Governance passend onderwijs: een hele klus!

Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs moeten onafhankelijk intern toezicht krijgen, eist de Tweede Kamer. De praktijk laat zien dat het een hele klus is!

‘De inkt van de oprichtingsaktes is nog maar net droog of we moeten het alweer anders inrichten, en dat kost veel tijd en energie’, zegt directeur Luuk van Aalst van samenwerkingsverband IJssel | Berkel in Zutphen en omgeving.

Toch vindt hij het noodzakelijk om er werk van te maken. ‘Het gaat immers om de verantwoording van publieke middelen. We moeten daarom aan de slag om een daadwerkelijke scheiding van bestuur en toezicht te regelen’, aldus Van Aalst in het aprilnummer van het VOS/ABB-magazine Naar School! dat binnenkort verschijnt.

U kunt het artikel Governance passend onderwijs: een hele klus uit het aprilnummer van Naar School! als preview downloaden.

Bijeenkomst passend onderwijs en governance

Luuk van Aalst is tevens adviseur bij bureau Van Beekveld en Terpstra. Hij geeft op dinsdag 17 april op een bijeenkomst bij VOS/ABB in Woerden een toelichting op het governancemodel van samenwerkingsverband IJssel | Berkel.

De bijeenkomst wordt geleid door oud-VOS/ABB’er Hans van Willegen die tegenwoordig verbonden is aan Van Beekveld en Terpstra. Namens VOS/ABB zullen Rozemarijn Boer en Eline Vrenken aanwezig zijn.

Wanneer en waar?

De bijeenkomst op dinsdag 17 april is van 09.45 tot 12.30 uur in ons kantoor in Woerden. Na afloop is er een eenvoudige lunch.

Als uw schoolbestuur of samenwerkingsverband bij VOS/ABB is aangesloten, is deelname gratis. Niet-leden betalen 100 euro per persoon (btw-vrij).

Aanmelden

U kunt zich aanmelden door een mailtje te sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst passend onderwijs’. Vermeld in uw mail uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en het telefoonnummer waarop wij u kunnen bereiken. Wij willen ook graag van u weten of u gebruik wilt maken van de lunch.

Aantal geschillen passend onderwijs stabiel

De Geschillencommissie passend onderwijs heeft  vorig jaar 78 zaken in behandeling gehad. Dat is net zoveel als in het schooljaar 2015-2016.

In het jaarverslag 2017 van de commissie staat dat de meeste zaken (circa 80 procent) over de verwijdering van een leerling gingen. Een kleiner aantal ging over toelating/inschrijving. In 56 gevallen deed de commissie uitspraak. Dat is minder dan in 2015-2016, toen 62 uitspraken werden gedaan.

De Geschillencommissie passend onderwijs bestaat sinds 1 augustus 2014. De commissie behandelt geschillen over het ontwikkelingsperspectief, toelating tot het onderwijs van een leerling met een extra ondersteuningsbehoefte en geschillen over definitieve verwijdering.

Ga naar het jaarverslag 2017

 

Met Variawet meer maatwerk in onderwijstijd

Vanaf komend schooljaar 2018-2019 is op grond van de Variawet meer maatwerk in onderwijstijd mogelijk.

Het uitgangspunt van deze wet is om leerlingen die (tijdelijk) geen voltijdsonderwijs kunnen volgen vanwege een lichamelijke en/of psychische beperking toe te laten groeien naar het volgen van de volledige onderwijstijd.

Voor leerlingen die helemaal niet naar school kunnen, blijft de mogelijkheid bestaan om op basis van een verklaring van een arts volledig vrijgesteld te worden. De scholen blijven echter zelf verantwoordelijk voor het onderwijs en het ontwikkelprogramma en bieden dit aan in overleg met de ouders/verzorgers.

Informatie: Onderwijsjuristen, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, onderwijsjuristen@vosabb.nl

Notitie over verantwoording samenwerkingsverbanden

Op initiatief van het ministerie van OCW is een notitie tot stand gekomen over verantwoording als onderdeel van goed financieel management door en binnen samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs.

De notitie bevat drie uitgangspunten:

  1. Het samenwerkingsverband legt verantwoording af over alle middelen die het tot zijn beschikking heeft in relatie tot beoogde doelen en bereikte resultaten.
  2. Schoolbesturen zijn zich bewust van de verschillende rollen die zij binnen het
    samenwerkingsverband hebben en handhaven hun rolzuiverheid.
  3. Iedereen die middelen besteedt legt verantwoording af; hierbij wordt rekening
    gehouden met regionale verschillen.

Download notitie

 

 

Inrichtingsvrijheid swv’s kent voor- en nadelen

De inrichtingsvrijheid van de samenwerkingsverbanden (swv’s) voor passend onderwijs heeft voor- en nadelen. Dat staat in het rapport Juridisch perspectief op de governance van samenwerkingsverbanden.

Een voordeel is van de inrichtingsvrijheid dat er ‘bestuurlijk maatwerk’ is ontstaan, wat in lijn is met ‘de wettelijke ruimte voor verschillende rechtsvormen en bestuursmodellen van samenwerkingsverbanden’, zo staat in het rapport.

In dit kader wordt opgemerkt dat in de wettelijke systematiek de autonomie van de schoolbesturen het uitgangspunt is geweest en dat swv’s nu binnen de wettelijke kaders zelf kunnen bepalen welke taken zij op zich nemen en welke niet.

