Symposiumnieuws

Met trots blikken we terug op het symposium!

Iliass El Hadioui: ‘Openbaar onderwijs is niet neutraal maar juist waarden-geladen’

Een gesprek met onderwijssocioloog Iliass El Hadioui

Onderwijssocioloog Iliass El Hadioui (Erasmus Universiteit, Vrije Universiteit Amsterdam) houdt zich al ruim twintig jaar bezig met de vraag hoe kansengelijkheid en onderwijskwaliteit zich tot elkaar verhouden. El Hadioui bekleedt diverse functies binnen de (stads)sociologie en het onderwijs, en is betrokken bij het Groeifonds-consortium Ontwikkelkracht (OCW). Hij is auteur van onder meer Hoe de straat de school binnendringt (2011), Switchen en klimmen (2019) en Grip op de mini-samenleving (2022). Als programmaleider van De Transformatieve School helpt El Hadioui schoolteams bouwen aan een cultuur van hoge verwachtingen en gedeelde verantwoordelijkheid. Zijn missie is helder: iedere leerling moet ‘optimaal kunnen klimmen’ op de schoolse ladder, ongeacht afkomst of context.

De brug tussen wetenschap en praktijk

El Hadioui ziet zichzelf als bruggenbouwer tussen wetenschap en onderwijspraktijk. ‘Ik werk inmiddels twintig jaar aan dit thema’, vertelt hij. ‘Wat mij altijd heeft gedreven, is de vraag hoe kansengelijkheid en kwaliteit elkaar kunnen versterken. Vaak zien we dat scholen op een soort menukaart moeten kiezen: óf kwaliteit omhoog, óf meer gelijke kansen. Mijn pleidooi is voor de ++: hoge kwaliteit én kansengelijkheid.’

Binnen het programma De Transformatieve School onderzoekt hij wat de fundamentele kenmerken zijn van scholen die daarin slagen – de zogenaamde ‘zwarte zwanen’. Een van de belangrijkste lessen: de balans tussen ‘ik’ en ‘wij’. ‘De kracht van een school zit niet in de individuele professional, maar in het team. In de balans tussen professionele autonomie en het gezamenlijke doel. Ook zie je bij de scholen die goed scoren op zowel kwaliteit als kansengelijkheid, dat zij de balans tussen kwalificatie, socialisatie en subjectificatie (de drie onderwijsdoeldomeinen volgens Gert Biesta) heel goed weten te waarborgen.’

De kernwaarden van het openbaar onderwijs

Volgens El Hadioui heeft het openbaar onderwijs een bijzondere positie als het gaat om inclusie en kansengelijkheid. ‘De kernwaarden – gelijkwaardigheid, vrijheid en ontmoeting – maken dat openbare scholen in potentie het dichtst staan bij de mini-samenleving die zij voor ogen hebben. Daar kun je werken aan drie vormen van inclusie: onderwijskundig, sociaal en emotioneel.’

Maar dat potentieel wordt volgens hem nog niet volledig benut. ‘Het openbaar onderwijs hinkt op twee gedachten: aan de ene kant het idee van publieke waarde, aan de andere kant de nadruk op individuele autonomie. Die spanning is niet kleiner, maar groter geworden. In een samenleving die sterk is geïndividualiseerd, hebben leerlingen juist meer behoefte aan een ‘wij’ – maar individualisering heeft óók de schoolteams bereikt.’

Van ‘mijn leerlingen’ naar ‘onze leerlingen’

Die cultuur van hoge verwachtingen waar El Hadioui vaak over spreekt, is volgens hem kwetsbaar zolang het onderwijs solistisch georganiseerd blijft. ‘De eerste stap richting een transformatieve schoolcultuur is een mentale verschuiving: van ‘deze leerlingen’ naar ‘onze leerlingen’. Van individuele verantwoordelijkheid naar gedeelde verantwoordelijkheid. Dat vraagt tijd, cultuurverandering en vooral een gemeenschappelijke taal.’

Die gemeenschappelijke taal vormt de kern van De Transformatieve School. ‘Je kunt die mentale shift alleen maken als je elkaar werkelijk begrijpt – als team, als professionals. Daarvoor heb je ruimte nodig om het te hebben over waarden, over wat goed onderwijs eigenlijk is. In Nederland maken we de grote dingen vaak klein, en de kleine dingen groot. Er is te weinig dialoog over cultuur, waarden en de intermenselijke dimensie van het werk.’

Leiderschap in de coulissen

Wat vraagt dit van schoolleiders en bestuurders? ‘Zij moeten zorgen voor wat wij ‘de coulissen-ruimte’ noemen: plekken waar leraren elkaar ontmoeten, reflecteren en van elkaar leren. Daar koppel je de ‘ik’ aan de ‘wij’. Leiderschap betekent dan: een cultuur organiseren die gebouwd is op welbegrepen eigenbelang – waarin iedereen snapt dat je samen verder komt dan alleen.’

Waarden en identiteit in het openbaar onderwijs

El Hadioui ziet in het openbaar onderwijs een interessant, maar ook complex spanningsveld. ‘Soms wordt openbaar onderwijs nog te veel gezien als neutraal onderwijs, terwijl neutraliteit in feite niet bestaat. Achter dat idee van neutraliteit schuilt vaak de neiging om identiteit en waarden te vermijden. Maar juist het openbaar onderwijs moet die publieke waarden expliciet maken: solidariteit, gelijkwaardigheid, verantwoordelijkheid voor elkaar.’

Volgens hem ligt daar een urgente opdracht. ‘Onze leerlingen groeien op in een tijd van eenzaamheid, polarisatie, ecologische zorgen en vooral zingevingsproblemen. Scholen moeten niet alleen kennis overdragen, maar ook betekenis bieden. Het openbaar onderwijs heeft het vermogen dit te doen op een dieper niveau, als het hervormingsgezind durft te denken en handelen.’

