen niet aan het CE hadden mogen beginnen, omdat hun SE’s niet goed waren afgerond.

Examencommissie op school

De VO-raad pakt de handschoen op. De branche-organisatie heeft negen actielijnen gepresenteerd om de schoolexaminering te versterken. Onderdeel daarvan is dat elke school vanaf augustus 2020 een examencommissie heeft, terwijl de VO-raad elk jaar zorgt voor actuele checklists en evaluatie-instrumenten.

Minister Slob kondigt in zijn brief aan dat de Inspectie van het Onderwijs voortaan let op naleving van het Programma van Toetsing en Afsluiting en dat hij de vinger aan de pols houdt door middel van diverse onderzoeken.

Meer informatie in de Kamerbrief van minister Slob: Visie toetsing en examinering in het voortgezet onderwijs.

Wet doorstroomrecht vmbo-havo vertraagd

De wet die het doorstroomrecht van vmbo’ers naar de havo regelt, kan pas in werking treden als de ‘curriculumkloof’ is overbrugd. Dat vindt de VO-raad, meldt de Volkskrant.

De krant schrijft over de vertraagde inwerkingtreding van de Wet gelijke kans op doorstroom vmbo-havo. Deze wet zou met ingang van het schooljaar 2019-2020 van kracht moeten zijn, maar dat wordt niet gehaald. Daardoor blijft de huidige situatie van kracht, waarin scholen die havo aanbieden zelf kunnen bepalen of zij geslaagde vmbo’ers toelaten tot het vierde leerjaar van de havo.

Langere doorlooptijd, geen coulanceregeling

Het ministerie van OCW laat aan de Volkskrant weten dat het wetsvoorstel een langere doorlooptijd heeft dan verwacht. Binnenkort gaat het naar de Tweede Kamer komt. Daarna moet het nog naar de Eerste Kamer. Daar gaan nog maanden overheen.

Een coulanceregeling komt er niet, schrijft de krant. Wel onderstreept onderwijsminister Arie Slob een eerdere oproep van voormalig staatssecretaris Sander Dekker van OCW aan de scholen om geen onnodige eisen te stellen aan de doorstroom van vmbo’ers naar de havo.

Curriculumkloof overbruggen

De VO-raad was altijd kritisch over de nieuwe wet. De sectororganisatie zegt nu, zo meldt de Volkskrant, dat de streefdatum mede niet is gehaald, omdat onduidelijk is hoe bij een doorstroomrecht de vakken op vmbo en havo het beste op elkaar kunnen aansluiten. Zolang de ‘curriculumkloof’ niet is overbrugd, kan de wet volgens de VO-raad niet in werking treden.

Lees meer…

Slob positief over ‘onderwijsassistent-plus’

Onderwijsminister Arie Slob is positief over een bijscholingstraject tot onderwijsassistent-plus. Dit traject is bedoeld om met een bredere inzet van onderwijsassistenten het lerarentekort tegen te gaan.

SP-Kamerlid Peter Kwint stelde hierover kritische vragen aan Slob, mede naar aanleiding van deze tweet van leraar Jan van de Ven, die bekend is van PO in Actie:

De minister is in tegenstelling tot Kwint en Van de Ven positief over dit initiatief om het lerarentekort tegen te gaan. ‘Het werken met een divers team met verschillende (vak)specialisten, onderwijsassistenten/ ondersteuners en zij-instromers kan daaraan een bijdrage leveren’, aldus Slob.

Hij meldt dat de initiatiefnemer van het bijscholingstraject, de Brabantse Scholengroep Eenbes, het onderwijs anders wil organiseren. ‘Daarvoor achten zij het wenselijk om onderwijsassistenten breder te scholen. Het bestuur is zich ervan bewust dat ‘onderwijsassistenten-plus’ niet zelfstandig voor de klas mogen, noodsituaties daargelaten.’

Lees meer…

‘Geef brede scholengemeenschappen meer geld’

‘Er moet meer lef komen om te kiezen voor extra geld voor brede scholen, en andere scholen minder te geven’, zegt directeur-bestuurder Maryse Knook van de Open Schoolgemeenschap Bijlmer in interview met Trouw.