Een nadeel dat aan de veelvormigheid van de swv’s en de sterke positie van de autonome schoolbesturen kleeft is dat het toezicht lastig kan zijn, terwijl deugdelijke governance van groot belang is voor het goed functioneren van de swv’s.

Lees meer…

Scholen móeten voldoen aan Wet passend onderwijs

Alle scholen die rijksbekostiging krijgen, moeten voldoen aan de Wet passend onderwijs. Dit betekent dat ze voor elke leerling een passende onderwijsplek moeten vinden. Dat heeft minister Arie Slob voor primair en voortgezet onderwijs dinsdag in het vragenuurtje in de Tweede Kamer benadrukt.

De minister reageerde op vragen van VVD-Tweede Kamerlid Bente Becker. Zij ging in op de uitzending van het tv-programma De Monitor, waarin werd gesteld dat reguliere scholen hun rijksbekostiging soms gebruiken om zorgleerlingen te plaatsen op dure particuliere scholen. Becker wijst erop dat dat verboden is en wilde van de minister weten wat de Inspectie van het Onderwijs hiertegen doet.

De minister reageerde door te stellen dat volgens de Wet passend onderwijs ieder kind recht heeft op een passende onderwijsplek in zijn of haar regio. ‘De publieke scholen moeten zo’n plek dus aanbieden, dat is hun zorgplicht’, aldus Slob. Hij vindt het zorgelijk dat sommige scholen daar kennelijk niet in slagen. De minister is het met Becker eens dat de inspectie de scholen hierop moet aanspreken.

Hij roept de scholen die zorgleerlingen verwijzen naar particuliere scholen op zich te melden, zodat het probleem bespreekbaar kan worden gemaakt.

Onderwijs staat er financieel beter voor

‘We zien dat de onderwijsinstellingen er in 2015 financieel weer beter voor staan dan het jaar daarvoor. Dat betekent dat ze voorzichtig met hun (extra) geld zijn omgegaan. ‘Dat meldt de Inspectie van het Onderwijs in De financiële staat van het onderwijs 2015.

Bij het positieve beeld past volgens de inspectie wel een kanttekening. ‘Tussen sectoren zitten soms belangrijke verschillen, net als tussen de scholen binnen een sector. Zo zijn er instellingen die een forse spaarpot hebben aangelegd omdat ze teruglopende inkomsten verwachten vanwege de daling van het aantal leerlingen in hun regio. Ook zien we instellingen die spaarden voor verbouwingen of voor andere noodzakelijke verbeteringen.’

Financiële marges

Bij de liquiditeitspositie valt op dat kleine besturen ruimere (procentuele) marges aanhouden dan grote besturen. Dat komt doordat een klein bestuur minder mogelijkheden heeft om potentiële tegenvallers op te vangen dan een groot bestuur.

Uit het rapport blijkt verder dat de schoolbesturen in het funderend onderwijs in 2015 meer geld hebben uitgegeven aan personeel dan in 2014. In het voortgezet onderwijs komt dat door een absolute stijging van het aantal docenten in verband met de stijging van het aantal leerlingen.

In het primair onderwijs is al enige jaren sprake van leerlingendaling, maar waar er tussen 2011 en 2012 sprake was van een forsere personeelsreductie dan op basis van de leerlingenontwikkeling mocht worden verwacht, zijn er in 2014 en 2015 weer meer leraren aangenomen.

Passend onderwijs

Voor het eerst heeft de inspectie ook cijfers opgenomen over de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs. ‘Zij bleken in 2015 zeer voorzichtig. We zagen betrekkelijk weinig financiële beleidskeuzes en als ze er al zijn ontbreekt de onderbouwing ervan.’

De inspectie merkt verder op dat het verstandig als scholen een reserve aanhouden, ‘maar de appeltjes voor de dorst moeten wel in verhouding blijven staan tot de reële risico’s die scholen lopen’. Sparen mag geen doel in zichzelf worden, benadrukt de inspectie, ‘en het mag zeker nooit ten koste gaan van noodzakelijke en gewenste investeringen in de kwaliteit van het onderwijs’.

Lees het rapport

Zembla over thuiszitters zonder leerplicht

Het onderzoeksjournalistieke programma Zembla heeft woensdagavond aandacht besteed aan passend onderwijs en de problematiek van thuiszitters.

Het ging onder meer over de toename van het aantal kinderen met een zogenoemde vrijstelling 5 onder a. Zij zijn vrijgesteld van leerplicht. Sinds het schooljaar 2011-2012 is het aantal kinderen met een dergelijke vrijstelling met 60 procent toegenomen, zo staat in een rapport dat in oktober is verschenen.

De vrijstelling 5 onder a is bedoeld voor kinderen bij wie de problematiek dusdanig groot is (bijvoorbeeld meervoudige beperking) dat het volgen van onderwijs niet mogelijk lijkt. Uit de uitzending van Zembla komt het beeld naar voren dat deze vrijstelling ook wordt verleend als er geen sprake is van ‘onleerbaarheid’.

Via de website van Zembla kunt u de uitzending terugkijken.

Geld passend onderwijs blijft deels op plank liggen

Een deel van de samenwerkingsverbanden zet het beschikbare budget voor passend onderwijs nog niet of nog niet in zijn geheel in. Staatssecretaris Sander Dekker van OCW vindt dat geen goed teken.