De ik-wij-balans

Tijdens het symposium Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs! zal El Hadioui in zijn pleidooi verder ingaan op die ‘ik-wij-balans’. ‘We mogen best wat meer naar de ‘wij’. De uitdaging is: hoe houd je ruimte voor individuele eigenheid, zonder te verzanden in individualisme? En hoe bouw je aan collectiviteit zonder dat dat collectivisme wordt?’

Hij hoopt dat het symposium een nieuwe impuls geeft aan het gesprek over de publieke waarden van het onderwijs. ‘De nieuwe generatie schoolleiders is minder ideologisch gevormd dan de vorige. Ik hoop dat ze door dit gesprek opnieuw betekenis kunnen geven aan de publieke waarden die aan de basis liggen van ons onderwijs.’

Waar hij naar uitkijkt? ‘Naar de dialoog. Naar hoe anderen – bestuurders, schoolleiders, leraren, onderzoekers – zich verhouden tot die gewenste mentale verschuiving: van het dominante solistische naar een ‘wij-cultuur’ waarin we weer leren zeggen: dit zijn ónze leerlingen. Dáár, in die verbinding, begint kansengelijkheid. En dit kan bij uitstek op de openbare school, die midden in de samenleving staat.’

‘Openbaar onderwijs midden in de samenleving – dat vraagt lef, moreel leiderschap en verbinding’

Een gesprek met Jeroen Kreijkamp, bestuurder bij NUOVO Scholen 

Als lid van het College van Bestuur van NUOVO Scholen zet Jeroen Kreijkamp zich in voor gelijke kansen en inclusief onderwijs in de regio Utrecht. Met een achtergrond als oud-wethouder van onderwijs begrijpt hij hoe groot de invloed van beleid, bestuur en schoolcultuur kan zijn op het leven van leerlingen. ‘Of je nu bestuurder bent of docent, uiteindelijk werk je allemaal aan hetzelfde doel: dat iedere leerling zich kan ontwikkelen en zijn plek vindt in de samenleving.’ 

De maatschappelijke opdracht centraal

Voor Jeroen vormt de maatschappelijke opdracht de kern van het openbaar onderwijs. ‘We zijn er voor iedereen’, zegt hij. ‘Het openbaar onderwijs heeft een unieke verantwoordelijkheid: het is er niet voor een specifieke groep, maar voor de hele samenleving. Je wilt leerlingen klaarmaken voor de samenleving, maar je wilt ook dat de scholen midden in die samenleving staan.’

Die opdracht vertaalt zich volgens hem niet alleen in wat er in de klas gebeurt, maar ook in bestuurlijke keuzes. ‘Als bestuur kijk je naar hoe je middelen inzet, waar je scholen positioneert en hoe je diversiteit ondersteunt. Een mooi voorbeeld is onze nieuwkomersschool — die is ontstaan vanuit onze collectieve maatschappelijke verantwoordelijkheid. We willen er zijn voor elke leerling die bij ons aanklopt.’ 

Samenwerking als sleutel 

NUOVO Scholen is een openbaar schoolbestuur met een grote diversiteit aan scholen. Dat vraagt om samenwerking over grenzen heen. ‘We verwachten van al onze scholen dat ze verantwoordelijkheid nemen voor het collectief’, zegt Kreijkamp. ‘Dat betekent: kennis delen, elkaar helpen (bijvoorbeeld rondom het lerarentekort), samen projecten ontwikkelen. We organiseren uitwisselingen, studiedagen en een jaarlijks festival. Ook initiatieven zoals UDecide – een driedaags project waarin leerlingen van verschillende scholen samen werken aan maatschappelijke thema’s – versterken dat gevoel van verbinding.’ 

De rol van de bestuurder 

Wat vraagt het om als bestuurder bij te dragen aan kansengelijkheid? ‘Lef’, zegt Jeroen zonder aarzeling. ‘En verbinding. Je moet voortdurend de dialoog blijven voeren met schoolleiders, teams en leerlingen. Moreel leiderschap betekent dat je keuzes maakt die niet alleen financieel of organisatorisch logisch zijn, maar ook maatschappelijk juist. Ook wil je als bestuur(der) dit alles voorleven.’ 

Botsende ambities 

Soms wringt het. Hij vertelt over het streven naar brede scholengemeenschappen. ‘Dat past helemaal bij onze visie op kansengelijkheid. Maar in de praktijk lukt dat niet overal – vanwege leerlingenaantallen, regelgeving of andere beperkingen. Dan merk je hoe ingewikkeld het soms kan zijn om idealen te realiseren binnen de bestaande structuren.’

Blijven doordenken  

Over wat hij hoopt dat het symposium teweeg zal gaan brengen? ‘Ik hoop dat we met elkaar blijven doordenken over hoe we de maatschappelijke opdracht van het onderwijs waarmaken. Hoe we onze scholen echt midden in de samenleving kunnen zetten, met het oog op te toekomst en met oog voor álle leerlingen.’ 

Wat Jeroen vooral verwacht van de dialoog met de bezoekers? ‘Inspiratie om de waarden van het openbaar onderwijs te vertalen naar de praktijk. Want uiteindelijk draait het om de vraag: hoe geef je de kernwaarden gelijkwaardigheid, vrijheid en ontmoeting concreet vorm en inhoud?’

Directeur VOS/ABB Frank de Wit: ‘Ik zie het symposium als een feest van ontmoeting en waardering’

Wat maakt het symposium ‘Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs!’ zo bijzonder? Voor Frank de Wit, directeur van VOS/ABB, draait het om ontmoeting, inspiratie en het uitwisselen van waarden. Hij waardeert enorm hoe leden zich dagelijks inzetten voor waardengedreven onderwijs. ‘Ik vind het fijn en belangrijk wat we samen doen. Dit symposium is er óók om die waardering uit te spreken en met elkaar te delen.’

Ontmoeting maakt ons sterker

Als directeur van VOS/ABB zet Frank zich in voor sterke openbare en algemeen toegankelijke scholen. ‘Ik heb dertig jaar voor het onderwijs mogen werken in verschillende rollen. Ik word nog steeds blij als ik zie hoe betekenisvol goed onderwijs kan zijn. In deze tijd is het complex om onderwijs goed te organiseren, en de bestuurlijke druk en drukte zijn enorm. Als wij elkaar binnen onze vereniging kunnen helpen, geeft me dat energie – en zijn we samen beter in staat om met die druk om te gaan.’