Deze school voor voortgezet onderwijs in Amsterdam-Zuidoost heeft tweejarige brede brugklassen met leerlingen van vmbo tot en met vwo. ‘Door iedereen bij elkaar te zetten en samen te laten werken, zien kinderen dat vwo’ers ook niet overal een antwoord op hebben en dat vmbo’ers in bepaalde dingen heel handig zijn’, aldus Knook.

Volgens haar draagt de tweejarige brugklas bij aan het zelfvertrouwen van de leerlingen. Bovendien stijgen volgens haar in brede brugklassen veel leerlingen uit boven het schooladvies dat ze in groep 8 hebben gekregen.

Triest en schrijnend

Ze noemt het triest dat in Amsterdam veel ouders niet kiezen voor brede scholengemeenschappen, maar voor een havo-vwo of gymnasium. ‘Het Ingenieur Lely Lyceum heeft zijn vmbo-kader afgestoten en meer ingezet op het gymnasium. Nu krijgt het veel meer aanmeldingen. Dat is schrijnend.’

Knook pleit ervoor om brede scholengemeenschappen meer geld te geven en andere scholen voor voortgezet onderwijs minder. ‘Dan kan er echt iets veranderen.’

Lees het hele interview

Inspectie slaat alarm over toenemende segregatie

De segregatie in het onderwijs is een almaar groeiend probleem. Dat signaleert de Inspectie van het Onderwijs. ‘We zien (…) dat groepen leerlingen elkaar steeds minder tegenkomen’, zo staat in het rapport De Staat van het Onderwijs 2019.

De inspectie waarschuwt ervoor dat het probleem van de segregatie steeds groter wordt als we er niets tegen ondernemen. Het probleem speelt volgens de inspectie onder andere in de steden. Het zorgt ervoor dat de kansenongelijkheid toeneemt.

In het rapport wordt segregatie in verband gebracht met versnippering van het aanbod. Hierbij noemt de inspectie de opkomst van profielscholen met een specifiek onderwijsaanbod, waarvoor ouders soms veel geld moeten betalen. Voorbeelden zijn technasia, cultuurprofielscholen en mediawijsheidscholen.

Artikel 23 en burgerschap

Deze segregatie komt bovenop de traditionele denominatieve scheidslijnen die het gevolg zijn van artikel 23 in de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. Deze scheidslijnen lopen tussen het openbaar onderwijs dat van en voor iedereen is en de verschillende vormen van bijzonder onderwijs, zoals protestants-christelijk, rooms-katholiek en islamitisch onderwijs. Vorig jaar liet de inspectie al zien dat deze scheidslijnen een segregerend effect kunnen hebben.

De inspectie roept in verband met de toenemende segregatie en kansenongelijkheid op tot een gerichte en gezamenlijke aanpak voor alle sectoren. Zo benadrukt de inspectie dat alle scholen hun leerlingen moeten ‘voorbereiden op deelname in de samenleving’.

Wat dit betreft is de inspectie positief over de trend dat burgerschapsonderwijs en persoonsvorming steeds meer aandacht krijgen. ‘Scholen die extra in burgerschap investeren, lijken over de tijd betere uitkomsten te behalen’, zo staat in het rapport. Maar de inspectie signaleert ook dat de meeste scholen weinig of geen inzicht hebben in de resultaten van hun burgerschapsonderwijs.

Download De Staat van het Onderwijs 2019

‘Politieke hetze’ tegen Cornelius Haga Lyceum

Leerlingen en leraren van het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam worden ‘meegezogen in een politieke hetze’. Dat stelt onderzoeker Johan Lievens van de Vrije Universiteit in Amsterdam in een interview met de christelijke profielorganisatie Verus. Hij is onlangs gepromoveerd op een onderzoek naar de vrijheid van onderwijs.

‘Het is politiek niet helemaal kosjer om deze school via een publiek proces te beoordelen’, zegt Lievens tegen Verus. ‘Geef de onderwijsinspectie de ruimte om haar rol te spelen in plaats van als individuele politicus beslissingen te nemen op basis van losse constateringen en vermoedens.’