Dekker baseert zich een analyse van de jaarverslagen over 2015 van alle samenwerkingsverbanden. Hij is onaangenaam verrast, zo blijkt uit een brief aan de Tweede Kamer, omdat hij ook hoort dat kinderen geen passende plek in het onderwijs krijgen wegens geldgebrek.

In totaal is circa 9 procent van het budget in het primair onderwijs en ruim 10 procent in het voortgezet onderwijs (nog) niet ingezet. Er zijn daarbij volgens Dekker grote verschillen tussen samenwerkingsverbanden. ‘Er zijn verbanden met een kleine min en verbanden waar meer dan 20 procent van het budget nog niet is besteed’, zo schrijft hij.

Goed onderbouwen in jaarverslag

Het aanhouden van enige reserve is nodig als borging van de continuïteit, maar de reden en de omvang van de reserves moeten volgens Dekker goed worden onderbouwd in het jaarverslag en aansluiten bij de reële onzekerheden en risico’s. ‘Dat gebeurt vaak nog niet’, aldus de staatssecretaris.

De komende periode worden acties in gang gezet om te stimuleren dat het beschikbare geld wordt uitgegeven en de jaarverslaglegging wordt verbeterd:

  • De inspectie bespreekt als onderdeel van het financieel toezicht de inzet van het geld voor extra ondersteuning met zowel de schoolbesturen als de samenwerkingsverbanden.
  • In de eerste maanden van 2017 worden regiobijeenkomsten georganiseerd voor samenwerkingsverbanden om hen te informeren over de noodzakelijke onderdelen van de jaarrekening en het jaarverslag en te bespreken hoe zij hun jaarverslagen inhoudelijk kunnen verbeteren. Ook wordt een brochure gemaakt.
  • Passend onderwijs wordt meegenomen in een brief aan besturen en samenwerkingsverbanden als een van de beleidsprioriteiten om over te rapporteren in het jaarverslag.

Lees meer…

Jaarverslag publiceren móet!

Het is onacceptabel als scholen hun jaarverslag niet gemakkelijk toegankelijk maken. Dat vinden minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW, zo blijkt uit antwoorden op Kamervragen.

De minister en staatssecretaris reageren op vragen van de VVD’ers Pieter Duisenberg en Karin Straus naar aanleiding van een artikel in het Onderwijsblad van de Algemene Onderwijsbond over scholen die nog steeds niet hun jaarverslag publiceren.

Bussemaker en Dekker geven aan dat het beeld dat het Onderwijsblad schetst, namelijk dat veel scholen hun jaarverslag nog niet openbaar maken, overeenkomt met wat naar voren kwam uit eerdere gesprekken met de sectororganisaties PO-Raad en VO-Raad.

de bewindslieden zijn het met Duisenberg en Straus eens dat het onacceptabel is wanneer publiek bekostigde onderwijsinstellingen hun publieke verantwoordingdocument niet gemakkelijk toegankelijk maken, ondanks gemaakte afspraken hierover in de Code Goed bestuur. Als de afspraken niet worden nagekomen, dan komt er een wettelijke plicht om jaarverslagen te publiceren, zo waarschuwen Bussemaker en Dekker. die waarschuwing hebben ze eerder ook al afgegeven.

Jaarverslag publiceren, anders geen lid VO-Raad!

Voorzitter Paul Rosenmöller van de VO-raad heeft er eind oktober bij alle leden van de sectororganisatie van het voortgezet onderwijs op aangedrongen hun jaarverslagen online te zetten. Hij wees er toen op dat in de Code Goed Onderwijsbestuur van de VO-raad staat dat alle leden het jaarverslag online moeten zetten. Dat is zelfs een eis om lid te mogen zijn van de VO-raad, maar nog slechts 68 procent van de leden voldoet hieraan.

De PO-Raad verbindt niet de eis van publicatie van het jaarverslag aan het lidmaatschap. Wel dringt de sectororganisatie van het primair onderwijs er bij haar leden op aan hun jaarverslag te publiceren.

VOS/ABB kent deze lidmaatschapseis evenmin, maar in het kader van publieke verantwoording voor schoolbesturen (of dat nu besturen voor openbaar of bijzonder onderwijs zijn) zou er geen reden mogen zijn om financiële cijfers achter te houden. Onderwijs wordt immers betaald met publiek geld, zo benadrukt VOS/ABB.

 

Brief vernieuwing toezicht naar Tweede Kamer

Minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker van OCW geven in een brief aan de Tweede Kamer aan wat het nieuwe toezicht van de inspectie voor het primair en voortgezet onderwijs gaat betekenen.

‘Het nieuwe toezichtbeleid heeft belangrijke implicaties voor besturen en scholen. Zo worden besturen (…) het eerste aanspreekpunt voor de inspectie’, aldus Bussemaker en Dekker in hun brief. Er zal in het funderend onderwijs bovendien selectiever worden gekeken naar de onderliggende scholen.

Ze geven ook aan dat er een duidelijk onderscheid komt tussen de waarborgfunctie van het toezicht en de rol van de toezichthouder in het stimuleren van de kwaliteit. Dit betekent volgens de minister en de staatssecretaris onder meer dat de inspectie over aspecten van onderwijskwaliteit en kwaliteitsbeleid de dialoog met de schoolbesturen zullen aangaan.