Voor hem is het symposium bovenal een feest van ontmoeting. ‘Ontmoeting is een belangrijke waarde in ons werk: vormend, lerend en versterkend. Niet voor niets is het een van onze kernwaarden. Die ontmoeting vindt dagelijks plaats op school, maar we moeten haar ook zelf organiseren om elkaar te blijven inspireren. Dit is wat dit symposium beoogt. Bij VOS/ABB zijn we er om te versterken en te verdiepen – en dat doen we met dit symposium.’

Onderwijs als oefenplaats

Het thema van het symposium – Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs – sluit daar nauw bij aan. ‘Juist voor het openbaar onderwijs is waardengedreven onderwijs belangrijker dan ooit’, zegt Frank. ‘We leven in een tijd van polarisatie, waarin mensen en kinderen in hun eigen bubbel zitten. Het onderwijs is de enige plek waar kinderen elkaar op een gelijkwaardige manier kunnen ontmoeten. Ze leren er samenleven – en dat maakt ons werk des te waardevoller.’

De kernwaarden van VOS/ABB – vrijheid, gelijkwaardigheid en ontmoeting – vormen daarbij het kompas. ‘Ze staan ook in artikel 1 van de Grondwet. Dat artikel is eigenlijk de onderlegger van onze kernwaarden. We zien die waarden ook terug in goed burgerschapsonderwijs. Dat is geen toeval: het gaat allemaal om de vrijheid om jezelf te zijn en om gelijkwaardig en respectvol met elkaar om te gaan.’

Wat je kunt verwachten van de sprekers

De sprekers geven elk hun eigen waarde(n)volle perspectief op het thema. ‘Na alle nadruk op kwalificatie is het tijd om opnieuw een pedagogisch perspectief te hanteren en ruimte te geven aan de betekenis van goed onderwijs voor persoonsvorming en socialisatie. Dat hebben we met elkaar geleerd van Gert Biesta, en ik kijk ernaar uit om te horen hoe hij vanuit die visie naar ons werk kijkt.’

Edith Hooge belicht het belang van bestuurskracht. ‘Besturen is meer dan instrumenteel leidinggeven. Je bent geen manager van een commerciële organisatie, maar bestuurlijk verantwoordelijk voor een stichting met publieke doelen. Dat vraagt om waardengedreven leiderschap.’

En Iliass El Hadioui laat vanuit zijn pedagogisch-sociologische blik zien hoe scholen recht kunnen doen aan de diversiteit van leerlingen. ‘Juist nu moeten we gelijke kansen niet alleen vanuit verontwaardiging of emotie bekijken, maar ook met behulp van wetenschappelijke en bewezen instrumenten die echt effectief zijn. Iliass kan dat met ons delen.’

Maatschappelijk verschil maken

Frank ziet dat de leden van VOS/ABB al op een natuurlijke manier waardengedreven werken. ‘Dat is geen vanzelfsprekendheid; je moet er samen over in gesprek blijven. Maar het feit dat bestuurders zich dagelijks inzetten voor goed onderwijs – en niet voor een consultancybaan op de Zuidas kiezen – laat zien dat maatschappelijke drijfveren bij iedere bestuurder aanwezig zijn.’

Hij spreekt met respect over de manier waarop schoolbesturen hun verantwoordelijkheid nemen. ‘Onze opdracht is kinderen met vertrouwen en zelfverzekerdheid voorbereiden op hun toekomst. Als ze hun talenten kunnen inzetten én begrip hebben voor anderen, hebben we het goed gedaan. Dat is het mooiste resultaat dat onderwijs kan opleveren. Dit symposium is er ook om die waardering uit te spreken en te delen.’

Trots op wat we doen

‘We mogen trots zijn op wat we doen. En dat ook vertellen. We hoeven daar niet bescheiden in te zijn, en ons niet van alles laten aanpraten – niet door politiek, niet door ouders, niet door de media. Er zijn talloze opiniemakers met opvattingen over ons werk, maar ik vind dat we trots mogen zijn op wat we doen. Ik zie dat het waardevol is, en ik waardeer het zeer.’

Meld je aan

Wil je meedoen, elkaar inspireren en samen verder bouwen aan waardengedreven openbaar onderwijs?

👉 Meld je dan aan voor het symposium.

‘Hoe kunnen we meer besturen vanuit vertrouwen?’ – Caroline Versprille over de visie op bestuurskracht van Edith Hooge in de praktijk

Caroline Versprille is voorzitter van het College van Bestuur van Librijn. Tijdens het symposium ‘Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs!’ op 26 november geeft zij een korte introductie bij de lezing van Edith Hooge en gaat ze met haar in gesprek over het thema bestuurskracht: ‘Krachtige waarden zijn nodig om in co-creatie te kunnen besturen in plaats van top-down.’

Caroline is opgegroeid in het onderwijs, zoals ze zelf zegt. Al vrij snel na haar start als leerkracht, stapte ze over naar een directeursfunctie. ‘Ik werd wanhopig van wat de bestuurders allemaal over me uitstortten, terwijl ik heel lastige opdrachten moest uitvoeren, zoals passend onderwijs vormgeven en bezuinigen. Toen ik als clusterdirecteur wéér een onmogelijke opdracht kreeg opgelegd, besloot ik zelf gaan besturen, maar dan op een andere manier: niet meer top-down.’

Scholen maken de stichting

In 2019 werd Caroline bestuurder van Librijn, een bestuur waar zestien basisscholen voor primair openbaar onderwijs in Delft en Rijswijk onder vallen. Zij introduceerde een vernieuwende visie: scholen maken de stichting: ‘Ik wil dat schoolleiders niet meer klakkeloos alles uitvoeren, maar juist ambassadeurs zijn van de werkvloer. Dat zij aangeven wat ze nodig hebben van het bestuur. Mijn collega’s op het bestuurskantoor zijn er om te adviseren en ondersteunen. Dat is een enorme cultuurverandering, die nu – zes jaar later – zo goed als rond is. Zulke grote veranderingen kosten nu eenmaal tijd.’