Artikel 23

Het wijzigen van artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs, zoals bijvoorbeeld door de SP wordt gesuggereerd, om alle scholen te dwingen bepaalde grondrechten te eerbiedigen, is volgens Lievens niet nodig. ‘Dat kan volgens mij nu al: alle grondrechten staan op gelijke hoogte. Het is al in de onderwijswetgeving opgenomen dat we vereisen dat scholen jongeren opleiden in een pluralistische samenleving met respect voor anderen. Dat kan scherper geformuleerd worden, maar vereist geen aanpassing van de Grondwet.’

De islamitische school raakte in opspraak vanwege het onderwijs dat niet goed zijn voor de democratie en gericht zou zijn tegen integratie. Bovendien zou het bestuur het werk van de Inspectie van het Onderwijs onmogelijk hebben gemaakt. Tevens zouden er contacten zijn geweest tussen het schoolbestuur en een islamitische terreurorganisatie.

Lees meer…

Slob staakt experiment flexibele schooltijden

Onderwijsminister Arie Slob zet een punt achter het experiment met flexibele schooltijden in het basisonderwijs. Alle scholen die aan dit experiment begonnen, moeten zich met ingang van het nieuwe schooljaar weer houden aan de centraal vastgestelde vakanties en de vijfdaagse schoolweek.

De reden om het experiment te staken, is gelegen in risico’s met betrekking tot de onderwijskwaliteit. De minister verwijst in een brief aan de Tweede Kamer naar bevindingen van de Inspectie van het Onderwijs. Die signaleert ‘dat na acht jaar vijf van de oorspronkelijke twaalf scholen door kwaliteitsproblemen uit het experiment zijn gestapt’. Bovendien hebben twee andere scholen volgens de minister ‘ingrijpende maatregelen getroffen om de kwaliteitsproblemen het hoofd te bieden’.

‘Hoewel het om een beperkte groep scholen gaat, maakt het wel duidelijk dat er flinke risico’s verbonden zijn aan flexibilisering van onderwijstijd, die een ongeclausuleerde invoering onwenselijk maakt’, zo staat in zijn brief.

Motie tegen vierdaagse schoolweek

De minister onderbouwt zijn besluit om het experiment stop te zetten ook met ‘onze gezamenlijke opvatting dat afwijking van de onderwijstijd geen structurele situatie mag zijn’. Deze opvatting zegt hij te delen met PvdA-Tweede Kamerlid Kirsten van den Hul, Lisa Westerveld van GroenLinks en SP’er Peter Kwint.

Zij kwamen onlangs met een motie naar aanleiding van het besluit van sommige schoolbesturen om vanwege het lerarentekort tijdelijk een vierdaagse schoolweek in te voeren. Die ondermijnt volgens hen ‘de gelijke kansen voor kinderen’.

Bovendien legt een vierdaagse schoolweek ‘een onevenredige belasting bij ouders en hun omgeving’. Van den Hul, Westerveld en Kwint wezen er in hun motie ook op dat de vierdaagse schoolweek geen oplossing zou zijn voor de hoge werkdruk van leraren.

CPB: Eindtoets groep 8 weer vóór schooladvies

De afname van de eindtoets in groep 8 van de basisschool zou weer vóór het schooladvies moeten plaatsvinden, adviseert het Centraal Planbureau (CPB).

Het CPB benadrukt dat als de eindtoets weer vóór het schooladvies wordt afgenomen, de basisscholen hun adviezen op zoveel mogelijk informatie kunnen baseren. Dan kunnen volgens CPB ‘lagere verwachtingen die leraren (onbewust) kunnen hebben van bepaalde groepen leerlingen worden gecorrigeerd’.

Het planbureau wijst erop dat relatief veel kinderen van ouders met lagere inkomens lagere schooladviezen krijgen dan het toetsadvies uitwijst. Bovendien wordt hun schooladvies minder vaak bijgesteld. ‘De eindtoets meenemen in het schooladvies kan zodoende bijdragen aan kansengelijkheid’, aldus het CPB.