Nieuwe toezicht bevordert kansengelijkheid

Het nieuwe toezicht zal volgens hen de kansengelijkheid in het onderwijs moeten bevorderen. ‘We hechten eraan dat alle kinderen – ongeacht het opleidingsniveau van hun ouders – toegang hebben tot goede en excellente scholen en zodoende gelijke kansen krijgen’, aldus Dekker en Bussemaker.

Het voornemen is om het vernieuwde toezicht in te voeren per 1 augustus 2017.

Lees de brief van Dekker en Bussemaker

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Themabijeenkomsten passend onderwijs en governance

Het Steunpunt Passend Onderwijs VO organiseert drie themabijeenkomsten over passend onderwijs en governance. Deze bijeenkomsten zijn bestemd voor (school)bestuurders en directeuren van samenwerkingsverbanden.

Governance binnen het samenwerkingsverbanden (SWV) is complex. Maatschappelijke verantwoording, functiescheiding en intern en extern toezicht zijn belangrijke elementen.

Dilemma’s passend onderwijs en governance

De belangen zijn groot, aangezien het beleid van het SWV een grote impact heeft op de begroting van de school. Daarom willen bestuurders graag meepraten over de inhoud. Hierin komen ze onherroepelijk collega’s tegen die andere belangen kunnen hebben.

In de drie themabijeenkomsten over passend onderwijs en governance kunt u met collega’s dillema’s verkennen, praten over mogelijke oplossingsrichtingen en kennisnemen van goede voorbeelden.

Lees meer…

 

Drie nieuwe adviezen over toelaatbaarheidsverklaring

De Landelijke Bezwaaradviescommissie Toelaatbaarheidsverklaring (LBT) heeft in januari drie adviezen uitgebracht over een toelaatbaarheidsverklaring (tlv).

In twee zaken maakten de ouders bezwaar tegen de toegekende tlv voor speciaal onderwijs. De ouders wilden hun kinderen liever naar het regulier onderwijs laten gaan.

In de derde zaak wilde de ouder juist wel een toelaatbaarheidsverklaring voor voortgezet speciaal onderwijs, maar besloot het samenwerkingsverband de tlv niet toe te kennen.

Lees meer…

Onvoldoende zicht op overhead samenwerkingsverbanden

Het blijkt niet mogelijk om in het kader van passend onderwijs een goede kwantitatieve vergelijking te maken tussen de overhead van de oude en de nieuwe samenwerkingsverbanden.

Dat staat in de rapportage Feitelijke en ervaren bureaucratie van onder andere het Kohnstamm Instituut en SEO Economisch Onderzoek. De onderzoekers wilden zich voor de vergelijking van de overhead in de oude en de nieuwe situatie baseren op de jaarverslagen van samenwerkingsverbanden, maar die bleken ‘vaak onvoldoende gedetailleerd om te kunnen bepalen wat de overheadkosten zijn geweest’.

Eerder onderzoek van onder meer de Algemene Rekenkamer heeft soortgelijke ervaringen opgeleverd.

Passend onderwijs loopt goed, maar is nog niet af

Door het jaar heen zijn scholen, ouders en samenwerkingsverbanden beter bekend geraakt met de wet- en regelgeving en beginnen zij de ruimte te gebruiken die hun hiermee wordt geboden. Dat staat in de zevende voortgangsrapportage over passend onderwijs, die staatssecretaris Sander Dekker van OCW naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

In de voortgangsrapportage staat onder andere dat leerlingen die zonder onderwijs thuiszitten steeds beter in beeld komen: ‘Onderwijs en gemeenten registreren beter over welke leerlingen het gaat en maken afspraken over hoe voor alle leerlingen een passende plek gevonden kan worden. Meer dan de helft van de samenwerkingsverbanden organiseert, al dan niet met de gemeenten, een doorzettingsmacht om een plek te realiseren als de partijen er samen niet uit komen. Concreet betekent dit dat één persoon mandaat heeft gekregen om een passend aanbod te doen.’

De rapportage gaat ook in op de maatregelen die zijn genomen om de knelpunten op te lossen die scholen en ouders ervaren in het onderwijs voor leerlingen met een ernstige meervoudige beperking. Dit voorjaar was daar veel discussie over. ‘Naar aanleiding daarvan is een regeling gemaakt voor aanvullende bekostiging, is er één formulier waarmee voor deze groep leerlingen een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal onderwijs kan worden aangevraagd en kunnen ouders en scholen een beroep doen op de onderwijszorgconsulenten om bij onenigheid samen tot een oplossing te komen.’

Hoewel er dus positieve ontwikkelingen zijn, is passend onderwijs nog niet af. ‘Scholen en samenwerkingsverbanden leren van hun ervaringen en kunnen daarmee hun werkwijze verbeteren. De komende periode staat in het teken van het doorontwikkelen van passend onderwijs.’

Ondersteuning VOS/ABB
VOS/ABB kan op het gebied van passend onderwijs ondersteuning bieden aan schoolbesturen en samenwerkingsverbanden. U kunt daarvoor contact opnemen met Anna Schipper (06-30056066, aschipper@vosabb.nl).

U kunt natuurlijk ook bellen of mailen met de Helpdesk van VOS/ABB: 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl.

Zelfevaluatie en quickscan passend onderwijs

VOS/ABB heeft een handreiking gemaakt die samenwerkingsverbanden passend onderwijs kunnen gebruiken voor zelfevaluatie. Bij de handreiking zit een praktische quickscan.