Kernwaarden als kompas

Deze andere manier van besturen is verankerd in de kernwaarden van Librijn: vertrouwen, verbinden, inspireren en vakmanschap. Caroline ziet een wisselwerking tussen die waarden, vooral tussen de eerste twee. ‘We kunnen vanuit vertrouwen verbinden. Als die basis op orde is, kunnen we elkaar inspireren; dat haalt vakmanschap naar boven. Onze kernwaarden vormen samen ons kompas. Alles wat we doen en communiceren en samen vormgeven, doen we vanuit die kernwaarden. Dat zit ´m vaak in positief en inclusief taalgebruik. Inmiddels kunnen we volmondig zeggen: “Wij zijn Librijn en wij doen het samen”.’

Publieke en democratische waarde van bestuur

Wat Caroline opviel in het interview met Edith Hooge, is haar uitspraak dat veel bestuurders verankering van waarden in de praktijk als een last zien. ‘Dat is bij mij absoluut niet het geval. De publieke waarde van bestuur waar Edith het over heeft, zie ik als mijn maatschappelijke opdracht. Ik heb iets te doen voor de maatschappij. Zo kijk ik ook naar geldstromen.

Wij leiden mensen op binnen de organisatie met maatschappelijk geld. Om die reden weiger ik mijn medewerkers een leercontact te laten ondertekenen als ze een opleiding beginnen, voor terugbetaling van opleidingskosten bij een overstap. Want ook als ze elders gaan werken, blijven ze die kennis inzetten voor ons gezamenlijke doel: kinderen helpen zich te ontwikkelen tot zelfstandige, kritische en nieuwsgierige burgers.’

De democratische waarde die Edith noemt, vertaalt zich voor Caroline in zorgen dat mensen inspraak hebben over hoe je je doelen wilt bereiken. ‘Ik wil graag weten wat medewerkers nodig hebben om leerlingen te helpen om zich volledig te kunnen ontwikkelen. Dat zijn we nu aan het verankeren in ons nieuwe strategische koersplan. We houden daarvoor gesprekken met álle belanghebbenden.’

 Ediths visie op cultuurverandering

Als ze tijdens het symposium met Edith in gesprek gaat, wil Caroline van haar weten hoe Edith denkt over de verschuiving van top-down opleggen naar co-creatie met de schoolleiders. ‘Hoe denkt zij dat we deze cultuurverandering kunnen bereiken? Ik zie andere bestuurders nog steeds besluiten nemen voor al hun scholen. Bijvoorbeeld dat alle scholen een IKC moeten worden. Daarmee ontneem je schoolleiders de keuzevrijheid met wie ze willen samenwerken om dat kind van 0 tot 12 goed te begeleiden.’

Vertrouwen in plaats van angst

‘Het is niet zo dat je alle verantwoordelijkheid uit handen kunt geven; je bent en blijft tenslotte als bestuurder eindverantwoordelijk voor alle wet- en regelgeving. Als bestuurder moet je daarom goed kunnen vertrouwen op de mensen die voor je werken. Maar in de praktijk willen veel bestuurders vooral in controle zijn. Mijn vraag aan Edith is dus eigenlijk: hoe zorgen we dat we minder kunnen besturen vanuit angst om de grip te verliezen en meer vanuit vertrouwen? Hoe gaan we meer vanuit waarden werken? Hoe gaan we deze omslag vertalen naar de praktijk en ook echt omarmen?’

Anders nadenken

Caroline hoopt dat bezoekers van het symposium anders gaan nadenken over hun manier van besturen. Ik hoop dat ze meer los durven te laten en duidelijker de grenzen durven aan te geven tot wat zij te doen hebben. Dat ze inzien dat het belangrijk is om vanuit waarden te werken die je zelf ook omarmt en dat je daar samen achter moet staan. Kortom: bestuurlijke daadkracht komt voort uit je eigen kompas goed kunnen verwoorden, ook binnen je eigen werk.’

 

Prof. Dr. Gert Biesta: ‘Het principe van de democratie is óók het educatieve principe'

Democratie geeft vrijheid, maar vraagt ook om een volwassen omgang met die vrijheid. Zoals The Rolling Stones het onder woorden brachten: ‘You can’t always get what you want’. Dat vraagt om een dialoog over beperkingen en mogelijkheden. Hoe bestuurders en schoolleiders dat kunnen vormgeven op hun scholen bepleit Gert Biesta op 26 november op het symposium ‘Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs!’ Een voorproefje daarvan lees je hier.

Gert Biesta kwam rond zijn twintigste via allerlei omwegen bij het onderwijs uit: ‘Ik heb eerst tien jaar in het beroepsonderwijs gewerkt. Vervolgens ben ik in de avonduren pedagogiek en filosofie gaan studeren. In 1999 ben ik naar Engeland verhuisd waar ik heb gewerkt op meerdere universiteiten, en vervolgens ook in Schotland. In mijn werk ben ik altijd bezig geweest met de relatie tussen onderwijs en democratie en de publieke opdracht van het onderwijs. De laatste zeven jaar heb ik dat heel gericht gedaan in Ierland, waar we een onderzoekscentrum hebben op gezet met een focus op Public Education’. Daarbij gaat het vooral om het publieke karakter en de publieke opdracht van het onderwijs.’ 

copyright: Christina Chouchena
‘You can’t always get what you want’

In zijn pleidooi op 26 november zoomt Biesta in op de democratische waarden van het openbaar onderwijs: ‘Om te beginnen zou ik graag twee opvattingen van democratie naast elkaar willen zetten:

  1. Rekenkundige opvatting van democratie: iedereen mag zeggen wat hij of zij wil, daarna gaan we tellen en geven we de macht aan de meerderheid. De rekenkundige opvatting van democratie zie ik als een ‘misvatting’ van wat democratie is, en dat zie je nu in het populisme. ‘Wil is wet’ en er wordt een strijd aangegaan die de maatschappelijke samenhang kapot begint te maken.
  2. Deliberatieve opvatting van democratie: iedereen kan uitspreken wat men wil. Vervolgens gaan we met elkaar in gesprek om te zien in welke mate en op welke manier die wensen als samenleving kunnen ‘dragen’. Maar niet iedereen kan daarbij krijgen wat hij of zij verlangt. The Rolling Stones hebben het eigenlijk heel helder onder woorden gebracht: ‘You can’t always get what you want’. Democratie is dus bij uitstek een kwestie van begrenzing, zodat we het met elkaar uit kunnen houden.