Lees meer…

Nederlanders niet heel bezorgd over onderwijs

Nederlanders maken zich een stuk minder zorgen over het onderwijs dan over de gezondheids- en ouderenzorg. Dat blijkt uit Burgerperspectieven 2019/1 van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

De problemen die in het onderwijs worden ervaren, behoren niet tot de problemen die de gemiddelde Nederlander het meeste zorgen baren. Dat zijn wel de manier waarop wij in Nederland met elkaar samenleven, de immigratie en de daaraan gekoppelde integratie en ons inkomen en de economie.

Het onderwijs staat op de vijfde plaats als het gaat om de agendapunten die als belangrijkst worden ervaren. De gezondheids- en ouderenzorg staat op nummer 1.

Lees meer…

 

Artikel 23: onderwijs op basis van religie achterhaald!

De vrijheid om scholen te stichten op religieuze gronden heeft haar langste tijd gehad. Het is tijd voor de ontmanteling van het achterhaalde verzuilde onderwijsbestel op basis van grondwetsartikel 23 over de vrijheid van onderwijs. Dat benadrukken directeur-bestuurder Marco Frijlink van de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) en directeur Hans Teegelbeckers van VOS/ABB op de opiniepagina van Trouw.

Zij schrijven dat het openbaar onderwijs traditioneel de plek is waar iedereen welkom is, ongeacht religie of levensovertuiging. ‘Sterker nog, het openbaar onderwijs is de plek bij uitstek waar kinderen van allerlei gezindten elkaar ontmoeten op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect, juist ook voor elkaars verschillen. Wij zijn ervan overtuigd dat dit de beste voorbereiding vormt op zelfstandig functioneren en constructief samenleven in onze pluriforme maatschappij.’

Verre van ideaal

Frijlink en Teegelbeckers verwijzen in hun opiniestuk naar de ophef over de ruimte die het omstreden islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam neemt – ‘en kán nemen’ – op basis van de vrijheid van onderwijs. ‘Onder die vrijheid worden op deze school onder andere jongens en meisjes uit elkaar gehouden en zouden niet praktiserende moslims niet welkom zijn als leerkracht. Nog los van mogelijke misstanden is direct duidelijk dat een school als deze ver af staat van ons ideaalbeeld.’

Volgens hen kan de Inspectie van het Onderwijs haar werk niet goed doen vanwege artikel 23 van de Grondwet over de vrijheid van onderwijs. ‘Artikel 23 zorgt ervoor dat ouders scholen kunnen oprichten en dat de overheid zich niet mag bemoeien met de levensbeschouwelijke leest waarop die scholen zijn geschoeid. Als gevolg hiervan mag de overheid zich alleen met de onderwijskwaliteit, maar niet met de invulling van de geloofsrichting bemoeien.’

Achterhaald

‘Laat er geen misverstand over bestaan, de vrijheid van onderwijs brengt ons ook nu nog goede dingen. Het zorgt er potentieel voor dat de ouderbetrokkenheid bij de invulling en de kwaliteit van het onderwijs groot is. Maar de invulling is wel achterhaald. Steeds meer ouders kiezen een school op basis van het pedagogisch-didactisch concept. En hoeveel katholieke en protestants-christelijke scholen geven niet aan ‘eigenlijk weinig meer te doen’ aan hun religieuze identiteit?’, aldus Frijlink en Teggelbeckers.

Zij vinden dat betrokkenheid van ouders bij onderwijs een groot goed is, maar dat artikel 23 toe is aan herziening. ‘Het is tijd voor de ontmanteling van het achterhaalde verzuilde onderwijsbestel. Scholen moeten zich kunnen blijven onderscheiden op grond van pedagogisch- didactische aanpak, maar niet meer op basis van religie.’ Daarnaast mag volgens hen burgerschapsvorming in de Grondwet worden verankerd. ‘Dit betreft het aanleren van kennis en vaardigheden die noodzakelijk zijn om als verantwoordelijk burger bij te dragen aan het goed functioneren van de rechtsstaat.’

Concept School!

VOS/ABB en VOO pleiten al jaren voor onderwijs dat boven artikel 23 en de denominaties zal zijn uitgestegen, met ‘scholen’ die voor alle leerlingen toegankelijk zijn. ‘Dit concept noemen wij School!. Alle scholen zullen in de toekomst op basis van gelijkwaardigheid en wederzijds respect aandacht moeten hebben voor diversiteit en levensbeschouwing. Deze verandering zal een cruciale en noodzakelijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van onze pluriforme samenleving.’