De samenwerkingsverbanden zijn nu bijna een schooljaar bezig om hun weg te vinden in de nieuwe organisatie van passend onderwijs. Het was een schooljaar van overgangen, waarin oude werkwijzen werden vervangen door nieuwe.

Nu het einde van het eerste schooljaar met passend onderwijs nadert, is het tijd de ontwikkelingen van afgelopen jaar te evalueren. Hoe zijn deze verlopen en waar zijn nog verbeteringen denkbaar of nodig?

De beleidsmedewerkers Anna Schipper en Simone Baalhuis van VOS/ABB hebben de handreiking voor zelfevaluatie geschreven. Er worden verschillende domeinen benoemd, zoals governance, management & organisatie, communicatie en resultaten.

Bij de handreiking zit een quickscan om snel een overzicht te krijgen van het reilen en zeilen van het samenwerkingsverband.

De handreiking en quickscan kunnen door samenwerkingsverbanden die bij VOS/ABB zijn aangesloten worden gedownload uit het besloten gedeelte van deze website:

Handreiking en quickscan passend onderwijs 

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Met passend onderwijs andere financiële verantwoording

De manier waarop de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs financiële verantwoording gaan afleggen, heeft gevolgen voor de wijze waarop de schoolbesturen dat moeten doen. Passend onderwijs wordt officieel op 1 augustus aanstaande ingevoerd.

In het jaarverslag wordt verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid en over de jaarcijfers. Het samenwerkingsverband voor passend onderwijs (swv) moet verantwoorden in hoeverre het is gelukt om doelen uit het ondersteuningsplan te realiseren.

Geld overmaken
In de praktijk zal het vaak voorkomen dat swv’s in het kader van de uitvoering van het ondersteuningsplan geld overmaken naar schoolbesturen. Bijvoorbeeld om de basisondersteuning in het reguliere onderwijs te verhogen of voor heel kleine arrangementen, maar u kunt hierbij ook denken aan de ondersteuningsbekostiging die (via DUO) aan scholen voor speciaal onderwijs wordt overgemaakt. Schoolbesturen en swv’s dienen voor een goede evaluatie en verantwoording met elkaar af te spreken welke informatie zij met elkaar moeten uitwisselen.

De jaarcijfers en de rechtmatige besteding van het geld worden gecontroleerd door de accountant. Bij de controle van het swv richt de accountant zich slechts op de middelen die niet zijn overgedragen aan de aangesloten schoolbesturen. De accountant van het swv hoeft dus niet te controleren of de middelen die aan het schoolbestuur zijn overgedragen conform het ondersteuningsplan zijn ingezet. De accountant van het schoolbestuur doet dat overigens ook niet.

Deze middelen worden beschouwd als doorgeschoven lumpsumfinanciering. De accountant controleert dus alleen in hoeverre dit geld is besteed aan het geven van goed onderwijs (conform artikel 148 van de Wet op het primair onderwijs).

Andere posten
In het kader van wat hierboven staat vermeld, is het verantwoordingsmodel aangepast. Dat heeft ook consequenties voor de verantwoording van schoolbesturen. Tot nu toe werden ontvangsten vanuit het swv WSNS door het schoolbestuur verantwoord onder post 3.5 (Overige baten). De middelen vanuit het swv passend onderwijs zullen moeten worden verantwoord onder post 3.1 (Rijksbijdragen).

Post 3.1. is als volgt aangepast:

3.1 Rijksbijdragen

3.1.1 Rijksbijdragen OCW/EL&I
3.1.2 Overige subsidies OCW/EL&I
3.1.3 Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV
3.1.4 Af: Inkomensoverdrachten

3.1.4.1 Inkomensoverdrachten Academische Ziekenhuizen
3.1.4.2 Doorbetalingen rijksbijdrage SWV

Schoolbesturen verantwoorden het geld dat zij ontvangen vanuit het swv onder post 3.1.3. Post 3.1.4.2 zal door de swv’s worden gebruikt om de middelen die zijn overgedragen aan een aangesloten onderwijsinstelling te verantwoorden.

Lees ook het eerder verschenen Factsheet financiële verantwoording.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Ook swv’s blijven nog gevrijwaard van btw bij detachering

Tot 1 augustus 2016 blijft het onderwijs gevrijwaard van btw bij de detachering van personeel. De huidige regelgeving hiervoor verandert tot die tijd niet, zo heeft staatssecretaris Sander Dekker van OCW donderdag gezegd tijdens een algemeen overleg met de Tweede Kamer over passend onderwijs. De toezegging heeft onder andere betrekking op de nieuwe samenwerkingsverbanden.