Ik vind de deliberatieve opvatting van democratie een veel betere manier om te begrijpen wat democratie eigenlijk is. Maar het staat haaks op waar de politiek in veel landen op dit moment heen gaat. Democratie geeft vrijheid aan iedereen, maar vraagt wel om een volwassen omgang met die vrijheid. ‘Volwassenheid’ zou ik dan omschrijven als ‘in verhouding komen te staan met alles wat je wenst of verlangt en een goed inzicht in wat mogelijk is en wat niet’. Heel veel mensen willen wel het eerste deel van de deal (vrijheid hebben) maar niet de tweede helft (volwassen omgang met die vrijheid). En daar lijdt de democratie onder.

'Democratie geeft vrijheid aan iedereen, maar vraagt wel om een volwassen omgang met die vrijheid.'

Onophoudelijk streven naar democratisch samenleven

‘De openbare school heeft geen levensbeschouwelijke opdracht, maar wel de mogelijkheid om de democratische opdracht centraal te stellen. Daar zitten een aantal dimensies aan en daar zal ik op 26 november verder op in gaan in mijn pleidooi. De neutraliteit van het openbaar onderwijs is een onophoudelijk streven naar het democratisch samenleven. Een ‘actief-pluriforme’ openbare school is daarin een ander soort ruimte dan een confessionele school. En dan is het de vraag: wat doe je in die ruimte? Dan zou ik het toch weer terugkoppelen aan het principe van de deliberatieve democratie. Dus geen ‘vrijheid, blijheid’. Maar weer de vraag stellen: hoe houden we het met elkaar uit? Dan kom je dus bij het democratische principe van ‘geven en nemen’ in het licht van de democratische waarden van gelijkheid, vrijheid en solidariteit.’ 


Het democratisch principe inoefenen

Maar wat kunnen we in het onderwijs allemaal doen om elkaar daarbij te helpen? Waar kun je die concrete ervaring opdoen dat niet alles wat je wilt, mogelijk is? Dat brengt Biesta bij de ambachten en de kunsten: ‘Dat zijn belangrijke oefengebieden. Omdat je daar heel concreet de ervaring tegenkomt dat niet alles wat je bedenkt of wilt mogelijk is. Omdat je je bijvoorbeeld te verhouden hebt tot het materiaal waarmee je werkt in de ambachten of taal in theater. Je komt in een ‘dialoog’ terecht tussen beperkingen en mogelijkheden. En precies dáár begint het werken aan het democratisch principe. Als je als school snapt dat dát het werk is dat je moet doen, kun je vervolgens kijken op welke plekken in het curriculum dat allemaal een plek kan krijgen. Leren argumenten in een kring is lang niet genoeg. Als het alleen maar gaat om ‘waarden inhameren’, dan denk ik dat we het democratisch hart nooit zullen raken.’
 

Durven prioriteren wat écht belangrijk is  

‘Een ‘democratische schoolcultuur’ vraagt bestuurders en schoolleiders die durven te prioriteren wat écht belangrijk is. Die prioriteiten moet je zelf stellen, want overheid en inspectie helpen daar niet voldoende mee. Een belangrijke vraag daarbij is: wat betekent het om een openbare school te zijn in een democratische samenleving?’
 

Het onderwijs mag in opstand komen

In zijn pleidooi op 26 november hoopt Biesta inzicht in het democratische principe mee te geven: ‘En dat het democratische principe óók het educatieve principe is. En daar staat voor mij het woord ‘volwassenheid’. Dus eigenlijk: als je goed educatief bezig bent, dan ben je ook goed democratisch bezig. Wat ik hoop dat het symposium teweeg gaat brengen? Dat het onderwijs in opstand komt! Niet omdat ze ergens tegen zijn, maar omdat ze ergens vóór zijn en daar zorg voor willen dragen. Het onderwijs mag een andere kant op: het verzorgen van het educatieve principe, wat het democratische principe is. Niet alleen maar een winkel zijn waarin de klant koning is, maar het tegenovergestelde. Een school is precies die plek waar we tijd hebben om te kijken wat we willen, of we dat wel zouden moeten willen. En er gaat al heel veel goed, er gebeuren prachtige dingen op scholen, dus er is hoop! Daar hoop ik ook meer over te horen 26 november. En ik ben benieuwd waar er ‘ja maar’ wordt gezegd op mijn verhaal. Ik kijk uit naar díe dialoog!’
 

Prof. Dr. Edith Hooge: ‘Zelfbewuste bestuurders maken waardenvol openbaar onderwijs’

Edith Hooge is hoogleraar Onderwijsbeleid en Governance aan de Universiteit van Amsterdam en voormalig voorzitter van het College van Bestuur. Tijdens ons symposium ‘Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs!’ op 26 november houdt zij een pleidooi over bestuurskracht, of ‘bestuurlijk vermogen’ zoals ze het zelf liever noemt. Ze geeft antwoord op de vraag hoe je als bestuurder of directeur waardengedreven kunt werken en kunt bouwen aan toekomstbestendig en krachtig openbaar onderwijs.

Edith vervulde eerder diverse bestuurlijke en toezichthoudende rollen. Zo was ze voorzitter van de Onderwijsraad, van de Politieonderwijsraad, van de Raad van Toezicht van het NIVOZ en lid van de Raad van Toezicht van de Hogeschool Utrecht. Haar onderzoek, onderwijs en publicaties zijn gericht op beleid, bestuur en governance in het publieke en non-profitdomein en specifiek in het onderwijsdomein.