Jo Ritzen nieuwe voorzitter raad van toezicht LVO

Oud-onderwijsminister Jo Ritzen is de nieuwe voorzitter van de raad van toezicht van de Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs (LVO). Hij volgt Jan Schrijen op, die eind vorig jaar moest opstappen nadat er een vernietigend rapport over het examendebacle bij VMBO Maastricht was verschenen.

De PvdA’er Ritzen (63) was van 1989 tot 1998 minister van Onderwijs. Daarna werkte hij voor de Wereldbank. Van 2003 tot 2011 was hij bestuursvoorzitter van de Universiteit Maastricht. Hij is daar nu honorair hoogleraar International economics of science, technology and higher education.

Zijn voorganger Jan Schrijen (tevens (partijloos) burgemeester van Valkenburg aan de Geul) moest eind vorig jaar opstappen nadat er een vernietigend rapport over het examendebacle bij VMBO Maastricht was verschenen.

De Inspectie van het Onderwijs keurde in 2018 vlak voor de zomervakantie alle eindexamens van VMBO Maastricht af, omdat de leerlingen niet aan de eisen voldeden om examen te mogen doen. Het examendebacle kostte uiteindelijk ook bestuursvoorzitter (en tevens PvdA-Eerste Kamerlid) André Postema bij LVO de kop, hoewel hij tot het eind toe zei dat hij het examendebacle niet had kunnen voorkomen.

Ritzen verdedigde Postema

Ritzen zei in juli 2018 in NRC, dus vlak nadat het debacle zich onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van Postema had voltrokken, dat de toenmalige LVO-bestuursvoorzitter weinig te verwijten viel. Postema bestuurde op afstand en had de verantwoordelijkheid bij de individuele scholen belegd. Ritzen zei in NRC dat deze werkwijze ‘onder alle omstandigheden verantwoord’ is.

Postema en Ritzen zijn overigens geen onbekenden van elkaar. Ze zijn beiden verbonden aan de PvdA. Daarnaast was Postema co-auteur van het boek Adieu Jo Ritzen dat in 2011 verscheen naar aanleiding van het vertrek van Ritzen als bestuursvoorzitter van de Universiteit Maastricht.

Examenjaar ‘goed verlopen’ (ondanks VMBO Maastricht)

Ondanks het examendebacle bij VMBO Maastricht, noemt het College voor Toetsen en Examens (CvTE) 2018 ‘een inhoudelijk goed verlopen examenjaar’.

‘De meeste leerlingen (…) hebben op een juiste en goede manier examen kunnen doen’, zo staat in het jaarverslag van het CvTE. Dit was volgens het college onder andere te danken aan ‘onze inspanningen (…)’.

Het CvTE meldt ook dat het ‘beter benaderbaar’ is geworden voor de scholen. ‘We gaan meer en meer met docenten en leerkrachten in gesprek over de resultaten en koers van ons werk en bouwen de inbreng van hun expertise in ons proces in. De reacties op al deze initiatieven zijn positief’, zo staat in het jaarverslag.

VMBO Maastricht

Het CvTE gaat in het jaarverslag kort in op de actie die werd ondernomen na het examendebacle bij VMBO Maastricht. ‘Examinatoren van de Staatsexamens vo hebben (…) een steekproef genomen om te kijken of de correctie van het centraal examen (…) adequaat was uitgevoerd. Dat was het geval.’

De Inspectie van het Onderwijs keurde in 2018 vlak voor de zomervakantie alle eindexamens van VMBO Maastricht af, omdat de leerlingen niet aan de eisen voldeden om examen te mogen doen.

Lees meer…

In reactie op dit nieuwsbericht laat het CvTE weten dat er geen verband is tussen de werkzaamheden van het CvTE en het examendebacle bij VMBO Maastricht. Dat had te maken met de schoolexamens, waarvoor het CvTE niet verantwoordelijk is. Het jaarverslag gaat ‘over de werkzaamheden waar wij verantwoordelijk voor zijn’, aldus het CvTE.