Dekker heeft btw-overleg gehad met zijn collega Eric Wiebes van Financiën. Uit dat overleg is naar voren gekomen dat er tot 1 augustus 2016 niets verandert rondom btw en de detachering van onderwijspersoneel. Omdat de huidige regelgeving in strijd is met Europese wetgeving, moet er op termijn wel wat veranderen, zo zei Dekker. Hij kwam tijdens het algemeen overleg over passend onderwijs ook met andere toezeggingen:

  • Over een jaar komt er een bureaucratietoets die wordt uitgevoerd door een zogenoemde Kafkabrigade.
  • De Inspectie van het Onderwijs gaat toezicht houden op de tijdelijke voorzieningen (Orthopedagogische en Didactische Centra of OPDC’s). Die moeten goed onderwijs geven en voor de betreffende leerlingen echt van tijdelijke aard zijn.
  • Er komt een onderzoek naar de onafhankelijkheid van de commissies voor de indicatiestelling in de clusters 1 en 2. Na de zomervakantie zal Dekker de Tweede Kamer informeren over de uitkomst van dit onderzoek.
  • OCW gaat in gesprek met de instellingen in de clusters 1 en 2 over mogelijkheden voor (mede)zeggenschap voor ouders van kinderen die ambulante begeleiding krijgen in het reguliere onderwijs.
  • Na een jaar komt er een themaonderzoek naar hoogbegaafdheid en passend onderwijs. Daarnaast wordt hoogbegaafdheid binnen passend onderwijs in het vervolg standaard opgenomen in de voortgangsrapportage. Er komt een platform voor het uitwisselen van goede voorbeelden omtrent hoogbegaafdheid.
  • OCW neemt contact op met brancheorganisatie Ingrado om in het kader van passend onderwijs tot goede instructies te komen voor leerplichtambtenaren.
  • De registratie van thuiszitters moet worden verbeterd. Daar is nu een onderzoek naar gaande. De uitkomsten hiervan worden in augustus naar de Tweede Kamer gestuurd.
  • OCW gaat om de tafel met de sectororganisaties PO-Raad en VO-raad, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en andere betrokkenen en belanghebbenden om afspraken te maken over gedeelde verantwoordelijkheid bij medische handelingen in de school. De Tweede Kamer wordt hierover in het najaar geïnformeerd. Er komt overleg met het Diabetes Fonds in verband met medische handelingen en leerlingen die worden geweigerd omdat ze suikerziekte hebben.
  • Dekker gaat met minister Lodewijk Asscher en staatssecretaris Jette Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) overleggen voor een goede overgang van leerlingen uit het praktijkonderwijs naar de sociale werkplaats.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Samenwerkingsverbanden klaar voor passend onderwijs

De samenwerkingsverbanden zijn klaar voor de invoering van passend onderwijs, maar het schort nog wel aan de informatie aan ouders en onderwijspersoneel. Dat blijkt uit de Vijfde voortgangsrapportage.

‘Alle mijlpalen zijn gehaald en die prestatie van de samenwerkingsverbanden is een compliment waard’ en er is ‘voldoende vertrouwen in een succesvolle start’, zo staat in de voortgangsrapportage. Passend onderwijs wordt op 1 augustus ingevoerd, als het schooljaar 2014-2015 officieel begint.

Maatwerk
In de voortgangsrapportage staat ook dat de ondersteuningsplannen grote diversiteit laten zien. ‘De verschillen zorgen ervoor dat aangesloten kan worden bij de lokale situatie en maatwerk voor leerlingen mogelijk wordt’.

Per 1 augustus zal er nog weinig veranderen: ‘Samenwerkingsverbanden kiezen voor een geleidelijke overgang, waarbij de komende jaren een doorontwikkeling zal plaatsvinden’. Dit betekent dat het nieuwe schooljaar grotendeels begint zoals het huidige wordt beëindigd: ‘De begeleiding aan leerlingen die nu een rugzakje hebben wordt bijvoorbeeld veelal voortgezet.’

Informatie
Belangrijk aandachtspunt voor de komende periode, zo vervolgt de voortgangsrapportage, is het informeren en betrekken van ouders en onderwijspersoneel. ‘Uit de tweede meting onder ouders blijkt dat zij iets beter weten wat passend onderwijs betekent in vergelijking met de meting uit februari.’

Ouders van leerlingen met een rugzakje die aan hebben gegeven nog niet in contact te zijn met de school, ontvangen binnenkort een brief waarin opgeroepen wordt in gesprek te gaan met school. Ouders kunnen daarbij ondersteuning vragen bij het steunpunt passend onderwijs voor ouders.

Onderwijspersoneel wil graag weten wat er komend schooljaar in hun eigen klas verandert. ‘Zij zijn onzeker over de ambigue boodschappen die zij krijgen: via officiële kanalen horen zij dat er vooralsnog weinig verandert, maar het beeld in de media zorgt voor onrust.’

Rust
Het ministerie van OCW roept scholen en onderwijspersoneel daarom nogmaals op om duidelijkheid te creëren over wat er voor leraren in de klas verandert. ‘Het geeft leraren rust als zij weten dat er op hun school komend schooljaar nog weinig verandert’, zo staat in de voortgangsrapportage.

Inspectie hoeft schorsing/verwijdering niet te onderzoeken

De Inspectie kán een onderzoek instellen naar de schorsing of verwijdering van een leerling, maar dat hoeft niet per se. Daarmee reageert staatssecretaris Sander Dekker van OCW op een veronderstelling van advocaat Katinka Slump.

De Vaste Kamercommissie voor OCW had de staatssecretaris gevraagd te reageren op een brief van Slump over de rol van de inspectie bij de schorsing en verwijdering van leerlingen. De brief ging specifiek in op een leerling die zonder onderwijs thuis kwam te zitten. In zijn reactie wijst Dekker erop dat voor deze leerling na bemiddeling door een onderwijsconsulent weer een onderwijsplek is gevonden.