Edith Hooge
Maatschappelijke betekenis van onderwijs

‘Tijdens mijn eerste studiejaar Pedagogiek raakte ik bevangen door de vraag wat onderwijs betekent voor de samenleving. Toen ontdekte ik Onderwijskunde. Ik werd direct gegrepen door het belang van onderwijs voor de ontwikkeling van mensen en voor sociale en economische ontwikkeling. Maar ook door hoe onderwijssystemen en onderwijsaanbod worden bepaald in het ingewikkelde krachtenspel van maatschappelijk middenveld, overheid en politiek. Ik ben mijn hele werkende leven bezig geweest met de vraag: hoe maak je als overheid goed onderwijs waar? En hoe komt het dat veel beleidsplannen en systemen in de praktijk niet werken? De maatschappelijke betekenis van het onderwijs vind ik een uiterst boeiend thema.’

Bestuurlijk vermogen

‘Mijn pleidooi op 26 november zal gaan over bestuurskracht. Ik noem het zelf liever ‘bestuurlijk vermogen’. Als ik nadenk over welke waarden richting geven het besturen van openbaar onderwijs, kom ik uit op drie waarden of principes:

  1. Openbaar onderwijs is van publieke waarde: het is een collectieve voorziening, van en voor iedereen. Ik ga in mijn pleidooi in op de vraag wat die waarde betekent voor schoolleiders en bestuurders.
  2. Openbaar onderwijs is van democratische waarde. Hoe kun je die waarden concreet maken? Daarvoor haal ik de denkers Dewey en Freinet aan.
  3. Openbaar onderwijs is van overheids-bestuurlijke waarde. Openbaar onderwijs wordt ‘van overheidswege’ gegeven en heeft een bijzondere band met de gemeenten. Wat betekent dat voor de bestuurlijke praktijk?

Ik ga dieper in op wat deze waarden betekenen voor de identiteit en voor het bestuurlijk vermogen van het openbaar onderwijs.’

Solidariteitsfonds

‘Wat ik een heel goede praktijk vind van concreet vormgeven aan publieke waarde, is hoe om te gaan met de vrijwillige ouderbijdrage. Om te zorgen dat het onderwijs inclusief extra aanbod zoals schoolreis, taalklas of typcursus echt voor iedereen toegankelijk is, werken sommige scholen en schoolbesturen met een fonds. Dat is een vorm van solidariteit, van eerlijk delen. Zo kunnen alle leerlingen profiteren van de bijdrage van ouders, ongeacht hoeveel hun eigen ouders kunnen bijdragen. In Utrecht zit een groot bestuur dat dit nu al doet.’

‘Mag ik ook een minder goede praktijk noemen? Dat gaat over de overheids-bestuurlijke waarde. In Zeeuws-Vlaanderen bestaat er geen openbare vo-school meer. Om allerlei redenen is het niet gelukt om daar het openbaar onderwijs in stand te houden. De lokale overheid kan daar nu dus geen openbaar onderwijs garanderen. Dat is best een principieel punt.’

‘Zelfbewustzijn bepaalt of je een stevige, herkenbare identiteit hebt en kunt uitdragen’

Waardengedreven besturen via het fonteinmodel

‘Bestuurders kunnen waardengedreven besturen ervaren als een extra belasting. “O ja, we moeten ook nog iets met waarden doen.” Maar als het je lukt om tijd en ruimte vrij te maken om met het hele bestuurlijke team stil te staan bij de strategische vraag: Wat hebben we met elkaar te doen vanuit deze waarden? Dán kom je tot richtinggevende uitspraken voor hoe openbaar onderwijs te besturen en te organiseren. Daarbij is het fonteinmodel belangrijk; ieder blijft in z’n eigen bakje van de fontein, bij de eigen rol en verantwoordelijkheid. Dan druppelen die waarden vanzelf door, want in het andere bakje hebben schoolleiders met hun teams die vraag ook weer te stellen. En daaronder de lerarenteams met leerlingen en ouders.’

Zelfbewuste bestuurders maken openbaar onderwijs!

‘Wat ik hoop dat bezoekers meenemen van het symposium: zelfbewustzijn, een zelfbewust openbaar onderwijs bestuur. Zelfbewuste bestuurders, schoolleiders en lerarenteams die weten waar ze van zijn, voor wie ze er zijn en waar ze voor staan. Waar ze vandaan komen en vooral: waar ze naartoe willen met de leerlingen en ouders. Dat bepaalt namelijk je bestuurlijk vermogen. Dat bepaalt ook of je een stevige, herkenbare identiteit hebt en kunt uitdragen: “Wij doen hier niet zomaar wat, wij maken openbaar onderwijs!”

Nieuwsgierig geworden naar de rest van Ediths pleidooi of zou je graag met haar in gesprek willen? Meld je dan nu aan voor het symposium en wees verzekerd van je plek.

“Opstaan als het schuurt” – Sultan Solak-Bilici over de opvattingen van Gert Biesta in de praktijk

Sultan Solak is voorzitter van het College van Bestuur van Platoo. Tijdens het symposium Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs! op 26 november zal zij een korte introductie geven bij de lezing van Gert Biesta, wiens opvattingen naadloos aansluiten op haar praktijk: Wie ben ik, wat wil ik, wat is mijn identiteit? Die houding wil ik terugzien in alle lagen van de organisatie. 

Ruim vijfentwintig jaar geleden begon Sultan Solak als juf in het onderwijs.Via allerlei functies heb ik me door het onderwijs heen bewogen.” Inmiddels zit ze al vier jaar op de stoel van bestuurder, een plek die ze met volle overtuiging inneemt. “Het idee dat je iets kunt betekenen voor het onderwijs, dat is wat mij drijft.” 

Wat haar typeert als bestuurder? “Ik ben me heel bewust van de waarde van die stoel waar ik op zit en wat daar aan verantwoordelijkheid bij komt kijken. Ik geloof in de kracht van het collectief: je kunt pas echt van betekenis zijn met collega’s om je heen. Wij investeren in hoe de generatie van nu opgroeit, zodat ze kunnen bijdragen als goede burger; lokaal, landelijk, of zelfs wereldwijd. Ik loop er helemaal warm voor om dat met elkaar goed te definiëren en ons onderwijs daarop in te richten. Als we samen omdenken en elkaars perspectief serieus nemen, ontstaan er hele mooie dingen. In je werk of privé, iedereen staat ergens voor. Juist als het spannend is of schuurt, dan is het belangrijk om op te staan. Als het makkelijk is, kan iedereen het.” 

Handelen vanuit waarden 

Dat vraagt ze ook van haar directeuren: “Ik kreeg een appje van een directeur: een invalkracht droeg een hoofddoek, ouders hadden dat opgemerkt en gaven aan dat ze ‘uitingen van geloofsovertuiging liever niet zien’. Dat zijn de momenten dat onze waarden echt om de hoek komen kijken. Dit is de praktijk. Dan moet je opkomen voor saamhorigheid, diversiteit en identiteit en alle waarden waar het openbaar onderwijs voor staat.” 

Binnen haar organisatie wil ze mensen die handelen vanuit die waarden. Die bijdragen aan de maatschappij, niet alleen vanuit hun functie, maar vanuit wie ze zijn. “Bij sollicitatiegesprekken met nieuwe directeuren bespreek ik hoe zij aankijken tegen politiek, maar ook tegen werken op een openbare school. Ik wil écht goed in beeld krijgen of iemand het karakter van het openbaar onderwijs kan uitdragen en op die manier wil bijdragen aan de maatschappij.” 

"Het begint bij de kern van het kind: wie ben ik, wat wil ik, wat is mijn identiteit? Dat wil ik terugzien in alle lagen van de organisatie."

Biesta als inspiratiebron 

De onderwijsopdracht die Sultan uitdraagt, personificatie, socialisatie, kwalificatie en rekenschap, sluit naadloos aan bij de opvattingen van Gert Biesta. “Heel erg zelfs. Biesta heeft ons enorm geïnspireerd bij het opstellen van het koersplan. Het begint bij de kern van het kind: wie ben ik, wat wil ik, wat is mijn identiteit? Dat wil ik terugzien in alle lagen van de organisatie. Op die manier denken, die houding en vaardigheden, dat is essentieel.” 

Als ze hem op het symposium ontmoet, wil ze Biesta vertellen over wat hij betekent voor haar praktijk. “Zijn opvattingen over het onderwijs, hoe hij dat zo mooi neerzet, met een vertaalslag naar alle lagen en manieren waarop je dat kunt doen en waarop je dat terugziet in cultuur en structuur… het is zo mooi hoe dat uiteindelijk samenhangt. Dat is wat wij bij kinderen teweeg willen brengen. Zijn werk is dienend, en tegelijk een vliegwiel, met de wind in de juiste richting.” 

Een boeiende praktijk 

Tijdens het symposium krijgt ze de kans om hem een dilemma voor te leggen. “Daar denk ik nog over na. Maar een tijdje terug, bij de vorige verkiezingen, werd er vrij rechts gestemd. Kort daarop zaten we met tweederde van de directeuren bij elkaar en konden we het niet bevatten: ‘Wat gebeurt hier nu? Wat is ons zojuist overkomen?’. Enerzijds heerste er verslagenheid, anderzijds strijdvaardigheid.”  

Ze ziet verwarring ontstaan in de praktijk, zoals ook in het voorbeeld van dat appje aan die directeur. “Een heel dorp denkt zo. Daar is een directeur een eenling, en dat raakt ons. Ouders sturen hun kinderen naar openbaar onderwijs, maar verwachten dat dat ‘neutraal’ onderwijs is. Ze raken verward als ze uitingen van identiteit tegenkomen. Daar zit een misvatting, maar ook een uitdaging. En een uitnodiging; om je uit te spreken, zonder angst. En naar elkaar te luisteren, met fatsoen. Ik ben benieuwd hoe Biesta daar tegenaan kijkt. Hoe zorgen we ervoor dat we er echt een boeiende praktijk van maken, vanuit zijn opvattingen, met name in het openbaar onderwijs?” 

Wat hoopt ze dat het symposium teweegbrengt? “Dat we allemaal gesterkt worden in waar we voor staan. Dat het een ongelofelijke boost en energie geeft aan alle mensen die daar zijn. En dat we met de inspiratie die we meenemen samen een olievlek kunnen vormen, zodra we weer terug zijn in onze eigen praktijk.” 

Wil jij deel uitmaken van die olievlek? Meld je aan en praat mee op 26 november. 

‘Sterk, inclusief en toekomstgericht openbaar onderwijs: daar draait ons symposium om’

Senior-adviseur identiteit van VOS/ABB, Eline Bakker, is initiatiefneemster van het symposium ‘Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs!’. Vanuit haar expertise en zeker ook enthousiasme vertelt ze wat we op 26 november mogen verwachten en wat jij als bezoeker na afloop mee naar huis neemt.

Waarom hebben jullie gekozen voor het thema ‘de waarde(n) van het openbaar onderwijs’ als hoofdthema van het symposium?

“We hebben gekozen voor dit thema omdat het karakter van de openbare school, zoals dat ook letterlijk in de wet staat, ontzettend belangrijk is. En dat karakter, dat is niet zomaar een woord. Voor mij voelt ‘identiteit’ wat strakker, wat vastomlijnder, terwijl ‘karakter’ meer als een fundament is: stevig, maar met ruimte om het op je eigen manier vorm te geven.

Wat ik in de praktijk zie, is dat die identiteit of dat karakter niet altijd bovenaan het lijstje staat bij bestuurders. Terwijl het juist in deze tijd, waarin onze democratische rechtsstaat onder druk staat, zoals blijkt uit meer dan dertig wetenschappelijke onderzoeken, van groot belang is. De openbare school is van en voor iedereen uit onze samenleving. Iedereen is welkom, iedereen is benoembaar. En dat is niet zomaar een detail, dat is de kern.