De staatssecretaris wijst er verder op dat uit de brief van de onderwijsadvocaat blijkt dat zij vindt dat elk geval van schorsing of verwijdering door de inspectie onderzocht en beoordeeld zou moeten worden. ‘Een dergelijke taak is echter niet bij de inspectie belegd, zoals de inspectie zelf in haar reactie aan mevrouw Slump ook aangeeft’, aldus Dekker.

Het toezicht van de inspectie is risicogestuurd, zo benadrukt hij. ‘Onderzoek kan plaatsvinden indien een school in negatieve zin opvalt. Bijvoorbeeld omdat een school opvallend veel leerlingen schorst of verwijdert.’ In die gevallen kan de inspectie volgens de staatssecretaris bepalen dat er voor die school een interventietraject nodig is.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Presentaties symposium passend onderwijs

Twee presentaties die zijn gegeven tijdens het gratis toegankelijke VOS/ABB-symposium over passend onderwijs en aansprakelijkheid zijn online beschikbaar.

Het symposium werd op woensdag 4 december gehouden in Amersfoort. Het sloot aan op de algemene ledenvergadering van VOS/ABB. Mede-organisator van het symposium was VOS/ABB’s verzekeringspartner Aon. Er waren drie sprekers, die op verschillende aspecten van passend onderwijs en aansprakelijkheid ingingen: Pieter Huisman, Brechtje Paijmans en Klaas te Bos.

Mogelijke conflicten
Pieter Huisman is bijzonder hoogleraar onderwijsrecht op pluriforme grondslag aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Zijn leerstoel wordt mede door VOS/ABB in stand gehouden. Het terrein waarop Huisman actief is, betreft specifiek het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs.

De Rotterdamse hoogleraar gaf in zijn presentatie een toelichting op mogelijke conflicten die na de invoering van passend onderwijs kunnen ontstaan tussen schoolbesturen, samenwerkingsverbanden en gemeenten. Die mogelijke conflicten kunnen gaan over de vraag wie precies verantwoordelijk en dus aansprakelijk is voor de toelating en verwijdering van leerlingen.

Huisman wees erop dat met passend onderwijs in feite geen zorgplicht, maar aanmeldingsrecht ontstaat: ouders hebben het recht hun kind aan te melden bij een school van hun keuze en de onderwijsorganisatie waar het kind is aangemeld moet zorgen voor een passend onderwijsaanbod binnen of buiten de eigen organisatie.

Hij wees er ook op dat er na invoering van Wet passend onderwijs op 1 augustus 2014 ook de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte van invloed blijft. Op basis van die wet kunnen ouders van een leerling bij een conflict naar het College voor de Rechten van de Mens. Adviezen van dit college zijn niet bindend, maar wordt over het algemeen wel als zodanig beschouwd.

Privaat en publiek recht
Brechtje Paijmans is advocaat bij Doelen Advocatuur en docent/onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Zij is dit jaar gepromoveerd op haar proefschrift De zorgplicht van scholen. De grondslag en reikwijdte van de civielrechtelijke zorgvuldigheidsnorm van scholen jegens leerlingen. In haar toelichting ging ze in op de vraag of scholen aansprakelijk kunnen worden gesteld als ze na invoering van de Wet passend onderwijs niet aan de zorgplicht zouden voldoen.

In haar toelichting ging ze in op de zorgplicht van scholen voor leerlingen met een bepaalde zorgbehoefte en de daaraan gekoppelde mogelijke aansprakelijkheid van deze scholen. ‘De school kan wel worden afgerekend op de input, maar niet op de output’, aldus Paijmans. Het is van belang dat de school kan aantonen dat er voldoende actie is ondernomen en waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt.

Hoofdelijk aansprakelijk
Klaas te Bos was tot voor kort werkzaam voor VOS/ABB. Hij ging dit jaar met pensioen, maar is nog altijd actief betrokken bij de vereniging en diverse bestuurlijke en juridische kwesties die het bestuur van het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs raken.

Hij ging onder andere in op de mogelijkheid dat bestuurders hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld als blijkt dat er zaken in hun organisatie niet goed zijn gegaan. In eerste instantie zal weliswaar het bestuur als rechtspersoon worden aangesproken, maar hoofdelijke aansprakelijkheid is dus ook mogelijk. Dit geldt tevens voor interne toezichthouders.

Te Bos signaleert een maatschappelijke trend dat de rol van bestuurders en toezichthouders steeds meer onder het vergrootglas komt te liggen. Die trend hangt samen met misstanden bij onder andere woningcorporaties, zorginstellingen en onderwijsorganisaties. Een voorbeeld uit die laatste categorie is de gevallen onderwijskolos Amarantis.

Het is volgens Te Bos nog niet duidelijk wat een wetsvoorstel van minister Ivo Opstelten van Veiligheid en Justitie in dit kader zal betekenen voor het onderwijs. Opstelten wil dat er voor interne toezichthouders strakkere regels komen en dat de drempel om hen op hun handelen aan te spreken omlaag moet. Het wetsvoorstel heeft betrekking op de semi-publieke sector.

Downloaden
De presentaties van Pieter Huisman en Klaas te Bos zijn in digitale vorm beschikbaar:

Brechtje Paijmans stelt haar presentatie niet online beschikbaar. Wel kan VOS/ABB u haar presentatie op verzoek per post toesturen. U kunt daarvoor een e-mail sturen naar welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Presentatie Brechtje Paijmans’. Vermeld in uw verzoek duidelijk uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en het adres waarop de presentatie wilt ontvangen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Inspectie kritisch over samenwerkingsverbanden

De Inspectie van het Onderwijs verwacht dat de nieuwe samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs die de oprichtingsdeadline van 1 november niet hebben gehaald, binnenkort alsnog worden opgericht. Het ministerie van OCW heeft opdracht gegeven hier strak op toe te zien. VOS/ABB heeft zich hierover door de inspectie laten informeren.