Die maatschappelijke functie van de openbare (en algemeen toegankelijke) school hangt direct samen met de (vijf jaar geleden vastgestelde) kernwaarden: gelijkwaardigheid, vrijheid en ontmoeting. We willen dat die waarden niet alleen op papier staan, maar nog veel meer voelbaar en zichtbaar zijn in scholen door het hele land.”

Wat betekent dat voor scholen en besturen?

“Het begint met het besef: ‘Hé, wij zijn een openbare school. Dat betekent iets.’ En dan komt de stap: hoe maken we dat merkbaar in onze school? Wat merkt een ouder als hij door de gangen loopt? Wat voelt een leerling in de klas?

Vanuit VOS/ABB begeleiden we scholen en besturen hierbij. De kernwaarden mogen nog veel meer het ‘vertrekpunt’ zijn. Het is je fundament, je DNA, de basis van je strategisch beleid of koers. Het kan daarmee ook een toetssteen zijn voor beleid en voor keuzes bij lastige kwesties.

Denk bijvoorbeeld aan de pietendiscussie van een paar jaar geleden. Vanuit de kernwaarden kun je op zo’n moment een dialoog organiseren met ouders en betrokkenen. Je begint bij de vraag: wat betekenen de waarden gelijkwaardigheid, vrijheid en ontmoeting voor ons?

De waarde ‘ontmoeting’ komt voort uit het actief-pluriforme wettelijke karakter van het openbaar onderwijs. Dat betekent dat je actief iets wilt doen met diversiteit, in je school én in de samenleving. Juist als je in een omgeving zit met een vrij homogene populatie, is die opdracht des te belangrijker.”

Het is een unieke combinatie van sprekers en dat zeg ik met gepaste trots.

Wat maakt de sprekers op het symposium zo bijzonder?

“We hebben drie geweldige gastsprekers, elk met hun eigen expertise. Gert Biesta gaat in op de functie van openbaar onderwijs en de democratische waarden. Zijn visie op wereldgericht onderwijs sluit prachtig aan bij de kernwaarden van het openbaar onderwijs. Edith Hooge zoomt in op bestuurskracht. Hoe kun je als bestuurder (of directeur) waarden-gedreven werken en bouwen aan toekomstgericht en sterk (openbaar) onderwijs? En Eddie Denessen spreekt over inclusie en kansengelijkheid en hoe openbare scholen en besturen kunnen werken aan gelijke (onderwijs)kansen. Hooge, Denessen en Biesta gaan waardevolle bijdragen leveren aan het verdiepende gesprek dat we die middag met onze leden en andere gasten willen voeren. Het is een unieke combinatie van sprekers en dat zeg ik met gepaste trots.”

Wat nemen bezoekers mee naar huis van het symposium?

“We zullen met zijn allen gaan verkennen en verdiepen: wat is de identiteit van de openbare school? Wat is haar maatschappelijke functie? Hoe maak je de democratische kernwaarden concreet in de praktijk en wat betekent dit voor je rol als bestuurder of directeur? Ik hoop dat de symposiumgasten met een breder bestuurlijk en onderwijskundig handelingsperspectief naar huis gaan en dat ze concrete handvatten meekrijgen om daar ook echt iets mee te doen. We gaan ook praktijkervaringen delen en we hopen te inspireren tot toekomstgerichte keuzes. Sterk, inclusief en toekomstgericht openbaar onderwijs: daar draait het om.”

Waarom mag je dit symposium niet missen?

“Omdat het een unieke kans is. Je krijgt niet alleen inhoudelijke verdieping van drie topsprekers, maar ook de mogelijkheid om je eigen vragen en dilemma’s uit de praktijk voor te leggen. Er is ruimte voor gesprek, voor ontmoeting met collega-bestuurders én met de sprekers zelf. En natuurlijk sluiten we af met een borrel, want ook ontmoeting hoort erbij. Het is wat mij betreft een mooie mix van inspiratie, verdieping en verbinding. Als bestuurder zou ik hier zéker bij willen zijn.”

Dagvoorzitter Karen Peters: ‘Het symposium moét ons aan het denken zetten!’

Ons symposium Waarde(n)vol Openbaar Onderwijs op 26 november zal worden geleid door dagvoorzitter Karen Peters. Zij heeft ruime ervaring als bestuurder in het openbaar onderwijs en is momenteel bestuurder bij De Haagse Scholen, een stichting voor openbaar basis- en speciaal onderwijs in Den Haag. Ook is zij bestuurslid bij VOS/ABB.

Peters: “De plek van het openbaar onderwijs is een uiterst waardevolle ‘schat’ binnen onze steeds verder polariserende samenleving. Haat voorkom je door elkaar te ontmoeten en overeenkomsten te ontdekken. Dit kan bij uitstek in het openbaar onderwijs en dat mogen we met z’n allen nog veel meer uitdragen.”

Amor Mundi

“Het is ontzettend belangrijk dat leerlingen zich ontwikkelen tot zelfstandige, verantwoordelijke mensen binnen een democratische samenleving. Daarbij hoort ook het waarderen van wat Hannah Arendt ‘Amor Mundi’ noemt: liefde voor de wereld. Voor mij is dat precies wat het openbare karakter van onderwijs zo waardevol maakt. Als je kinderen met diverse achtergronden bij elkaar zet, is dat een uitnodiging om naar buiten te kijken en de deuren naar de wereld open te zetten. Daarin zit voor mij onze meerwaarde!

Focus op hetgeen we verliezen

“Ik hoop dan ook dat we tijdens het symposium worden aangezet tot een reflectie op dat wat nu zo onder druk staat. Vanuit de perspectieven van Edith Hooge, Eddie Denessen en Gert Biesta naar de waarde van het openbaar onderwijs kijken, móet ons aan het denken zetten!”

Ben jij erbij op 26 november? Lees meer over het symposium.

Karen Peters