De inspectie heeft in kaart gebracht in hoeverre de samenwerkingsverbanden nieuwe stijl zijn voorbereid op de invoering van passend onderwijs op 1 augustus 2014. Het blijkt dat tientallen swv’s de gestelde oprichtingsdeadline van 1 november jongstleden niet hebben gehaald. De inspectie constateert bovendien dat de voorbereidingen op passend onderwijs tot nu toe vooral plaatsvinden op het niveau van bestuur, management en functionarissen. Tot die laatste groep behoren intern begeleiders en zorgcoördinatoren.

Tevens blijkt dat de huidige plannen van de onderzochte swv’s nog niet concreet genoeg zijn en bovendien niet zijn doorgerekend op hun financiële haalbaarheid. Het komt maar zelden voor dat de activiteiten smart zijn geformuleerd. Het ontbreekt in de meeste gevallen aan een goede kwaliteitszorg. De inspectie vindt dat de swv’s op dit punt hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Het toezicht wordt daarop ingesteld.

De Helpdesk van VOS/ABB geeft uitleg over wat er kan gebeuren als swv’s de oprichtingsdeadline van 1 november niet hebben gehaald. Als uw samenwerkingsverband hulp nodig heeft, kunt u altijd aankloppen bij VOS/ABB!

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl

Gratis praktijktoets voor samenwerkingsverbanden

Samenwerkingsverbanden kunnen zich aanmelden voor de gratis praktijktoets. Daarmee kunt u erachter komen in hoeverre uw samenwerkingsverband klaar is voor de invoering van passend onderwijs.

Uitgangspunt voor de praktijktoets zijn casussen van leerlingen. Een zogenoemd spiegelteam neemt deze casussen met het samenwerkingsverband door. Het spiegelteam bestaat uit vier personen:

  • Een deskundige vanuit het ouderperspectief.
  • Een deskundige op het gebied van passend onderwijs.
  • Een collega uit een ander samenwerkingsverband.
  • Een onafhankelijk gespreksleider.

De praktijktoets duurt één dag en is gratis

Op de website van het Informatiepunt Passend Onderwijs staat meer informatie. Daar staat ook hoe u zich kunt aanmelden.

Wilt u graag van VOS/ABB meer informatie over de praktijktoets? Neemt u dan contact op met Anna Schipper: 06-30056066, aschipper@vosabb.nl.

Bijeenkomsten passend onderwijs en inspectie: vol!

De twee bijeenkomsten op 26 juni bij VOS/ABB in Woerden over passend onderwijs en het toezicht- en waarderingskader van de Inspectie van het Onderwijs zijn volgeboekt. Aanmelden kan nog wel, maar dan komt u op een wachtlijst. Afhankelijk van de omvang van die lijst, kan worden besloten om een extra bijeenkomst te organiseren.

Inspecteur Floor Wijnands geeft tijdens de bijeenkomsten een toelichting op het toezicht- en waarderingskader voor samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Hij laat zien welke keuzes er zijn gemaakt, hoe de inspectie te werk gaat en wat dit betekent dit voor de scholen, hun besturen en de samenwerkingsverbanden.

De ochtendbijeenkomst op woensdag 26 juni bij VOS/ABB in Woerden begint om 10 uur (inloop 09.45 uur) en duurt tot ongeveer 12.15 uur. Na afloop is er een (eenvoudige) lunch (download programma). De middagbijeenkomst is van 13.15 uur (inloop 13.00 uur) tot 15.30 uur. Het programma is identiek aan dat van de ochtend. Na afloop van de middagbijeenkomst is er de gelegenheid om onder het genot van een drankje met elkaar na te praten.

De organisatie is in handen van adjunct-directeur Anna Schipper van VOS/ABB, die expert is op het gebied van passend onderwijs.

Deelname is gratis voor leden van VOS/ABB. Niet-leden betalen 100 euro per persoon (btw-vrij).

Beide bijeenkomsten zijn inmiddels volgeboekt. Aanmelden kan nog wel via welkom@vosabb.nl onder vermelding van ‘Bijeenkomst passend onderwijs en inspectie’. U komt dan op een wachtlijst. Afhankelijk van de omvang van die lijst, kan worden besloten om een extra bijeenkomst te organiseren.

Vermeld bij uw aanmelding duidelijk uw naam, de organisatie waarvoor u werkt en uw telefoonnummer.

Informatie: Anna Schipper, 06-30056066, aschipper@vosabb.nl

Consultatie toezichtkader samenwerkingsverbanden

Wat vindt u van het voorgenomen toezichtkader voor de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs? Tot 26 april kunt u via een online consultatie uw mening geven.

De online consultatie door de Inspectie van het Onderwijs heeft als doel om aan de schoolbesturen en de samenwerkingsverbanden in een vroeg stadium inzicht te bieden in het voorgenomen toezichtkader en om reacties op dit kader te ontvangen.

Informatie: Helpdesk, 0348-405250 van 08.30 tot 12.30 uur, helpdesk@vosabb.nl